Wikisource
nlwikisource
https://nl.wikisource.org/wiki/Hoofdpagina
MediaWiki 1.46.0-wmf.21
first-letter
Media
Speciaal
Overleg
Gebruiker
Overleg gebruiker
Wikisource
Overleg Wikisource
Bestand
Overleg bestand
MediaWiki
Overleg MediaWiki
Sjabloon
Overleg sjabloon
Help
Overleg help
Categorie
Overleg categorie
Hoofdportaal
Overleg hoofdportaal
Auteur
Overleg auteur
Pagina
Overleg pagina
Index
Overleg index
TimedText
TimedText talk
Module
Overleg module
Event
Event talk
Hoofdportaal:Geschiedenis/Rusland
100
55973
218905
218860
2026-03-25T17:17:14Z
Vincent Steenberg
280
+bron
218905
wikitext
text/x-wiki
{{Infobox thema
| naam = Geschiedenis van Rusland
| afbeelding = Repin 17October.jpg
| alt = Schilderij van de Revolutie van 1905 door Ilja Repin
| beschrijving = Bronnen bij de [[w:Geschiedenis van Rusland|geschiedenis van Rusland]].
}}
== Inleidingen - Hand- en leerboeken ==
=== Bijzondere onderwerpen ===
;Westgrens van Rusland
*Anoniem (13 september 1819) [[Leydse Courant/1819/Nummer 110/Hamburg den 7 September|‘Hamburg den 7 September’, alinea 3]], ''Leydse Courant'', [p. 1].
== Geschiedenis van tijdperken; afzonderlijk ==
=== 19e eeuw ===
*Anoniem (6 december 1831) [[Leeuwarder Courant/1831/Nummer 97/Berlijn, den 27 November|‘Berlijn, den 27 November’]], ''Leeuwarder Courant'', [p. 1].
*Anoniem (29 juni 1852) [[Groninger Courant/Jaargang 111/Nummer 52/Rusland|‘Rusland’]], ''Groninger Courant'', [p. 2].
=== Ca. 1900 - ca. 1918 ===
;Russisch-Japanse Oorlog
*Zie [[Hoofdportaal:Geschiedenis/Tijdperken]]
;Revolutie van 1905
*Anoniem (30 januari 1906) [[Het Nieuws van den Dag/1906/Nummer 11069/De grillige Fortuin|‘De grillige Fortuin […]’]], ''Het Nieuws van den Dag'', vierde blad, p. 13.
*Anoniem (30 januari 1906) [[Het Nieuws van den Dag/1906/Nummer 11069/Aan een aantal Middelbare Scholen in Rusland|‘Aan een aantal Middelbare Scholen in Rusland, waar het onderwijs sedert November stilstond, wordt het heden hervat, […]’]], ''Het Nieuws van den Dag'', vierde blad, p. 13.
;Bloedbad van de Lena, 17 april 1912
*Anoniem (24 april 1912) [[Nieuwe Rotterdamsche Courant/Jaargang 69/Nummer 113/Ochtendblad/In de Doema|‘In de Doema […]’]], ''Nieuwe Rotterdamsche Courant'', Ochtendblad, A, p. 1.
;Eerste Wereldoorlog
*Anoniem (11 mei 1916) [[De Avondpost/1916/Nummer 9512/Avond-editie/Gunstige berichten|‘Gunstige berichten’]], ''De Avondpost'', Avond-editie, p. A2.
=== Ca. 1918 - ca. 1939 ===
*Anoniem (15 maart 1922) [[Limburger Koerier/Jaargang 77/Nummer 63/Rusland's betalingen|‘Rusland's betalingen’]], ''Limburger Koerier'', [p. 3].
=== Ca. 1939-ca. 1945; Wereldoorlog II ===
;Informatievoorziening
*Anoniem (7 juli 1941) [[Leeuwarder Courant/Jaargang 190/Nummer 157/Moskou tegen de verspreiding van geruchten|‘Moskou tegen de verspreiding van geruchten’]], ''Leeuwarder Courant'', [eerste blad], [p. 3].
;Oostfront
*Anoniem (7 juli 1941) [[Leeuwarder Courant/Jaargang 190/Nummer 157/De operaties bij Moermansk|‘De operaties bij Moermansk’]], ''Leeuwarder Courant'', [eerste blad], [p. 3].
;Sovjet krijgsgevangenen
*Anoniem (7 juli 1941) [[Leeuwarder Courant/Jaargang 190/Nummer 157/Elitetroepen der sovjets gevangen genomen|‘Elitetroepen der sovjets gevangen genomen’]], ''Leeuwarder Courant'', [eerste blad], [p. 3].
*Anoniem (7 juli 1941) [[Leeuwarder Courant/Jaargang 190/Nummer 157/Onder Sovjet-krijgsgevangenen|‘Onder Sovjet-krijgsgevangenen. „Wij willen kalm leven en met rust gelaten worden”’]], ''Leeuwarder Courant'', [eerste blad], [p. 3].
== Vorsten en leden van vorstenhuizen ==
=== 16e-17e eeuw ===
;Alexis van Rusland (1629-1676)
*Anoniem (26 augustus 1656) [[Weeckelycke Courante van Europa/1656/Nummer 34/Riga den 2 Augusti|‘Riga den 2 Augusti’]], ''Weeckelycke Courante van Europa'', [p. 1].
;Peter I van Rusland (1672-1725)
*Anoniem (25 januari 1720) [[Opregte Haarlemsche Courant/1720/Donderdageditie, nummer 4/Hamburg den 19 January|‘Hamburg den 19 January’]], ''Oprechte Haerlemse Donderdaegse Courant'', [p. 2].
=== 18e eeuw ===
;Catharina II van Rusland (1729-1796)
*v.H. (1853) [[Album der Natuur/1853/Groote Abrikozenboom, van Hasselt|‘Groote Abrikozenboom’]], ''Album der Natuur'', p. 384.
;Peter II van Rusland (1715-1730)
*Anoniem (7 januari 1730) [[Amsterdamsche Courant/1730/Nummer 3/Hamburg den 3 January|‘Hamburg den 3 January’]], ''Amsterdamse Saturdaegse Courant'', [p. 2].
*Anoniem (7 januari 1730) [[Amsterdamsche Courant/1730/Nummer 3/Kleef den 4 January|‘Kleef den 4 January’]], ''Amsterdamse Saturdaegse Courant'', [p. 1].
=== 19e eeuw ===
;Alexander I van Rusland (1777-1825)
*Anoniem (13 september 1819) [[Leydse Courant/1819/Nummer 110/Hamburg den 7 September|‘Hamburg den 7 September’, alinea 2]], ''Leydse Courant'', [p. 1].
*Anoniem (12 september 1825) [[Leydse Courant/1825/Nummer 109/Augsburg den 4 September|‘Augsburg den 4 September’]], ''Leydsche Courant'', [p. 1].
;Alexander II van Rusland (1818-1881)
*Anoniem (16 september 1872) [[Utrechtsch Provinciaal en Stedelijk Dagblad/1872/Nummer 256/Duitschland|‘Duitschland’]], ''Utrechtsch Provinciaal en Stedelijk Dagblad'', [p. 3].
*Jonge Valentijn, De ([augustus] 1867) [[De Katholieke Illustratie/Jaargang 1/Nummer 1/De wapenschouwingen van Junij 1867|‘De wapenschouwingen van Junij 1867’]], ''De Katholieke Illustratie'', jrg. 1, nr. 1, p. 3.
;Alexander II van Rusland (1818-1881); moord
*Anoniem (26 april 1881) [[Dagblad van Zuidholland en 's Gravenhage/Jaargang 215/Nummer 97/Rusland|‘Rusland’]], ''Dagblad van Zuidholland en 's Gravenhage'', [p. 581].
;Charlotte van Pruisen (1798-1860)
*Anoniem (22 november 1831) [[Groninger Courant/1831/Nummer 93/Berlijn den 14 November|‘Berlijn den 14 November’, alinea 4]], ''Groninger Courant'', [p. 1].
;Michaël Pavlovitsj van Rusland (1798-1849)
*Anoniem (7 juli 1828) [[Nederlandsche Staatscourant/1828/Nummer 158/Turkije|‘Turkije’, alinea 6-7]], ''Nederlandsche Staats-Courant'', [p. 1-2].
*Anoniem (8 juli 1828) [[Rotterdamsche Courant/1828/Nummer 82/Berlijn den 2 julij|‘Berlijn den 2 julij’]], ''Rotterdamsche Courant'', [p. 1].
*Anoniem (14 april 1837) [[Leydse Courant/1837/Nummer 45/Italie|‘Italie’, alinea 2]], ''Leydsche Courant'', [p. 1].
;Nicolaas I van Rusland (1796-1855)
*Anoniem (30 juni 1828) [[Leydse Courant/Jaargang 1828/Nummer 78/Berlijn den 23 Junij|‘Berlijn den 23 Junij’]], ''Leydsche Courant'', [p. 1-2].
*Anoniem (7 juli 1828) [[Nederlandsche Staatscourant/1828/Nummer 158/Turkije|‘Turkije’, alinea 3]], ''Nederlandsche Staats-Courant'', [p. 1-2].
*Anoniem (22 november 1831) [[Groninger Courant/1831/Nummer 93/Frankfort den 15 November|‘Frankfort den 15 November’, alinea 3]], ''Groninger Courant'', [p. 1].
*Anoniem (20 december 1831) [[Leeuwarder Courant/1831/Nummer 101/Leeuwarden, den 19 December|‘Leeuwarden, den 19 December’, alinea 3]], ''Leeuwarder Courant'', [p. 2].
*Anoniem (27 december 1831) [[Leeuwarder Courant/1831/Nummer 103/Parijs, den 19 December|‘Parijs, den 19 December’, alinea 5]], ''Leeuwarder Courant'', [p. 1].
*Anoniem (14 april 1837) [[Leydse Courant/1837/Nummer 45/Duitschland|‘Duitschland’]], ''Leydsche Courant'', [p. 1].
;Nicolaas II van Rusland (1868-1918)
*Anoniem (8 september 1893) [[Arnhemsche Courant/Jaargang 80/Nummer 2201/Volgens particuliere berichten te Berlijn|‘Volgens particuliere berichten te Berlijn […]’]], ''Arnhemsche Courant'', Bijvoegsel, [p. 1].
=== 20e eeuw ===
;Alix van Hessen-Darmstadt (1872-1918)
*Anoniem (15 januari 1921) [[Het Centrum/Jaargang 37/Nummer 11103/Een halssnoer van de tsaritsa verdwenen|‘Een halssnoer van de tsaritsa verdwenen’]], ''Het Centrum'', eerste blad, [p. 3].
;Olga Konstantinovna van Rusland
*Anoniem (9 april 1912) [[Nieuwe Rotterdamsche Courant/Jaargang 69/Nummer 98/Avondblad/In het Parthenon te Athene|‘In het Parthenon te Athene is Zondag het 16de oriëntalisten-congres feestelijk geopend, […]’]], ''Nieuwe Rotterdamsche Courant'', Avondblad, B, p. 2.
== Historische figuren ==
=== 18e eeuw ===
;Dolgorukov, Vasili Vladimirovitsj (1667-1746)
*Anoniem (7 januari 1730) [[Amsterdamsche Courant/1730/Nummer 3/Kleef den 4 January|‘Kleef den 4 January’]], ''Amsterdamse Saturdaegse Courant'', [p. 1].
;Dolgorukova, Ekaterina Aleksejevna (1712-1747)
*Anoniem (7 januari 1730) [[Amsterdamsche Courant/1730/Nummer 3/Hamburg den 3 January|‘Hamburg den 3 January’]], ''Amsterdamse Saturdaegse Courant'', [p. 2].
*Anoniem (7 januari 1730) [[Amsterdamsche Courant/1730/Nummer 3/Kleef den 4 January|‘Kleef den 4 January’]], ''Amsterdamse Saturdaegse Courant'', [p. 1].
;Golitsyn, Alexander Mikhailovitsj (1718-1783)
*Anoniem (6 oktober 1769) [[Opregte Groninger Courant/1769/Nummer 80/Van de Poolsche grenzen den 22 September|‘Van de Poolsche grenzen den 22 September’]], ''Opregte Groninger Courant'', [p. 1] (Golitsyn vermeld als ‘Gallitzin’).
*Anoniem (6 oktober 1769) [[Opregte Groninger Courant/1769/Nummer 80/Neder-Elbe den 30 September|‘Neder-Elbe den 30 September’]], ''Opregte Groninger Courant'', [p. 1] (Golitsyn vermeld als ‘Gallitzin’).
;Orlov, Aleksej Grigorjevitsj (1737-1807)
*Anoniem (2 februari 1771) [[Opregte Haarlemsche Courant/1771/Zaterdageditie, nummer 5/Livorno den 16 January|‘Livorno den 16 January’, alinea 3]], ''Oprechte Saturdagse Haerlemse Courant'', [p. 1].
;Potjomkin, Grigori Aleksandrovitsj (1739-1791)
*Anoniem (23 april 1789) [[Opregte Haarlemsche Courant/1789/Nummer 49/Van de Neder-Elve den 17 April|‘Van de Neder-Elve den 17 April’]], ''Oprechte Donderdagse Haarlemse Courant'', [p. 1] (vermeld als ‘Prins Potemkin’).
;Rumjanzev, Pjotr Aleksandrovitsj (1725-1796)
*Anoniem (23 april 1789) [[Opregte Haarlemsche Courant/1789/Nummer 49/Van de Neder-Elve den 17 April|‘Van de Neder-Elve den 17 April’]], ''Oprechte Donderdagse Haarlemse Courant'', [p. 1] (vermeld als ‘Graaf Romanzow’).
;Tsjernysjov, Sachar Grigorevitsj (1722-1784)
*Anoniem (4 mei 1758) [[Amsterdamsche Courant/1758/Nummer 53/Warschau den 15 April|‘Warschau den 15 April’]], ''Amsterdamse Donderdagse Courant'', [p. 1] (vermeld als ‘den generaal Czernizew’).
=== 19e eeuw ===
;Geismar, Friedrich Caspar von (1783-1848)
*Anoniem (15 september 1828) [[Nederlandsche Staatscourant/1828/Nummer 218/Turkije|‘Turkije’]], ''Nederlandsche Staats-Courant'', [p. 1].
;Gortsjakov, Aleksandr (1798-1883)
*Jonge Valentijn, De ([augustus] 1867) [[De Katholieke Illustratie/Jaargang 1/Nummer 1/De wapenschouwingen van Junij 1867|‘De wapenschouwingen van Junij 1867’]], ''De Katholieke Illustratie'', jrg. 1, nr. 1, p. 3.
;Grekov, Timofej (1770-1831)
*Anoniem (10 december 1811) [[Staatkundig Dagblad van het Departement der Zuiderzee/1811/Nummer 10/Walachye|‘Walachye. Bucharest, den 20 October. Officieel verslag der laatste krijgsbewegingen van het leger in Wallachije, onder dagteekening Giurgewo, den 18 (10sten) october 1811’, alinea 5]], ''Feuille politique du département du Zuiderzée = Staatkundig Dagblad van het Departement der Zuiderzee'', p. 3-5 (vermeld als ‘de kolonel Grekow’).
;Heiden, Lodewijk van
*Anoniem (30 juni 1828) [[Leydse Courant/Jaargang 1828/Nummer 78/Smyrna den 30 Mei|‘Smyrna den 30 Mei’]], ''Leydsche Courant'', [p. 1].
;Kibalchich, Nikolai (1853-1881)
*Anoniem (26 april 1881) [[Dagblad van Zuidholland en 's Gravenhage/Jaargang 215/Nummer 97/Rusland|‘Rusland’, alinea 2]], ''Dagblad van Zuidholland en 's Gravenhage'', [p. 581].
;Koetoezov, Michail Illarionovitsj (1745-1813)
*Anoniem (10 december 1811) [[Staatkundig Dagblad van het Departement der Zuiderzee/1811/Nummer 10/Walachye|‘Walachye. Bucharest, den 20 October. Officieel verslag der laatste krijgsbewegingen van het leger in Wallachije, onder dagteekening Giurgewo, den 18 (10sten) october 1811’, alinea 3-4]], ''Feuille politique du département du Zuiderzée = Staatkundig Dagblad van het Departement der Zuiderzee'', p. 3-5 (vermeld als ‘de heer Kutusow’).
;Markov, Jevgeni Ivanovitsj (1769-1828)
*Anoniem (10 december 1811) [[Staatkundig Dagblad van het Departement der Zuiderzee/1811/Nummer 10/Walachye|‘Walachye. Bucharest, den 20 October. Officieel verslag der laatste krijgsbewegingen van het leger in Wallachije, onder dagteekening Giurgewo, den 18 (10sten) october 1811’, alinea 3]], ''Feuille politique du département du Zuiderzée = Staatkundig Dagblad van het Departement der Zuiderzee'', p. 3-5 (vermeld als ‘de generaal Markow’).
;Minchaki, Matvey Jakolevitsj (1769-1852)
*Anoniem (12 september 1825) [[Leydse Courant/1825/Nummer 109/Augsburg den 4 September|‘Augsburg den 4 September’]], ''Leydsche Courant'', [p. 1] (vermeld als ‘den Heer von Minciaky’).
;Nesselrode, Karl Robert von (1780-1862)
*Anoniem (8 juli 1828) [[Rotterdamsche Courant/1828/Nummer 82/Frankfort den 4 julij|‘Frankfort den 4 julij’]], ''Rotterdamsche Courant'', [p. 1].
