Wikisource
nlwikisource
https://nl.wikisource.org/wiki/Hoofdpagina
MediaWiki 1.46.0-wmf.21
first-letter
Media
Speciaal
Overleg
Gebruiker
Overleg gebruiker
Wikisource
Overleg Wikisource
Bestand
Overleg bestand
MediaWiki
Overleg MediaWiki
Sjabloon
Overleg sjabloon
Help
Overleg help
Categorie
Overleg categorie
Hoofdportaal
Overleg hoofdportaal
Auteur
Overleg auteur
Pagina
Overleg pagina
Index
Overleg index
TimedText
TimedText talk
Module
Overleg module
Event
Event talk
Hoofdportaal:Geschiedenis
100
6008
218947
215969
2026-03-26T18:57:22Z
Vincent Steenberg
280
bronnen toegevoegd/verplaatst
218947
wikitext
text/x-wiki
{{Infobox hoofdportaal
| afbeelding = P history.png
| informatie = Dit is een overzicht van alle op [[Wikisource:Over Wikisource|Wikisource]] aanwezige bronnen over [[w:nl:Geschiedenis|geschiedenis]]. [[Hoofdportaal:Overzicht van alle hoofdportalen|Overzicht van alle hoofdportalen]]
}}
== Algemeen ==
*[[Hoofdportaal:Geschiedenis/Algemeen|Algemeen]]
== Tijdperken ==
*[[Hoofdportaal:Geschiedenis/Tijdperken|Geschiedenis van tijdperken; afzonderlijk]]
== Geschiedenis van Afghanistan ==
=== Vorsten en leden van vorstenhuizen ===
;Mohammed Jakoeb Khan (1849-1923), emir van Afghanistan
*Anoniem (25 december 1878) [[Het Vaderland/Jaargang 10/Nummer 303/Londen, 24 Dec.|‘Londen, 24 Dec.’]], ''Het Vaderland'', tweede blad, [p. 1] (vermeld als ‘Yakoob Khan’).
=== Delen van Afghanistan en provincies; afzonderlijk ===
==== Plaatsen; afzonderlijk ====
;Jalalabad
*Anoniem (25 december 1878) [[Het Vaderland/Jaargang 10/Nummer 303/Londen, 23 Dec.|‘Londen, 23 Dec.’]], ''Het Vaderland'', tweede blad, [p. 1].
;Kabul
*Anoniem (25 december 1878) [[Het Vaderland/Jaargang 10/Nummer 303/Londen, 23 Dec.|‘Londen, 23 Dec.’]], ''Het Vaderland'', tweede blad, [p. 1].
;Kandahar
*Anoniem (26 april 1881) [[Dagblad van Zuidholland en 's Gravenhage/Jaargang 215/Nummer 97/Londen, 24 April (2)|‘Londen, 24 April’]], ''Dagblad van Zuidholland en 's Gravenhage'', [p. 581].
== Geschiedenis van Albanië ==
=== Geschiedenis van tijdperken; afzonderlijk ===
;Ca. 1900-ca. 1918
*Anoniem (28 januari 1914) [[Het Vaderland/Jaargang 46/Nummer 23/Ochtendblad/Albanië|‘Albanië’]], ''Het Vaderland'', Ochtendblad, [p. 1].
*Anoniem (28 januari 1914) [[Het Vaderland/Jaargang 46/Nummer 23/Ochtendblad/Nederlandsche officieren in Albanië|‘Nederlandsche officieren in Albanië’]], ''Het Vaderland'', Ochtendblad, [p. 1].
*Anoniem (11 mei 1916) [[De Avondpost/1916/Nummer 9512/Avond-editie/De landvrede in Albanië|‘De landvrede in Albanië’]], ''De Avondpost'', Avond-editie, p. A2.
=== Delen van Albanië en prefecturen; afzonderlijk ===
==== Plaatsen; afzonderlijk ====
;Shkodër
*Anoniem (11 mei 1916) [[De Avondpost/1916/Nummer 9512/Avond-editie/De landvrede in Albanië|‘De landvrede in Albanië’]], ''De Avondpost'', Avond-editie, p. A2.
== Geschiedenis van Australië ==
=== Historische figuren ===
==== 20e eeuw ====
;Lyons, Joseph
*Anoniem (9 juli 1935) [[De Gooi- en Eemlander/Jaargang 64/Nummer 159/Australische minister-president bij Roosevelt|‘Australische minister-president bij Roosevelt’]], ''De Gooi- en Eemlander'', eerste blad, p. 3.
== Geschiedenis van de Balkan ==
*Oostkamp, J.A. (1828) ''Korte geschied- en aardrijkskundige beschrijving van het tegenwoordige Europisch Turkije. Ten dienste van couranten-lezers'' [tweede druk], Zwolle: Zeehuisen.<br>Aankondigingen en recensies:
**Anoniem (15 september 1828) [[Nederlandsche Staatscourant/1828/Nummer 218/Departement van Binnenlandsche Zaken|‘Departement van Binnenlandsche Zaken [advertentie]’]], ''Nederlandsche Staats-Courant'', [p. 3-4].
== Geschiedenis van België ==
*[[Hoofdportaal:Geschiedenis/België]]
== Geschiedenis van Bolivia ==
=== Historische figuren ===
;Peñaranda, Enrique (1892-1969)
*Anoniem (14 december 1939) [[De Maasbode/Jaargang 72/Nummer 28990/Avondblad/De a.s. presidentsverkiezingen in Bolivia|‘De a.s. presidentsverkiezingen in Bolivia’]], ''De Maasbode'', [eerste blad], [p. 1].
== Geschiedenis van Bosnië en Herzegovina ==
*Anoniem (19 juni 1619) [[Courante uyt Italien, Duytslandt, &c./1619/19 juni/VVt Venetien, den 31. May. 1619|‘VVt Venetien, den 31. May. 1619’, alinea 3]], ''Courante uyt Italien, Duytslandt, &c''.
== Geschiedenis van Brazilië ==
=== Geschiedenis van tijdperken; afzonderlijk ===
==== 19e eeuw ====
*Anoniem (2 november 1824) [[Rotterdamsche Courant/1824/Nummer 132/Londen den 29 October|‘Londen den 29 October’, alinea 7]], ''Rotterdamsche Courant'', [p. 1].
=== Vorsten en leden van vorstenhuizen ===
;Peter I van Brazilië (1798-1834)
*Anoniem (27 december 1831) [[Leeuwarder Courant/1831/Nummer 103/Parijs, den 19 December|‘Parijs, den 19 December’, alinea 7]], ''Leeuwarder Courant'', [p. 1].
=== Delen van Brazilië en staten; afzonderlijk ===
;Allerheiligenbaai
*Anoniem (29 maart 1636) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1636/Nummer 13/Wt Maestricht|‘Wt Maestricht’, alinea 7]], ''Tydingen uyt verscheyden Quartieren'', [p. 2].
== Geschiedenis van Colombia ==
=== Geschiedenis van tijdperken; afzonderlijk ===
==== 19e eeuw ====
*Anoniem (19 juni 1854) [[Algemeen Handelsblad/1854/Nummer 7027/De stoomboot la Plata|‘Londen, Donderdag 15 Junij. De stoomboot la Plata heeft berigten van de West-Indische eilanden aangebragt, […]’]], ''Algemeen Handelsblad'', [p. 1].
;Colombiaanse Onafhankelijkheidsoorlog
*Anoniem (2 november 1824) [[Rotterdamsche Courant/1824/Nummer 132/Londen den 29 October|‘Londen den 29 October’]], ''Rotterdamsche Courant'', [p. 1].
=== Historische figuren ===
;Hurtado, Manuel José (ca. 1795-1844)
*Anoniem (1 december 1825) [[Rotterdamsche Courant/1825/Nummer 144/Londen den 26 November|‘Londen den 26 November’, alinea 2]], ''Rotterdamsche Courant'', [p. 1].
== Geschiedenis van Congo-Kinshasa ==
;Seyd ben Abed
*Anoniem (8 september 1893) [[Arnhemsche Courant/Jaargang 80/Nummer 2201/De uit Afrika teruggekeerde Britsche missionaris|‘De uit Afrika teruggekeerde Britsche missionaris Swann […]’]], ''Arnhemsche Courant'', Bijvoegsel, [p. 1].
== Geschiedenis van Cuba ==
*Anoniem (12 september 1825) [[Leydse Courant/1825/Nummer 109/Londen den 7 September|‘Londen den 7 September’, alinea 3]], ''Leydsche Courant'', [p. 2].
== Geschiedenis van Curaçao ==
;Slavenschip De Stadhouder van Vriesland
*Anoniem (29 juli 1698) [[Amsterdamsche Courant/1698/Nummer 90/Amsterdam den 28 Iuly|‘Amsterdam den 28 Iuly’]], ''Amsterdamse Dingsdaegse Courant'', [p. 2].
== Geschiedenis van Cyprus ==
=== Historische figuren ===
;Osman Pasja (....-1839)
*Anoniem (8 augustus 1839) [[De Noordbrabanter/1839/Nummer 95/Een brief uit Chyprus meldt|‘Een brief uit Chyprus van den 8sten Julij meldt, […]’]], ''Noord-Brabander'', [p. 1].
== Geschiedenis van Finland ==
=== Geschiedenis van tijdperken; afzonderlijk ===
;Ca. 1939-ca. 1945; Wereldoorlog II
*Anoniem (7 juli 1941) [[Leeuwarder Courant/Jaargang 190/Nummer 157/Karelische bevolking richt zich tot Hitler|‘Karelische bevolking richt zich tot Hitler’]], ''Leeuwarder Courant'', [eerste blad], [p. 3].
== Geschiedenis van Ghana ==
=== Delen van Ghana en regio's; afzonderlijk ===
==== Ashanti ====
;Kofi Karikari (ca. 1837-ca. 1884), koning van de Ashanti
*Anoniem (23 juli 1873) [[Sumatra-Courant/Jaargang 14/Nummer 59/Afrika’s Westkust|‘Afrika’s Westkust’]], ''Sumatra-Courant'', [p. 4] (vermeld als ‘de koning der Ashantijnen’).
==== Plaatsen; afzonderlijk ====
;Elmina
*Anoniem (23 juli 1873) [[Sumatra-Courant/Jaargang 14/Nummer 59/Afrika’s Westkust|‘Afrika’s Westkust’]], ''Sumatra-Courant'', [p. 4].
== Geschiedenis van Guyana ==
=== Economische en sociale geschiedenis; algemeen ===
==== Bijzondere onderwerpen ====
;Plantages
*Anoniem (24 november 1785) [[Rotterdamsche Courant/1785/Nummer 141/In de maand Augustus of September 1786|‘In de maand Augustus of September 1786 […] zal men binnen Amsterdam publyk te Koop veilen, de kapitale koffy-plantagie, genaamt La Grange, […] [advertentie]’]], ''Rotterdamsche Courant'', [p. 1].
*Anoniem (25 september 1786) [[Leydse Courant/1786/Nummer 115/De Heer J. E. F. Berton|‘De Heer J. E. F. Berton […] zal in de maanden February, Maart of April l787, by publieke veiling in de Colonie de Berbice […] veilen en verkoopen, […] [advertentie]’]], ''Leydse Courant'', [p. 2].
*Anoniem (25 september 1786) [[Leydse Courant/1786/Nummer 115/Jacob Freni, Abraham van Ketwich, Jan Hendrik Luning en Gerrit Willem van Ophoven|‘Jacob Freni, Abraham van Ketwich, Jan Hendrik Luning en Gerrit Willem van Ophoven, Makelaars, zullen op Heden, Maandag den 25 September, te Amsterdam […] verkoopen […] [advertentie]’]], ''Leydse Courant'', [p. 2].
== Geschiedenis van Haïti ==
=== Geschiedenis van tijdperken; afzonderlijk ===
;20e eeuw
*Anoniem (28 januari 1914) [[Het Vaderland/Jaargang 46/Nummer 23/Ochtendblad/De opstand in Haïti|‘De opstand in Haïti’]], ''Het Vaderland'', Ochtendblad, [p. 1].
=== Historische figuren ===
;Bobo, Dieu Donné (''fl''. 1842-1851)
*Anoniem (2 juli 1852) [[Groninger Courant/Jaargang 111/Nummer 53/Londen, 26 Junij|‘Londen, 26 Junij’]], ''Groninger Courant'', [p. 2].
;Pommayrac, Alice Euchariste (1863-1948)
*Anoniem (28 januari 1914) [[Het Vaderland/Jaargang 46/Nummer 23/Ochtendblad/De opstand in Haïti|‘De opstand in Haïti’]], ''Het Vaderland'', Ochtendblad, [p. 1] (vermeld als ‘de echtgenoote van Oroste’).
=== Delen van Haïti en departementen; afzonderlijk ===
==== Plaatsen; afzonderlijk ====
;Cap-Haïtien
*Anoniem (28 januari 1914) [[Het Vaderland/Jaargang 46/Nummer 23/Ochtendblad/De opstand in Haïti|‘De opstand in Haïti’]], ''Het Vaderland'', Ochtendblad, [p. 1].
== Geschiedenis van India ==
=== Delen van India en deelstaten; afzonderlijk ===
==== Koninkrijk Mysore ====
;Haider Ali van Mysore (1722-1782)
*Anoniem (5 augustus 1782) [[Diemer of Watergraafsmeersche Courant/1782/Nummer 93/Engeland|‘Engeland’, alinea 2 en 5]], ''Diemer of Watergraafsmeersche Courant'', [p. 1] (vermeld als ‘Hyder Aly’).
==== Plaatsen; afzonderlijk ====
;Nagapattinam
*Anoniem (5 augustus 1782) [[Diemer of Watergraafsmeersche Courant/1782/Nummer 93/Engeland|‘Engeland’, alinea 5]], ''Diemer of Watergraafsmeersche Courant'', [p. 1] (Nagapattinam vermeld als ‘Negapatnam’).
;Thalassery
*Anoniem (5 augustus 1782) [[Diemer of Watergraafsmeersche Courant/1782/Nummer 93/Engeland|‘Engeland’, alinea 2]], ''Diemer of Watergraafsmeersche Courant'', [p. 1] (Thalassery vermeld als ‘Tillichery’).
== Geschiedenis van Israël ==
=== Geschiedenis van tijdperken; afzonderlijk ===
;Voorgeschiedenis van de staat Israël - Zionisme
*Sacher, H. (red.; [1917]) ''Het zionisme en de toekomst der Joden. Opstellen van verschillende schrijvers'', Deventer: Fa. Johs. J. C. van der Burgh.<br>Aankondigingen en recensies:
**Anoniem (4 april 1917) [[Het Nieuws van den Dag/1917/Nummer 15484/Avondblad/Nieuwe uitgaven|‘Nieuwe uitgaven’]], ''Het Nieuws van den Dag'', Avondblad, 2e blad, p. 6.
;20e eeuw
*Anoniem (24 februari 1990) ‘Protesten roepen in Israël wrange herinneringen op. Shamir herstelt verspreking over vestiging Sovjet-joden’, ''De Volkskrant'', p. 5.
*Bouman, Salomon (25 januari 1990) ‘Staking in bezette gebieden tegen joodse emigratie uit USSR’, ''NRC Handelsblad'', p. 4.
*Naftaniel, R. (27 oktober 1982) ‘Israël als toevluchtsoord nog steeds noodzakelijk. Zionisme heeft niets aan betekenis ingeboet’, ''NRC Handelsblad'', p. 7.