*Anoniem (25 april 1854) [[De Tijd/1854/Nummer 2129/Weenen, 22 April|‘Weenen, 22 April’, alinea 4]], ''De Tijd'', [p. 3].
;Pahlen, Friedrich von der (1780-1863)
*Anoniem (2 maart 1829) [[Nederlandsche Staatscourant/1829/Nummer 52/Het opperbewind over Moldavie|‘Het opperbewind over Moldavie, […]’]], ''Nederlandsche Staats-Courant'', bijvoegsel, [p. 1].
;Perovskaya, Sophia (1853-1881)
*Anoniem (26 april 1881) [[Dagblad van Zuidholland en 's Gravenhage/Jaargang 215/Nummer 97/Rusland|‘Rusland’, alinea 2]], ''Dagblad van Zuidholland en 's Gravenhage'', [p. 581].
;Razoemovski, Andreas (1752-1836)
*Anoniem (18 februari 1814) [[Nederlandsche Staatscourant/1814/Nummer 41/Uit de engelsche dagbladen|‘Uit de engelsche dagbladen, […]’]], ''Nederlandsche Staats-Courant'', [p. 3].
;Ribeaupierre, Aleksandr Ivanovitsj (1781-1865)
*Anoniem (12 september 1825) [[Leydse Courant/1825/Nummer 109/Augsburg den 4 September|‘Augsburg den 4 September’]], ''Leydsche Courant'', [p. 1].
*Anoniem (5 februari 1827) [[Leydse Courant/1827/Nummer 16/Jassy den 6 Januarij|‘Jassy den 6 Januarij’]], ''Leydsche Courant'', [p. 1].
*Anoniem (5 februari 1827) [[Leydse Courant/1827/Nummer 16/Odessa den 6 Januarij|‘Odessa den 6 Januarij’]], ''Leydsche Courant'', [p. 1].
*Anoniem (15 september 1828) [[Nederlandsche Staatscourant/1828/Nummer 218/Griekenland|‘Griekenland’, alinea 2]], ''Nederlandsche Staats-Courant'', [p. 1-2].
;Rüdiger, Theodor von (1783-1856)
*Anoniem (7 juli 1828) [[Nederlandsche Staatscourant/1828/Nummer 158/Turkije|‘Turkije’, alinea 3]], ''Nederlandsche Staats-Courant'', [p. 1-2].
;Rudzevich, Aleksandr Yakovlevitsj (1775-1829)
*Anoniem (7 juli 1828) [[Nederlandsche Staatscourant/1828/Nummer 158/Turkije|‘Turkije’, alinea 2-3]], ''Nederlandsche Staats-Courant'', [p. 1-2] (vermeld als ‘den Generaal Rudzewicz’).
*Anoniem (8 juli 1828) [[Rotterdamsche Courant/1828/Nummer 82/Berlijn den 2 julij|‘Berlijn den 2 julij’, alinea 3]], ''Rotterdamsche Courant'', [p. 1] (vermeld als ‘den generaal Rudzewicz’).
;Saß, Andreas von (1753-1816)
*Anoniem (10 december 1811) [[Staatkundig Dagblad van het Departement der Zuiderzee/1811/Nummer 10/Walachye|‘Walachye. Bucharest, den 20 October. Officieel verslag der laatste krijgsbewegingen van het leger in Wallachije, onder dagteekening Giurgewo, den 18 (10sten) october 1811’, alinea 7]], ''Feuille politique du département du Zuiderzée = Staatkundig Dagblad van het Departement der Zuiderzee'', p. 3-5 (vermeld als ‘de luitenant-generaal van Sass’).
;Stroganov, Grigori Aleksandrovitsj (1770-1857)
*Anoniem (11 maart 1809) [[Koninklijke Courant/1809/Nummer 59/Augsburg den 26 van Sprokkelmaand|‘Augsburg den 26 van Sprokkelmaand [= 26 februari 1809]’]], ''Koninklijke Courant'', [p. 2].
;Vorontsov, Michail Semjonovitsj (1782-1856)
*Anoniem (10 december 1811) [[Staatkundig Dagblad van het Departement der Zuiderzee/1811/Nummer 10/Walachye|‘Walachye. Bucharest, den 20 October. Officieel verslag der laatste krijgsbewegingen van het leger in Wallachije, onder dagteekening Giurgewo, den 18 (10sten) october 1811’, alinea 8]], ''Feuille politique du département du Zuiderzée = Staatkundig Dagblad van het Departement der Zuiderzee'', p. 3-5 (vermeld als ‘de generaal graaf Worontsow’).
;Zheltukhin, Peter (1777-1829)
*Anoniem (2 maart 1829) [[Nederlandsche Staatscourant/1829/Nummer 52/Het opperbewind over Moldavie|‘Het opperbewind over Moldavie, […]’]], ''Nederlandsche Staats-Courant'', bijvoegsel, [p. 1] (Zheltukhin vermeld als ‘Zoltuschin’).
;Zhelyabov, Andrei (1851-1881)
*Anoniem (26 april 1881) [[Dagblad van Zuidholland en 's Gravenhage/Jaargang 215/Nummer 97/Rusland|‘Rusland’, alinea 3]], ''Dagblad van Zuidholland en 's Gravenhage'', [p. 581].
=== Ca. 1900-ca. 1991 ===
:Kalinin, Michail (1875-1946)
*Anoniem (7 juli 1941) [[Leeuwarder Courant/Jaargang 190/Nummer 157/Moskou tegen de verspreiding van geruchten|‘Moskou tegen de verspreiding van geruchten’]], ''Leeuwarder Courant'', [eerste blad], [p. 3].
;Karpov, Lev (1879-1921)
*Anoniem (15 januari 1921) [[Het Centrum/Jaargang 37/Nummer 11103/Is Lenin dood|‘Is Lenin dood?’]], ''Het Centrum'', eerste blad, [p. 3].
;Kaulbars, Alexander von (1844-1925)
*Anoniem (2 april 1904) [[De Nieuwe Courant/Jaargang 4/Nummer 93/Avondblad/De overlevenden van het zeegevecht bij Tsjemoelpo|‘De overlevenden van het zeegevecht bij Tsjemoelpo’]], ''De Nieuwe Courant'', Avondblad, [p. 2].
;Lenin, Vladimir (1870-1924)
*Anoniem (15 januari 1921) [[Het Centrum/Jaargang 37/Nummer 11103/Is Lenin dood|‘Is Lenin dood?’]], ''Het Centrum'', eerste blad, [p. 3].
;Loenatsjarski, Anatoli (1875-1933)
*Anoniem (7 december 1931) [[De Maasbode/Jaargang 64/Nummer 24049/Avondblad/Poesjkin|‘Poesjkin’]], ''De Maasbode'', Avondblad, p. 5.
;Wannowski, Pjotr Semjonowitsj (1822-1904)
*Anoniem (3 maart 1904) [[Haagsche Courant/1904/Nummer 6442/Wannofski|‘Wannofski’]], ''Haagsche Courant'', Tweede blad, [p. 2].
== Delen van Rusland en deelgebieden; afzonderlijk ==
=== Hertogdom Pruisen ===
*Anoniem (10 april 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/10 april/Wt Poolen verstaetmen|‘Wt Poolen verstaetmen […]’, alinea 2]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 2].
=== Plaatsen; afzonderlijk ===
;Kaliningrad
*Anoniem ([20 september 1620]) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1620/20 september/Tot Conincxberghen|‘Tot Conincxberghen […]’]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 2].
*Anoniem (10 oktober 1620) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1620/10 oktober/Tot Conincx-berghen vermoetmen|‘Tot Conincx-berghen vermoetmen […]’]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 2].
[[Categorie:Hoofdportaal geschiedenis]]
018416ncsqgcyl1kt5lrdhlkev4qh5j
Pagina:Amsterdamsche Courant 1730 no 003.pdf/2
104
85228
218922
218790
2026-03-26T07:46:33Z
Vincent Steenberg
280
typo
218922
proofread-page
text/x-wiki
<noinclude><pagequality level="3" user="Vincent Steenberg" /></noinclude><section begin="s1"/>van Libourne, Corn. Sleydervloed, en Jan Otter van Nantes, Barent Klaverman van Lisbon, en Pieter Gerritsz. Jonge van Venetien; In tegendeel waren van daer uytgezeyld die van Jooft Visser, Daniel Bromler, en Anthony Staal na Londen, en René Cheval na St. Malo. Tot Livorno waren gearriveert de scheepen van William Hill van Middelburg, Adr. Kuyper, Marten Prins, Jan Fuyk, Klaes Slierendregt, Hend. Dorides, Hend. de Ruyter, en William Martin van deeze stad, en Michiel Oxenberry van St. Crux, en tot Houfleur Tjalling Martensz. Bruyn van hier. Tot Gibralter was binnen ’t schip van Joodt Hoop uyt de Middelandse zee herwaerds, en tot Straelzond Michiel Julitz van hier na Norkopping gedestineerd. Het schip van Hend. Zeeman van Dantzik ba Bayoene willende, was den 21 Decemb. voor Tessel gepraeyt. Het schip de Postillon Schipper Andries Ambiomson van Hamburg na Gottenburg gedestineerd, lag den 30 December by Dokkenhuysen, 1 en 1 half myl van Hamburg, in goeden staet. In ’t Vlie zyn binnen de scheepen van Klaes Wyngaert, en Jelle Heeres van Libourne, Jan Martensz. van Seudres, en Dirk Wiltschut van Bourdeaux.
<br>CARGA, of Lading van ’t schip Ridderkerk, voor reekening der Kamer Amsterdam, den 19 July 1729 van Batavia vertrokken, en den 4 January 1730, behouden in Tessel gearriveert.
<br>38000 ℔ Bruyne Peeper. 40000 ℔ Siams Sapanhout. 10114 ℔ Groene Thee. 87810 ℔ Thee Boey.
<section end="s1"/>
<section begin="s2"/>{{gap}}''Brussel den'' 5 ''January''. De Ridder de la Merveille, die op zyn vertrek na Weenen stond, is in de verleede week door zyn schuldeyschers in arrest genoomen.
<section end="s2"/>
<section begin="s3"/>{{gap}}''Sevilla den'' 15 ''December''. De Koninginne is wel herstelt, dog houd nog haer kamer. De Ambassadeur van Vrankryk zal den 18 dezer, buyten de poort van Xeres, zyn groot Vuurwerk doen afsteeken, welke plaets agter het Paleys geleegen legt; so dat hare Majesteyten en de gantsche Koninglyke familie zulks van hunne Balcons zullen kunnen bezigtigen. Den 2 January, zal deze stad een Stieren gevegt, ter occasie van de nieuw geboorne Infante, voor hare Majesteyten aenregten. Men zegt dat ons Hof geresolveert zoude zyn om binnen weynig dagen daer na weder van hier te vertrekken, zonder dat men tot nog toe hoort waer heenen; dog veelen zyn van gedagten na Madrid. Eergisteren is ’er een decreet verleent, waer hy aen alle de Officieren, gelast werd van zig metten eersten na hunne guarnizoenen te begeeven, om hare regimenten voltallig te maken tegens het voorjaer, en alle de battaillons werden geaugmenteert tot 700 man, en de escadrons tot 150. Tot Cadix zyn reeds alle de zaken in den tol, ten behoeve der commercie, op den ouden voet en volgens den inhoud der oude tractaten, herstelt.
<section end="s3"/>
<section begin="s4"/>{{gap}}''Parys den'' 2 ''January.'' Gisteren ontfing de Koning de Nieuwjaers wenschen van de Princen en Princessen van den bloede, &c. De Princesse van Beaujolois is aen de koorts onpaslyk, waer voor zy tweemael ader gelaten is, en de Princesse van Chartres aen verkoutheyd. De Koning heeft het Genoodschap der Konsten toegestaen, haere vergaderingen te continueeren, en begeert onderrigt te weezen van de ontdekkingen der Konsten, die het zelve doen zal, om te oordeelen of het door opene brieven moet geauthoriseert werden.
<section end="s4"/>
<section begin="s5"/>{{gap}}''Koppenhagen den'' 31 ''December''. Het Slot Kroonenburg is thans volkomen gerepareerd: Men verzeekert dat de Koning bevoolen heeft het Slot Fredriksburg meede te doen repareeren.
<section end="s5"/>
<section begin="s6"/>{{gap}}''Hamburg den'' 3 ''January''. Volgens brieven van Muscou, zoude de Russise Keyzer zyn bruyd reed een Juweel van 36000 roebels vereerd hebben. De geweeze Prins Mensikof, was in zyn ballingschap dus onpaslyk dat men aen zyn opkomst twyffelde. Op d’Elf is gekomen het schip van Joost Hops van Livorno.
<section end="s6"/>
<section begin="s7"/>{{gap}}De Gecommitteerde Raeden ter Admiraliteyt in Friesland, notificeeren en doen mids deezen weeten aen alle Koopluyden, Schippers, en die het verder zoude mogen aengaen, dat den Uytlegger of het Jagt ter Recherche geposteert op den Abt den 18 December van daer geduurende de winter is opgenomen: Dst inmiddels, en ter tyd toe, dat het Jagt in ’t aenstaende voorjaer wederom op dezelve plaetze zal werden gelegt, een ieder Koopman of Schipper, benodigt hebbende op het uytvaren over de Wadden, de klaeringe en acte van visitatie van de uytterste Wacht, of by het inkomen te doen een generale verklaringe, hen daerom en ten dien eynde met derzelver scheepen kunnen vervoegen op de reede, of binnen de haven van de stad Harlingen, alwaer zy door ’s lands Officieren van de Convoyen, met alle mogelyke spoed zullen werden gered en voortgeholpen.
<section end="s7"/>
<section begin="s8"/>{{gap}}In de Generaliteyts Loterye die overmorgen compleet met trekken zal begonne werden, zyn by Blank aen de Vygendam, tot dezen avond ten 8 uuren, nog een zeer gering getal Looten, voor den inleg van 10 gulds., te bekomen.
<section end="s8"/>
<section begin="s9"/>{{gap}}Op aenstaende Dingsdag den 10 January, zal men t’Amsterdam in de Boekwinkel van Johannes Oosterwyk op den Dam verkopen, een {{SIC|uytmentende|uytmuntende}} verzameling van voortteffelyke Nederduytse Boeken, waer van de meeste zyn op groot papier, en alle ze{{grijs|[er]}} welgeconditioneert, nagelaten by wylen P. Rutgers, waer agter komt een Appendix meede vam een party curieuse Nederduytse Boeken, nagelaten by wylen J. de Penyn; waer van de Catalogus te bekomen is by de voorn. Oosterwyk, en alom by de Boekverkopers.
<section end="s9"/>
<section begin="s10"/>{{gap}}Dan. d’Azevedo en Nic. Ens, Makelaers, zullen op Maendag den 9 January, ’s avonds ten 5 uuren, t’Amst. in de Dykstraet in d’Oude Burg verkopen, een party Natte Virginy en Suicent Tabaks Bladen, gelost uyt het schip van Capt. Jan Lieuwes; leggende op een Vlotschuyt in de Princegragt, by het Huyssittenhuys.
<section end="s10"/>
<section begin="s11"/>{{gap}}Hend. van der Heyden, Daniel en Raphael d’Azevedo, Makelaers, zullen op Woensdag den 11 January, ’s avonds ten 6 uuren, tot Amsterdam in de Dykstraet in de Oude Burg verkopen, een party extraord. puyks puyk Nieuwe Varinas Tabak; legende op de Verwersgragt over het Diaconie Weeshuys.
<section end="s11"/>
<section begin="s12"/>{{gap}}Jan Hoos, en Dan. d’Azevedo, Makelaers, zullen op Donderdag den 12 January, ’s avonds ten 5 uuren, t’Amst. in de Dykstraet in d’Oude Burg verkopen, een party Nieuwe Varinas Tabak, en een partye Havana Snuyf-Tabak; leggende de Varinas Tabak op de Ygraft, op’t Oude West Indies Huys, over de Kalkmarkt; en de Snuyf-Tabak op de Nieuwe Heeregragt, onder het Korvers Hofje.
<section end="s12"/>
<section begin="s13"/>{{gap}}Willem Otterbeek, Makelaer, zal op Maendag den 16 January, ’s avonds ten 5 uuren, t’Amst. in de Keyzers Kroon in de Kalverstraet verkopen, een party welbewaerde Bearne, Bergeracque, en Hoog Bomes Wynen, nevens Stukvaten van 8, 6, en 4 Oxhoofden, en Wynkopers Gereedschappen.
<section end="s13"/>
<section begin="s14"/>{{gap}}De Heeren Burgemeesteren en Raed der stad Groningen, notificeeren by deezen, dat door haer Ed. Mog. Heeren Gecommitt. by publyke opveylinge aen de meestbiedende uyt te veylen en verpagten het Heeren Wynhuys op de Groote Markt, in voorn. stad staende, werden de in het zelve gedaen alle Secretaele Verkopingen, de generaele Verpagtingen van ’s Lands Gemeene Middelen, Regeeringe van politique en militaire Charges, Commissien en diergelyke, zynde 9 jaren door Sr. Jan Kestner bewoond, en de Neeringe aldaer met zeer goed succes gedaen, en zulks voor de tyd van drie achter een volgende jaren, aenvangende op primo July 1730 aenstaende, welke Verpagtinge zal geschieden op Maendag den 20 February 1730, des namiddags in voorn. Wynhuys. Iemand gading hebbende, kan zig als dan ter plaetse vermeld vervoegen, zullende de conditien eenige dagen van te vooren ter stads Secretarye te bekomen zyn.