*Voogd, Fanta (17 maart 1990) ‘Aanzwellende stroom joden uit Sowjet-Unie. Rechts Israël misbruikt alijah vor koloniale aspiraties’, ''De Waarheid'', p. 11.
== Geschiedenis van Jamaica ==
;Spanish Town
*Anoniem (23 september 1690) [[Amsterdamsche Courant/1690/23 september/Amsterdam den 22 September|‘Amsterdam den 22 September’]], ''Amsterdamse Saturdaegse Courant'', [p. 2] (Spanish Town vermeld als ‘St. Jago de la Vega’).
== Geschiedenis van Japan ==
=== Vorsten en leden van vorstenhuizen ===
;Komatsu Akihito (1846-1903)
*Anoniem (26 juli 1902) [[Het Vaderland/Jaargang 34/Nummer 174/Prins Komatsu|‘Prins Komatsu, […]’]], ''Het Vaderland'', Eerste Blad, [p. 1].
;Komei (1831-1867)
*Anoniem (6 maart 1847) [[Provinciale Geldersche en Nijmeegsche Courant/1847/Nummer 19/Batavia, den 30sten December|‘Batavia, den 30sten December [1846]’]], ''Provinciale Geldersche en Nijmeegsche Courant'', [p. 1].
=== Delen van Japan en prefecturen; afzonderlijk ===
;Minami Torishima (Marcuseiland)
*Anoniem (26 juli 1902) [[Het Vaderland/Jaargang 34/Nummer 174/Uit Tokio|‘Uit Tokio is een Japansch ambtenaar naar Marcuseiland vertrokken […]’]], ''Het Vaderland'', Eerste Blad, [p. 1].
==== Plaatsen; afzonderlijk ====
;Sasebo
*Anoniem (3 maart 1904) [[Haagsche Courant/1904/Nummer 6442/Japansche verliezen|‘Japansche verliezen’]], ''Haagsche Courant'', Tweede blad, [p. 2].
;Tokio (Edo)
*Anoniem (6 maart 1847) [[Provinciale Geldersche en Nijmeegsche Courant/1847/Nummer 19/Batavia, den 30sten December|‘Batavia, den 30sten December [1846]’, alinea 2]], ''Provinciale Geldersche en Nijmeegsche Courant'', [p. 1].
== Geschiedenis van Kaapverdië ==
*Anoniem ([22 juni 1619]) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1619/22 juni/Nederlantsche tydinghe den 21. Iunius|‘Nederlantsche tydinghe den 21. Iunius’, alinea 2]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''].
== Geschiedenis van Kameroen ==
=== Delen van Kameroen en regio's; afzonderlijk ===
==== Plaatsen; afzonderlijk ====
;Agborkem (Ossidinge (I))
*Anoniem (3 maart 1904) [[Haagsche Courant/1904/Nummer 6442/In noordwestelijk Kameroen|‘In noordwestelijk Kameroen […]’]], ''Haagsche Courant'', Tweede blad, [p. 2].
== Geschiedenis van Korea ==
=== Geschiedenis van tijdperken; afzonderlijk ===
==== 19e eeuw ====
;Franse strafexpeditie naar Korea
*Anoniem (13 maart 1867) [[De West-Indiër/1867/Nummer 21/Een schrijven uit Shanghai|‘Een schrijven uit Shanghai van 27 Nov., van iemand die de expeditie in Corea heeft bijgewoond, behelst het volgende. […]’]], ''De West-Indiër'', [p. 1].
=== Historische figuren ===
;Yun Ung-nyeol (1840-1911)
*Anoniem (3 maart 1904) [[Haagsche Courant/1904/Nummer 6442/Een nieuw kabinet|‘Een nieuw kabinet is te Seoel gevormd, […]’]], ''Haagsche Courant'', Tweede blad, [p. 2] (als ‘Joen-loeng-joel’).
== Geschiedenis van Kroatië ==
=== Historische figuren ===
==== 20e eeuw ====
;Cuvaj, Slavko (1851-1931)
*Anoniem (24 april 1912) [[Nieuwe Rotterdamsche Courant/Jaargang 69/Nummer 113/Ochtendblad/Verwarde toestanden|‘Verwarde toestanden’]], ''Nieuwe Rotterdamsche Courant'', Ochtendblad, A, p. 1.
=== Delen van Kroatië en provincies; afzonderlijk ===
==== Vrijstaat Fiume ====
*Anoniem (7 september 1921) [[Nieuwe Rotterdamsche Courant/Jaargang 78/Nummer 248/Avondblad/Barros|‘Barros’]], ''Nieuwe Rotterdamsche Courant'', Avondblad, D, p. 3.
==== Plaatsen; afzonderlijk ====
;Zemunik Donji
*Anoniem (24 september 1671) [[Opregte Haarlemsche Courant/1671/Donderdageditie, nummer 39/Venetien den 5 September|‘Venetien den 5 September’]], ''Extraordinaire Haerlemse Donderdaeghse Courant'', [p. 1] (Zemunik Donji vermeld als ‘Zemonico’).
== Geschiedenis van Letland ==
=== Delen van Letland en districten; afzonderlijk ===
==== Hertogdom Koerland en Semgallen ====
;Jacob Kettler (1610-1682), hertog van Koerland en Semgallen
*Anoniem (21 februari 1654) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1654/Nummer 8/Wt Hamburgh, den 14 dito|‘Wt Hamburgh, den 14 dito. [= 14 februari 1654]’]], ''Tijdinge uyt verscheyden Quartieren'', [p. 2].
;Ernst Johann Biron (1690-1772)
*Anoniem (18 maart 1741) [[Amsterdamsche Courant/1741/Nummer 33/Petersburg den 21 Febr.|‘Petersburg den 21 Febr.’]], ''Amsterdamse Saturdaegse Courant'', [p. 1] (vermeld als ‘de hertog van Courland’).
;Karel van Biron (1728-1801)
*Anoniem (17 januari 1767) [[Rotterdamsche Courant/1767/Nummer 8/’s Gravenhage den 16 January|‘’s Gravenhage den 16 January’]], ''Rotterdamsche Courant'', [p. 2].
==== Plaatsen; afzonderlijk ====
;Riga; beleg van Riga, 1656
*Anoniem (26 augustus 1656) [[Weeckelycke Courante van Europa/1656/Nummer 34/Riga den 2 Augusti|‘Riga den 2 Augusti’]], ''Weeckelycke Courante van Europa'', [p. 1].
== Geschiedenis van Libanon ==
=== Delen van Libanon en gouvernementen; afzonderlijk ===
==== Plaatsen; afzonderlijk ====
;Beiroet
*Anoniem (5 december 1840) [[De Noordbrabanter/1840/Nummer 146/Parijs, 1 December|‘Parijs, 1 December’, alinea 4]], ''Noord-Brabander'', [p. 1].
== Geschiedenis van Liechtenstein ==
=== Vorsten en leden van vorstenhuizen ===
;Emanuel van Liechtenstein (1700-1771)
*Anoniem (2 februari 1771) [[Opregte Haarlemsche Courant/1771/Zaterdageditie, nummer 5/Weenen den 19 January|‘Weenen den 19 January’]], ''Oprechte Saturdagse Haerlemse Courant'', [p. 1].
== Geschiedenis van Lithouwen ==
;17e eeuw
*Anoniem (25 februari 1651) [[Courante uyt Italien, Duytslandt, &c./1651/Nummer 8/Wt Thoren den 19 dito|‘Wt Thoren den 19 dito. [= 19 januari 1651]’]], ''Courante uyt Italien, Duytslandt, &c.'', [p. 1].
== Geschiedenis van Luxemburg ==
=== Geschiedenis van tijdperken; afzonderlijk ===
;17e eeuw
*Anoniem (25 februari 1651) [[Courante uyt Italien, Duytslandt, &c./1651/Nummer 8/Wt Luxenburgh den 12 dito|‘Wt Luxenburgh den 12 dito. [= 12 februari 1651]’]], ''Courante uyt Italien, Duytslandt, &c.'', [p. 2].
=== Vorsten en leden van vorstenhuizen ===
;Charlotte van Luxemburg
*Anoniem (15 maart 1922) [[Limburger Koerier/Jaargang 77/Nummer 63/Belgie en Luxemburg|‘Belgie en Luxemburg’]], ''Limburger Koerier'', [p. 3].
=== Historische figuren ===
;Johan van Beck (1588-1648)
*Anoniem (5 juni 1640) [[Ordinaris Dingsdaeghse Courante/1640/Nummer 23/Wt Antwerpen den 2 Iunij|‘Wt Antwerpen den 2 Iunij’]], ''Ordinaris Dingsdaeghse Courante'', [p. 2] (als ‘Den Oversten Beck’).
== Geschiedenis van Macedonië (regio ) ==
*Anoniem (3 maart 1904) [[Haagsche Courant/1904/Nummer 6442/De hervorming van Macedonië|‘De hervorming van Macedonië’]], ''Haagsche Courant'', Tweede blad, [p. 2].
== Geschiedenis van Maleisië ==
=== Delen van Maleisië en deelstaten; afzonderlijk ===
==== Johor ====
;Temenggong Abdul Rahman (1755-1825), sultan van Johor
*Anoniem (13 september 1819) [[Leydse Courant/1819/Nummer 110/Londen den 7 September|‘Londen den 7 September’, alinea 6]], ''Leydse Courant'', [p. 1-2] (vermeld als ‘den Rajah van Johor’).
== Geschiedenis van Marokko ==
=== Geschiedenis van tijdperken; afzonderlijk ===
==== 20e eeuw ====
*Anoniem (3 maart 1904) [[Haagsche Courant/1904/Nummer 6442/Toestand in Marokko|‘Toestand in Marokko stationair; […]’]], ''Haagsche Courant'', Tweede blad, [p. 2].
;Internationale conventie in Algeciras
*Anoniem (30 januari 1906) [[Het Nieuws van den Dag/1906/Nummer 11069/De Marokkaansche Conferentie te Algesiras|‘De Marokkaansche Conferentie te Algesiras […]’]], ''Het Nieuws van den Dag'', vierde blad, p. 13.
=== Vorsten en leden van vorstenhuizen ===
;Mohammed III van Marokko (1710-1790)
*Anoniem (5 augustus 1782) [[Diemer of Watergraafsmeersche Courant/1782/Nummer 93/Vrankryk|‘Vrankryk’, alinea 4]], ''Diemer of Watergraafsmeersche Courant'', [p. 1].
== Geschiedenis van Montenegro ==
=== Geschiedenis van tijdperken; afzonderlijk ===
;19e eeuw
*Anoniem (25 april 1854) [[De Tijd/1854/Nummer 2129/Weenen, 22 April|‘Weenen, 22 April’, alinea 5]], ''De Tijd'', [p. 3].
*Anoniem (28 december 1892) [[Limburger Koerier/Jaargang 47/Nummer 216/Weenen, 27 Dec.|‘Weenen, 27 Dec.’]], ''Limburger Koerier'', tweede blad, [p. 3].
=== Vorsten en leden van vorstenhuizen ===
;Nicolaas I van Montenegro (1841-1921)
*Anoniem (24 april 1912) [[Nieuwe Rotterdamsche Courant/Jaargang 69/Nummer 113/Ochtendblad/De Zonsverduistering|‘De Zonsverduistering’]], ''Nieuwe Rotterdamsche Courant'', Ochtendblad, A, p. 1.
=== Delen van Montenegro en gemeenten; afzonderlijk ===
==== Plaatsen; afzonderlijk ====
;Cetinje
*Anoniem (24 april 1912) [[Nieuwe Rotterdamsche Courant/Jaargang 69/Nummer 113/Ochtendblad/De Zonsverduistering|‘De Zonsverduistering’]], ''Nieuwe Rotterdamsche Courant'', Ochtendblad, A, p. 1.
== Geschiedenis van Nederland ==
*[[Hoofdportaal:Geschiedenis/Nederland]]
== Geschiedenis van Oezbekistan ==
=== Delen van het land ===
Hierbij ook: Economische, sociale en cultuurgeschiedenis.
;Karakalpakië
*Anoniem (24 december 1892) [[Limburger Koerier/Jaargang 47/Nummer 214-215/Moeder en zoon|‘Moeder en zoon’]], ''Limburger Koerier'', eerste blad, [p. 2].
== Geschiedenis van Palestina ==
=== Geschiedenis van tijdperken; afzonderlijk ===
==== 17e eeuw ====
*Anoniem (9 november 1666) [[Ordinaris Dingsdaeghse Courante/1666/Nummer 45/Smirna den 12 September|‘Smirna den 12 September’]], ''Ordinaris Dingsdaeghse Courant'', [p. 1].
==== 20e eeuw ====
*Anoniem (7 september 1921) [[Het Vaderland/Jaargang 53/7 september 1921/Avondblad/Engelsch Witboek|‘Engelsch Witboek’]], ''Het Vaderland'', Avondblad B, p. 2.
*Bouman, Salomon (25 januari 1990) ‘Staking in bezette gebieden tegen joodse emigratie uit USSR’, ''NRC Handelsblad'', p. 4.
=== Historische figuren ===
==== 18e eeuw ====
;Zahir al-Umar (1689/1690-1775)
*Anoniem (2 februari 1771) [[Opregte Haarlemsche Courant/1771/Zaterdageditie, nummer 5/Livorno den 16 January|‘Livorno den 16 January’, alinea 3]], ''Oprechte Saturdagse Haerlemse Courant'', [p. 1] (vermeld als ‘Bei Omar Cheik’).
=== Delen van Palestina en gouvernementen; afzonderlijk ===
==== Plaatsen; afzonderlijk ====
;Semaria
*Anoniem (23 mei 1933) [[Het Vaderland/Jaargang 65/23 mei 1933/Avondblad/Reuter meldt uit Jeruzalem|‘Reuter meldt uit Jeruzalem: […]’]], ''Het Vaderland'', Avondblad C, p. 1.
== Geschiedenis van Panama ==
=== Geschiedenis van tijdperken; afzonderlijk ===
;Ca. 1918-ca. 1939
*Anoniem (4 januari 1931) [[Algemeen Handelsblad/Jaargang 104/Nummer 33721/Panama in revolutie|‘Panama in revolutie’]], ''Algemeen Handelsblad'', [eerste blad], [p. 1].
=== Historische figuren ===
;Alfaro, Ricardo (1882-1971)
*Anoniem (4 januari 1931) [[Algemeen Handelsblad/Jaargang 104/Nummer 33721/Panama in revolutie|‘Panama in revolutie’]], ''Algemeen Handelsblad'', [eerste blad], [p. 1].
;Arias, Arnulfo (1901-1988)
*Anoniem (4 januari 1931) [[Algemeen Handelsblad/Jaargang 104/Nummer 33721/Panama in revolutie|‘Panama in revolutie’]], ''Algemeen Handelsblad'', [eerste blad], [p. 1].
;Arosemena, Florencio Harmodio (1872-1945)
*Anoniem (4 januari 1931) [[Algemeen Handelsblad/Jaargang 104/Nummer 33721/Panama in revolutie|‘Panama in revolutie’]], ''Algemeen Handelsblad'', [eerste blad], [p. 1].
=== Delen van Panama en provincies; afzonderlijk ===
==== Plaatsen; afzonderlijk ====
;Panama Stad
*Anoniem (24 september 1671) [[Opregte Haarlemsche Courant/1671/Donderdageditie, nummer 39/Cartagena den 14 Mey|‘Cartagena den 14 Mey’]], ''Extraordinaire Haerlemse Donderdaeghse Courant'', [p. 1].
== Geschiedenis van Peru ==
=== Tijdperken; afzonderlijk ===
==== 19e eeuw ====
;Peruvaanse Onafhankelijkheidsoorlog
*Anoniem (2 november 1824) [[Rotterdamsche Courant/1824/Nummer 132/Londen den 29 October|‘Londen den 29 October’, alinea 4]], ''Rotterdamsche Courant'', [p. 1].
=== Delen van Peru en regio's; afzonderlijk ===
==== Plaatsen; afzonderlijk ====
;Callao
*Anoniem (2 november 1824) [[Rotterdamsche Courant/1824/Nummer 132/Londen den 29 October|‘Londen den 29 October’, alinea 6]], ''Rotterdamsche Courant'', [p. 1].
== Geschiedenis van Slovenië ==
=== Historische figuren ===
==== 20e eeuw ====
;Šusteršič, Ivan (1863-1925)
*Anoniem (24 april 1912) [[Nieuwe Rotterdamsche Courant/Jaargang 69/Nummer 113/Ochtendblad/Verwarde toestanden|‘Verwarde toestanden’]], ''Nieuwe Rotterdamsche Courant'', Ochtendblad, A, p. 1.
== Geschiedenis van Swaziland ==
*Anoniem (8 september 1893) [[Arnhemsche Courant/Jaargang 80/Nummer 2201/Uit Pretoria|‘Uit Pretoria meldt een Reuter-telegram: […]’]], ''Arnhemsche Courant'', Bijvoegsel, [p. 1].
== Geschiedenis van Syrië ==
=== Geschiedenis van tijdperken; afzonderlijk ===
==== 19e eeuw ====
;Syrische Boerenopstand, 1834-1835
*Anoniem (1 september 1834) [[Utrechtsche Courant/1834/Nummer 105/Weenen den 22 Augustus|‘Weenen den 22 Augustus’, alinea 5]], ''Utrechtsche Courant'', [p. 1].
==== Ca. 1939-ca. 1945; Tweede Wereldoorlog ====
*Anoniem (7 juli 1941) [[Leeuwarder Courant/Jaargang 190/Nummer 157/De strijd in Syrië|‘De strijd in Syrië’]], ''Leeuwarder Courant'', [eerste blad], [p. 3].
=== Delen van Syrië en gouvernementen; afzonderlijk ===
==== Plaatsen; afzonderlijk ====
;Damaskus
*Anoniem (6 maart 1847) [[Provinciale Geldersche en Nijmeegsche Courant/1847/Nummer 19/Weenen, den 24sten Februarij|‘Weenen, den 24sten Februarij’]], ''Provinciale Geldersche en Nijmeegsche Courant'', [p. 1].
== Geschiedenis van Thailand ==
=== Vorsten en leden van vorstenhuizen ===
;Damrong Rajanubhab (1862-1943)
*Anoniem (1 juli 1938) [[De Indische Courant/Jaargang 17/Nummer 239/Prinselijk bezoek aan Bandoeng|‘Prinselijk bezoek aan Bandoeng. Gezelschap uit Siam’]], ''De Indische Courant'', tweede blad, p. I.
;Paribatra Sukhumbandhu (1881-1944)
*Anoniem (1 juli 1938) [[De Indische Courant/Jaargang 17/Nummer 239/Prinselijk bezoek aan Bandoeng|‘Prinselijk bezoek aan Bandoeng. Gezelschap uit Siam’]], ''De Indische Courant'', tweede blad, p. I.
;Rama VII (1893-1941)
*Anoniem (19 juli 1929) [[De Indische Courant/Jaargang 8/Nummer 252/De reis van den Siameeschen Koning|‘De reis van den Siameeschen Koning’]], ''De Indische Courant'', derde blad, [p. 1].
== Geschiedenis van Tsjecho-Slowakije ==
=== Geschiedenis van tijdperken; afzonderlijk ===
==== 1918-1938 ====
*Anoniem (7 september 1921) [[Nieuwe Rotterdamsche Courant/Jaargang 78/Nummer 248/Avondblad/De kabinetscrisis in Tsjecho-Slowakije|‘De kabinetscrisis in Tsjecho-Slowakije’]], ''Nieuwe Rotterdamsche Courant'', Avondblad, D, p. 3.
== Geschiedenis van Venezuela ==
=== Historische figuren ===
;Bolívar, Simón (1783-1830)
*Anoniem (2 november 1824) [[Rotterdamsche Courant/1824/Nummer 132/Londen den 29 October|‘Londen den 29 October’, alinea 4]], ''Rotterdamsche Courant'', [p. 1].
*Anoniem (1 december 1825) [[Rotterdamsche Courant/1825/Nummer 144/Londen den 26 November|‘Londen den 26 November’, alinea 5]], ''Rotterdamsche Courant'', [p. 1].
;Castro, José Cipriano (1858-1924)
*Anoniem (30 januari 1906) [[Het Nieuws van den Dag/1906/Nummer 11069/President Castro van Venezuela|‘President Castro van Venezuela […]’]], ''Het Nieuws van den Dag'', vierde blad, p. 13.
== Geschiedenis van Wit-Rusland ==
=== Delen van Wit-Rusland en oblasten; afzonderlijk ===
==== Plaatsen; afzonderlijk ====
;Minks
*Anoniem (7 juli 1941) [[Leeuwarder Courant/Jaargang 190/Nummer 157/Duitsche troepen in Minsk|‘Duitsche troepen in Minsk. Stad één rookende puinhoop’]], ''Leeuwarder Courant'', [eerste blad], [p. 3].
== Geschiedenis van Zimbabwe ==
=== Geschiedenis van tijdperken; afzonderlijk ===
==== 19e eeuw ====
;Koninkrijk Mthwakazi
*Anoniem (8 september 1893) [[Arnhemsche Courant/Jaargang 80/Nummer 2201/Uit Kaapstad wordt geseind|‘Uit Kaapstad wordt geseind: […]’]], ''Arnhemsche Courant'', Bijvoegsel, [p. 1].
=== Vorsten en leden van vorstenhuizen ===
;Lobengula (ca. 1836-1894)
*Anoniem (8 september 1893) [[Arnhemsche Courant/Jaargang 80/Nummer 2201/Uit Kaapstad wordt geseind|‘Uit Kaapstad wordt geseind: […]’]], ''Arnhemsche Courant'', Bijvoegsel, [p. 1].
== Geschiedenis van Zuid-Korea ==
=== Historische figuren ===
;Rhee, Syngman (1875-1965)
*Anoniem (13 juni 1952) [[De Tijd/Jaargang 107/Nummer 35062/Rhee ontboden in parlement|‘Rhee ontboden in parlement. Verbod uitzendingen van de „Voice of America”’]], ''De Tijd'', p. 2.
=== Delen van Zuid-Korea en provincies; afzonderlijk ===
==== Plaatsen; afzonderlijk ====
;Ganghwa-eup
*Anoniem (13 maart 1867) [[De West-Indiër/1867/Nummer 21/Een schrijven uit Shanghai|‘Een schrijven uit Shanghai van 27 Nov., van iemand die de expeditie in Corea heeft bijgewoond, behelst het volgende. […]’]], ''De West-Indiër'', [p. 1] (Ganghwa-eup vermeld als ‘Kanghoa’).
== Geschiedenis van overige landen en werelddelen; afzonderlijk ==
{|
|
* [[Hoofdportaal:Geschiedenis/Algerije|Algerije]]
* [[Hoofdportaal:Geschiedenis/Bulgarije|Bulgarije]]
* [[Hoofdportaal:Geschiedenis/China|China]]
* [[Hoofdportaal:Geschiedenis/Denemarken|Denemarken]]
* [[Hoofdportaal:Geschiedenis/Duitsland|Duitsland]]
* [[Hoofdportaal:Geschiedenis/Egypte|Egypte]]
* [[Hoofdportaal:Geschiedenis/Frankrijk|Frankrijk]]
* [[Hoofdportaal:Geschiedenis/Griekenland|Griekenland]]
* [[Hoofdportaal:Geschiedenis/Hongarije|Hongarije]]
* [[Hoofdportaal:Geschiedenis/Ierland|Ierland]]
* [[Hoofdportaal:Geschiedenis/Indonesië|Indonesië]]
* [[Hoofdportaal:Geschiedenis/Iran|Iran]]
* [[Hoofdportaal:Geschiedenis/Italië|Italië]]
* [[Hoofdportaal:Geschiedenis/Malta|Malta]]
* [[Hoofdportaal:Geschiedenis/Mexico|Mexico]]
* [[Hoofdportaal:Geschiedenis/Moldavië|Moldavië]]
* [[Hoofdportaal:Geschiedenis/Oekraïne|Oekraïne]]
| style="vertical-align:top;" |
* [[Hoofdportaal:Geschiedenis/Oostenrijk|Oostenrijk]]
* [[Hoofdportaal:Geschiedenis/Polen|Polen]]
* [[Hoofdportaal:Geschiedenis/Portugal|Portugal]]
* [[Hoofdportaal:Geschiedenis/Roemenië|Roemenië]]
* [[Hoofdportaal:Geschiedenis/Rusland|Rusland]]
* [[Hoofdportaal:Geschiedenis/Servië|Servië]]
* [[Hoofdportaal:Geschiedenis/Slowakije|Slowakije]]
* [[Hoofdportaal:Geschiedenis/Spanje|Spanje]]
* [[Hoofdportaal:Geschiedenis/Suriname|Suriname]]
* [[Hoofdportaal:Geschiedenis/Tsjechië|Tsjechië]]
* [[Hoofdportaal:Geschiedenis/Tunesië|Tunesië]]
* [[Hoofdportaal:Geschiedenis/Turkije|Turkije]]
* [[Hoofdportaal:Geschiedenis/Verenigd Koninkrijk|Verenigd Koninkrijk]]
* [[Hoofdportaal:Geschiedenis/Verenigde Staten|Verenigde Staten]]
* [[Hoofdportaal:Geschiedenis/Zuid-Afrika|Zuid-Afrika]]
* [[Hoofdportaal:Geschiedenis/Zweden|Zweden]]
* [[Hoofdportaal:Geschiedenis/Zwitserland|Zwitserland]]
|}
{{hoofdportalen}}
[[Categorie:Wikisource:Hoofdportaal geschiedenis]]
[[en:Portal:History]]
[[fa:درگاه:تاریخ]]
n7i3dnbkyj30vcrraporcpev5zrrvrg
Hoofdportaal:Geschiedenis/Tsjechië/Historische figuren
100
45833
218962
201503
2026-03-27T08:59:39Z
Vincent Steenberg
280
+bronnen
218962
wikitext
text/x-wiki
{{Infobox thema
| naam = Geschiedenis van Tsjechië; Historische figuren
| afbeelding = Eight Czech historical figures.jpg
| alt = Acht beroemde Tsjechen
| beschrijving = Bronnen bij historische figuren in Tsjechië.
}}
== 17e eeuw ==
;Adršpach Berka, Kristián (''fl''. 1620-1631)
*Anoniem (19 mei 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/19 mei (1)#art3al7|‘Wt Praghe den 27. April’, alinea 7]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 6-8.
;Berbisdorf, Ernfrýd
*Anoniem (27 maart 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/27 maart/Wt Praghe den 9. Martij|‘Wt Praghe den 9. Martij’, alinea 3]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1-2] (als ‘Erentfried Berbies Dorp’).
;Berka, Václav
*Anoniem (27 maart 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/27 maart/Wt Praghe den 9. Martij|‘Wt Praghe den 9. Martij’, alinea 3]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1-2] (als ‘Wentzel Benecka’).
;Brandenburg-Jägerndorf, Johan George van (1577-1624)
*Anoniem (18 september 1620) [[Courante uyt Italien, Duytslandt, &c./1620/18 september/VVt Praghe, den 7 dito|‘VVt Praghe, den 7 dito. [= 7 september 1620]’, alinea 2]], ''Courante uyt Italien, Duytslandt, &c.'', [p. 1].
*Anoniem ([20 september 1620]) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1620/20 september/VVt Praghe den 8. September|‘VVt Praghe den 8. September’, alinea 6]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1-2] (als ‘de Marcgrave van Jagers-dorp’).
*Anoniem (23 september 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/23 september (2)#art1|‘Tijdinghe vvt Praghe, van 1. September’]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 3-4.
*Anoniem (7 oktober 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/7 oktober (2)#art3al4|‘Wt Praghe vanden 13. ditto. [= 13 september 1620]’, alinea 4]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 5-6 (vermeld als ‘de Marcgrave’).
*Anoniem (14 oktober 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/14 oktober (1)#art3al7|‘Wt Praghe’, alinea 7]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 5-7.
*Anoniem (17 oktober 1620) [[Courante uyt Italien, Duytslandt, &c./1620/17 oktober/VVt Prage,den 2 October|‘VVt Prage,den 2 October’, alinea 3]], ''Courante uyt Italien, Duytslandt, &c.'', [p. 1-2].
*Anoniem (20 november 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/20 november (1)#art3|‘VVt Buddissin den 5. Nouember 1620’]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 5-6.
*Anoniem (11 december 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/11 december (1)#art5|‘Tijdinghe vvt Buddissin den 19 Nouember, 1620’, alinea 2]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 6-8.
*Anoniem (12 december 1620) [[Courante uyt Italien, Duytslandt, &c./1620/12 december/Van Ceulen den 5 December|‘Van Ceulen den 5 December’, alinea 4]], ''Courante uyt Italien, Duytslandt, &c.'', [p. 1-2].
*Anoniem (30 december 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/30 december (2)#art1al5|‘VVaerachtighe Tydinghe van Duytslant, ende hoe dat den Bethlehem Gabor de Croone van Hongarijen mede ghenomen heeft’, alinea 5]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 3-4.
*Anoniem (23 februari 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/23 februari/Wt Weenen den 2. Februarij|‘Wt Weenen den 2. Februarij’, alinea 2]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1].
*Anoniem (23 februari 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/23 februari/Wt Weenen den 6. dito|‘Wt Weenen den 6. dito. [= 6 februari 1621]’]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 2] (als ‘de Marckgrave van Jagersdorp’).
*Anoniem (20 maart 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/20 maart/Wt Leypsich den 5. Martij|‘Wt Leypsich den 5. Martij’, alinea 3]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1] (als ‘Die Marckgrave van Jaghersdorp’).
*Anoniem (27 maart 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/27 maart/Wt Berlin den 8. dito|‘Wt Berlin den 8. dito. [= 8 maart 1621]’]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1] (als ‘Marckgraef Jan Georg’).
*Anoniem (5 april 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/5 april/Wt Lemburgh in Slesien den 18. dito|‘Wt Lemburgh in Slesien den 18. dito. [= 18 maart 1621]’]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1] (als ‘die Marck-grave van Jagers Dorp’).
*Anoniem (5 april 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/10 april/Wt VVeenen den 24. dito|‘Wt VVeenen den 24. dito. [= 24 maart 1621]’, alinea 2]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1] (als ‘Jaghers-Dorp’).
*Anoniem (26 april 1621) [[Courante uyt Italien, Duytslandt, &c./1621/26 april/VVt Praghe, den 9 dito|‘VVt Praghe, den 9 dito. [= 9 april 1621]’, alinea 4]], ''Courante uyt Italien, Duytslandt, &c.'', [p. 1-2].