<section end="s14"/>
<section begin="s15"/>{{gap}}P. Huysvooren, en J. D. da Fonseca, Makelaers, zullen op Maendag den 16 January 1730, in ’t Oude Heere Logement verkopen, een vermakelyke Hofstede, genaemt BERKHOUT; gelegen in den Dorpe Lisse, tusschen Haerlem en Leyden, met zyn Heeren Huysinge, bestaende in veele beneeden en boven kamers, waer van 6 behangen zyn, &c., op ’t Huys een Toren met Klok en Uurwerk, Koetshuis, Stallinge voor 16 paerden, Oranjehuys, &c., de Hofstede beplant met uytgezogte vrugte, steene Broeibakken, Bloemparken, Taxishagen, Piramides, Allées, Cingels, Hagens, Moestuynen, Starrebos, &c., nog omtrent 8 morgen schoon Weyland voor de Hofstede gelegen; alles breder by de Biljetten gespecificeert; die middelerwyl de contitien en voorwaerde gelieve te leezen, addresseeren zig aen de voornoemde Makelaers tot Amsterdam, en op de Hofsteede voornoemt.
<section end="s15"/>
<section begin="s16"/>{{gap}}Willem van Neck Cornelisz. Makelaer, zal op Maendag den 16 January, ’s avonds ten 6 uuren, t’Amsterd. in ’t Oude Heere Logement verkopen, een Bruykweer Lands met zyn hegte sterke Huysmans Woninge, Hooyhuys en Stallinge voor Koebeesten en Paerden, te zamen groot 21 en 1 half Morgen, so wey als Hooyland; staende en leggende in de Banne van Sloten en Osdorp, aen den Uytweg in de Slooter Middelveldse Polder, in huure gebruykt by Huybert Kraey, volgens aengeslagenen biljetten. Iemand nader onderrigting begeerende, of het gemelde Perceel uyt de hand gelieve te koopen, spreeke met de voorn. Makelaer.
<section end="s16"/>
<section begin="s17"/>{{gap}}Burgemeesters en Regeerders der stad Purmerent, adverteeren dat binnen haer Agtb. stad een der Vroedvrouws-Plaets vavant is. Iemand daer toe genegen zynde en bequaem geoordeelt wordende, kunnen haer ter voorsz. plaetze laten vinden op een jaerlyks tractement van honderd gulden.
<section end="s17"/>
<section begin="s18"/>{{gap}}Word bekend gemaekt, dat overgekomen is Joseph Bosch, met een schoone partye Canary Vogels van alderhande Oorten en couleuren, is gelogeert in de Keurvorst van Brandenburg, op de hoek van het Water, aen den Dam.
<section end="s18"/>
<section begin="s19"/>{{gap}}Uyt der hand te koop of te huur tegens May, de van ouds vermaerde en neeringryke Herberg de Goude Leeuw, met zyn royaele Vertrekken en groote Stalling, staende op ’t beste van de Breestraet, in de Beverwyk. Te bevragen aen de Wed. Johannes Rollerus, op Regt Boomsloot t’Amsterdam.
<section end="s19"/>
<section begin="s20"/>{{gap}}Die genegen mogte zyn, om een Lees, Schryf, en Reken-School, gelegen binnen Amsterdam, op zeer favorabele conditien te kopen, kan zig addresseeren aen Gerrit de Broen, Boek en Papierverkoper, op ’t Rokkin, by de Olyslagerssteeg, in Leyden Ontzet, daer nader onderrigting te bekomen is.
<section end="s20"/>
<section begin="s21"/>{{gap}}Willem van Neck Cornelisz., Makelaer tot Amsterdam, presenteert te Verhuuren, om primo February aenstaende te aenvaerden, omtrent elf Morgen Lands, gelegen in de Rondenhoep, schuyn tegen over de Nieuwe Vaert, of Rietmolenshoek, in huure gebruykt by Jan Hendriksz. Drost, en Degnom Pietersz. Iemand nader onderrigting begeerende spreeke met dito Makelaer.
<section end="s21"/>
<section begin="s22"/>{{gap}}Willem van Neck Cornelisz. Makelaer tot Amsterdam, presenteert te verhuuren, een Bruykweer Lands met zyn Huysmans Wooninge, Hooyhuys, Stallinge voor Koe-Beesten en Paerden, te zamen groot circa 36 Morgen; gelegen in de Beemster by de Jisperweg, in huure gebruykt werdende by Gerbrand Binnewyze en Klaes Abrahamsz. Cranenburg, volgens biljetten daer van aengeslagen: het Land te aenvaerden op primo February, en de Huysmans Wooning op May 1730; die nader onderrigt begeert spreke met dito Makelaer.
<section end="s22"/>
<section begin="s23"/>{{gap}}By ''Jacob Senior Coronel'', op de Jode Groenmarkt naest de Catholyke kerk, zyn te bekomen alle soorten van Smirnse Vloer-Tapyten van 4 tot 16 piek lang, en de breete na proportie, en extra groote dubbelde Karpetten; als meede curieuse Spaense Matten van allerley breete, alles tot een civiele prys.
<section end="s23"/>
<section begin="s24"/>{{gap}}By de Vroedmeester tot Wormer, is te bekomen een onfeylbaer Geneesmiddel tegen de derden daegse Koorts, al was het dat de Lyders daer ook twee of drie jaren meede bezet geweest zyn, kan dezelve binnen vier of zes weeken volkomen geneezen: Het Medicament kost 12 guldens.
<section end="s24"/>
<section begin="s25"/>{{gap}}t’Amsterdam by Joannes van Keulen, Boek en Zeekaertverkoper aen de Nieuwenbrug, werd nieuwlyk uytgegeven de Nieuwe Groote Zee Atlas, bestaende in zes Deelen, met de beschryving in ’t Frans en Duyts: als mede een Kaert van Gainé en Brasil, en van Ierland en St. Joris Canael, een van ’t Verkeerde Canael, een van ’t Eyland Barbados, een van Martinique, een van Quardeloupe, een van St. Christoffel en St. Kruys, een van Majorca, en een van Weekelax.
<section end="s25"/>
<section begin="s26"/>{{c|{{larger|t’Amsterdam {{grijs|[b]}}y de Erven van {{sc|{{sp|Dirk Schoute}}n}}, op de hoek van de Beursstraet, werden deeze Couranten uytgegeeven, den 7 January 1730.}}}}<section end="s26"/><noinclude></noinclude>
7yccgirphw4dy2qls14kwif1dylpea8
218931
218922
2026-03-26T08:08:48Z
Vincent Steenberg
280
typo
218931
proofread-page
text/x-wiki
<noinclude><pagequality level="3" user="Vincent Steenberg" /></noinclude><section begin="s1"/>van Libourne, Corn. Sleydervloed, en Jan Otter van Nantes, Barent Klaverman van Lisbon, en Pieter Gerritsz. Jonge van Venetien; In tegendeel waren van daer uytgezeyld die van Jooft Visser, Daniel Bromler, en Anthony Staal na Londen, en René Cheval na St. Malo. Tot Livorno waren gearriveert de scheepen van William Hill van Middelburg, Adr. Kuyper, Marten Prins, Jan Fuyk, Klaes Slierendregt, Hend. Dorides, Hend. de Ruyter, en William Martin van deeze stad, en Michiel Oxenberry van St. Crux, en tot Houfleur Tjalling Martensz. Bruyn van hier. Tot Gibralter was binnen ’t schip van Joodt Hoop uyt de Middelandse zee herwaerds, en tot Straelzond Michiel Julitz van hier na Norkopping gedestineerd. Het schip van Hend. Zeeman van Dantzik ba Bayoene willende, was den 21 Decemb. voor Tessel gepraeyt. Het schip de Postillon Schipper Andries Ambiomson van Hamburg na Gottenburg gedestineerd, lag den 30 December by Dokkenhuysen, 1 en 1 half myl van Hamburg, in goeden staet. In ’t Vlie zyn binnen de scheepen van Klaes Wyngaert, en Jelle Heeres van Libourne, Jan Martensz. van Seudres, en Dirk Wiltschut van Bourdeaux.
<br>CARGA, of Lading van ’t schip Ridderkerk, voor reekening der Kamer Amsterdam, den 19 July 1729 van Batavia vertrokken, en den 4 January 1730, behouden in Tessel gearriveert.
<br>38000 ℔ Bruyne Peeper. 40000 ℔ Siams Sapanhout. 10114 ℔ Groene Thee. 87810 ℔ Thee Boey.
<section end="s1"/>
<section begin="s2"/>{{gap}}''Brussel den'' 5 ''January''. De Ridder de la Merveille, die op zyn vertrek na Weenen stond, is in de verleede week door zyn schuldeyschers in arrest genoomen.
<section end="s2"/>
<section begin="s3"/>{{gap}}''Sevilla den'' 15 ''December''. De Koninginne is wel herstelt, dog houd nog haer kamer. De Ambassadeur van Vrankryk zal den 18 dezer, buyten de poort van Xeres, zyn groot Vuurwerk doen afsteeken, welke plaets agter het Paleys geleegen legt; so dat hare Majesteyten en de gantsche Koninglyke familie zulks van hunne Balcons zullen kunnen bezigtigen. Den 2 January, zal deze stad een Stieren gevegt, ter occasie van de nieuw geboorne Infante, voor hare Majesteyten aenregten. Men zegt dat ons Hof geresolveert zoude zyn om binnen weynig dagen daer na weder van hier te vertrekken, zonder dat men tot nog toe hoort waer heenen; dog veelen zyn van gedagten na Madrid. Eergisteren is ’er een decreet verleent, waer hy aen alle de Officieren, gelast werd van zig metten eersten na hunne guarnizoenen te begeeven, om hare regimenten voltallig te maken tegens het voorjaer, en alle de battaillons werden geaugmenteert tot 700 man, en de escadrons tot 150. Tot Cadix zyn reeds alle de zaken in den tol, ten behoeve der commercie, op den ouden voet en volgens den inhoud der oude tractaten, herstelt.
<section end="s3"/>
<section begin="s4"/>{{gap}}''Parys den'' 2 ''January.'' Gisteren ontfing de Koning de Nieuwjaers wenschen van de Princen en Princessen van den bloede, &c. De Princesse van Beaujolois is aen de koorts onpaslyk, waer voor zy tweemael ader gelaten is, en de Princesse van Chartres aen verkoutheyd. De Koning heeft het Genoodschap der Konsten toegestaen, haere vergaderingen te continueeren, en begeert onderrigt te weezen van de ontdekkingen der Konsten, die het zelve doen zal, om te oordeelen of het door opene brieven moet geauthoriseert werden.
<section end="s4"/>
<section begin="s5"/>{{gap}}''Koppenhagen den'' 31 ''December''. Het Slot Kroonenburg is thans volkomen gerepareerd: Men verzeekert dat de Koning bevoolen heeft het Slot Fredriksburg meede te doen repareeren.
<section end="s5"/>
<section begin="s6"/>{{gap}}''Hamburg den'' 3 ''January''. Volgens brieven van Muscou, zoude de Russise Keyzer zyn bruyd reed een Juweel van 36000 roebels vereerd hebben. De geweeze Prins Mensikof, was in zyn ballingschap dus onpaslyk dat men aen zyn opkomst twyffelde. Op d’Elf is gekomen het schip van Joost Hops van Livorno.
<section end="s6"/>
<section begin="s7"/>{{gap}}De Gecommitteerde Raeden ter Admiraliteyt in Friesland, notificeeren en doen mids deezen weeten aen alle Koopluyden, Schippers, en die het verder zoude mogen aengaen, dat den Uytlegger of het Jagt ter Recherche geposteert op den Abt den 18 December van daer geduurende de winter is opgenomen: Dst inmiddels, en ter tyd toe, dat het Jagt in ’t aenstaende voorjaer wederom op dezelve plaetze zal werden gelegt, een ieder Koopman of Schipper, benodigt hebbende op het uytvaren over de Wadden, de klaeringe en acte van visitatie van de uytterste Wacht, of by het inkomen te doen een generale verklaringe, hen daerom en ten dien eynde met derzelver scheepen kunnen vervoegen op de reede, of binnen de haven van de stad Harlingen, alwaer zy door ’s lands Officieren van de Convoyen, met alle mogelyke spoed zullen werden gered en voortgeholpen.
<section end="s7"/>
<section begin="s8"/>{{gap}}In de Generaliteyts Loterye die overmorgen compleet met trekken zal begonne werden, zyn by Blank aen de Vygendam, tot dezen avond ten 8 uuren, nog een zeer gering getal Looten, voor den inleg van 10 gulds., te bekomen.
<section end="s8"/>
<section begin="s9"/>{{gap}}Op aenstaende Dingsdag den 10 January, zal men t’Amsterdam in de Boekwinkel van Johannes Oosterwyk op den Dam verkopen, een {{SIC|uytmentende|uytmuntende}} verzameling van voortteffelyke Nederduytse Boeken, waer van de meeste zyn op groot papier, en alle ze{{grijs|[er]}} welgeconditioneert, nagelaten by wylen P. Rutgers, waer agter komt een Appendix meede vam een party curieuse Nederduytse Boeken, nagelaten by wylen J. de Penyn; waer van de Catalogus te bekomen is by de voorn. Oosterwyk, en alom by de Boekverkopers.
<section end="s9"/>
<section begin="s10"/>{{gap}}Dan. d’Azevedo en Nic. Ens, Makelaers, zullen op Maendag den 9 January, ’s avonds ten 5 uuren, t’Amst. in de Dykstraet in d’Oude Burg verkopen, een party Natte Virginy en Suicent Tabaks Bladen, gelost uyt het schip van Capt. Jan Lieuwes; leggende op een Vlotschuyt in de Princegragt, by het Huyssittenhuys.
<section end="s10"/>
<section begin="s11"/>{{gap}}Hend. van der Heyden, Daniel en Raphael d’Azevedo, Makelaers, zullen op Woensdag den 11 January, ’s avonds ten 6 uuren, tot Amsterdam in de Dykstraet in de Oude Burg verkopen, een party extraord. puyks puyk Nieuwe Varinas Tabak; legende op de Verwersgragt over het Diaconie Weeshuys.
<section end="s11"/>
<section begin="s12"/>{{gap}}Jan Hoos, en Dan. d’Azevedo, Makelaers, zullen op Donderdag den 12 January, ’s avonds ten 5 uuren, t’Amst. in de Dykstraet in d’Oude Burg verkopen, een party Nieuwe Varinas Tabak, en een partye Havana Snuyf-Tabak; leggende de Varinas Tabak op de Ygraft, op’t Oude West Indies Huys, over de Kalkmarkt; en de Snuyf-Tabak op de Nieuwe Heeregragt, onder het Korvers Hofje.
<section end="s12"/>
<section begin="s13"/>{{gap}}Willem Otterbeek, Makelaer, zal op Maendag den 16 January, ’s avonds ten 5 uuren, t’Amst. in de Keyzers Kroon in de Kalverstraet verkopen, een party welbewaerde Bearne, Bergeracque, en Hoog Bomes Wynen, nevens Stukvaten van 8, 6, en 4 Oxhoofden, en Wynkopers Gereedschappen.
<section end="s13"/>
<section begin="s14"/>{{gap}}De Heeren Burgemeesteren en Raed der stad Groningen, notificeeren by deezen, dat door haer Ed. Mog. Heeren Gecommitt. by publyke opveylinge aen de meestbiedende uyt te veylen en verpagten het Heeren Wynhuys op de Groote Markt, in voorn. stad staende, werden de in het zelve gedaen alle Secretaele Verkopingen, de generaele Verpagtingen van ’s Lands Gemeene Middelen, Regeeringe van politique en militaire Charges, Commissien en diergelyke, zynde 9 jaren door Sr. Jan Kestner bewoond, en de Neeringe aldaer met zeer goed succes gedaen, en zulks voor de tyd van drie achter een volgende jaren, aenvangende op primo July 1730 aenstaende, welke Verpagtinge zal geschieden op Maendag den 20 February 1730, des namiddags in voorn. Wynhuys. Iemand gading hebbende, kan zig als dan ter plaetse vermeld vervoegen, zullende de conditien eenige dagen van te vooren ter stads Secretarye te bekomen zyn.
<section end="s14"/>
<section begin="s15"/>{{gap}}P. Huysvooren, en J. D. da Fonseca, Makelaers, zullen op Maendag den 16 January 1730, in ’t Oude Heere Logement verkopen, een vermakelyke Hofstede, genaemt BERKHOUT; gelegen in den Dorpe Lisse, tusschen Haerlem en Leyden, met zyn Heeren Huysinge, bestaende in veele beneeden en boven kamers, waer van 6 behangen zyn, &c., op ’t Huys een Toren met Klok en Uurwerk, Koetshuis, Stallinge voor 16 paerden, Oranjehuys, &c., de Hofstede beplant met uytgezogte vrugte, steene Broeibakken, Bloemparken, Taxishagen, Piramides, Allées, Cingels, Hagens, Moestuynen, Starrebos, &c., nog omtrent 8 morgen schoon Weyland voor de Hofstede gelegen; alles breder by de Biljetten gespecificeert; die middelerwyl de contitien en voorwaerde gelieve te leezen, addresseeren zig aen de voornoemde Makelaers tot Amsterdam, en op de Hofsteede voornoemt.