*Anoniem (5 mei 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/5 mei/VVt VVeenen den 21. April. 1621|‘VVt VVeenen den 21. April. 1621’, alinea 4]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1].
*Anoniem (12 mei 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/12 mei/Den Marck-Graef van Jaghers-Dorp|‘Den Marck-Graef van Jaghers-Dorp ende de Stenden […]’]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 2].
*Anoniem (26 mei 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/26 mei/Brieven uyt Franckenstein melden|‘Brieven uyt Franckenstein melden, […]’]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 2].
;Bubna, Jan Jindřich graaf van (1596-1653)
*Anoniem (27 maart 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/27 maart/Wt Praghe den 9. Martij|‘Wt Praghe den 9. Martij’, alinea 3]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1-2] (als ‘Ioan van Bubna’).
;Budovec z Budova, Václav (1551-1621)
*Anoniem (10 april 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/10 april/VVt Praghe den 24. dito|‘VVt Praghe den 24. dito. [= 24 maart 1621]’, alinea 5]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1] (als ‘Wentsel Pudowitz de oude’).
;Carpezon, Ludwig von (1586-1620)
*Anoniem (5 juni 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/5 juni (1)#art1|‘Wt Weenen in Oostenrijck 1620’]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 3-5.
;Colloredo, Rudolf von (1585-1657)
*Anoniem (21 augustus 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/21 augustus (1)#art1al8|‘Met Brieuen wt weenen van v. Augusti’, alinea 8]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 3-8.
*Anoniem (1 februari 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/1 februari/Wt Weenen den 13. Ianuarij|‘Wt Weenen den 13. Ianuarij’, alinea 2]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 2] (als ‘Graef Coloredo Swendi’).
;Colona z Felsu, Linhart (1565-1620)
*Anoniem (2 mei 1620) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1620/2 mei/VVt Praghe den 17. April|‘VVt Praghe den 17. April’, alinea 5]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1] (als ‘den Grave van Felts’).
*Anoniem (8 mei 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/8 mei (2)#art1al4|‘Met seker tydinghe vvt VVeenen in Oosten-rijck, den 17 April 1620. van den grooten slach ende victorie die s’Keysers volck heeft vercreghen teghen de Rebellen van Bohemen den 12. April 1620. onder t’beleyt vanden Generaelen Graeff van Bucquoy’, alinea 4]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 3-7 (vermeld als ‘den Baron de Felssz’).
*Anoniem (8 mei 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/8 mei (3)#art1|‘Wt Praghe den 17. April 1620’]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 3-5 (vermeld als ‘Veldmarschalck von Feldsz’).
;Erdtl, Ulrich
*Anoniem (27 maart 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/27 maart/Wt Praghe den 9. Martij|‘Wt Praghe den 9. Martij’, alinea 3]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1-2] (als ‘Oelrich Erdten’).
;Frowein, Benjamin
*Anoniem (27 maart 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/27 maart/Wt Praghe den 9. Martij|‘Wt Praghe den 9. Martij’, alinea 3]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1-2] (als ‘Benjamin Fruchwei’).
;Fruwein, Martin (....-1621)
*Anoniem ([ca. 20 februari] 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/ca. 20 februari#art3|‘Wt Praghe’]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 5-7.
*Anoniem (10 april 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/10 april/VVt Praghe den 24. dito|‘VVt Praghe den 24. dito. [= 24 maart 1621]’, alinea 6]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1].
;Georg, Fridrich
*Anoniem ([ca. 20 februari] 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/ca. 20 februari#art3|‘Wt Praghe’]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 5-7.
*Anoniem (27 maart 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/27 maart/Wt Praghe den 9. Martij|‘Wt Praghe den 9. Martij’, alinea 3]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1-2] (als ‘Fredrich Georg. Doctor’).
;Goliáš, Jan Felix
*Anoniem (27 maart 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/27 maart/Wt Praghe den 9. Martij|‘Wt Praghe den 9. Martij’, alinea 3]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1-2] (als ‘Iohan Felix Baliot’).
;Harant, Kryštof (1564-1621)
*Anoniem (19 mei 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/19 mei (1)#art3al7|‘Wt Praghe den 27. April’, alinea 7]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 6-8.
*Anoniem (5 april 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/5 april/Wt Praghe den 16. Martij|‘Wt Praghe den 16. Martij’, alinea 3]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1] (als ‘Harranck Freyheer’).
*Anoniem (10 april 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/10 april/VVt Praghe den 24. dito|‘VVt Praghe den 24. dito. [= 24 maart 1621]’, alinea 5]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1] (als ‘Harrandt’).
;Haugwitz, Hans Adolff von (....-1620)
*Anoniem (2 mei 1620) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1620/2 mei/VVt Praghe den 17. April|‘VVt Praghe den 17. April’, alinea 5]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1] (vermeld als ‘Haucweyts’).
*Anoniem (8 mei 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/8 mei (2)#art1al5|‘Met seker tydinghe vvt VVeenen in Oosten-rijck, den 17 April 1620. van den grooten slach ende victorie die s’Keysers volck heeft vercreghen teghen de Rebellen van Bohemen den 12. April 1620. onder t’beleyt vanden Generaelen Graeff van Bucquoy’, alinea 5]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 3-7 (vermeld als ‘Hauwits’).
*Aboniem (8 mei 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/8 mei (3)#art1|‘Wt Praghe den 17. April 1620’]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 3-5 (vermeld als ‘den Oversten Luytenant Hauwithz’).
*Anoniem (8 mei 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/8 mei (3)#art2al2|‘Wt Weenen den 18. April.1620’, alinea 2]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 5 (vermeld als ‘den Baron Houbitz uyt Moravien’).
;Hauenšild z Fürstenfeldu, Jiří (....-1621)
*Anoniem (10 april 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/10 april/VVt Praghe den 24. dito|‘VVt Praghe den 24. dito. [= 24 maart 1621]’, alinea 6]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1] (vermeld als ‘Georg Havenschildt’).
;Hodějovský, Smil
*Anoniem (27 maart 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/27 maart/Wt Praghe den 9. Martij|‘Wt Praghe den 9. Martij’, alinea 3]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1-2] (vermeld als ‘Schmil Hadignoskij’).
;Jesenius, Jan (1566-1621)
*Anoniem (10 april 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/10 april/VVt Praghe den 24. dito|‘VVt Praghe den 24. dito. [= 24 maart 1621]’, alinea 6]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1] (vermeld als ‘D. Jessenius’).
;Ješín, Pavel
*Anoniem (27 maart 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/27 maart/Wt Praghe den 9. Martij|‘Wt Praghe den 9. Martij’, alinea 3]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1-2] (vermeld als ‘Pauwel Gertſchin’).
;Kapléř, Pavel
*Anoniem (27 maart 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/27 maart/Wt Praghe den 9. Martij|‘Wt Praghe den 9. Martij’, alinea 3]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1-2] (als ‘Pauwel Capler’).
;Kaplíř ze Sulevic, Kašpar (1535-1621)
*Anoniem (10 april 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/10 april/VVt Praghe den 24. dito|‘VVt Praghe den 24. dito. [= 24 maart 1621]’, alinea 5]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1] (als ‘Casper Capliers’).
;Kinský, Václav III (1572-1626)
*Anoniem (24 juli 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/24 juli#art3|‘Wt Praghe vanden x. Julij’]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 5-6.
*Anoniem (8 augustus 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/8 augustus#art5al3|‘Wt Praghe’, alinea 3]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 6-7.
;Kinský z Vchynic a Tetova, Oldřich (ca. 1583-1620)
*Anoniem (8 mei 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/8 mei (1)#art2al3|‘Wt Praghe den 12. April 1620’, alinea 3]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 5-6 (vermeld als ‘Her kintsky’).
;Knot, Jan
*Anoniem (27 maart 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/27 maart/Wt Praghe den 9. Martij|‘Wt Praghe den 9. Martij’, alinea 3]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1-2] (als ‘Hans Knor’).
;Kober z Koberšperku, Kryštof (de Oude) (....-1621)
*Anoniem (10 april 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/10 april/VVt Praghe den 24. dito|‘VVt Praghe den 24. dito. [= 24 maart 1621]’, alinea 8]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1] (als ‘Christoffel Kober de oude’).
;Kochan, Valentin (1561-1621)
*Anoniem (10 april 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/10 april/VVt Praghe den 24. dito|‘VVt Praghe den 24. dito. [= 24 maart 1621]’, alinea 7]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1] (als ‘Valtin Kohaven’).
;Kutnauer, Jan (1581-1621)
*Anoniem (10 april 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/10 april/VVt Praghe den 24. dito|‘VVt Praghe den 24. dito. [= 24 maart 1621]’, alinea 6]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1] (als ‘Hans Guttenewer’).
;Kutnaur, Pavel
*Anoniem (27 maart 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/27 maart/Wt Praghe den 9. Martij|‘Wt Praghe den 9. Martij’, alinea 3]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1-2] (als ‘Paul Kuttenaven’).
;Libštejnský z Kolovrat, Jindřich (1570-1646)
*Anoniem (12 juni 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/12 juni#art2|‘Wt Praghe 25. Mey’]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 6 (vermeld als ‘den Heer van Kolowrath’).
;Lohelius, Jan (1549-1622)
*Anoniem (26 februari 1621) [[Courante uyt Italien, Duytslandt, &c./1621/26 februari/VVt Prage, den 9. dito|‘VVt Prage, den 9. dito. [= 9 februari 1621]’]], ''Courante uyt Italien, Duytslandt, &c.'', [p. 1-2] (als ‘den Pragher Erts-Bisschop’).
;Lukšan, Adam
*Anoniem (27 maart 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/27 maart/Wt Praghe den 9. Martij|‘Wt Praghe den 9. Martij’, alinea 3]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1-2] (als ‘Adam Luckſchan’).
;Maštěrovský z Jizbice, Václav (....-1621)
*Anoniem (10 april 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/10 april/VVt Praghe den 24. dito|‘VVt Praghe den 24. dito. [= 24 maart 1621]’, alinea 6]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1] (als ‘Wentsel Wastrowsski’).
;Michalovic, Bohuslav z (1565-1621)
*Anoniem (10 april 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/10 april/VVt Praghe den 24. dito|‘VVt Praghe den 24. dito. [= 24 maart 1621]’, alinea 5]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1] (als ‘Michalowitz de oude’).
;Michalovic, Smil z
*Anoniem (27 maart 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/27 maart/Wt Praghe den 9. Martij|‘Wt Praghe den 9. Martij’, alinea 3]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1-2] (als ‘Schmel van Michalowen’).
;Michna z Vacínova, Pavel (ca. 1589-1632)
*Anoniem (14 juni 1618) [[Courante uyt Italien, Duytslandt, &c./1618/14 juni/VVt Prage, den 2. dito|‘VVt Prage, den 2. dito [= 2 juni 1618]’, alinea 4]], ''Courante uyt Italien, Duytslandt, &c''.
*Anoniem (14 juni 1618) [[Courante uyt Italien, Duytslandt, &c./1618/14 juni/VVt Ceulen, den 11. Dito|‘VVt Ceulen, den 11. Dito. [= 11 juni 1618]’, alinea 2]], ''Courante uyt Italien, Duytslandt, &c''.
;Milner, Hans
*Anoniem (27 maart 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/27 maart/Wt Praghe den 9. Martij|‘Wt Praghe den 9. Martij’, alinea 3]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1-2] (als ‘Hans Muller’).
;Milner, Petr
*Anoniem (27 maart 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/27 maart/Wt Praghe den 9. Martij|‘Wt Praghe den 9. Martij’, alinea 3]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1-2] (als ‘Pieter Muller’).
;Oršinovský, Jan (1585-na 1632)
*Anoniem (27 maart 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/27 maart/Wt Praghe den 9. Martij|‘Wt Praghe den 9. Martij’, alinea 3]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1-2] (als ‘Ioan Orisnoskij’).
;Popel z Lobkowicz, Vilém (de Oude) (1567-1626)
*Anoniem (10 april 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/10 april/VVt Praghe den 24. dito|‘VVt Praghe den 24. dito. [= 24 maart 1621]’, alinea 5]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1] (als ‘Willem Peppel van Lebkowitz’).
;Písecký, Václav
*Anoniem (27 maart 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/27 maart/Wt Praghe den 9. Martij|‘Wt Praghe den 9. Martij’, alinea 3]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1-2] (als ‘Wentsel Piseckij’).
;Resets, Iohan Baptista (= Johan Baptista Eisen?)
*Anoniem (27 maart 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/27 maart/Wt Praghe den 9. Martij|‘Wt Praghe den 9. Martij’, alinea 3]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1-2].
;Roupov, Wenceslaus Willem van (ca. 1580-1641)
*Anoniem (27 maart 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/27 maart/Wt Praghe den 9. Martij|‘Wt Praghe den 9. Martij’, alinea 3]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1-2] (als ‘Wentsel Wilhelm’).
;Rozín, Eliáš (de Jonge)
*Anoniem (27 maart 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/27 maart/Wt Praghe den 9. Martij|‘Wt Praghe den 9. Martij’, alinea 3]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1-2] (als ‘Elias de Ionghe, Rosen’).
*Anoniem (10 april 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/10 april/VVt Praghe den 24. dito|‘VVt Praghe den 24. dito. [= 24 maart 1621]’, alinea 7]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1] (als ‘Elias Rosin’).
;Ruppa, Zdenek van
*Anoniem (5 december 1620) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1620/5 december/Wt Ausburgh den 21. dito|‘Wt Ausburgh den 21. dito. [= 21 november 1620]’, alinea 3]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1].
;Rüppel, Leander (....-1621)
*Vllem, H.L. van (11 december 1620) ''[[Nieuwe Tijdinghen/1620/11 december (2)|Keyserlijck Decreet, oft Vonnis van Cassatie teghens eenighe Agenten die hen hier voortijts in’t Hof des Keysers plachten te houden, dan zijn in de Beemsche Rebellatie blijven sitten, ende ouersulckx zijn deselue tot Weenen inde Hooft-Cancelrije openbaerlijck gheproclameert ende aen gheslaghen]]'', T’Hantwerpen: By Abraham Verhoeven, p. 5.
*Anoniem (10 april 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/10 april/VVt Praghe den 24. dito|‘VVt Praghe den 24. dito. [= 24 maart 1621]’, alinea 6]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1] (als ‘Leander Rupel’).
;Schlick, Heinrich von (1580-1650)
*Anoniem (9 december 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/9 december (1)#art2al7|‘Cort verhael vanden grooten Velt-slach gheschiet by de Conincklijcke Hooft-Stadt Praghe, ende vande veroueringhe der selver Stadt ende Casteele’, alinea 7]] en [[Nieuwe Tijdinghen/1620/9 december (1)#art2al11|11]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 4-14 (vermeld als ‘Hendrick Slick’).
;Schwamberg, Petr von (1581-1620)
*Anoniem (10 oktober 1620) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1620/10 oktober/VVt Praghe den 29. September|‘VVt Praghe den 29. September’, alinea 3]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1].
;Škréta, Daniel (''fl''. 1603-1621)
*Anoniem (27 maart 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/27 maart/Wt Praghe den 9. Martij|‘Wt Praghe den 9. Martij’, alinea 3]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1-2] (als ‘Daniel Schkrettou’).
;Slick, Joachim Andreas (1569-1621)
*Anoniem (27 maart 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/27 maart/Wt Praghe den 9. Martij|‘Wt Praghe den 9. Martij’, alinea 3]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1-2] (als ‘Iochim Andries Schlyk, Grave’).
*Anoniem (5 april 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/5 april/Wt Leypsich den 20. dito|‘Wt Leypsich den 20. dito. [= 20 maart 1621]’]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1] (als ‘de Grave Jochim Andreas Slijck’).
*Anoniem (10 april 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/10 april/VVt Praghe den 24. dito|‘VVt Praghe den 24. dito. [= 24 maart 1621]’, alinea 5]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1] (als ‘Jochim Andreas Grave van Slick’).
;Slick, Johan Albin (1579-1640)
*Anoniem ([ca. 20 februari] 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/ca. 20 februari#art3|‘Wt Praghe’]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 5-7 (vermeld als ‘den herr Graff Joachem Albin Schlick’).
*Anoniem (8 maart 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/8 maart/Wt Prage den 18. dito|‘Wt Prage den 18. dito. [= 18 februari 1621]’, alinea 2]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1-2] (als ‘Graef Joachim Albin Slick’).
*Anoniem (15 maart 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/15 maart/Wt Prage den 25. dito|‘Wt Prage den 25. dito. [= 25 februari 1621]’, alinea 3]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1] (als ‘de Grave Albin van Slijck’).
*Anoniem (27 maart 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/27 maart/Wt Praghe den 9. Martij|‘Wt Praghe den 9. Martij’, alinea 3]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1-2] (als ‘Iohan Albin, Slijckgrave’).
;Slavata van Chum, Vilém (1572-1652)
*Anoniem ([14 juni 1618]) [[Courante uyt Italien, Duytslandt, &c./1618/14 juni/VVt Prage, den 2. dito|‘VVt Prage, den 2. dito [= 2 juni 1618]’, alinea 4]], ''Courante uyt Italien, Duytslandt, &c.'', [p. 1] (als ‘De Heere Slabata’).
;Štefek, Tobiáš (....-1621)
*Anoniem (10 april 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/10 april/VVt Praghe den 24. dito|‘VVt Praghe den 24. dito. [= 24 maart 1621]’, alinea 7]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1] (als ‘Tobias Steffegk’).
;Sušický ze Sonnenštejna, Simeon (1579-1621)
*Anoniem (10 april 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/10 april/VVt Praghe den 24. dito|‘VVt Praghe den 24. dito. [= 24 maart 1621]’, alinea 6]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1] (als ‘Symon Subschiski’).
;Teuffenbach, Susanna Elisabeth von (....-1650)
*Anoniem (23 februari 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/23 februari/Wt Weenen den 3. dito|‘Wt Weenen den 3. dito [= 3 februari 1621]’, alinea 5]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1-2] (als ‘de oude Gravinne van Thurn’).
*Anoniem (22 mei 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/22 mei/VVt Praghe den 4. Mey|‘VVt Praghe den 4. Mey’, alinea 4]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1].
;Thurn, Franz Bernhard von (1592-1628)
*Anoniem (5 december 1620) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1620/5 december/Wt Ambergh den 20. November, 1620|‘Wt Ambergh den 20. November, 1620’]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1].
*Anoniem (9 december 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/9 december (1)#art2al5|‘Cort verhael vanden grooten Velt-slach gheschiet by de Conincklijcke Hooft-Stadt Praghe, ende vande veroueringhe der selver Stadt ende Casteele’, alinea 5]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 4-14 (vermeld als ‘den Jonghen Graef’).
*Anoniem (8 januari 1621) [[Nieuwe Tijdinghen/1621/nummer 2#art1|‘VVt Slackenvvalt in December, 1620’, alinea 2]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 3-4.
*Anoniem (22 mei 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/22 mei/VVt Praghe den 4. Mey|‘VVt Praghe den 4. Mey’, alinea 4]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1] (vermeld als ‘die jonghe Grave van Thurn’).
;Thurn, Heinrich Matthias von (1567-1640)
*Anoniem (23 november 1618) [[Courante uyt Italien, Duytslandt, &c./1618/23 november/VVt Ceulen, den 17. November|‘VVt Ceulen, den 17. November’, alinea 3]], ''Courante uyt Italien, Duytslandt, &c''. (als ‘den Grave van Thurn’).
*Anoniem (30 november 1618) [[Courante uyt Italien, Duytslandt, &c./1618/30 november/VVt VVeenen, den 11. dito|‘VVt VVeenen, den 11. dito. [= 11 november 1618]’, alinea 2]], ''Courante uyt Italien, Duytslandt, &c.''
*Anoniem (15 mei 1619) [[Courante uyt Italien, Duytslandt, &c./1619/15 mei/VVt Prage, den 28. dito|‘VVt Prage, den 28. dito. [= 28 april 1619]’]], ''Courante uyt Italien, Duytslandt, &c''.
*Anoniem ([15 juni 1619]) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1619/15 juni/VVt VVeenen den 22. dito|‘VVt VVeenen den 22. dito [= 22 mei 1619]’, alinea 3]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''].
*Anoniem (19 juni 1619) [[Courante uyt Italien, Duytslandt, &c./1619/19 juni/VVt Weenen den 1. Iunij|‘VVt Weenen den 1. Iunij’, alinea 2]], ''Courante uyt Italien, Duytslandt, &c''.
*Anoniem (2 mei 1620) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1620/2 mei/VVt Praghe den 17. April|‘VVt Praghe den 17. April’, alinea 5]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1].
*Aboniem (8 mei 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/8 mei (3)#art1|‘Wt Praghe den 17. April 1620’]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 3-5.
*Anoniem (20 juni 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/20 juni#art2|‘Wt Praghe van Junij 1620’]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 6-7.
*Anoniem (30 juli 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/30 juli (1)#art2|‘Wt den Legher van 7. Julio’]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 4-5 (vermeld als ‘den Conte de la Tour’).
*Anoniem (30 juli 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/30 juli (1)#art1|‘Wt Weenen met brieven van 8. Julio 1620. van diuersche plaetsen’]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 3-4 (vermeld als ‘den Conte de la Tour’).
*Anoniem (8 augustus 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/8 augustus#art5al2|‘Wt Praghe’, alinea 2]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 6-7.
*Anoniem (10 oktober 1620) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1620/10 oktober/VVt Praghe den 29. September|‘VVt Praghe den 29. September’]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1].
*Anoniem (20 november 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/20 november (2)#art5al5|‘Noch wt Praghe van 28. October’, alinea 5]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 7-8.
*Anoniem (5 december 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/5 december (2)#art2al7|‘Naemen vande Protestante ende Ghevnieerde Princen van Duytslandt’, alinea 7]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 6-7.
*Anoniem (15 januari 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/25 januari/Wt Praghe den 8. dito|‘Wt Praghe den 8. dito. [= 8 januari 1621]’, alinea 3]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1].
*Anoniem (29 januari 1621) [[Courante uyt Italien, Duytslandt, &c./1621/29 januari/VVt VVeenen, den 9. dito|‘VVt VVeenen, den 9. dito. [= 9 januari 1621]’, alinea 3]], ''Courante uyt Italien, Duytslandt, &c.'', [p. 1] (als ‘die oude Grave van Thurn’).
*Anoniem (1 februari 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/1 februari/Wt Weenen den 9. Ianuarij|‘Wt Weenen den 9. Ianuarij’, alinea 3]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1] (als ‘de oude Grave van Thurn’).
*Anoniem (23 februari 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/23 februari/Wt Weenen den 3. dito|‘Wt Weenen den 3. dito [= 3 februari 1621]’, alinea 2]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1-2] (als ‘die oude grave van Thurn’).
*Anoniem (26 februari 1621) [[Courante uyt Italien, Duytslandt, &c./1621/26 februari/VVt Prage, den 9. dito|‘VVt Prage, den 9. dito. [= 9 februari 1621]’, alinea 3]], ''Courante uyt Italien, Duytslandt, &c.'', [p. 1-2] (als ‘den Grave van Thurn’).
*Anoniem (1 maart 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/1 maart/Wt Brin in Moravien den 1, Februarij|‘Wt Brin in Moravien den 1, Februarij’]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1] (als ‘den Grave van Thurn’).
*Anoniem (27 maart 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/27 maart/Wt Praghe den 9. Martij|‘Wt Praghe den 9. Martij’, alinea 3]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1-2] (als ‘Hendrick Matheus, Grave van Thurn’).
*Anoniem (5 april 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/5 april/Wt Lemburgh in Slesien den 18. dito|‘Wt Lemburgh in Slesien den 18. dito. [= 18 maart 1621]’]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1] (als ‘den Grave van Thurn’).
*Anoniem (5 mei 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/5 mei/VVt VVeenen den 21. April. 1621|‘VVt VVeenen den 21. April. 1621’]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1].
*Anoniem (12 september 1825) [[Leydse Courant/1825/Nummer 109/Iets over den Dertigjarigen Oorlog#al8|‘Iets over den Dertigjarigen Oorlog 1618-1648’, alinea 8]], ''Leydsche Courant'', [p. 2-3].
;Vodňanský z Uračova, Nathanaél (1563-1621)
*Anoniem (10 april 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/10 april/VVt Praghe den 24. dito|‘VVt Praghe den 24. dito. [= 24 maart 1621]’, alinea 6]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1] (als ‘Nathaniel Wadniauski’).
;Žerotín, Karel de Oude van (1564-1636)
*Anoniem (19 juni 1619) [[Courante uyt Italien, Duytslandt, &c./1619/19 juni/VVt Weenen den 1. Iunij|‘VVt Weenen den 1. Iunij’]], ''Courante uyt Italien, Duytslandt, &c''. (als ‘de Heere Scherotin’).
*Anoniem ([ca. 20 februari] 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/ca. 20 februari#art3al7|‘Wt Praghe’, alinea 7]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 5-7 (vermeld als ‘Tscherotin’).
*Anoniem (8 januari 1621) [[Nieuwe Tijdinghen/1621/nummer 1#art1|‘Tydinghe vvt VVeenen van December, 1620’]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 2-4.
*Anoniem (1 februari 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/1 februari/Wt Brin in Moravien den 26. December|‘Wt Brin in Moravien den 26. December’]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1] (als ‘den Heere Carel van Tscheratin’).
== 18e eeuw ==
;Kinsky, Philipp Joseph (1700-1749)
*Anoniem (18 maart 1741) [[Amsterdamsche Courant/1741/Nummer 33/Regensburg den 9 Maert|‘Regensburg den 9 Maert’]], ''Amsterdamse Saturdaegse Courant'', [p. 1].
== 20e eeuw ==
;Tusar, Vlastimil (1880-1924)
*Anoniem (7 september 1921) [[Nieuwe Rotterdamsche Courant/Jaargang 78/Nummer 248/Avondblad/De kabinetscrisis in Tsjecho-Slowakije|‘De kabinetscrisis in Tsjecho-Slowakije’]], ''Nieuwe Rotterdamsche Courant'', Avondblad, D, p. 3.
[[Categorie:Wikisource:Hoofdportaal geschiedenis]]
992ujy9p152uf7eg2odcr5od6ixuk3m
Pagina:Album der Natuur 1862.djvu/431
104
51246
218949
164995
2026-03-26T19:03:21Z
DoekeHellema
16849
/* Gevalideerd */
218949
proofread-page
text/x-wiki
<noinclude><pagequality level="4" user="DoekeHellema" /></noinclude>{{dhr|2}}
{{C|{{x-larger|{{sp|WETENSCHAPPELIJK BIJBLA}}D.}}}}
{{dhr}}
{{lijn|5em}}
{{dhr|2}}
'''Overblijfselen van beenige visschen uit het palaeozoische tijdperk.''' — Voor eenigen tijd vond {{sc|volger}} in het leigesteente van den Rijn, bij Caub, de overblijfselen van een visch, dien hij, wegens den naar zijne meening gelijkvorkigen staartvin, als een beenigen visch beschouwde en ''Teleosteus primaevus'' noemde (''N. Jahrb. der Miner''., etc., 1860, S. 758). {{sc|Giebel}} meent echter, dat de juistheid dezer duiding twijfelachtig is, daar het uit de afbeelding van het trouwens gebrekkige voorwerp blijkt, dat de rigting der vinstralen niet aan den homocerken typus beantwoordt.
{{sc|Giebel}} komt echter ook terug op de duiding door hem zelven van vischoverblijfselen uit het steenkolengebergte van Wettin en Löbejün, die hij vroeger (1849, in {{sc|germar's}} ''Verstein. d. Steinkohlengebirges'') voor tanden van haaijen had aangezien, en waarin hij thans schubben van Balistiden erkend heeft. Zij komen het meest nabij aan schubben van het nog levende geslacht ''Monacanthus'', en hij heeft daarom de vroeger door hem aan de beide gevonden soorten gegeven namen van ''Styracodus acutus'' en ''Chilodus gracilis'' veranderd in ''Monacanthus acutus'' en ''M. gracilis''.
Indien deze duiding juist is, dan hebben derhalve visschen uit de orde der Teleostei reeds in het steenkolentijdperk geleefd, en opmerking verdient het daarbij, dat de Balistiden onder de Teleostei op den laagsten trap staan. (''Neue Jahrb. f. Miner''. etc., 1861, S. 623).
{{r|[[Auteur:Pieter Harting (1812-1885)|{{sc|Hg.}}]]{{gap|4em}}}}
{{dhr}}
'''Oudste huisdieren in Zwitserland.'''— Men weet, dat sedert eenige jaren in Zwitserland op vele punten de overblijfselen van woningen op palen gebouwd ontdekt zijn, die afkomstig zijn van voorhistorische bewoners van dit land.
{{sc|Rütimeijer}}, hoogleeraar te Basel, heeft de te midden daarvan gevonden overblijfselen van dieren uitvoerig onderzocht en daarover een werk uitgegeven,<noinclude>{{rh|{{gap}}{{smaller|1862.}}||{{smaller|4}}{{gap}}}}</noinclude>
nlg0rb24zne9r3jeonab6d12dwxq5lq
218950
218949
2026-03-26T19:05:23Z
DoekeHellema
16849
218950
proofread-page
text/x-wiki
<noinclude><pagequality level="4" user="DoekeHellema" /></noinclude>{{dhr|2}}
{{C|{{x-larger|{{sp|WETENSCHAPPELIJK BIJBLA}}D.}}}}
{{dhr}}
{{lijn|5em}}
{{dhr|2}}
'''Overblijfselen van beenige visschen uit het palaeozoische tijdperk.''' — Voor eenigen tijd vond {{sc|volger}} in het leigesteente van den Rijn, bij Caub, de overblijfselen van een visch, dien hij, wegens den naar zijne meening gelijkvorkigen staartvin, als een beenigen visch beschouwde en ''Teleosteus primaevus'' noemde (''N. Jahrb. der Miner''., etc., 1860, S. 758). {{sc|Giebel}} meent echter, dat de juistheid dezer duiding twijfelachtig is, daar het uit de afbeelding van het trouwens gebrekkige voorwerp blijkt, dat de rigting der vinstralen niet aan den homocerken typus beantwoordt.