<section end="s15"/>
<section begin="s16"/>{{gap}}Willem van Neck Cornelisz. Makelaer, zal op Maendag den 16 January, ’s avonds ten 6 uuren, t’Amsterd. in ’t Oude Heere Logement verkopen, een Bruykweer Lands met zyn hegte sterke Huysmans Woninge, Hooyhuys en Stallinge voor Koebeesten en Paerden, te zamen groot 21 en 1 half Morgen, so wey als Hooyland; staende en leggende in de Banne van Sloten en Osdorp, aen den Uytweg in de Slooter Middelveldse Polder, in huure gebruykt by Huybert Kraey, volgens aengeslagenen biljetten. Iemand nader onderrigting begeerende, of het gemelde Perceel uyt de hand gelieve te koopen, spreeke met de voorn. Makelaer.
<section end="s16"/>
<section begin="s17"/>{{gap}}Burgemeesters en Regeerders der stad Purmerent, adverteeren dat binnen haer Agtb. stad een der Vroedvrouws-Plaets vacant is. Iemand daer toe genegen zynde en bequaem geoordeelt wordende, kunnen haer ter voorsz. plaetze laten vinden op een jaerlyks tractement van honderd gulden.
<section end="s17"/>
<section begin="s18"/>{{gap}}Word bekend gemaekt, dat overgekomen is Joseph Bosch, met een schoone partye Canary Vogels van alderhande Oorten en couleuren, is gelogeert in de Keurvorst van Brandenburg, op de hoek van het Water, aen den Dam.
<section end="s18"/>
<section begin="s19"/>{{gap}}Uyt der hand te koop of te huur tegens May, de van ouds vermaerde en neeringryke Herberg de Goude Leeuw, met zyn royaele Vertrekken en groote Stalling, staende op ’t beste van de Breestraet, in de Beverwyk. Te bevragen aen de Wed. Johannes Rollerus, op Regt Boomsloot t’Amsterdam.
<section end="s19"/>
<section begin="s20"/>{{gap}}Die genegen mogte zyn, om een Lees, Schryf, en Reken-School, gelegen binnen Amsterdam, op zeer favorabele conditien te kopen, kan zig addresseeren aen Gerrit de Broen, Boek en Papierverkoper, op ’t Rokkin, by de Olyslagerssteeg, in Leyden Ontzet, daer nader onderrigting te bekomen is.
<section end="s20"/>
<section begin="s21"/>{{gap}}Willem van Neck Cornelisz., Makelaer tot Amsterdam, presenteert te Verhuuren, om primo February aenstaende te aenvaerden, omtrent elf Morgen Lands, gelegen in de Rondenhoep, schuyn tegen over de Nieuwe Vaert, of Rietmolenshoek, in huure gebruykt by Jan Hendriksz. Drost, en Degnom Pietersz. Iemand nader onderrigting begeerende spreeke met dito Makelaer.
<section end="s21"/>
<section begin="s22"/>{{gap}}Willem van Neck Cornelisz. Makelaer tot Amsterdam, presenteert te verhuuren, een Bruykweer Lands met zyn Huysmans Wooninge, Hooyhuys, Stallinge voor Koe-Beesten en Paerden, te zamen groot circa 36 Morgen; gelegen in de Beemster by de Jisperweg, in huure gebruykt werdende by Gerbrand Binnewyze en Klaes Abrahamsz. Cranenburg, volgens biljetten daer van aengeslagen: het Land te aenvaerden op primo February, en de Huysmans Wooning op May 1730; die nader onderrigt begeert spreke met dito Makelaer.
<section end="s22"/>
<section begin="s23"/>{{gap}}By ''Jacob Senior Coronel'', op de Jode Groenmarkt naest de Catholyke kerk, zyn te bekomen alle soorten van Smirnse Vloer-Tapyten van 4 tot 16 piek lang, en de breete na proportie, en extra groote dubbelde Karpetten; als meede curieuse Spaense Matten van allerley breete, alles tot een civiele prys.
<section end="s23"/>
<section begin="s24"/>{{gap}}By de Vroedmeester tot Wormer, is te bekomen een onfeylbaer Geneesmiddel tegen de derden daegse Koorts, al was het dat de Lyders daer ook twee of drie jaren meede bezet geweest zyn, kan dezelve binnen vier of zes weeken volkomen geneezen: Het Medicament kost 12 guldens.
<section end="s24"/>
<section begin="s25"/>{{gap}}t’Amsterdam by Joannes van Keulen, Boek en Zeekaertverkoper aen de Nieuwenbrug, werd nieuwlyk uytgegeven de Nieuwe Groote Zee Atlas, bestaende in zes Deelen, met de beschryving in ’t Frans en Duyts: als mede een Kaert van Gainé en Brasil, en van Ierland en St. Joris Canael, een van ’t Verkeerde Canael, een van ’t Eyland Barbados, een van Martinique, een van Quardeloupe, een van St. Christoffel en St. Kruys, een van Majorca, en een van Weekelax.
<section end="s25"/>
<section begin="s26"/>{{c|{{larger|t’Amsterdam {{grijs|[b]}}y de Erven van {{sc|{{sp|Dirk Schoute}}n}}, op de hoek van de Beursstraet, werden deeze Couranten uytgegeeven, den 7 January 1730.}}}}<section end="s26"/><noinclude></noinclude>
hl5fczvuyv3vpm0lwefvsmmserj2g97
218932
218931
2026-03-26T08:11:40Z
Vincent Steenberg
280
typo
218932
proofread-page
text/x-wiki
<noinclude><pagequality level="3" user="Vincent Steenberg" /></noinclude><section begin="s1"/>van Libourne, Corn. Sleydervloed, en Jan Otter van Nantes, Barent Klaverman van Lisbon, en Pieter Gerritsz. Jonge van Venetien; In tegendeel waren van daer uytgezeyld die van Jooft Visser, Daniel Bromler, en Anthony Staal na Londen, en René Cheval na St. Malo. Tot Livorno waren gearriveert de scheepen van William Hill van Middelburg, Adr. Kuyper, Marten Prins, Jan Fuyk, Klaes Slierendregt, Hend. Dorides, Hend. de Ruyter, en William Martin van deeze stad, en Michiel Oxenberry van St. Crux, en tot Houfleur Tjalling Martensz. Bruyn van hier. Tot Gibralter was binnen ’t schip van Joodt Hoop uyt de Middelandse zee herwaerds, en tot Straelzond Michiel Julitz van hier na Norkopping gedestineerd. Het schip van Hend. Zeeman van Dantzik ba Bayoene willende, was den 21 Decemb. voor Tessel gepraeyt. Het schip de Postillon Schipper Andries Ambiomson van Hamburg na Gottenburg gedestineerd, lag den 30 December by Dokkenhuysen, 1 en 1 half myl van Hamburg, in goeden staet. In ’t Vlie zyn binnen de scheepen van Klaes Wyngaert, en Jelle Heeres van Libourne, Jan Martensz. van Seudres, en Dirk Wiltschut van Bourdeaux.
<br>CARGA, of Lading van ’t schip Ridderkerk, voor reekening der Kamer Amsterdam, den 19 July 1729 van Batavia vertrokken, en den 4 January 1730, behouden in Tessel gearriveert.
<br>38000 ℔ Bruyne Peeper. 40000 ℔ Siams Sapanhout. 10114 ℔ Groene Thee. 87810 ℔ Thee Boey.
<section end="s1"/>
<section begin="s2"/>{{gap}}''Brussel den'' 5 ''January''. De Ridder de la Merveille, die op zyn vertrek na Weenen stond, is in de verleede week door zyn schuldeyschers in arrest genoomen.
<section end="s2"/>
<section begin="s3"/>{{gap}}''Sevilla den'' 15 ''December''. De Koninginne is wel herstelt, dog houd nog haer kamer. De Ambassadeur van Vrankryk zal den 18 dezer, buyten de poort van Xeres, zyn groot Vuurwerk doen afsteeken, welke plaets agter het Paleys geleegen legt; so dat hare Majesteyten en de gantsche Koninglyke familie zulks van hunne Balcons zullen kunnen bezigtigen. Den 2 January, zal deze stad een Stieren gevegt, ter occasie van de nieuw geboorne Infante, voor hare Majesteyten aenregten. Men zegt dat ons Hof geresolveert zoude zyn om binnen weynig dagen daer na weder van hier te vertrekken, zonder dat men tot nog toe hoort waer heenen; dog veelen zyn van gedagten na Madrid. Eergisteren is ’er een decreet verleent, waer hy aen alle de Officieren, gelast werd van zig metten eersten na hunne guarnizoenen te begeeven, om hare regimenten voltallig te maken tegens het voorjaer, en alle de battaillons werden geaugmenteert tot 700 man, en de escadrons tot 150. Tot Cadix zyn reeds alle de zaken in den tol, ten behoeve der commercie, op den ouden voet en volgens den inhoud der oude tractaten, herstelt.
<section end="s3"/>
<section begin="s4"/>{{gap}}''Parys den'' 2 ''January.'' Gisteren ontfing de Koning de Nieuwjaers wenschen van de Princen en Princessen van den bloede, &c. De Princesse van Beaujolois is aen de koorts onpaslyk, waer voor zy tweemael ader gelaten is, en de Princesse van Chartres aen verkoutheyd. De Koning heeft het Genoodschap der Konsten toegestaen, haere vergaderingen te continueeren, en begeert onderrigt te weezen van de ontdekkingen der Konsten, die het zelve doen zal, om te oordeelen of het door opene brieven moet geauthoriseert werden.
<section end="s4"/>
<section begin="s5"/>{{gap}}''Koppenhagen den'' 31 ''December''. Het Slot Kroonenburg is thans volkomen gerepareerd: Men verzeekert dat de Koning bevoolen heeft het Slot Fredriksburg meede te doen repareeren.
<section end="s5"/>
<section begin="s6"/>{{gap}}''Hamburg den'' 3 ''January''. Volgens brieven van Muscou, zoude de Russise Keyzer zyn bruyd reed een Juweel van 36000 roebels vereerd hebben. De geweeze Prins Mensikof, was in zyn ballingschap dus onpaslyk dat men aen zyn opkomst twyffelde. Op d’Elf is gekomen het schip van Joost Hops van Livorno.
<section end="s6"/>
<section begin="s7"/>{{gap}}De Gecommitteerde Raeden ter Admiraliteyt in Friesland, notificeeren en doen mids deezen weeten aen alle Koopluyden, Schippers, en die het verder zoude mogen aengaen, dat den Uytlegger of het Jagt ter Recherche geposteert op den Abt den 18 December van daer geduurende de winter is opgenomen: Dst inmiddels, en ter tyd toe, dat het Jagt in ’t aenstaende voorjaer wederom op dezelve plaetze zal werden gelegt, een ieder Koopman of Schipper, benodigt hebbende op het uytvaren over de Wadden, de klaeringe en acte van visitatie van de uytterste Wacht, of by het inkomen te doen een generale verklaringe, hen daerom en ten dien eynde met derzelver scheepen kunnen vervoegen op de reede, of binnen de haven van de stad Harlingen, alwaer zy door ’s lands Officieren van de Convoyen, met alle mogelyke spoed zullen werden gered en voortgeholpen.
<section end="s7"/>
<section begin="s8"/>{{gap}}In de Generaliteyts Loterye die overmorgen compleet met trekken zal begonne werden, zyn by Blank aen de Vygendam, tot dezen avond ten 8 uuren, nog een zeer gering getal Looten, voor den inleg van 10 gulds., te bekomen.
<section end="s8"/>
<section begin="s9"/>{{gap}}Op aenstaende Dingsdag den 10 January, zal men t’Amsterdam in de Boekwinkel van Johannes Oosterwyk op den Dam verkopen, een {{SIC|uytmentende|uytmuntende}} verzameling van voortteffelyke Nederduytse Boeken, waer van de meeste zyn op groot papier, en alle ze{{grijs|[er]}} welgeconditioneert, nagelaten by wylen P. Rutgers, waer agter komt een Appendix meede vam een party curieuse Nederduytse Boeken, nagelaten by wylen J. de Penyn; waer van de Catalogus te bekomen is by de voorn. Oosterwyk, en alom by de Boekverkopers.
<section end="s9"/>
<section begin="s10"/>{{gap}}Dan. d’Azevedo en Nic. Ens, Makelaers, zullen op Maendag den 9 January, ’s avonds ten 5 uuren, t’Amst. in de Dykstraet in d’Oude Burg verkopen, een party Natte Virginy en Suicent Tabaks Bladen, gelost uyt het schip van Capt. Jan Lieuwes; leggende op een Vlotschuyt in de Princegragt, by het Huyssittenhuys.
<section end="s10"/>
<section begin="s11"/>{{gap}}Hend. van der Heyden, Daniel en Raphael d’Azevedo, Makelaers, zullen op Woensdag den 11 January, ’s avonds ten 6 uuren, tot Amsterdam in de Dykstraet in de Oude Burg verkopen, een party extraord. puyks puyk Nieuwe Varinas Tabak; legende op de Verwersgragt over het Diaconie Weeshuys.
<section end="s11"/>
<section begin="s12"/>{{gap}}Jan Hoos, en Dan. d’Azevedo, Makelaers, zullen op Donderdag den 12 January, ’s avonds ten 5 uuren, t’Amst. in de Dykstraet in d’Oude Burg verkopen, een party Nieuwe Varinas Tabak, en een partye Havana Snuyf-Tabak; leggende de Varinas Tabak op de Ygraft, op’t Oude West Indies Huys, over de Kalkmarkt; en de Snuyf-Tabak op de Nieuwe Heeregragt, onder het Korvers Hofje.
<section end="s12"/>
<section begin="s13"/>{{gap}}Willem Otterbeek, Makelaer, zal op Maendag den 16 January, ’s avonds ten 5 uuren, t’Amst. in de Keyzers Kroon in de Kalverstraet verkopen, een party welbewaerde Bearne, Bergeracque, en Hoog Bomes Wynen, nevens Stukvaten van 8, 6, en 4 Oxhoofden, en Wynkopers Gereedschappen.
<section end="s13"/>
<section begin="s14"/>{{gap}}De Heeren Burgemeesteren en Raed der stad Groningen, notificeeren by deezen, dat door haer Ed. Mog. Heeren Gecommitt. by publyke opveylinge aen de meestbiedende uyt te veylen en verpagten het Heeren Wynhuys op de Groote Markt, in voorn. stad staende, werden de in het zelve gedaen alle Secretaele Verkopingen, de generaele Verpagtingen van ’s Lands Gemeene Middelen, Regeeringe van politique en militaire Charges, Commissien en diergelyke, zynde 9 jaren door Sr. Jan Kestner bewoond, en de Neeringe aldaer met zeer goed succes gedaen, en zulks voor de tyd van drie achter een volgende jaren, aenvangende op primo July 1730 aenstaende, welke Verpagtinge zal geschieden op Maendag den 20 February 1730, des namiddags in voorn. Wynhuys. Iemand gading hebbende, kan zig als dan ter plaetse vermeld vervoegen, zullende de conditien eenige dagen van te vooren ter stads Secretarye te bekomen zyn.
<section end="s14"/>
<section begin="s15"/>{{gap}}P. Huysvooren, en J. D. da Fonseca, Makelaers, zullen op Maendag den 16 January 1730, in ’t Oude Heere Logement verkopen, een vermakelyke Hofstede, genaemt BERKHOUT; gelegen in den Dorpe Lisse, tusschen Haerlem en Leyden, met zyn Heeren Huysinge, bestaende in veele beneeden en boven kamers, waer van 6 behangen zyn, &c., op ’t Huys een Toren met Klok en Uurwerk, Koetshuis, Stallinge voor 16 paerden, Oranjehuys, &c., de Hofstede beplant met uytgezogte vrugte, steene Broeibakken, Bloemparken, Taxishagen, Piramides, Allées, Cingels, Hagens, Moestuynen, Starrebos, &c., nog omtrent 8 morgen schoon Weyland voor de Hofstede gelegen; alles breder by de Biljetten gespecificeert; die middelerwyl de contitien en voorwaerde gelieve te leezen, addresseeren zig aen de voornoemde Makelaers tot Amsterdam, en op de Hofsteede voornoemt.
<section end="s15"/>
<section begin="s16"/>{{gap}}Willem van Neck Cornelisz. Makelaer, zal op Maendag den 16 January, ’s avonds ten 6 uuren, t’Amsterd. in ’t Oude Heere Logement verkopen, een Bruykweer Lands met zyn hegte sterke Huysmans Woninge, Hooyhuys en Stallinge voor Koebeesten en Paerden, te zamen groot 21 en 1 half Morgen, so wey als Hooyland; staende en leggende in de Banne van Sloten en Osdorp, aen den Uytweg in de Slooter Middelveldse Polder, in huure gebruykt by Huybert Kraey, volgens aengeslagenen biljetten. Iemand nader onderrigting begeerende, of het gemelde Perceel uyt de hand gelieve te koopen, spreeke met de voorn. Makelaer.
<section end="s16"/>
<section begin="s17"/>{{gap}}Burgermeesters en Regeerders der stad Purmerent, adverteeren dat binnen haer Agtb. stad een der Vroedvrouws-Plaets vacant is. Iemand daer toe genegen zynde en bequaem geoordeelt wordende, kunnen haer ter voorsz. plaetze laten vinden op een jaerlyks tractement van honderd gulden.
<section end="s17"/>
<section begin="s18"/>{{gap}}Word bekend gemaekt, dat overgekomen is Joseph Bosch, met een schoone partye Canary Vogels van alderhande Oorten en couleuren, is gelogeert in de Keurvorst van Brandenburg, op de hoek van het Water, aen den Dam.
<section end="s18"/>
<section begin="s19"/>{{gap}}Uyt der hand te koop of te huur tegens May, de van ouds vermaerde en neeringryke Herberg de Goude Leeuw, met zyn royaele Vertrekken en groote Stalling, staende op ’t beste van de Breestraet, in de Beverwyk. Te bevragen aen de Wed. Johannes Rollerus, op Regt Boomsloot t’Amsterdam.
<section end="s19"/>
<section begin="s20"/>{{gap}}Die genegen mogte zyn, om een Lees, Schryf, en Reken-School, gelegen binnen Amsterdam, op zeer favorabele conditien te kopen, kan zig addresseeren aen Gerrit de Broen, Boek en Papierverkoper, op ’t Rokkin, by de Olyslagerssteeg, in Leyden Ontzet, daer nader onderrigting te bekomen is.
<section end="s20"/>
<section begin="s21"/>{{gap}}Willem van Neck Cornelisz., Makelaer tot Amsterdam, presenteert te Verhuuren, om primo February aenstaende te aenvaerden, omtrent elf Morgen Lands, gelegen in de Rondenhoep, schuyn tegen over de Nieuwe Vaert, of Rietmolenshoek, in huure gebruykt by Jan Hendriksz. Drost, en Degnom Pietersz. Iemand nader onderrigting begeerende spreeke met dito Makelaer.
<section end="s21"/>
<section begin="s22"/>{{gap}}Willem van Neck Cornelisz. Makelaer tot Amsterdam, presenteert te verhuuren, een Bruykweer Lands met zyn Huysmans Wooninge, Hooyhuys, Stallinge voor Koe-Beesten en Paerden, te zamen groot circa 36 Morgen; gelegen in de Beemster by de Jisperweg, in huure gebruykt werdende by Gerbrand Binnewyze en Klaes Abrahamsz. Cranenburg, volgens biljetten daer van aengeslagen: het Land te aenvaerden op primo February, en de Huysmans Wooning op May 1730; die nader onderrigt begeert spreke met dito Makelaer.
<section end="s22"/>
<section begin="s23"/>{{gap}}By ''Jacob Senior Coronel'', op de Jode Groenmarkt naest de Catholyke kerk, zyn te bekomen alle soorten van Smirnse Vloer-Tapyten van 4 tot 16 piek lang, en de breete na proportie, en extra groote dubbelde Karpetten; als meede curieuse Spaense Matten van allerley breete, alles tot een civiele prys.
<section end="s23"/>
<section begin="s24"/>{{gap}}By de Vroedmeester tot Wormer, is te bekomen een onfeylbaer Geneesmiddel tegen de derden daegse Koorts, al was het dat de Lyders daer ook twee of drie jaren meede bezet geweest zyn, kan dezelve binnen vier of zes weeken volkomen geneezen: Het Medicament kost 12 guldens.
<section end="s24"/>
<section begin="s25"/>{{gap}}t’Amsterdam by Joannes van Keulen, Boek en Zeekaertverkoper aen de Nieuwenbrug, werd nieuwlyk uytgegeven de Nieuwe Groote Zee Atlas, bestaende in zes Deelen, met de beschryving in ’t Frans en Duyts: als mede een Kaert van Gainé en Brasil, en van Ierland en St. Joris Canael, een van ’t Verkeerde Canael, een van ’t Eyland Barbados, een van Martinique, een van Quardeloupe, een van St. Christoffel en St. Kruys, een van Majorca, en een van Weekelax.
<section end="s25"/>
<section begin="s26"/>{{c|{{larger|t’Amsterdam {{grijs|[b]}}y de Erven van {{sc|{{sp|Dirk Schoute}}n}}, op de hoek van de Beursstraet, werden deeze Couranten uytgegeeven, den 7 January 1730.}}}}<section end="s26"/><noinclude></noinclude>
3vobgm8zuziw0ilea0dyldq581b6hsf
Pagina:Lagerlof, Niels Holgersson's Wonderbare Reis (1917).pdf/294
104
85258
218906
218861
2026-03-25T19:07:14Z
Havang(nl)
4330
/* Gevalideerd */
218906
proofread-page
text/x-wiki
<noinclude><pagequality level="4" user="Havang(nl)" /></noinclude>{{x-larger|{{c|XXVIII.}}
{{c|DONSJE.}}}}
{{lijn|5em}}
Niemand kan liever en zachter wezen dan de kleine grauwe gans, Donsje. Alle wilde ganzen hielden veel van haar, en de witte ganzerik zou voor haar door het vuur gaan. Als Donsje ergens om vroeg, kon zelfs Akka niet weigeren.
Donsje had twee zusters: Mooivleugel en Goudoogje. Dat waren sterke en wijze vogels, maar ze hadden niet zoo'n zacht en glanzend veerenkleed als Donsje, en ook niet zoo'n lief en zacht karakter. Al sinds den tijd, dat ze kleine, gele jonge gansjes waren, hadden ook de ouders en familieleden, ja, nu en dan ook de oude visschers duidelijk getoond, dat ze meer van Donsje hielden, dan van hen, en daarom hadden de zusters haar altijd gehaat.
Toen de wilde ganzen op de rots bij Stockholm aankwamen, waar Donsje's familie woonde, liepen Mooivleugel en Goudoogje te grazen op een klein groen plekje bij het strand, en kregen al gauw de vreemdelingen in het oog.
"Kijk eens, zuster Goudoogje, wat komen daar prachtige wilde ganzen op het eiland neer," zei Mooivleugel. "Ik heb zelden vogels gezien met zoo'n sierlijke houding. En zie je wel, dat ze een witten ganzerik bij zich hebben? Heb je ooit een mooier vogel gezien? Je zoudt hem bijna voor een zwaan houden."
Goudoogje gaf haar zuster gelijk, en meende, dat het zeker zeer aanzienlijke vreemdelingen waren, die op het eiland waren gekomen. Maar plotseling viel zij zichzelf in de rede, en riep:
"Zuster Mooivleugel, zuster Mooivleugel! Zie je niet, wie ze bij zich hebben?"
Op datzelfde oogenblik kreeg ook Mooivleugel Donsje in het oog, en was zoo verbaasd, dat ze een heele poos met den snavel open bleef staan, en niets kon dan sissen.
"'t Is toch niet mogelijk, dat zij het is," zei ze eindelijk. "Hoe is ze bij zulk soort volk gekomen. We meenden immers, dat ze zou doodhongeren op Öland."<noinclude></noinclude>
b4x0yhmyr3wc4a3vhdxg743zjbogep7
Pagina:Lagerlof, Niels Holgersson's Wonderbare Reis (1917).pdf/295
104
85259
218907
218862
2026-03-25T19:09:28Z
Havang(nl)
4330
/* Gevalideerd */
218907
proofread-page
text/x-wiki
<noinclude><pagequality level="4" user="Havang(nl)" /></noinclude><nowiki />
"Het ergste is, dat ze bij Vader en Moeder zal gaan babbelen en vertellen, dat wij zoo hard tegen haar aanvlogen, dat haar vleugel uit het lid ging," zei Goudoogje. "Je zult zien, dat wij van de rotsen hier worden weggejaagd.
"We hebben niets dan ergernis te verwachten, nu dat mismaakte wicht terug gekomen is," zei Mooivleugel. "Maar ik denk toch, dat het om te beginnen 't verstandigst is, dat we ons zoo blij toonen over haar thuiskomst, als 't ons maar mogelijk is. Ze is zoo dom, dat ze misschien niet eens gemerkt heeft, dat we haar met opzet duwden."
Terwijl Mooivleugel en Goudoogje zoo samen praatten, hadden de wilde ganzen op het strand gestaan en hun veeren in orde gemaakt na den tocht. Nu trokken ze in een lange rij van het rotsige strand naar de kloof, waar Donsje wist, dat haar ouders zich gewoonlijk ophielden.
Donsje's ouders hoorden tot de besten en aanzienlijksten onder de wilde ganzen. Zij hadden langer op het eiland gewoond dan een van de anderen, en ze waren gewoon alle nieuwelingen te raden en te helpen. Ze hadden ook de wilde ganzen zien aankomen, maar ze hadden Donsje niet herkend in de menigte.
"Hoe vreemd, dat de wilde ganzen hier op de klippen landen," had de oude ganzerik gezegd. "Wat een prachtige troep! Dat kun je al aan het vliegen zien. Maar 't zal niet gemakkelijk zijn weiden voor zoo velen te vinden."
"'t Is hier nog niet zoo overvol, dat we hen, die hier komen, niet kunnen ontvangen," antwoordde zijn vrouw. Zij was even zacht en goed van karakter als Donsje.
Toen Akka aankwam met haar optocht, gingen Donsje's ouders haar te gemoet, en wilden haar juist welkom heeten op het eiland, toen Donsje opvloog van haar plaats achter in de rij, en midden tusschen haar ouders neerstreek.
"Vader, Moeder, hier ben ik! Kent u Donsje niet meer?" riep zij.
Eerst konden de ouden niet goed begrijpen, wat zij zagen, maar toen herkenden zij hun dochter, en waren natuurlijk verbazend blij.
Terwijl nu de wilde ganzen en Maarten de ganzerik, en Donsje zelf zoo ijverig mogelijk kakelden om te vertellen, hoe Donsje gered was, kwamen Mooivleugel en Goudoogje aanvliegen. Zij riepen al van verre haar zuster welkom toe, en toonden zich zoo blij, dat Donsje thuis was, dat ze er van aangedaan werd.
De wilde ganzen voelden zich goed thuis op de klippen, en er werd besloten, dat ze niet verder zouden trekken voor den volgenden morgen. Na een poosje vroegen de zusters Donsje, of ze met haar meê wilden gaan, om te zien, waar ze van plan waren haar nesten te bouwen. Zij ging dadelijk meê, en zag, dat ze<noinclude></noinclude>
eauutqt4nswarxd4uoqb4d8glzhecv0
Pagina:Lagerlof, Niels Holgersson's Wonderbare Reis (1917).pdf/296
104
85260
218908
218863
2026-03-25T19:11:27Z
Havang(nl)
4330
/* Gevalideerd */
218908
proofread-page
text/x-wiki
<noinclude><pagequality level="4" user="Havang(nl)" /></noinclude>goed verborgen en beschutte broeiplaatsen hadden gekozen.
"En, waar zul jij je nu vestigen, Donsje?" vroegen zij.
"Ik?" zei Donsje. "Ik ben niet van plan hier op de klippen te blijven. Ik ga met de wilde ganzen meê naar Lapland."
"Hoe jammer, dat je weer weg moet," zeiden de zusters.
"Ik was graag bij jelui en onze ouders gebleven," zei Donsje.
"Maar ik heb den witten ganzerik al beloofd..."
"Wat!" riep Mooivleugel. "Krijg jij dien mooien, witten ganzerik? Dat is toch..."
Maar Goudoogje stootte haar hard aan, en ze zweeg.
De twee slechte zusters hadden veel om over te praten dien heelen morgen. Ze waren heelemaal buiten zichzelf, dat Donsje zoo'n verloofde had, als de witte ganzerik. Zelf waren ze ook verloofd, maar dat waren gewone grauwe ganzen, en sinds ze Maarten, den ganzerik hadden gezien, vonden ze die zoo leelijk en onbeschaafd, dat ze niet naar hen wilden kijken.
"Daar treur ik me nog dood om," zei Goudoogje. "Als jij het ten minste nog was, die hem kreeg, zuster Mooivleugel."
"Ik zou liever zien, dat hij dood was, dan dat ik er den heelen zomer aan zal moeten denken, dat Donsje een witten ganzerik gekregen heeft," zei Mooivleugel.
De zusters bleven toch heel vriendelijk voor Donsje, en op den middag nam Goudoogje Donsje meê, opdat ze kennis zou maken met hem, met wien Goudoogje zou trouwen.
"Hij is niet zoo mooi als dien jij krijgt," zei ze. "Maar daarentegen weet je ook zeker, wie hij is."
"Wat meen je dan, Goudoogje?" vroeg Donsje.
Eerst wilde Goudoogje niet uitleggen, wat ze bedoelde, maar toen kwam het uit, dat Mooivleugel en zij wel eens zouden willen weten, of alles wel in orde was met dien witten ganzerik. Wij hebben nog nooit een wilde gans met tamme ganzen zien vliegen, en wij zouden wel eens willen weten, of hij niet betooverd is."
"Jelui zijn toch al heel dom," zei Donsje geërgerd. "Hij is immers een tamme gans."
"Hij heeft iemand bij zich, die betooverd is," zei Goudoogje, "en dus kan het ook wel zijn, dat hij zelf betooverd is. Ben je niet bang, dat hij een zwarte zeeraaf is?"
Ze wist haar woorden goed te kiezen, en maakte het arme Donsje bang.
"Je meent niet, wat je zegt," zei het grauwe gansje. "Je wilt me alleen maar bang maken."
"Ik zeg het om je eigen bestwil, Donsje," zei Goudoogje. "Ik kan me niets ergers voorstellen, dan je te zien wegvliegen met een zwarte zeeraaf. Maar ik zal je wat zeggen. Probeer hem over te halen, een paar van de wortels te eten, die ik hier heb uitge-<noinclude></noinclude>
ffjlqxuf7u21bpuhxsuz2vz2dqeldik
Pagina:Lagerlof, Niels Holgersson's Wonderbare Reis (1917).pdf/297
104
85261
218909
218864
2026-03-25T19:12:55Z
Havang(nl)
4330
/* Gevalideerd */
218909
proofread-page
text/x-wiki
<noinclude><pagequality level="4" user="Havang(nl)" /></noinclude>trokken. Als hij betooverd is, dan blijkt dat gauw. Is hij het niet, dan blijft hij, zooals hij is."
De jongen zat tusschen de ganzen, en luisterde naar Akka, die met den ouden ganzenhoeder praatte, toen Donsje aan kwam vliegen.
"Duimelot, Duimelot!" riep ze. "Maarten, de ganzerik, is op 't punt te sterven. Ik heb hem vermoord."
"Neem me op je rug, Donsje, en breng me bij hem," riep de jongen.
Ze vlogen weg, en Akka ging meê met de wilde ganzen.
Toen ze bij den ganzerik kwamen, lag hij op het veld. Hij kon niets zeggen, maar snakte naar adem.
"Kittel hem onder aan den hals, en klop hem op den rug!" zei Akka.
Dat deed de jongen, en dadelijk hoestte de witte ganzerik een grooten wortel op, die in zijn keel was blijven zitten.
"Heb je daarvan gegeten?" vroeg Akka, en wees op een paar wortels, die op den grond lagen.
"Ja," zei de ganzerik.
"Dan is 't maar goed, dat ze je in de keel zijn blijven steken," zei Akka. "Ze zijn vergiftig. Als je ze had ingeslikt, zou je zeker gestorven zijn."
"Donsje vroeg me, of ik er van eten wou," zei de ganzerik.
"Ik heb ze van mijn zuster gekregen," zei Donsje.
"Dan moet je oppassen voor je zusters, Donsje," zei Akka, "want ze meenen het zeker niet goed met je."
Maar Donsje was zoo geschapen, dat ze van niemand iets kwaads denken kon, en toen Mooivleugel haar een poos later kwam vragen of ze haar verloofde wilde zien, ging ze dadelijk meê.
"Ja, hij is niet zoo mooi als de jouwe," zei de zuster. "Maar hij is des te dapperder en onversaagd."
"Hoe kun je dat weten?" vroeg Donsje.
"Ja, dat zal ik je zeggen. De meeuwen en eenden hebben hier op de klippen een tijd lang zooveel geleden, want elken morgen voor zonsopgang komt hier een vreemde roofvogel, en neemt een van hen weg."
"Wat is dat voor een vogel?" vroeg Donsje.
"Dat weten we niet," antwoordde haar zuster. "Er is nooit zoo'n vogel hier op de klippen gezien. En het vreemde is, dat hij nooit een van ons ganzen aanvalt. Maar nu heeft mijn verloofde zich voorgenomen morgen met hem te vechten, en hem weg te jagen."
"Als dat maar goed gaat," zie Donsje.
"Neen, dat geloof ik niet," zei de zuster. "Als nu mijn ganzerik maar even sterk en groot was als de jouwe, dan zou ik wel een beetje hoop hebben."<noinclude></noinclude>
camumskij523d8s7yeazyjhcmnnpnst
Pagina:Lagerlof, Niels Holgersson's Wonderbare Reis (1917).pdf/298
104
85262
218910
218865
2026-03-25T19:14:35Z
Havang(nl)
4330
/* Gevalideerd */
218910
proofread-page
text/x-wiki
<noinclude><pagequality level="4" user="Havang(nl)" /></noinclude><nowiki />
"Zou je graag willen, dat ik Maarten vroeg, dien vreemden vogel aan te vallen?" vroeg Donsje.
"Ja, dat zou ik zeker!" zei Mooivleugel. "Je kunt mij geen grooter dienst bewijzen."
Den volgenden morgen was de witte ganzerik wakker, vóór de zon opkwam, en ging op de hoogste klip staan uitkijken naar alle kanten. Al gauw zag hij een grooten, donkeren vogel van het westen komen. Zijn vleugels waren reusachtig groot, en 't was gemakkelijk te zien, dat het een arend was. De ganzerik had geen gevaarlijker vijand verwacht dan een uil. En nu begreep hij, dat hij hier niet levend zou afkomen. Maar het kwam niet in hem op den strijd met een vogel, die zooveel sterker was dan hij, te ontwijken.
De arend schoot neer op een meeuw, en sloeg zijn klauwen in het dier.
Eer hij het nog had kunnen oplichten, stoof Maarten, de ganzerik, op hem toe.
"Laat hem los!" riep hij. "En kom hier nooit meer terug! Anders krijg je met mij te doen."