{{sc|Giebel}} komt echter ook terug op de duiding door hem zelven van vischoverblijfselen uit het steenkolengebergte van Wettin en Löbejün, die hij vroeger (1849, in {{sc|germar's}} ''Verstein. d. Steinkohlengebirges'') voor tanden van haaijen had aangezien, en waarin hij thans schubben van Balistiden erkend heeft. Zij komen het meest nabij aan schubben van het nog levende geslacht ''Monacanthus'', en hij heeft daarom de vroeger door hem aan de beide gevonden soorten gegeven namen van ''Styracodus acutus'' en ''Chilodus gracilis'' veranderd in ''Monacanthus acutus'' en ''M. gracilis''.
Indien deze duiding juist is, dan hebben derhalve visschen uit de orde der Teleostei reeds in het steenkolentijdperk geleefd, en opmerking verdient het daarbij, dat de Balistiden onder de Teleostei op den laagsten trap staan. (''Neue Jahrb. f. Miner''. etc., 1861, S. 623).
{{r|[[Auteur:Pieter Harting (1812-1885)|{{sc|Hg.}}]]{{gap|4em}}}}
{{dhr}}
'''Oudste huisdieren in Zwitserland.''' — Men weet, dat sedert eenige jaren in Zwitserland op vele punten de overblijfselen van woningen op palen gebouwd ontdekt zijn, die afkomstig zijn van voorhistorische bewoners van dit land.
{{sc|Rütimeijer}}, hoogleeraar te Basel, heeft de te midden daarvan gevonden overblijfselen van dieren uitvoerig onderzocht en daarover een werk uitgegeven,<noinclude>{{rh|{{gap}}{{smaller|1862.}}||{{smaller|4}}{{gap}}}}</noinclude>
76gyuv9v0d7djwahnmwex7zh6jsclgg
218951
218950
2026-03-26T19:06:32Z
DoekeHellema
16849
218951
proofread-page
text/x-wiki
<noinclude><pagequality level="4" user="DoekeHellema" /></noinclude>{{dhr|2}}
{{C|{{x-larger|{{sp|WETENSCHAPPELIJK BIJBLA}}D.}}}}
{{dhr}}
{{lijn|5em}}
{{dhr|2}}
'''Overblijfselen van beenige visschen uit het palaeozoische tijdperk.''' — Voor eenigen tijd vond {{sc|volger}} in het leigesteente van den Rijn, bij Caub, de overblijfselen van een visch, dien hij, wegens den naar zijne meening gelijkvorkigen staartvin, als een beenigen visch beschouwde en ''Teleosteus primaevus'' noemde (''N. Jahrb. der Miner''., etc., 1860, S. 758). {{sc|Giebel}} meent echter, dat de juistheid dezer duiding twijfelachtig is, daar het uit de afbeelding van het trouwens gebrekkige voorwerp blijkt, dat de rigting der vinstralen niet aan den homocerken typus beantwoordt.
{{sc|Giebel}} komt echter ook terug op de duiding door hem zelven van vischoverblijfselen uit het steenkolengebergte van Wettin en Löbejün, die hij vroeger (1849, in {{sc|germar's}} ''Verstein. d. Steinkohlengebirges'') voor tanden van haaijen had aangezien, en waarin hij thans schubben van Balistiden erkend heeft. Zij komen het meest nabij aan schubben van het nog levende geslacht ''Monacanthus'', en hij heeft daarom de vroeger door hem aan de beide gevonden soorten gegeven namen van ''Styracodus acutus'' en ''Chilodus gracilis'' veranderd in ''Monacanthus acutus'' en ''M. gracilis''.
Indien deze duiding juist is, dan hebben derhalve visschen uit de orde der Teleostei reeds in het steenkolentijdperk geleefd, en opmerking verdient het daarbij, dat de Balistiden onder de Teleostei op den laagsten trap staan. (''Neue Jahrb. f. Miner''. etc., 1861, S. 623).
{{r|[[Auteur:Pieter Harting (1812-1885)|{{sc|Hg.}}]]{{gap|4em}}}}
{{dhr}}
'''Oudste huisdieren in Zwitserland.''' — Men weet, dat sedert eenige jaren in Zwitserland op vele punten de overblijfselen van woningen op palen gebouwd ontdekt zijn, die afkomstig zijn van voorhistorische bewoners van dit land. {{sc|Rütimeijer}}, hoogleeraar te Basel, heeft de te midden daarvan gevonden overblijfselen van dieren uitvoerig onderzocht en daarover een werk uitgegeven,<noinclude>{{rh|{{gap}}{{smaller|1862.}}||{{smaller|4}}{{gap}}}}</noinclude>
7ot4bmbh9gy97raf62w9ug724wckx6o
Pagina:Album der Natuur 1862.djvu/439
104
51247
218968
165417
2026-03-27T09:18:03Z
DoekeHellema
16849
/* Gevalideerd */
218968
proofread-page
text/x-wiki
<noinclude><pagequality level="4" user="DoekeHellema" /></noinclude>{{dhr|2}}
{{C|{{x-larger|{{sp|WETENSCHAPPELIJK BIJBLA}}D.}}}}
{{dhr}}
{{lijn|5em}}
{{dhr|2}}
'''Fossile vogelveder.''' — {{sc|Herm. v. meijer}} deelt in eenen brief aan {{sc|bronn}} mede, dat hij in eene plaat van den Lithographischen schiefer van Solenhofen eene versteening gevonden heeft, waarin men met de grootste duidelijkheid eene veder erkent, die niet te onderscheiden is van eene gewone vogelveder. Dit zoude derhalve het eerste werkelijke overblijfsel zijn van eenen vogel uit een voor-tertiair tijdperk. De veder, zwartachtig van kleur, was ongeveer 60{{smaller|<sup>mm</sup>}} lang en had eene vlag van ongeveer 11{{smaller|<sup>mm</sup>}} breedte. De vederen zijn aan de eene zijde der schaft dubbel zoo lang als aan de andere. (''Neues Jahrb. f. Miner.''. etc, 1861, S. 561).
In eenen lateren brief aan denzelfden (N. J., S. 678) deelt hij nog mede, dat hij van den Obergerichtsrath {{sc|witte}} het berigt ontvangen had, dat men in dezelfde vindplaats het volledige skelet van een met vederen bedekt dier had gevonden.
Aan den vogel, waaraan de eerst vermelde veder toebehoorde, heeft {{sc|V. M.}} den naam van ''Archaeopteryx lithographica'' gegeven.
{{r|[[Auteur:Pieter Harting (1812-1885)|{{sc|Hg.}}]]{{gap|4em}}}}
{{dhr}}
'''Eene verdwenen nevelvlek.''' — Dat er veranderlijke sterren zijn en zelfs sterren, die, na eenmaal geschitterd te hebben, spoorloos verdwenen, is bekend. Thans is hetzelfde gebleken van eene nevelvlek. {{sc|Babinet}} had aan {{sc|le verrier}} gevraagd, of het waar was, dat eene nevelvlek, die men voor een tiental jaren in het sterrebeeld de Stier in de nabijheid eener ster van de 10{{smaller|<sup>de</sup>}} grootte ontdekt had, thans niet meer zigtbaar zoude zijn. {{sc|Le verrier}} bevestigde zulks in de vergadering der Fransche akademie van den 10 Februarij j.l. Zelfs met de sterkste kijkers en bij volkomen helderen hemel is geen spoor van die nevelvlek meer waarneembaar, en de ster, nabij welke zij zich moest bevinden, is verminderd in glans, zoodat zij thans nog slechts eene ster van de 12{{smaller|<sup>de</sup>}} grootte is. (''l'Institut'', 1862, p. 52).
{{r|[[Auteur:Pieter Harting (1812-1885)|{{sc|Hg.}}]]{{gap|4em}}}}
{{dhr}}
'''Groote ijzermeteoriet.''' — De bezoekers der wereldtentoonstelling, die in den<noinclude>{{rh|{{gap}}{{smaller|1862.}}||{{smaller|5}}{{gap}}}}</noinclude>
pikrusrq8wbsjn8b3lnhngponkqew2h
218969
218968
2026-03-27T09:18:22Z
DoekeHellema
16849
218969
proofread-page
text/x-wiki
<noinclude><pagequality level="4" user="DoekeHellema" /></noinclude>{{dhr|2}}
{{C|{{x-larger|{{sp|WETENSCHAPPELIJK BIJBLA}}D.}}}}
{{dhr}}
{{lijn|5em}}
{{dhr|2}}
'''Fossile vogelveder.''' — {{sc|Herm. v. meijer}} deelt in eenen brief aan {{sc|bronn}} mede, dat hij in eene plaat van den Lithographischen schiefer van Solenhofen eene versteening gevonden heeft, waarin men met de grootste duidelijkheid eene veder erkent, die niet te onderscheiden is van eene gewone vogelveder. Dit zoude derhalve het eerste werkelijke overblijfsel zijn van eenen vogel uit een voor-tertiair tijdperk. De veder, zwartachtig van kleur, was ongeveer 60{{smaller|<sup>mm</sup>}} lang en had eene vlag van ongeveer 11{{smaller|<sup>mm</sup>}} breedte. De vederen zijn aan de eene zijde der schaft dubbel zoo lang als aan de andere. (''Neues Jahrb. f. Miner''. etc, 1861, S. 561).
In eenen lateren brief aan denzelfden (N. J., S. 678) deelt hij nog mede, dat hij van den Obergerichtsrath {{sc|witte}} het berigt ontvangen had, dat men in dezelfde vindplaats het volledige skelet van een met vederen bedekt dier had gevonden.
Aan den vogel, waaraan de eerst vermelde veder toebehoorde, heeft {{sc|V. M.}} den naam van ''Archaeopteryx lithographica'' gegeven.
{{r|[[Auteur:Pieter Harting (1812-1885)|{{sc|Hg.}}]]{{gap|4em}}}}
{{dhr}}
'''Eene verdwenen nevelvlek.''' — Dat er veranderlijke sterren zijn en zelfs sterren, die, na eenmaal geschitterd te hebben, spoorloos verdwenen, is bekend. Thans is hetzelfde gebleken van eene nevelvlek. {{sc|Babinet}} had aan {{sc|le verrier}} gevraagd, of het waar was, dat eene nevelvlek, die men voor een tiental jaren in het sterrebeeld de Stier in de nabijheid eener ster van de 10{{smaller|<sup>de</sup>}} grootte ontdekt had, thans niet meer zigtbaar zoude zijn. {{sc|Le verrier}} bevestigde zulks in de vergadering der Fransche akademie van den 10 Februarij j.l. Zelfs met de sterkste kijkers en bij volkomen helderen hemel is geen spoor van die nevelvlek meer waarneembaar, en de ster, nabij welke zij zich moest bevinden, is verminderd in glans, zoodat zij thans nog slechts eene ster van de 12{{smaller|<sup>de</sup>}} grootte is. (''l'Institut'', 1862, p. 52).
{{r|[[Auteur:Pieter Harting (1812-1885)|{{sc|Hg.}}]]{{gap|4em}}}}
{{dhr}}
'''Groote ijzermeteoriet.''' — De bezoekers der wereldtentoonstelling, die in den<noinclude>{{rh|{{gap}}{{smaller|1862.}}||{{smaller|5}}{{gap}}}}</noinclude>
38oe0c6ucu5pt01235extror9p52jsn
Pagina:Album der Natuur 1862.djvu/430
104
51420
218948
166448
2026-03-26T19:02:54Z
DoekeHellema
16849
/* Gevalideerd */
218948
proofread-page
text/x-wiki
<noinclude><pagequality level="4" user="DoekeHellema" />{{rh|24|ALBUM DER NATUUR. — WETENSCHAPPELIJK BIJBLAD.|}}</noinclude>na de volbragte bevruchting, maken dat zij gemakkelijk aan de waarneming ontsnappen. (''Compt. rend.'', Tom. LIII, pag. 1093).
{{r|[[Auteur:Douwe Lubach|{{sc|D.L.}}]]{{gap|4em}}}}
{{dhr}}
'''Meting van den afstand van duidelijk hooren.''' — {{sc|E. knorr}} deelt eenige proeven daaromtrent mede, die hem bragten tot de volgende resultaten. 1) Verstaat men onder ''oor-as'' eene regte lijn, die men getrokken denkt door de middenpunten van de regter en linker oor-openingen, en onder ''gehoorlijn'' eene regte lijn, getrokken van een dezer middenpunten tot de plaats, waar het gehoord wordende geluid ontstaat, dan is de scherpheid van het gehoor het grootst in de rigting van de oor-as. Valt de gehoorlijn niet zamen met de oor-as, dan hangt de scherpheid van het gehoor niet alleen van den hoek af, welken de gehoorlijn met de oor-as vormt, maar ook van de ligging der gehoorlijn in de ruimte, — dat is, die scherpheid is verschillend, naarmate de gehoorlijn boven of onder de gehoor-as, naar het aangezigt of naar het achterhoofd toe gelegen is. — 2. Bij een en hetzelfde individu wisselt de scherpheid van het gehoor eenigzins af gedurende den loop van den dag, en is bepaaldelijk des morgens grooter dan na den middagmaaltijd. — 3. De scherpheid des gehoors is zelden bij hetzelfde individu aan beide ooren gelijk; meestal hoort het regter oor sterker dan het linker. Wat de laatste stelling betreft, zoo is zij in regtstreeksche wederspraak met de bewering van {{sc|fechner}}, dat het linker oor bij de meeste menschen scherper hoort dan het regter. {{sc|Knorr}} herhaalde daarom, na de mededeeling van {{sc|F}}., zijne vroeger reeds genomen proeven nog eens bij 17 personen, van welke 10 beter met het regter, 6 beter met het linker en 1 met beide ooren even goed hoorden. Hij houdt dit verschil niet voor physiologisch, maar voor pathologisch, zonder echter te verklaren, waarom het linker oor veelvuldiger dan het regter op deze wijze wordt aangedaan. De proeven van {{sc|K}}. — welke wij hier niet kunnen uiteenzetten, — zijn genomen met een cylinderhorlogie, omwoeld met boomwol, en besloten in een doosje, zoodat het nergens den wand daarvan aanraakt, maar dat het midden van de wijzerplaat door eene opening van de grootte van een thaler vrij naar buiten ziet. Bij een sterker geluid wordt de gehoorafstand te groot, hetgeen bij het nemen der proeven lastig is. ({{sc|poggendorf's}} ''Annalen'', 1861, No. 6).
{{r|[[Auteur:Douwe Lubach|{{sc|D.L.}}]]{{gap|4em}}}}
{{dhr}}
{{lijn|5em}}
{{dhr|2}}<noinclude></noinclude>
cay1t6te3tmciobqg5cvvrvbz0upv6i
Pagina:Album der Natuur 1862.djvu/438
104
51421
218967
166449
2026-03-27T09:16:28Z
DoekeHellema
16849
/* Gevalideerd */
218967
proofread-page
text/x-wiki
<noinclude><pagequality level="4" user="DoekeHellema" />{{rh|32|ALBUM DER NATUUR. — WETENSCHAPPELIJK BIJBLAD.|}}</noinclude>tot nog toe niet zijn gevonden, zooals het phosphorijzer, phosphornikkel en het enkelvoudig zwavelijzer, die in het meteoorijzer bijna nooit ontbreken. De verbazende gevoeligheid en zekerheid der spektraalanalyse maakten het wenschelijk om ook door haar de vraag, of aan onze aarde vreemde stoffen in meteorieten voorkomen, beantwoord te zien. Prof. {{sc|bunsen}} heeft nu twee meteorieten, een van Juvenas in Frankrijk, gevallen den 15 Mei 1821, en een van Parnallee (zie hier voren, blz. 12), onderzocht door de spectraalanalyse. Hij kon daarin, ook op deze wijze, geene andere dan de aardsche grondstoffen vinden, nevens de reeds vroeger aangewezene vond hij in beiden ook Lithion. ({{sc|Wöhler}} in ''Annalen der Chem. u. Pharm''., Nov. 1861).