"Wat ben jij voor een dwaas?" zei de arend. "Je treft het, dat ik nooit met ganzen vecht. Anders zou 't gauw met je gedaan zijn."
Maarten, de ganzerik, dacht, dat de arend het beneden zich achtte met hem te vechten, en vloog in drift op hem aan, beet hem in de keel, en sloeg hem met de vleugels. Dat kon de arend natuurlijk niet verdragen. Hij begon te vechten, maar niet met volle kracht.
De jongen lag te slapen op dezelfde plaats als Akka en de wilde ganzen, toen hij Donsje hoorde roepen: "Duimelot! Duimelot! Maarten, de ganzerik, wordt door een arend verscheurd!"
"Neem mij op je rug, Donsje! en breng me bij hem," zei de jongen.
Toen hij bij hem kwam, was Maarten bebloed en gekwetst, maar hij vocht nog. De jongen kon niet met den arend vechten, en er was niets anders op te doen dan beter hulp halen.
"Gauw, Donsje! Roep Akka en de wilde ganzen!" riep hij.
Maar op eens hield de arend met vechten op.
"Wie spreekt daar over Akka?" vroeg hij.
En toen hij nu Duimelot zag, en het gekakel van de wilde ganzen hoorde, sloeg hij de vleugels uit.
"Zeg aan Akka, dat ik niet verwachtte haar, of iemand van haar troep hier aan zee te ontmoeten," zei hij, en zweefde weg in snelle en fraaie vlucht.
"Dat was dezelfde arend, die mij eens bij de wilde ganzen heeft teruggebracht," zei de jongen, en zag hem verwonderd na.
De wilde ganzen waren van plan vroeg van de klippen te vertrekken, maar eerst wilden ze nog wat grazen. Terwijl ze liepen te eten, kwam een bergeend op Donsje af.<noinclude></noinclude>
7qhxt7hriwcjc45psjg9ytz9lnwcguw
Pagina:Lagerlof, Niels Holgersson's Wonderbare Reis (1917).pdf/299
104
85263
218911
218866
2026-03-25T19:16:12Z
Havang(nl)
4330
/* Gevalideerd */
218911
proofread-page
text/x-wiki
<noinclude><pagequality level="4" user="Havang(nl)" /></noinclude><nowiki />
"Ik moet je de groeten van je zusters doen," zei ze. "Ze durven zich niet aan de wilde ganzen te vertoonen, maar ze vragen me, je er aan te herinneren, dat je niet van de klippen weggaat, voor je bij den ouden visscher bent geweest."
"Dat is waar ook," zei Donsje.
Maar nu was ze toch zoo bang geworden, dat ze niet alleen wilde gaan. Ze vroeg den ganzerik en Duimelot met haar {{SIC|meè|meê}}
naar de hut te gaan.
Daar stond de deur open. Donsje ging naar binnen, maar de twee anderen bleven buiten. Kort daarna hoorden ze Akka het sein van vertrek geven, en ze riepen Donsje. De grauwe gans kwam uit het hutje, en vloog met de wilde ganzen weg van de klippen.
Ze waren al een vrij groot eind naar zee gevlogen, toen de jongen zich over de grauwe gans begon te verwonderen, die meê vloog. Donsje vloog gewoonlijk zacht en licht. Deze werkte zich voort met zware ruischende vleugelslagen. "Akka, keer om, Akka, keer om!" riep hij snel. "We zijn in verkeerd gezelschap geraakt. Mooivleugel vliegt met ons meê!"
Nauwelijks had hij dat gezegd, of de grauwe gans gaf zoo'n akeligen, boosaardigen schreeuw, dat allen begrepen, wie ze was. Akka en de anderen keerden zich tegen haar, maar de grauwe gans vluchtte niet dadelijk. Zij stormde op den grooten witten ganzerik aan, pakte Duimelot, en vloog met hem in den bek verder voort.
't Werd een felle jacht over de klippenrijen. Mooivleugel vloog snel, maar de wilde ganzen waren vlak op de hielen, en er was geen hoop meer, dat zij zouden kunnen ontkomen.
Op eens zagen zij een beetje witten rook uit de zee opstijgen en het knallen van een schot werd gehoord. In hun ijver hadden ze niet gemerkt, dat ze vlak boven een boot waren gekomen, waarin een eenzamen visscher zat.
Niemand werd door het schot getroffen, maar juist daar, midden boven de boot, deed Mooivleugel den bek open, en liet Duimelot in zee vallen.
{{lijn|5em}}<noinclude></noinclude>
qqufsgmfj0q433vyw1auz4ceenxv3mx
Pagina:Lagerlof, Niels Holgersson's Wonderbare Reis (1917).pdf/300
104
85269
218913
218898
2026-03-25T19:18:43Z
Havang(nl)
4330
/* Gevalideerd */
218913
proofread-page
text/x-wiki
<noinclude><pagequality level="4" user="Havang(nl)" /></noinclude>{{x-larger|{{c|XXIX.}}
{{c|STOCKHOLM.}}}}
{{lijn|5em}}
Voor eenige jaren was er in de "Schans", den grooten tuin buiten Stockholm, waar men zooveel merkwaardigs heeft bijeengebracht, een klein, oud mannetje, die Klement Larsson heette. Hij was van Hälsingland, en was naar de Schans gekomen om volksdansen en andere oude liedjes op zijn viool te spelen. Maar 't was 't meest 's middags, dat hij als speelman moest optreden; 's morgens zat hij gewoonlijk op wacht in een van de prachtige boerenhutten, die uit alle streken van het land naar de Schans waren overgebracht.
Klement meende in 't begin, dat hij het op zijn ouden dag beter had gekregen dan hij ooit had durven droomen, maar langzamerhand begon hij zich verschrikkelijk te vervelen, vooral onder 't wacht houden. 't Ging nog, als er menschen in de hut kwamen, om die te bekijken, maar soms zat Klement uren heelemaal alleen. Dan verlangde hij zoo vreeselijk, dat hij bang was, dat hij zijn betrekking zou moeten opzeggen. Hij was heel arm en wist, dat hij in zijn dorp ten laste van de gemeente zou komen. Daarom probeerde hij het zoo lang mogelijk uit te houden, hoewel hij zich met den dag ongelukkige voelde.
Op een mooien namiddag in Mei had Klement een paar uur vrij, en was op weg naar den steilen heuvel, die van de Schans naar beneden loopt, toen hij een visscher ontmoette, die met een kistje op den rug aankwam. Het was een flinke jonge man, die vaak naar de Schans kwam, en zeevogels te koop aanbood, die hij levend had kunnen vangen, en Klement had hem vaak ontmoet.
De visscher hield Klement staande, om hem te vragen, of de directeur van de Schans thuis was, en toen Klement hem geantwoord had, vroeg hij wat hij nu voor zeldzaams in zijn kistje had.
"Je mag zien, wat ik heb, Klement," antwoordde de visscher toen. "als je mij uit dankbaarheid wilt vertellen, wat ik ervoor vragen kan."<noinclude></noinclude>
m1ahlehjm8vi4q384rmsvjpji8c8eky
Pagina:Lagerlof, Niels Holgersson's Wonderbare Reis (1917).pdf/301
104
85270
218899
2026-03-25T16:45:12Z
Ben the Bear09
16243
/* Proefgelezen */
218899
proofread-page
text/x-wiki
<noinclude><pagequality level="3" user="Ben the Bear09" /></noinclude>
Hij reikte het kistje aan Klement over. Hij keek erin, en
toen nog eens, en ging toen snel een stap achteruit.
"Wat ter wereld is dat, Asbjörn? Hoe heb je die daar te pakken
gekregen?" vroeg hij.
Hij herinnerde zich, dat hij, toen hij een kind was, had hooren
spreken van 't kleine volkje, dat onder de hut woonde. Hij mocht
niet schreeuwen en niet stout zijn, om 't kleine volkje niet boos
te maken. Sinds hij volwassen was, had hij gedacht, dat Moeder
die verhaaltjes van de kleintjes maar had verzonnen, om hem
onder den duim te houden. Maar het moesten toch niet enkel
verzinsels van Moeder geweest zijn, want daar in Asbjörns kistje
lag een van 't kleine volkje.
Er zat nog iets van de kinderangst in Klement, want hij
voelde een rilling over zijn rug gaan, toen hij in het kistje keek.
Asbjörn merkte, dat hij bang was, en begon te lachen, maar
Klement nam de zaak heel ernstig op.
"Vertel me eens, Asbjörn, waar heb je hem gevonden?" vroeg hij.
"Ik heb niet op hem geloerd, dat moet je niet denken," zei
Asbjörn. "Hij is bij mij gekomen. Ik was van morgen vroeg
uitgezeild, en had mijn geweer meê in de boot genomen. Ik was
pas van land gestoken, toen ik een troep wilde ganzen in 't oog
kreeg, die met vervaarlijk geschreeuw uit het oosten kwamen
aanvliegen. Ik deed een schot, maar trof geen van hen. In plaats
daarvan kwam deze hier naar beneden, en viel in 't water, zóó
dicht bij de boot, dat ik maar de hand had uit te steken om
hem te pakken."
"Je hebt hem toch niet geschoten, Asbjörn?"
"O neen, hij is gezond en wel. Maar toen hij naar beneden
kwam, wist hij eerst niet, hoe hij het had, en toen nam ik de
kans waar, en bond een paar eindjes touw om zijn handen en
voeten, zoodat hij niet kon wegloopen. Zie je, ik dacht dadelijk,
dat dit iets voor de Schans was."
Klement werd wonderlijk bang, toen de visscher dat vertelde.
Alles wat hij als kind had gehoord van 't kleine volkje, van hun
wraakzucht tegenover vijanden en hun behulpzaamheid tegenover
vrienden, kwam weer bij hem boven. 't Was nooit goed afgeloopen
met iemand, die een van hen gevangen had willen houden.
"Je hadt hem dadelijk los moeten laten, Asbjörn." zei hij.
"Het had niet veel gescheeld, of ik was er wel toe gedwongen,"
zei de visscher. "Want je moet weten, dat de wilde ganzen me
navlogen tot aan mijn huis toe, en later kruisten ze den heelen
morgen over de klippen, en schreeuwden, alsof ze hem terug
wilden hebben. En dat niet alleen, maar 't heele gezelschap daar
buiten: meeuwen en allerlei zeevogels, die geen schot kruid waard
zijn, kwamen neerstrijken op de klippen en bliezen; en als ik<noinclude></noinclude>
ann4to2ileuaby1ijg9qkqxu13uobjz
218914
218899
2026-03-25T19:20:36Z
Havang(nl)
4330
/* Gevalideerd */
218914
proofread-page
text/x-wiki
<noinclude><pagequality level="4" user="Havang(nl)" /></noinclude><nowiki />
Hij reikte het kistje aan Klement over. Hij keek erin, en toen nog eens, en ging toen snel een stap achteruit.
"Wat ter wereld is dat, Asbjörn? Hoe heb je die daar te pakken gekregen?" vroeg hij.
Hij herinnerde zich, dat hij, toen hij een kind was, had hooren spreken van 't kleine volkje, dat onder de hut woonde. Hij mocht niet schreeuwen en niet stout zijn, om 't kleine volkje niet boos te maken. Sinds hij volwassen was, had hij gedacht, dat Moeder die verhaaltjes van de kleintjes maar had verzonnen, om hem onder den duim te houden. Maar het moesten toch niet enkel verzinsels van Moeder geweest zijn, want daar in Asbjörns kistje lag een van 't kleine volkje.
Er zat nog iets van de kinderangst in Klement, want hij voelde een rilling over zijn rug gaan, toen hij in het kistje keek. Asbjörn merkte, dat hij bang was, en begon te lachen, maar Klement nam de zaak heel ernstig op.
"Vertel me eens, Asbjörn, waar heb je hem gevonden?" vroeg hij.
"Ik heb niet op hem geloerd, dat moet je niet denken," zei Asbjörn. "Hij is bij mij gekomen. Ik was van morgen vroeg uitgezeild, en had mijn geweer meê in de boot genomen. Ik was pas van land gestoken, toen ik een troep wilde ganzen in 't oog kreeg, die met vervaarlijk geschreeuw uit het oosten kwamen aanvliegen. Ik deed een schot, maar trof geen van hen. In plaats daarvan kwam deze hier naar beneden, en viel in 't water, zóó dicht bij de boot, dat ik maar de hand had uit te steken om hem te pakken."
"Je hebt hem toch niet geschoten. Asbjörn?"
"O neen, hij is gezond en wel. Maar toen hij naar beneden kwam, wist hij eerst niet, hoe hij het had, en toen nam ik de kans waar, en bond een paar eindjes touw om zijn handen en voeten, zoodat hij niet kon wegloopen. Zie je, ik dacht dadelijk, dat dit iets voor de Schans was."
Klement werd wonderlijk bang, toen de visscher dat vertelde. Alles wat hij als kind had gehoord van 't kleine volkje, van hun wraakzucht tegenover vijanden en hun behulpzaamheid tegenover vrienden, kwam weer bij hem boven. 't Was nooit goed afgeloopen met iemand, die een van hen gevangen had willen houden.
"Je hadt hem dadelijk los moeten laten, Asbjörn." zei hij.
"Het had niet veel gescheeld, of ik was er wel toe gedwongen," zei de visscher. "Want je moet weten, dat de wilde ganzen me navlogen tot aan mijn huis toe, en later kruisten ze den heelen morgen over de klippen, en schreeuwden, alsof ze hem terug wilden hebben. En dat niet alleen, maar 't heele gezelschap daar buiten: meeuwen en allerlei zeevogels, die geen schot kruid waard zijn, kwamen neerstrijken op de klippen en bliezen; en als ik<noinclude></noinclude>
ba8dbs7md8ve9ztkgr4yay1eww4ntr0
Pagina:Lagerlof, Niels Holgersson's Wonderbare Reis (1917).pdf/302
104
85271
218900
2026-03-25T16:51:19Z
Ben the Bear09
16243
/* Proefgelezen */
218900
proofread-page
text/x-wiki
<noinclude><pagequality level="3" user="Ben the Bear09" /></noinclude>uitging, fladderden ze om me heen, zoodat ik weer terug moest
keeren. Mijn vrouw smeekte me, hem vrijte laten, maar ik had
me in mijn hoofd gezet, dat hij naar de Schans moest. En toen
zette ik een van de poppen van de kinderen voor het venster,
stopte het ventje onder in de kist, en ging heen. En de vogels
dachten zeker, dat hij daar in 't venster stond, want ze lieten
me heengaan zonder me te vervolgen."
"Zegt hij niets?" vroeg Klement.
"Ja, in 't begin probeerde hij de vogels te roepen, maar daar
moest ik niets van hebben, en ik bond hem den mond dicht."
"Maar Asbjörn," zei Klement. "Hoe kun je zoo met hem doen?
Begrijp je niet, dat hij iets bovennatuurlijks is?"
"Ik weet niet, wat hij is," zei Asbjörn kalm, "Dat moeten
anderen maar uitmaken. Ik ben tevreden, als ik hem goed betaald
krijg. Zeg me nu liever, wat je denkt, dat de dokter op
de Schans me voor hem zou willen geven."
Klement wachtte lang met zijn antwoord. Maar hij was zóó in
angst geraakt ter wille van dat dwergje. 't Was hem precies,
alsof zijn moeder bij hem stond, en hem zei, dat hij toch altijd
goed voor 't kleine volkje wezen moest.
"Ik weet niet, wat de dokter je betalen wil, Asbjörn," zei hij.
"Maar als je hem mij laten wilt, zal ik je twintig gulden voor
hem geven."
Asbjörn zag den speelman met groote verbazing aan, toen hij
die groote som noemde. Hij dacht, dat Klement meende, dat het
dwergje een geheimzinnige macht bezat, en hem van dienst kon
wezen. Hij was er niet zeker van, dat de dokter zulke groote
verwachtingen van hem had, en zoo'n hoogen prijs zou betalen.
En dus nam hij het aanbod van Klement aan.
De speelman stopte zijn nieuwen aankoop in een van zijn groote
zakken, liep naar de Schans terug, en ging een van de zomerwiedehutten
binnen, waar geen bezoekers en geen wachters waren.
Hij trok de deur achter zich dicht, haalde het dwergje voor den
dag, en legde het voorzichtig op een bank. Het had de handen
en voeten nog gebonden en een prop in den mond.
"Luister nu naar wat ik zeg," zei Klement. "Ik weet wel, dat
volkje als jij 't niet prettig vindt, als menschen ze zien, en dat
je liever op je eigen houtje rondloopt, en je eigen gang gaat.
Daarom was ik van plan je vrij te laten, maar alleen, als je me
belooft hier in den tuin te blijven, tot ik je permissie geef om
heen te gaan. Wil je dat, knik dan driekeer met je hoofd."
Klement keek vol verwachting naar den dwerg, maar die verroerde
zich niet.
"Je zult het goed hebben," zei Klement. "Ik zal elken dag eten
voor je buiten zetten, en ik denk, dat je hier zooveel te doen<noinclude></noinclude>
obsl4of9rg4hihg2j12teobz77eakue
218915
218900
2026-03-25T19:22:32Z
Havang(nl)
4330
/* Gevalideerd */
218915
proofread-page
text/x-wiki
<noinclude><pagequality level="4" user="Havang(nl)" /></noinclude>uitging, fladderden ze om me heen, zoodat ik weer terug moest keeren. Mijn vrouw smeekte me, hem vrij te laten, maar ik had me in mijn hoofd gezet, dat hij naar de Schans moest. En toen zette ik een van de poppen van de kinderen voor het venster, stopte het ventje onder in de kist, en ging heen. En de vogels dachten zeker, dat hij daar in 't venster stond, want ze lieten me heengaan zonder me te vervolgen."
"Zegt hij niets?" vroeg Klement.
"Ja, in 't begin probeerde hij de vogels te roepen, maar daar moest ik niets van hebben, en ik bond hem den mond dicht."
"Maar Asbjörn," zei Klement. "Hoe kun je zoo met hem doen? Begrijp je niet, dat hij iets bovennatuurlijks is?"
"Ik weet niet, wat hij is," zei Asbjörn kalm, "Dat moeten anderen maar uitmaken. Ik ben tevreden, als ik hem goed betaald krijg. Zeg me nu liever, wat je denkt, dat de dokter op de Schans me voor hem zou willen geven."
Klement wachtte lang met zijn antwoord. Maar hij was zóó in angst geraakt ter wille van dat dwergje. 't Was hem precies, alsof zijn moeder bij hem stond, en hem zei, dat hij toch altijd goed voor 't kleine volkje wezen moest.
"Ik weet niet, wat de dokter je betalen wil, Asbjörn," zei hij.
"Maar als je hem mij laten wilt, zal ik je twintig gulden voor hem geven."
Asbjörn zag den speelman met groote verbazing aan, toen hij die groote som noemde. Hij dacht, dat Klement meende, dat het dwergje een geheimzinnige macht bezat, en hem van dienst kon wezen. Hij was er niet zeker van, dat de dokter zulke groote verwachtingen van hem had, en zoo'n hoogen prijs zou betalen. En dus nam hij het aanbod van Klement aan.
De speelman stopte zijn nieuwen aankoop in een van zijn groote zakken, liep naar de Schans terug, en ging een van de zomerweidehutten binnen, waar geen bezoekers en geen wachters waren. Hij trok de deur achter zich dicht, haalde het dwergje voor den dag, en legde het voorzichtig op een bank. Het had de handen en voeten nog gebonden en een prop in den mond.
"Luister nu naar wat ik zeg," zei Klement. "Ik weet wel, dat volkje als jij 't niet prettig vindt, als menschen ze zien, en dat je liever op je eigen houtje rondloopt, en je eigen gang gaat. Daarom was ik van plan je vrij te laten, maar alleen, als je me belooft hier in den tuin te blijven, tot ik je permissie geef om heen te gaan. Wil je dat, knik dan driekeer met je hoofd."
Klement keek vol verwachting naar den dwerg, maar die verroerde zich niet.
"Je zult het goed hebben," zei Klement. "Ik zal elken dag eten voor je buiten zetten, en ik denk, dat je hier zooveel te doen<noinclude></noinclude>
23qf9dlh7w7rp43qfy5cmfseglorclu
Pagina:Lagerlof, Niels Holgersson's Wonderbare Reis (1917).pdf/303
104
85272
218901
2026-03-25T16:57:39Z
Ben the Bear09
16243
/* Proefgelezen */
218901
proofread-page
text/x-wiki
<noinclude><pagequality level="3" user="Ben the Bear09" /></noinclude>zult krijgen, dat de tijd je niet lang vallen zal. Maar je moogt
nergens anders heengaan, vóór ik je dat toesta. We zullen een
teeken afspreken. Zoolang ik je eten buiten zet in een wit bakje
moet je blijven. Als ik het in een blauw bakje doe, mag je heengaan."
Klement zweeg weer, en wachtte, dat de dwerg het teeken zou
geven. Maar hij bewoog zich niet.
"Ja, dan zit er niets anders op," zei Klement, "dan dat ik je
aan mijn baas laat zien, die hier woont. En dan kom je in een
glazen kastje, en alle menschen in Stockholm komen dan naar
je kijken."
Maar dat scheen den dwerg schrik aan te jagen, want nauwelijks
had hij dat gehoord, of hij gaf het gevraagde teeken.
"Zie zoo, nu is 't in orde," zei Klement, nam zijn mes, en sneed
het touwtje, dat de handen van den dwerg gebonden hield, door.
Toen ging hij haastig naar de deur.
De jongen maakte het touw van zijn voeten los, en nam de
prop uit den mond, eer hij aan iets anders dacht. Toen hij zich
omkeerde om Klement Larsson te danken, was die al weg.
{{lijn|5em}}
Nauwelijks was Klement de deur uitgekomen, of een deftig,
mooi oud heer kwam hem tegen. Hij scheen op weg te zijn naar
het heerlijke uitzicht, dat men op een heuvel in de buurt had.
Klement kon zich niet herinneren, dat hij dien deftigen ouden
heer ooit had gezien. Maar die scheen hem opgemerkt te hebben,
toen hij op de viool speelde, want hij bleef staan, en sprak hem aan.
"Goeden dag Klement," zei hij. "Hoe gaat het? Je ben toch
niet ziek? Ik vind, dat je den laatsten tijd afgevallen ben."
Er was zoo iets onbeschrijfelijk vriendelijks over den ouden heer,
dat Klement moed vatte, en hem vertelde, hoeveel moeite hij
had met zijn verlangen naar huis.
"Wat?" zei de oude heer. "Verlang je naar huis, als je in Stockholm
ben? Dat is toch niet mogelijk."
En hij zag er bijna beleedigd uit, toen hij dat zei. Maar toen
dacht hij er zeker aan, dat hij maar met een ouden, onwetenden
speelman sprak, en hij hernam zijn vriendelijken toon.
"Je weet zeker nog te weinig van Stockholm, Klement. Als
je alles wist, zou je niet meer verlangen van hier weg te gaan.
Ga nu eens met me {{SIC|meè|meê}}, naar die bank daar, dan zal ik je van
Stockholm vertellen."
Toen nu de oude heer op de bank zat, keek hij eerst een poos
op Stockholm neer, dat in al zijn pracht daar beneden lag.
Toen wendde hij zich weer naar den speelman, en begon te
vertellen, hoe een visscher in den ouden tijd, op de plaats, waar<noinclude></noinclude>
9e3yk2f71w7jyflfl0eevakf1y6vken
218916
218901
2026-03-25T19:23:47Z
Havang(nl)
4330
/* Gevalideerd */
218916
proofread-page
text/x-wiki
<noinclude><pagequality level="4" user="Havang(nl)" /></noinclude>zult krijgen, dat de tijd je niet lang vallen zal. Maar je moogt nergens anders heengaan, vóór ik je dat toesta. We zullen een teeken afspreken. Zoolang ik je eten buiten zet in een wit bakje moet je blijven. Als ik het in een blauw bakje doe, mag je heengaan."
Klement zweeg weer, en wachtte, dat de dwerg het teeken zou geven. Maar hij bewoog zich niet.
"Ja, dan zit er niets anders op," zei Klement, "dan dat ik je aan mijn baas laat zien, die hier woont. En dan kom je in een glazen kastje, en alle menschen in Stockholm komen dan naar je kijken."
Maar dat scheen den dwerg schrik aan te jagen, want nauwelijks had hij dat gehoord, of hij gaf het gevraagde teeken.
"Zie zoo, nu is 't in orde," zei Klement, nam zijn mes, en sneed het touwtje, dat de handen van den dwerg gebonden hield, door. Toen ging hij haastig naar de deur.
De jongen maakte het touw van zijn voeten los, en nam de prop uit den mond, eer hij aan iets anders dacht. Toen hij zich omkeerde om Klement Larsson te danken, was die al weg.
{{lijn|5em}}
Nauwelijks was Klement de deur uitgekomen, of een deftig, mooi oud heer kwam hem tegen. Hij scheen op weg te zijn naar het heerlijke uitzicht, dat men op een heuvel in de buurt had. Klement kon zich niet herinneren, dat hij dien deftigen ouden heer ooit had gezien. Maar die scheen hem opgemerkt te hebben, toen hij op de viool speelde, want hij bleef staan, en sprak hem aan.
"Goeden dag Klement," zei hij. "Hoe gaat het? Je ben toch niet ziek? Ik vind, dat je den laatsten tijd afgevallen ben."
Er was zoo iets onbeschrijfelijk vriendelijks over den ouden heer, dat Klement moed vatte, en hem vertelde, hoeveel moeite hij had met zijn verlangen naar huis.
"Wat?" zei de oude heer. "Verlang je naar huis, als je in Stockholm ben? Dat is toch niet mogelijk."
En hij zag er bijna beleedigd uit, toen hij dat zei. Maar toen dacht hij er zeker aan, dat hij maar met een ouden, onwetenden speelman sprak, en hij hernam zijn vriendelijken toon.
"Je weet zeker nog te weinig van Stockholm. Klement. Als je alles wist, zou je niet meer verlangen van hier weg te gaan. Ga nu eens met me {{SIC|meè|meê}}, naar die bank daar, dan zal ik je van Stockholm vertellen."
Toen nu de oude heer op de bank zat, keek hij eerst een poos op Stockholm neer, dat in al zijn pracht daar beneden lag.
Toen wendde hij zich weer naar den speelman, en begon te vertellen, hoe een visscher in den ouden tijd, op de plaats, waar<noinclude></noinclude>
czpe7at2yts2v8q1om9updeez1mj40x
Pagina:Lagerlof, Niels Holgersson's Wonderbare Reis (1917).pdf/304
104
85273
218902
2026-03-25T17:04:46Z
Ben the Bear09
16243
/* Proefgelezen */
218902
proofread-page
text/x-wiki
<noinclude><pagequality level="3" user="Ben the Bear09" /></noinclude>nu de stad op eilanden gebouwd lag, eens een meermin had
geschoten, en dat haar bloed in 't water gekomen was. En hoe
van dat oogenblik af alles, wat met dat water in aanraking kwam,
onbeschrijfelijk mooi was geworden. En hoe daarom de stad
Stockholm ook zóó mooi werd, dat ieder die daar kwam, er
graag wilde blijven.
Terwijl hij nog sprak, kwam er een andere heer aan, en liep
haastig op hen toe. Maar hij, die met Klement sprak, maakte een beweging met de hand, en de andere bleef op een afstand staan.
De deftige oude heer zei nu tegen Klement:
"Nu moet je me een genoegen doen, Klement. Ik heb geen
tijd om langer met je te praten, maar ik zal je een boek sturen
over Stockholm, en dat moet je heelemaal doorlezen, maar dan
moet je op deze bank gaan zitten. Dan zul je zien hoe vroolijk
de golven glinsteren, en hoe het strand van schoonheid straalt.
En dan zul je ook onder de bekoring komen."
Den volgenden dag kwam er een lakei van den koning met
een groot, rood boek en een brief aan Klement.
Daarna was de kleine oude man dagen lang als bedwelmd, en
het was haast niet mogelijk een verstandig woord uit hem te
krijgen. Toen een week voorbij was, ging hij naar den directeur
en nam zijn ontslag. Hij moest absoluut, naar huis, zei hij.
"Waarom? Kun je hier niet wennen?" zei de directeur.
"Ja, ik heb het hier best," zei Klement. "Ik heb nu geen
heimwee meer. Maar ik moet toch naar huis!"
Klement was in een vreeselijken tweestrijd geweest. Want de
koning had gezegd, dat hij over Stockholm moest lezen, en leeren
daar tevreden te zijn, maar Klement had nu geen rust, eer hij
er thuis over had gesproken, dat de koning dat tegen hem had
gezegd. Hij moest op het Kerkplein staan, en aan allen, arm en rijk,
vertellen, dat de koning zoo vriendelijk voor hem was geweest,
dat hij naast hem op dezelfde bank had gezeten, en hem een
boek gestuurd, en dat hij met hem, een ouden, armen speelman,
een heel uur had gepraat, om hem van zijn heimwee te genezen.
't Was heerlijk daarover hier op de Schans met de Laplanders
en de Dalecarliërs te spreken, maar wat was dat, in vergelijking
van het thuis te vertellen?
Al zou Klement ook in het armhuis terecht komen, toch zou
dat nu zoo akelig niet meer zijn. Hij was nu een heel ander man
dan vroeger. Hij zou heel anders geacht en geërd worden.
En dat nieuwe verlangen werd Klement te machtig. Hij kon
niet laten naar den directeur te gaan en te zeggen, dat hij naar
huis moest.
{{lijn|5em}}<noinclude></noinclude>
tnx36j88gmyy2twr2a2zvizwqe6dixn
218917
218902
2026-03-25T19:25:14Z
Havang(nl)
4330
/* Gevalideerd */
218917
proofread-page
text/x-wiki
<noinclude><pagequality level="4" user="Havang(nl)" /></noinclude>nu de stad op eilanden gebouwd lag, eens een meermin had geschoten, en dat haar bloed in 't water gekomen was. En hoe van dat oogenblik af alles, wat met dat water in aanraking kwam, onbeschrijfelijk mooi was geworden. En hoe daarom de stad Stockholm ook zóó mooi werd, dat ieder die daar kwam, er graag wilde blijven.
Terwijl hij nog sprak, kwam er een andere heer aan, en liep haastig op hen toe. Maar hij, die met Klement sprak, maakte een beweging met de hand, en de andere bleef op een afstand staan.
De deftige oude heer zei nu tegen Klement:
"Nu moet je me een genoegen doen, Klement. Ik heb geen tijd om langer met je te praten, maar ik zal je een boek sturen over Stockholm, en dat moet je heelemaal doorlezen, maar dan moet je op deze bank gaan zitten. Dan zul je zien hoe vroolijk de golven glinsteren, en hoe het strand van schoonheid straalt. En dan zul je ook onder de bekoring komen."
Den volgenden dag kwam er een lakei van den koning met een groot, rood boek en een brief aan Klement.
Daarna was de kleine oude man dagen lang als bedwelmd, en het was haast niet mogelijk een verstandig woord uit hem te krijgen. Toen een week voorbij was, ging hij naar den directeur en nam zijn ontslag. Hij moest absoluut, naar huis, zei hij.
"Waarom? Kun je hier niet wennen?" zei de directeur.
"Ja, ik heb het hier best," zei Klement. "Ik heb nu geen heimwee meer. Maar ik moet toch naar huis!"
Klement was in een vreeselijken tweestrijd geweest. Want de koning had gezegd, dat hij over Stockholm moest lezen, en leeren daar tevreden te zijn, maar Klement had nu geen rust, eer hij er thuis over had gesproken, dat de koning dat tegen hem had gezegd. Hij moest op het Kerkplein staan, en aan allen, arm en rijk, vertellen, dat de koning zoo vriendelijk voor hem was geweest, dat hij naast hem op dezelfde bank had gezeten, en hem een boek gestuurd, en dat hij met hem, een ouden, armen speelman, een heel uur had gepraat, om hem van zijn heimwee te genezen.
't Was heerlijk daarover hier op de Schans met de Laplanders en de Dalecarliërs te spreken, maar wat was dat, in vergelijking van het thuis te vertellen?
Al zou Klement ook in het armhuis terecht komen, toch zou dat nu zoo akelig niet meer zijn. Hij was nu een heel ander man dan vroeger. Hij zou heel anders geacht en geërd worden.
En dat nieuwe verlangen werd Klement te machtig. Hij kon niet laten naar den directeur te gaan en te zeggen, dat hij naar huis moest.
{{lijn|5em}}<noinclude></noinclude>
c2ly7o6fm10djczuuo1k6rk8bsbbwdq
Amsterdamsche Courant/1730/Nummer 3/Koppenhagen den 31 December
0
85274
218903
2026-03-25T17:07:13Z
Vincent Steenberg
280
nieuw
218903
wikitext
text/x-wiki
{{Koptekst
| Titel = ‘Koppenhagen den 31 December’
| Schrijver = |Override_schrijver = een anonieme schrijver
| Vertaler = |Override_vertaler =
| Sectie =
| Vorige =
| Volgende =
| Jaar =
| Opmerkingen = Afkomstig uit de ''Amsterdamse Saturdaegse Courant'', 7 januari 1730, [p. 2]. [[Wikisource:Publiek domein|Publiek domein]].
}}
<pages index="Amsterdamsche Courant 1730 no 003.pdf" from=2 to=2 fromsection=s5 tosection=s5/>
[[Categorie:Amsterdamsche Courant, 1730, Nummer 003]]
13v17qrqsl8p0nrklmc0x1w71fiavzk
Amsterdamsche Courant/1730/Nummer 3/Hamburg den 3 January
0
85275
218904
2026-03-25T17:15:59Z
Vincent Steenberg
280
nieuw
218904
wikitext
text/x-wiki
{{Koptekst
| Titel = ‘Hamburg den 3 January’
| Schrijver = |Override_schrijver = een anonieme schrijver
| Vertaler = |Override_vertaler =
| Sectie =
| Vorige =
| Volgende =
| Jaar =
| Opmerkingen = Afkomstig uit de ''Amsterdamse Saturdaegse Courant'', 7 januari 1730, [p. 2]. [[Wikisource:Publiek domein|Publiek domein]].