{{r|[[Auteur:Wilhelmus Martinus Logeman|{{sc|Ln.}}]]{{gap|4em}}}}
{{dhr}}
'''Analysen van verfstoffen.''' — {{sc|Goppelsröder}} (''Verhandlungen der Naturf. geselsch.'' in Basel, III, S. 268) heeft de waarnemingen van {{sc|schönbein}} (zie hiervoor, bl. 7) toegepast om verschillende kleurstoffen, die in dezelfde oplossing bevat zijn, van elkaâr af te scheiden en dus afzonderlijk te kunnen onderzoeken. Zijne eerste proefnemingen betreffen vooral het pikrinezuur, waarvan de oplossing zich met groote snelheid door vloeipapier heen beweegt.
Mengt men zulk eene oplossing met eene evenzeer geel gekleurde van curcuma en brengt men dit mengsel met het onderste gedeelte van een reepje filtreerpapier in aanraking, dan verkrijgt men daarop drie lagen of gordels: de bovenste vrij smal en enkel water bevattende, eene veel breedere middenste, die de kleur van het pikrinezuur vertoont, en eene onderste, welke bruin wordt, als men het papier in verdunde kaliloog dompelt, dus curcuma bevat, terwijl de kleur der middenste laag door deze indompeling verdwijnt.
Op dezelfde wijze scheidde {{sc|G}}. de bestanddeelen van het groene vocht, dat men door vermenging van eene oplossing van indigo in zwavelzuur met die van pikrinezuur in water verkrijgt, en evenzoo die van een mengsel van murexid- en pikrinezuur-oplossingen. Ja zelfs is het hem daardoor gelukt om duidelijk aan te toonen, dat het onderscheid tusschen de ruwe Fuchsine van den handel en de gekristalliseerde niet, zooals men veelal meende, daarin alleen bestaat, dat de eerste nevens zuivere fuchsine nog harsachtige stoffen bevat, maar veeleer daarin, dat er pikrinezuur in voorhanden is, dat door zijne gele kleur de fraaije purperroode van de zuivere fuchsine doffer maakt, meer naar het steenrood doet overhellen.
{{r|[[Auteur:Wilhelmus Martinus Logeman|{{sc|Ln.}}]]{{gap|4em}}}}
{{dhr}}
{{lijn|5em}}
{{dhr|2}}<noinclude></noinclude>
sewm5036zkzdkwzpk3r256wyq6kxqlw
Pagina:Album der Natuur 1862.djvu/436
104
51458
218965
165414
2026-03-27T09:09:30Z
DoekeHellema
16849
/* Gevalideerd */
218965
proofread-page
text/x-wiki
<noinclude><pagequality level="4" user="DoekeHellema" />{{rh|30|ALBUM DER NATUUR.|}}</noinclude>tieke trekken afteekenen op het gelaat. Derhalve kan men de wetten, die de uitdrukking der menschelijke physionomie bepalen, bestuderen door middel der spierwerking. Dit is een probleem, dat ik sedert vele jaren tracht op te lossen door zamentrekkingen van de gelaatspieren op te wekken door middel van elektrische stroomen, ten einde die spieren de taal der hartstogten en aandoeningen te doen spreken. De oplettende studie der partiële spierzamentrekkingen heeft mij de reden der lijnen, groeven en plooijen van het in beweging verkeerende gelaat geopenbaard. Deze lijnen, groeven en plooijen nu zijn juist de teekenen, die door hare afwisselende combinatiën tot de uitdrukking der physionomie dienen. Het is mij dus mogelijk geweest, door van de uitdrukkende spier op te klimmen tot de ziel, welke die spier in beweging stelt, het mechanisme en de wetten der physionomie te ontdekken. Ik zal mij niet bepalen bij het formuleren dier wetten; ik zal door middel der photographie de expressive lijnen van het gelaat gedurende de elektrische zamentrekking van zijne spieren voorstellen. Ik zal, in 't kort, door de elektrophysiologische analyse en met behulp der photographie de kunst doen kennen om naauwkeurig de expressive lijnen van het menschelijk gelaat te doen kennen." (''Compt. rendus'', Tom. LIII, pag. 1261).
Deze, zeker eenigzins emphatische, aankondiging schijnt zeker veel te beloven, vooral wanneer men in 't oog houdt, hoeveel het blijvend karakter der menschelijke physionomie (de doorgaande, eigenlijk individueel-karakteristieke physionomie, op welke {{sc|lavater}} vooral het oog had) afhangt van den aard der heerschende hartstogten en van den doorgaanden gemoedstoestand. Doch ik vrees, dat de methode van {{sc|duchenne}} niet in elk opzigt geven zal, wat men, afgaande op uitdrukkingen als "van de uitdrukkende spier tot de ziel (''du muscle expressif à l'âme'') op te klimmen" en dergelijke, grond zou hebben te verwachten. Uit die uitdrukkingen zou men afleiden, dat {{sc|D}}. beweert te kunnen besluiten tot den toestand (affectie, passie enz.) der ziel uit de door bepaalde spiercontractiën voortgebragte gelaatstrekken. Maar hiertoe kan zijne methode‚ — zoo zij nergens anders in bestaat dan in het aangevoerde, — moeijelijk of in het geheel niet leiden. Zij kan alleen leeren: "de gelaatsuitdrukking, de gelaatsbewegingen, die men gewoon is te beschouwen als voortgebragt door dezen of genen gemoedstoestand, hangt af van de zamentrekking van deze of gene spieren." Om van den toestand der physionomie tot die der ziel te besluiten, moet het spel der eerste niet door een elektrischen stroom, maar door de ziel zelve veroorzaakt zijn. Bij {{sc|duchennes}} proeven nu blijft de ziel geheel buiten de zaak. Eene nadere bekendmaking met den aard dier proeven zal intusschen het best leeren, in hoe ver de aangehaalde uitdrukkingen van {{sc|D}}. op te vatten zijn in den zin, dien zij schijnen te bezitten.
{{r|[[Auteur:Douwe Lubach|{{sc|D.L.}}]]{{gap|4em}}}}
{{dhr}}<noinclude></noinclude>
5gc12oiidrdvsirqunnuosossjdb3ui
Pagina:Album der Natuur 1862.djvu/432
104
51459
218952
164997
2026-03-26T19:09:41Z
DoekeHellema
16849
/* Gevalideerd */
218952
proofread-page
text/x-wiki
<noinclude><pagequality level="4" user="DoekeHellema" />{{rh|26|ALBUM DER NATUUR.|}}</noinclude>getiteld: ''Die Fauna der Pfahlbauten in der Schweiz'', 4°, Basel, 1861, dat niet alleen gewigtig is voor de archeologie, maar ook voor de palaeontologie, daar het vele nieuwe bewijzen bevat voor de stelling, dat het diluviale tijdperk en het hedendaagsche slechts een enkel doorloopend geheel uitmaken.
Men heeft reeds niet minder dan 66 gewervelde dieren in de paalwoningen gevonden, namelijk 36 zoogdieren, 17 vogels, 3 reptiliën en 10 visschen. Van de zoogdieren moeten omstreeks 8 soorten beschouwd worden als huisdieren, namelijk, de hond, het zwijn, het paard, de ezel, de geit, het schaap en ten minste twee soorten van runderen. De bewoners der paalwoningen waren derhalve in het bezit van een veel grooter aantal huisdieren dan de oudste bewoners van Denemarken, die, volgens de onderzoekingen van {{sc|steenstrup}}, alleen den hond als huisdier bezaten. De laatsten behoorden echter alle tot het zoogenaamde steenen tijdperk, terwijl onder de Zwitsersche paalwoningen zoowel het bronsen als het steenen tijdperk vertegenwoordigd is.
De hond van de bewoners der paalwoningen behoorde tot een enkel ras; het was een jagthond, zeer nabij komende aan onzen patrijshond. De runderen behoorden tot drie onderscheidene soorten of rassen. Eene daarvan was de Urus (''Bos primigenius''), eene andere, door {{sc|R}}. het ''trochocerische'' ras genoemd, omdat de overblijfselen overeenstemmen met die van eene fossile soort, waaraan {{sc|h. von meijer}} den naam van ''Bos trochoceros'' heeft gegeven, en eindelijk eene derde, het ''brachycerische'' ras, dat beantwoordt aan ''Bos longifrons'' van {{sc|owen}}, waarvan de overblijfselen op vele andere plaatsen van Europa zijn aangetroffen, en waarvan vermoedelijk de nog heden ten dage levende korthoornige en ongehoornde rassen afstammen.
Onder de in het wild levende dieren van dit tijdperk zijn er verscheidene zoo als het damhert, de eland, de auerochs en het rendier, die thans niet meer in Zwitserland voorkomen, maar waarvan de overblijfselen in de paalwoningen gevonden zijn.
{{r|[[Auteur:Pieter Harting (1812-1885)|{{sc|Hg.}}]]{{gap|4em}}}}
{{dhr}}
'''Reusachtige Cephalopode.''' — In eene in 1860 in de werken der Koninklijke Akademie uitgegeven verhandeling onder den titel van ''Description de quelques fragments de deur Céphalopodes gigantesques'', heeft Ref. de reeds bekende gevallen vermeld, waaruit blijkt, dat er in de zee Cephalopoden van werkelijk reusachtige afmetingen leven. Daar de gevallen, waarin men zeer groote dieren dezer klasse ontmoet heeft, echter steeds zeldzaam zijn, zoo verdient elke mededeeling van zulk eene ontmoeting belangstelling.
In de vergadering der Fransche akademie van den 30 Dec. j.l. werden twee brieven voorgelezen, de eene van den heer {{sc|bouyer}}, luitenant ter zee, com-<noinclude></noinclude>
a0r3y954ohvr46sc9zq5iyy48tnkxhp
Pagina:Album der Natuur 1862.djvu/434
104
51460
218954
165412
2026-03-26T19:14:22Z
DoekeHellema
16849
/* Gevalideerd */
218954
proofread-page
text/x-wiki
<noinclude><pagequality level="4" user="DoekeHellema" />{{rh|28|ALBUM DER NATUUR.|}}</noinclude>azijnzure gisting betreft, zoo had men tot hiertoe aangenomen, dat daarbij eene regtstreeksche oxydatie van den alkohol door de zuurstof der lucht plaats grijpt. {{sc|Pasteur}} heeft thans door proeven bewezen, dat dit niet zoo is, maar dat voor de azijnzure gisting evenzeer een eigen ferment gevorderd wordt en dat eerst door bemiddeling van dit ferment, zijnde een ''Mycoderma'', de zuurstof op den alkohol wordt overgedragen. Ook hier is het dus het plantaardig leven, dat als oorzaak der gisting optreedt.
Uit zijne proeven zij het voldoende de volgende te vermelden, die tevens bewijst, dat het niet de door de grootere verdeeling van het vocht bewerkte meerdere blootstelling aan de lucht alleen is, welke bij de zoogenaamde snelazijnbereiding de azijnvorming bevordert. {{sc|P}}, liet langs een touw gedurende eene maand alkohol met water verdund afdruipen, zonder dat hij in de droppels eenig spoor van azijnzuur kon vinden. Toen hij echter het touw vooraf gedoopt had in een vocht, aan welks oppervlakte zich een vliesje van Mycoderma had ontwikkeld, bleek het, dat de alkohol, langs het touw nederdalende, zich in azijnzuur omzette. Op grond hiervan mag men aannemen, dat de houten krullen bij de snelazijn-bereiding geene andere beteekenis hebben dan om als dragers van het Mycoderma te dienen. (''Journ, de Pharm, et de Chem.'', 1861. Octobre, p. 301).
{{r|[[Auteur:Pieter Harting (1812-1885)|{{sc|Hg.}}]]{{gap|4em}}}}
{{dhr}}
'''Over eenige in het Wetter- en Wener-Meer gevonden schaaldieren.''' — Prof {{sc|s, lovén}}, te Stockholm, heeft onlangs de aandacht gevestigd op vijf, in de genoemde groote Zweedsche meren levende soorten van schaaldieren: ''Mysis relicta, Idothea entomon, Pontoporeia affinis, Gammarus loricatus'' en ''Gammarus cancelloides''. Deze diersoorten bieden uit het oogpunt der geographische verspreiding eenige treffende merkwaardigheden aan. ''Mysis relicta'' is eene nieuwe soort, die derhalve elders nog niet waargenomen is, maar al de soorten, die men tot nog toe in het geslacht ''Mysis'' kent, zijn uit de zee, en vele zijn afkomstig van het hooge Noorden, waaronder ook die soort, met welke de ''Mysis relicta'' het naast verwant schijnt te zijn, de ''Mysis oculata'' (van de zee bij Groenland). ''Idothea entomon'' leeft in de Oostzee en in de IJszee. ''Gammarus'' heeft enkele zoetwatersoorten, maar de ''Gammarus loricatus'' is eene soort, welke bij Spitsbergen en aan de kusten van het arctische gedeelte van Amerika gevonden wordt. ''Pontoporeia affinis'' komt ook in de Oostzee voor, eene verwante soort leeft bij Groenland. ''Gammarus cancelloides'' eindelijk is eene zoetwatersoort, die vroeger in het meer Baikal ontdekt was. Van de zeesoorten, die opgenoemd zijn, komt geene enkele aan de Zweedsche westkust voor. Er is alzoo in deze inlandsche meren eene groep van dieren aanwezig, die ons van deze meren naar de zee wijzen, maar niet naar het Westen, naar de Noordzee, maar<noinclude></noinclude>
aknrr9w2m4buqvi95f005dkyj1jnmck
Pagina:Album der Natuur 1862.djvu/440
104
51461
218970
165485
2026-03-27T09:20:28Z
DoekeHellema
16849
/* Gevalideerd */
218970
proofread-page
text/x-wiki
<noinclude><pagequality level="4" user="DoekeHellema" />{{rh|34|ALBUM DER NATUUR.|}}</noinclude>loop van dit jaar te Londen zal plaats hebben, zullen gelegenheid hebben om te midden der voortbrengselen van menschelijke nijverheid ook een merkwaardig natuurprodukt te zien, t.w. eenen bij Melbourne, in Australië, gevonden ijzermeteoriet van omstreeks 6000 Ned, ponden gewigts. De eigenaar, de heer {{sc|abel}}, is voornemens dit blok ten dien einde naar Londen te zenden. Een nog grootere ijzermeteoriet is in dezelfde omstreek gevonden. Zijn gewigt wordt geschat op 40.000 Ned. ponden. Doch voor het oogenblik ontbreken nog de middelen om hem te vervoeren. (''Sitzungsber, d. Kön. Akad.''. XLIV. H. III, 2te Abth., S. 379).