}}
<pages index="Amsterdamsche Courant 1730 no 003.pdf" from=2 to=2 fromsection=s6 tosection=s6/>
[[Categorie:Amsterdamsche Courant, 1730, Nummer 003]]
kg5h8x6azcmhlejehblihm8lzynbfwr
Niels Holgersson/XXVIII
0
85276
218912
2026-03-25T19:17:11Z
Havang(nl)
4330
/* Gevalideerd */
218912
wikitext
text/x-wiki
<pages Index="Lagerlof, Niels Holgersson's Wonderbare Reis (1917).pdf" from=294 to=299 header=1 />
hnm1lbr0jf8a2qskoxbc1i7q3yuyc5d
Niels Holgersson/XXIX
0
85277
218918
2026-03-25T19:25:57Z
Havang(nl)
4330
/* Gevalideerd */
218918
wikitext
text/x-wiki
<pages Index="Lagerlof, Niels Holgersson's Wonderbare Reis (1917).pdf" from=300 to=304 header=1 />
qj3j03gsccgw5pu7nbyg2fvidpbvn9x
Amsterdamsche Courant/1730/Nummer 3/De Gecommitteerde Raeden ter Admiraliteyt in Friesland
0
85278
218919
2026-03-26T07:39:31Z
Vincent Steenberg
280
nieuw
218919
wikitext
text/x-wiki
{{Koptekst
| Titel = ‘De Gecommitteerde Raeden ter Admiraliteyt in Friesland, notificeeren […] aen alle Koopluyden, Schippers, en die het verder zoude mogen aengaen, […] [advertentie]’
| Schrijver = |Override_schrijver = een anonieme schrijver
| Vertaler = |Override_vertaler =
| Sectie =
| Vorige =
| Volgende =
| Jaar =
| Opmerkingen = Afkomstig uit de ''Amsterdamse Saturdaegse Courant'', 7 januari 1730, [p. 2]. [[Wikisource:Publiek domein|Publiek domein]].
}}
<pages index="Amsterdamsche Courant 1730 no 003.pdf" from=2 to=2 fromsection=s7 tosection=s7/>
[[Categorie:Amsterdamsche Courant, 1730, Nummer 003]]
r1u2tz1du4nzlh95r3wspu96tqzae3g
Amsterdamsche Courant/1730/Nummer 3/In de Generaliteyts Loterye
0
85279
218920
2026-03-26T07:41:12Z
Vincent Steenberg
280
nieuw
218920
wikitext
text/x-wiki
{{Koptekst
| Titel = ‘In de Generaliteyts Loterye […] zyn […] nog een zeer gering getal Looten […] te bekomen. [advertentie]’
| Schrijver = |Override_schrijver = een anonieme schrijver
| Vertaler = |Override_vertaler =
| Sectie =
| Vorige =
| Volgende =
| Jaar =
| Opmerkingen = Afkomstig uit de ''Amsterdamse Saturdaegse Courant'', 7 januari 1730, [p. 2]. [[Wikisource:Publiek domein|Publiek domein]].
}}
<pages index="Amsterdamsche Courant 1730 no 003.pdf" from=2 to=2 fromsection=s8 tosection=s8/>
[[Categorie:Amsterdamsche Courant, 1730, Nummer 003]]
5a4f497593tfvr676c6bkab206b9cks
Amsterdamsche Courant/1730/Nummer 3/Op aenstaende Dingsdag
0
85280
218921
2026-03-26T07:45:31Z
Vincent Steenberg
280
nieuw
218921
wikitext
text/x-wiki
{{Koptekst
| Titel = ‘Op aenstaende Dingsdag den 10 January, zal men t’Amsterdam in de Boekwinkel van Johannes Oosterwyk op den Dam verkopen, […] [advertentie]’
| Schrijver = |Override_schrijver = een anonieme schrijver
| Vertaler = |Override_vertaler =
| Sectie =
| Vorige =
| Volgende =
| Jaar =
| Opmerkingen = Afkomstig uit de ''Amsterdamse Saturdaegse Courant'', 7 januari 1730, [p. 2]. [[Wikisource:Publiek domein|Publiek domein]].
}}
<pages index="Amsterdamsche Courant 1730 no 003.pdf" from=2 to=2 fromsection=s9 tosection=s9/>
[[Categorie:Amsterdamsche Courant, 1730, Nummer 003]]
75mlzj3gayptqbfk7k9lzje4ybc6whq
Amsterdamsche Courant/1730/Nummer 3/Dan. d’Azevedo en Nic. Ens
0
85281
218923
2026-03-26T07:52:58Z
Vincent Steenberg
280
nieuw
218923
wikitext
text/x-wiki
{{Koptekst
| Titel = ‘Dan. d’Azevedo en Nic. Ens, Makelaers, zullen op Maendag den 9 January […] t’Amst. […] verkopen, […] [advertentie]’
| Schrijver = |Override_schrijver = een anonieme schrijver
| Vertaler = |Override_vertaler =
| Sectie =
| Vorige =
| Volgende =
| Jaar =
| Opmerkingen = Afkomstig uit de ''Amsterdamse Saturdaegse Courant'', 7 januari 1730, [p. 2]. [[Wikisource:Publiek domein|Publiek domein]].
}}
<pages index="Amsterdamsche Courant 1730 no 003.pdf" from=2 to=2 fromsection=s10 tosection=s10/>
[[Categorie:Amsterdamsche Courant, 1730, Nummer 003]]
ozcwlic6mqqkcxv296tbov2la21inxs
Amsterdamsche Courant/1730/Nummer 3/Hend. van der Heyden, Daniel en Raphael d’Azevedo
0
85282
218924
2026-03-26T07:55:22Z
Vincent Steenberg
280
nieuw'
218924
wikitext
text/x-wiki
{{Koptekst
| Titel = ‘Hend. van der Heyden, Daniel en Raphael d’Azevedo, Makelaers, zullen op Woensdag den 11 January […] tot Amsterdam […] verkopen, […] [advertentie]’
| Schrijver = |Override_schrijver = een anonieme schrijver
| Vertaler = |Override_vertaler =
| Sectie =
| Vorige =
| Volgende =
| Jaar =
| Opmerkingen = Afkomstig uit de ''Amsterdamse Saturdaegse Courant'', 7 januari 1730, [p. 2]. [[Wikisource:Publiek domein|Publiek domein]].
}}
<pages index="Amsterdamsche Courant 1730 no 003.pdf" from=2 to=2 fromsection=s11 tosection=s11/>
[[Categorie:Amsterdamsche Courant, 1730, Nummer 003]]
i53t0ygjnpbuokr0bsaaspdn7tu6dfu
Amsterdamsche Courant/1730/Nummer 3/Jan Hoos, en Dan. d’Azevedo
0
85283
218925
2026-03-26T07:57:36Z
Vincent Steenberg
280
nieuw
218925
wikitext
text/x-wiki
{{Koptekst
| Titel = ‘Jan Hoos, en Dan. d’Azevedo, Makelaers, zullen op Donderdag den 12 January […] t’Amst. […] verkopen, […] [advertentie]’
| Schrijver = |Override_schrijver = een anonieme schrijver
| Vertaler = |Override_vertaler =
| Sectie =
| Vorige =
| Volgende =
| Jaar =
| Opmerkingen = Afkomstig uit de ''Amsterdamse Saturdaegse Courant'', 7 januari 1730, [p. 2]. [[Wikisource:Publiek domein|Publiek domein]].
}}
<pages index="Amsterdamsche Courant 1730 no 003.pdf" from=2 to=2 fromsection=s12 tosection=s12/>
[[Categorie:Amsterdamsche Courant, 1730, Nummer 003]]
8orkxoy2hqbndnjb8nzi1il3st4yee2
Amsterdamsche Courant/1730/Nummer 3/Willem Otterbeek
0
85284
218926
2026-03-26T07:59:19Z
Vincent Steenberg
280
nieuw
218926
wikitext
text/x-wiki
{{Koptekst
| Titel = ‘Willem Otterbeek, Makelaer, zal op Maendag den 16 January […] t’Amst. […] verkopen, […] [advertentie]’
| Schrijver = |Override_schrijver = een anonieme schrijver
| Vertaler = |Override_vertaler =
| Sectie =
| Vorige =
| Volgende =
| Jaar =
| Opmerkingen = Afkomstig uit de ''Amsterdamse Saturdaegse Courant'', 7 januari 1730, [p. 2]. [[Wikisource:Publiek domein|Publiek domein]].
}}
<pages index="Amsterdamsche Courant 1730 no 003.pdf" from=2 to=2 fromsection=s13 tosection=s13/>
[[Categorie:Amsterdamsche Courant, 1730, Nummer 003]]
mhf7e53l0kwqaceslq06y2eivxq912e
Amsterdamsche Courant/1730/Nummer 3/De Heeren Burgemeesteren en Raed der stad Groningen
0
85285
218927
2026-03-26T08:00:32Z
Vincent Steenberg
280
nieuw
218927
wikitext
text/x-wiki
{{Koptekst
| Titel = ‘De Heeren Burgemeesteren en Raed der stad Groningen, notificeeren by deezen, […] [advertentie]’
| Schrijver = |Override_schrijver = een anonieme schrijver
| Vertaler = |Override_vertaler =
| Sectie =
| Vorige =
| Volgende =
| Jaar =
| Opmerkingen = Afkomstig uit de ''Amsterdamse Saturdaegse Courant'', 7 januari 1730, [p. 2]. [[Wikisource:Publiek domein|Publiek domein]].
}}
<pages index="Amsterdamsche Courant 1730 no 003.pdf" from=2 to=2 fromsection=s14 tosection=s14/>
[[Categorie:Amsterdamsche Courant, 1730, Nummer 003]]
pzt2ljn2jgk47g3ru6t306xn5pv0xwc
Amsterdamsche Courant/1730/Nummer 3/P. Huysvooren, en J. D. da Fonseca
0
85286
218928
2026-03-26T08:02:08Z
Vincent Steenberg
280
nieuw
218928
wikitext
text/x-wiki
{{Koptekst
| Titel = ‘P. Huysvooren, en J. D. da Fonseca, Makelaers, zullen op Maendag den 16 January 1730, in ’t Oude Heere Logement verkopen, […] [advertentie]’
| Schrijver = |Override_schrijver = een anonieme schrijver
| Vertaler = |Override_vertaler =
| Sectie =
| Vorige =
| Volgende =
| Jaar =
| Opmerkingen = Afkomstig uit de ''Amsterdamse Saturdaegse Courant'', 7 januari 1730, [p. 2]. [[Wikisource:Publiek domein|Publiek domein]].
}}
<pages index="Amsterdamsche Courant 1730 no 003.pdf" from=2 to=2 fromsection=s15 tosection=s15/>
[[Categorie:Amsterdamsche Courant, 1730, Nummer 003]]
jeqvzgrzhzp65hkb2n3tu642pg37lec
Amsterdamsche Courant/1730/Nummer 3/Willem van Neck Cornelisz.
0
85287
218929
2026-03-26T08:07:01Z
Vincent Steenberg
280
nieuw
218929
wikitext
text/x-wiki
{{Koptekst
| Titel = ‘Willem van Neck Cornelisz. Makelaer, zal op Maendag den 16 January […] t’Amsterd. […] verkopen, […] [advertentie]’
| Schrijver = |Override_schrijver = een anonieme schrijver
| Vertaler = |Override_vertaler =
| Sectie =
| Vorige =
| Volgende =
| Jaar =
| Opmerkingen = Afkomstig uit de ''Amsterdamse Saturdaegse Courant'', 7 januari 1730, [p. 2]. [[Wikisource:Publiek domein|Publiek domein]].
}}
<pages index="Amsterdamsche Courant 1730 no 003.pdf" from=2 to=2 fromsection=s16 tosection=s16/>
[[Categorie:Amsterdamsche Courant, 1730, Nummer 003]]
eiiznqvyakp4mi8t5p4ljof4kqgzuw6
Amsterdamsche Courant/1730/Nummer 3/Burgermeesters en Regeerders der stad Purmerent,
0
85288
218930
2026-03-26T08:08:09Z
Vincent Steenberg
280
nieuw
218930
wikitext
text/x-wiki
{{Koptekst
| Titel = ‘Burgemeesters en Regeerders der stad Purmerent, adverteeren […] [advertentie]’
| Schrijver = |Override_schrijver = een anonieme schrijver
| Vertaler = |Override_vertaler =
| Sectie =
| Vorige =
| Volgende =
| Jaar =
| Opmerkingen = Afkomstig uit de ''Amsterdamse Saturdaegse Courant'', 7 januari 1730, [p. 2]. [[Wikisource:Publiek domein|Publiek domein]].
}}
<pages index="Amsterdamsche Courant 1730 no 003.pdf" from=2 to=2 fromsection=s17 tosection=s17/>
[[Categorie:Amsterdamsche Courant, 1730, Nummer 003]]
d5qd0fevoi99u1vdb29go0tj1nfonpu
218933
218930
2026-03-26T08:11:59Z
Vincent Steenberg
280
Vincent Steenberg heeft de pagina [[Amsterdamsche Courant/1730/Nummer 3/Burgemeesters en Regeerders der stad Purmerent,]] hernoemd naar [[Amsterdamsche Courant/1730/Nummer 3/Burgermeesters en Regeerders der stad Purmerent,]] zonder een doorverwijzing achter te laten: typo
218930
wikitext
text/x-wiki
{{Koptekst
| Titel = ‘Burgemeesters en Regeerders der stad Purmerent, adverteeren […] [advertentie]’
| Schrijver = |Override_schrijver = een anonieme schrijver
| Vertaler = |Override_vertaler =
| Sectie =
| Vorige =
| Volgende =
| Jaar =
| Opmerkingen = Afkomstig uit de ''Amsterdamse Saturdaegse Courant'', 7 januari 1730, [p. 2]. [[Wikisource:Publiek domein|Publiek domein]].
}}
<pages index="Amsterdamsche Courant 1730 no 003.pdf" from=2 to=2 fromsection=s17 tosection=s17/>
[[Categorie:Amsterdamsche Courant, 1730, Nummer 003]]
d5qd0fevoi99u1vdb29go0tj1nfonpu
218934
218933
2026-03-26T08:12:11Z
Vincent Steenberg
280
typo
218934
wikitext
text/x-wiki
{{Koptekst
| Titel = ‘Burgermeesters en Regeerders der stad Purmerent, adverteeren […] [advertentie]’
| Schrijver = |Override_schrijver = een anonieme schrijver
| Vertaler = |Override_vertaler =
| Sectie =
| Vorige =
| Volgende =
| Jaar =
| Opmerkingen = Afkomstig uit de ''Amsterdamse Saturdaegse Courant'', 7 januari 1730, [p. 2]. [[Wikisource:Publiek domein|Publiek domein]].
}}
<pages index="Amsterdamsche Courant 1730 no 003.pdf" from=2 to=2 fromsection=s17 tosection=s17/>
[[Categorie:Amsterdamsche Courant, 1730, Nummer 003]]
nevvw0yu13zs0ae6xjqzu8oiq3dmr1c
Amsterdamsche Courant/1730/Nummer 3/Word bekend gemaekt
0
85289
218935
2026-03-26T08:14:46Z
Vincent Steenberg
280
nieuw
218935
wikitext
text/x-wiki
{{Koptekst
| Titel = ‘Word bekend gemaekt, dat overgekomen is Joseph Bosch, met een schoone partye Canary Vogels […] [advertentie]’
| Schrijver = |Override_schrijver = een anonieme schrijver
| Vertaler = |Override_vertaler =
| Sectie =
| Vorige =
| Volgende =
| Jaar =
| Opmerkingen = Afkomstig uit de ''Amsterdamse Saturdaegse Courant'', 7 januari 1730, [p. 2]. [[Wikisource:Publiek domein|Publiek domein]].
}}
<pages index="Amsterdamsche Courant 1730 no 003.pdf" from=2 to=2 fromsection=s18 tosection=s18/>
[[Categorie:Amsterdamsche Courant, 1730, Nummer 003]]
n160nalk0edsqqdea8tkh210dhxxo3l
Amsterdamsche Courant/1730/Nummer 3/Uyt der hand te koop of te huur
0
85290
218936
2026-03-26T08:34:15Z
Vincent Steenberg
280
nieuw
218936
wikitext
text/x-wiki
{{Koptekst
| Titel = ‘Uyt der hand te koop of te huur […] de van ouds vermaerde en neeringryke Herberg de Goude Leeuw, […] [advertentie]’
| Schrijver = |Override_schrijver = een anonieme schrijver
| Vertaler = |Override_vertaler =
| Sectie =
| Vorige =
| Volgende =
| Jaar =
| Opmerkingen = Afkomstig uit de ''Amsterdamse Saturdaegse Courant'', 7 januari 1730, [p. 2]. [[Wikisource:Publiek domein|Publiek domein]].
}}
<pages index="Amsterdamsche Courant 1730 no 003.pdf" from=2 to=2 fromsection=s19 tosection=s19/>
[[Categorie:Amsterdamsche Courant, 1730, Nummer 003]]
gt2igysn28h8dy0zvatmz9a7utdh9is
Amsterdamsche Courant/1730/Nummer 3/Die genegen mogte zyn
0
85291
218937
2026-03-26T08:57:10Z
Vincent Steenberg
280
nieuw
218937
wikitext
text/x-wiki
{{Koptekst
| Titel = ‘Die genegen mogte zyn, om een Lees, Schryf, en Reken-School, gelegen binnen Amsterdam, […] te kopen, […] [advertentie]’
| Schrijver = |Override_schrijver = een anonieme schrijver
| Vertaler = |Override_vertaler =
| Sectie =
| Vorige =
| Volgende =
| Jaar =
| Opmerkingen = Afkomstig uit de ''Amsterdamse Saturdaegse Courant'', 7 januari 1730, [p. 2]. [[Wikisource:Publiek domein|Publiek domein]].
}}
<pages index="Amsterdamsche Courant 1730 no 003.pdf" from=2 to=2 fromsection=s20 tosection=s20/>
[[Categorie:Amsterdamsche Courant, 1730, Nummer 003]]
kzwsu5czumngvf7sl3ni9tzujcajmi7