{{r|[[Auteur:Pieter Harting (1812-1885)|{{sc|Hg.}}]]{{gap|4em}}}}
{{dhr}}
'''Invloed der warmte op de phosphorescentie.''' — De heer {{sc|fiedig}} heeft onlangs eenige onderzoekingen over dit onderwerp gedaan. — In de eerste plaats onderzocht hij, of zwavelcalcium, zwavelbarium en zwavelstrontium, die opgehouden hadden lichtend te zijn, die eigenschap ook weder erlangden door verwarming in het duister op eene ijzeren plaat, zonder dat deze echter tot gloeijing werd gebragt. Hij bevond dat de phosphorescentie terug keerde, doch toen zij weder verdwenen was, gelukte het hem niet haar nog eens door verwarming te voorschijn te roepen.
Eene dergelijke proef werd genomen met een stukje groen gekleurd fluorcalcium. Volgens {{sc|becquerel}} wordt deze zelfstandigheid onder den invloed der warmte sterker phosphorescerend, totdat zij hare kleur verloren heeft, maar in dien toestand zoude zij het vermogen der phosphorescentie verloren hebben. {{sc|F}}, nu bevond, dat eene sterke verhitting in het fluorcalcium een violet licht van groote intensiteit deed ontstaan. Eene tweede verhitting deed hetzelfde, maar het licht was minder sterk. Later bleef het stuk duister, hoewel het zijne kleur behouden had, gelijk bleek, toen men het bij het licht beschouwde. Daarop werd het zeer sterk verhit, zoodat het begon te knappen, en nu vertoonde zich de phosphorescentie weder, doch de groene kleur was verdwenen. Desniettegenstaande kwam de phospherescentie bij eene herhaalde verwarming weder te voorschijn. Deze proeven bewijzen dus, dat het fluorcalcium het vermogen bezit om lichtend te worden na eene voorafgaande beschijning door de zon onder den invloed der warmte, en dat dit vermogen nog blijft voortbestaan, nadat de kleur verdwenen is.
Eindelijk heeft {{sc|F}}, ook den invloed der warmte op de phosphorescentie of fluorescentie van twee vochten, de aesculine en de quinine, onderzocht. Wanneer eene oplossing van aesculine allengs verwarmd wordt, wordt de blaauwe tint donkerder en nadert tot het violet; daarop wordt die tint bleeker en bij omstreeks 50° kan men moeijelijk een verschil van de gewone tint bespeuren. Gaat men met de verwarming voort, dan vermindert eerst de tint<noinclude></noinclude>
8ig6m3tng42brnyivqu1ewl6whue0px
218971
218970
2026-03-27T09:20:55Z
DoekeHellema
16849
218971
proofread-page
text/x-wiki
<noinclude><pagequality level="4" user="DoekeHellema" />{{rh|34|ALBUM DER NATUUR.|}}</noinclude>loop van dit jaar te Londen zal plaats hebben, zullen gelegenheid hebben om te midden der voortbrengselen van menschelijke nijverheid ook een merkwaardig natuurprodukt te zien, t.w. eenen bij Melbourne, in Australië, gevonden ijzermeteoriet van omstreeks 6000 Ned. ponden gewigts. De eigenaar, de heer {{sc|abel}}, is voornemens dit blok ten dien einde naar Londen te zenden. Een nog grootere ijzermeteoriet is in dezelfde omstreek gevonden. Zijn gewigt wordt geschat op 40.000 Ned. ponden. Doch voor het oogenblik ontbreken nog de middelen om hem te vervoeren. (''Sitzungsber, d. Kön. Akad.''. XLIV. H. III, 2te Abth., S. 379).
{{r|[[Auteur:Pieter Harting (1812-1885)|{{sc|Hg.}}]]{{gap|4em}}}}
{{dhr}}
'''Invloed der warmte op de phosphorescentie.''' — De heer {{sc|fiedig}} heeft onlangs eenige onderzoekingen over dit onderwerp gedaan. — In de eerste plaats onderzocht hij, of zwavelcalcium, zwavelbarium en zwavelstrontium, die opgehouden hadden lichtend te zijn, die eigenschap ook weder erlangden door verwarming in het duister op eene ijzeren plaat, zonder dat deze echter tot gloeijing werd gebragt. Hij bevond dat de phosphorescentie terug keerde, doch toen zij weder verdwenen was, gelukte het hem niet haar nog eens door verwarming te voorschijn te roepen.
Eene dergelijke proef werd genomen met een stukje groen gekleurd fluorcalcium. Volgens {{sc|becquerel}} wordt deze zelfstandigheid onder den invloed der warmte sterker phosphorescerend, totdat zij hare kleur verloren heeft, maar in dien toestand zoude zij het vermogen der phosphorescentie verloren hebben. {{sc|F}}, nu bevond, dat eene sterke verhitting in het fluorcalcium een violet licht van groote intensiteit deed ontstaan. Eene tweede verhitting deed hetzelfde, maar het licht was minder sterk. Later bleef het stuk duister, hoewel het zijne kleur behouden had, gelijk bleek, toen men het bij het licht beschouwde. Daarop werd het zeer sterk verhit, zoodat het begon te knappen, en nu vertoonde zich de phosphorescentie weder, doch de groene kleur was verdwenen. Desniettegenstaande kwam de phospherescentie bij eene herhaalde verwarming weder te voorschijn. Deze proeven bewijzen dus, dat het fluorcalcium het vermogen bezit om lichtend te worden na eene voorafgaande beschijning door de zon onder den invloed der warmte, en dat dit vermogen nog blijft voortbestaan, nadat de kleur verdwenen is.
Eindelijk heeft {{sc|F}}, ook den invloed der warmte op de phosphorescentie of fluorescentie van twee vochten, de aesculine en de quinine, onderzocht. Wanneer eene oplossing van aesculine allengs verwarmd wordt, wordt de blaauwe tint donkerder en nadert tot het violet; daarop wordt die tint bleeker en bij omstreeks 50° kan men moeijelijk een verschil van de gewone tint bespeuren. Gaat men met de verwarming voort, dan vermindert eerst de tint<noinclude></noinclude>
qy5hki29l687hioztqkfhn59993ubq1
218972
218971
2026-03-27T09:21:48Z
DoekeHellema
16849
218972
proofread-page
text/x-wiki
<noinclude><pagequality level="4" user="DoekeHellema" />{{rh|34|ALBUM DER NATUUR.|}}</noinclude>loop van dit jaar te Londen zal plaats hebben, zullen gelegenheid hebben om te midden der voortbrengselen van menschelijke nijverheid ook een merkwaardig natuurprodukt te zien, t.w. eenen bij Melbourne, in Australië, gevonden ijzermeteoriet van omstreeks 6000 Ned. ponden gewigts. De eigenaar, de heer {{sc|abel}}, is voornemens dit blok ten dien einde naar Londen te zenden. Een nog grootere ijzermeteoriet is in dezelfde omstreek gevonden. Zijn gewigt wordt geschat op 40.000 Ned. ponden. Doch voor het oogenblik ontbreken nog de middelen om hem te vervoeren. (''Sitzungsber. d. Kön. Akad.''. XLIV. H. III, 2te Abth., S. 379).
{{r|[[Auteur:Pieter Harting (1812-1885)|{{sc|Hg.}}]]{{gap|4em}}}}
{{dhr}}
'''Invloed der warmte op de phosphorescentie.''' — De heer {{sc|fiedig}} heeft onlangs eenige onderzoekingen over dit onderwerp gedaan. — In de eerste plaats onderzocht hij, of zwavelcalcium, zwavelbarium en zwavelstrontium, die opgehouden hadden lichtend te zijn, die eigenschap ook weder erlangden door verwarming in het duister op eene ijzeren plaat, zonder dat deze echter tot gloeijing werd gebragt. Hij bevond dat de phosphorescentie terug keerde, doch toen zij weder verdwenen was, gelukte het hem niet haar nog eens door verwarming te voorschijn te roepen.
Eene dergelijke proef werd genomen met een stukje groen gekleurd fluorcalcium. Volgens {{sc|becquerel}} wordt deze zelfstandigheid onder den invloed der warmte sterker phosphorescerend, totdat zij hare kleur verloren heeft, maar in dien toestand zoude zij het vermogen der phosphorescentie verloren hebben. {{sc|F}}, nu bevond, dat eene sterke verhitting in het fluorcalcium een violet licht van groote intensiteit deed ontstaan. Eene tweede verhitting deed hetzelfde, maar het licht was minder sterk. Later bleef het stuk duister, hoewel het zijne kleur behouden had, gelijk bleek, toen men het bij het licht beschouwde. Daarop werd het zeer sterk verhit, zoodat het begon te knappen, en nu vertoonde zich de phosphorescentie weder, doch de groene kleur was verdwenen. Desniettegenstaande kwam de phospherescentie bij eene herhaalde verwarming weder te voorschijn. Deze proeven bewijzen dus, dat het fluorcalcium het vermogen bezit om lichtend te worden na eene voorafgaande beschijning door de zon onder den invloed der warmte, en dat dit vermogen nog blijft voortbestaan, nadat de kleur verdwenen is.
Eindelijk heeft {{sc|F}}, ook den invloed der warmte op de phosphorescentie of fluorescentie van twee vochten, de aesculine en de quinine, onderzocht. Wanneer eene oplossing van aesculine allengs verwarmd wordt, wordt de blaauwe tint donkerder en nadert tot het violet; daarop wordt die tint bleeker en bij omstreeks 50° kan men moeijelijk een verschil van de gewone tint bespeuren. Gaat men met de verwarming voort, dan vermindert eerst de tint<noinclude></noinclude>
ngnsgnru53cvv7qsx1ecpahkdpd0axw
218973
218972
2026-03-27T09:23:03Z
DoekeHellema
16849
218973
proofread-page
text/x-wiki
<noinclude><pagequality level="4" user="DoekeHellema" />{{rh|34|ALBUM DER NATUUR.|}}</noinclude>loop van dit jaar te Londen zal plaats hebben, zullen gelegenheid hebben om te midden der voortbrengselen van menschelijke nijverheid ook een merkwaardig natuurprodukt te zien, t.w. eenen bij Melbourne, in Australië, gevonden ijzermeteoriet van omstreeks 6000 Ned. ponden gewigts. De eigenaar, de heer {{sc|abel}}, is voornemens dit blok ten dien einde naar Londen te zenden. Een nog grootere ijzermeteoriet is in dezelfde omstreek gevonden. Zijn gewigt wordt geschat op 40.000 Ned. ponden. Doch voor het oogenblik ontbreken nog de middelen om hem te vervoeren. (''Sitzungsber. d. Kön. Akad.''. XLIV. H. III, 2te Abth., S. 379).
{{r|[[Auteur:Pieter Harting (1812-1885)|{{sc|Hg.}}]]{{gap|4em}}}}
{{dhr}}
'''Invloed der warmte op de phosphorescentie.''' — De heer {{sc|fiedig}} heeft onlangs eenige onderzoekingen over dit onderwerp gedaan. — In de eerste plaats onderzocht hij, of zwavelcalcium, zwavelbarium en zwavelstrontium, die opgehouden hadden lichtend te zijn, die eigenschap ook weder erlangden door verwarming in het duister op eene ijzeren plaat, zonder dat deze echter tot gloeijing werd gebragt. Hij bevond dat de phosphorescentie terug keerde, doch toen zij weder verdwenen was, gelukte het hem niet haar nog eens door verwarming te voorschijn te roepen.
Eene dergelijke proef werd genomen met een stukje groen gekleurd fluorcalcium. Volgens {{sc|becquerel}} wordt deze zelfstandigheid onder den invloed der warmte sterker phosphorescerend, totdat zij hare kleur verloren heeft, maar in dien toestand zoude zij het vermogen der phosphorescentie verloren hebben. {{sc|F}}, nu bevond, dat eene sterke verhitting in het fluorcalcium een violet licht van groote intensiteit deed ontstaan. Eene tweede verhitting deed hetzelfde, maar het licht was minder sterk. Later bleef het stuk duister, hoewel het zijne kleur behouden had, gelijk bleek, toen men het bij het licht beschouwde. Daarop werd het zeer sterk verhit, zoodat het begon te knappen, en nu vertoonde zich de phosphorescentie weder, doch de groene kleur was verdwenen. Desniettegenstaande kwam de phospherescentie bij eene herhaalde verwarming weder te voorschijn. Deze proeven bewijzen dus, dat het fluorcalcium het vermogen bezit om lichtend te worden na eene voorafgaande beschijning door de zon onder den invloed der warmte, en dat dit vermogen nog blijft voortbestaan, nadat de kleur verdwenen is.
Eindelijk heeft {{sc|F}}. ook den invloed der warmte op de phosphorescentie of fluorescentie van twee vochten, de aesculine en de quinine, onderzocht. Wanneer eene oplossing van aesculine allengs verwarmd wordt, wordt de blaauwe tint donkerder en nadert tot het violet; daarop wordt die tint bleeker en bij omstreeks 50° kan men moeijelijk een verschil van de gewone tint bespeuren. Gaat men met de verwarming voort, dan vermindert eerst de tint<noinclude></noinclude>
czy5op902cbxoezjvxczohmx7q1js3i
218974
218973
2026-03-27T09:23:39Z
DoekeHellema
16849
218974
proofread-page
text/x-wiki
<noinclude><pagequality level="4" user="DoekeHellema" />{{rh|34|ALBUM DER NATUUR.|}}</noinclude>loop van dit jaar te Londen zal plaats hebben, zullen gelegenheid hebben om te midden der voortbrengselen van menschelijke nijverheid ook een merkwaardig natuurprodukt te zien, t.w. eenen bij Melbourne, in Australië, gevonden ijzermeteoriet van omstreeks 6000 Ned. ponden gewigts. De eigenaar, de heer {{sc|abel}}, is voornemens dit blok ten dien einde naar Londen te zenden. Een nog grootere ijzermeteoriet is in dezelfde omstreek gevonden. Zijn gewigt wordt geschat op 40.000 Ned. ponden. Doch voor het oogenblik ontbreken nog de middelen om hem te vervoeren. (''Sitzungsber. d. Kön. Akad.''. XLIV. H. III, 2te Abth., S. 379).
{{r|[[Auteur:Pieter Harting (1812-1885)|{{sc|Hg.}}]]{{gap|4em}}}}
{{dhr}}
'''Invloed der warmte op de phosphorescentie.''' — De heer {{sc|fiedig}} heeft onlangs eenige onderzoekingen over dit onderwerp gedaan. — In de eerste plaats onderzocht hij, of zwavelcalcium, zwavelbarium en zwavelstrontium, die opgehouden hadden lichtend te zijn, die eigenschap ook weder erlangden door verwarming in het duister op eene ijzeren plaat, zonder dat deze echter tot gloeijing werd gebragt. Hij bevond dat de phosphorescentie terug keerde, doch toen zij weder verdwenen was, gelukte het hem niet haar nog eens door verwarming te voorschijn te roepen.
Eene dergelijke proef werd genomen met een stukje groen gekleurd fluorcalcium. Volgens {{sc|becquerel}} wordt deze zelfstandigheid onder den invloed der warmte sterker phosphorescerend, totdat zij hare kleur verloren heeft, maar in dien toestand zoude zij het vermogen der phosphorescentie verloren hebben. {{sc|F}}. nu bevond, dat eene sterke verhitting in het fluorcalcium een violet licht van groote intensiteit deed ontstaan. Eene tweede verhitting deed hetzelfde, maar het licht was minder sterk. Later bleef het stuk duister, hoewel het zijne kleur behouden had, gelijk bleek, toen men het bij het licht beschouwde. Daarop werd het zeer sterk verhit, zoodat het begon te knappen, en nu vertoonde zich de phosphorescentie weder, doch de groene kleur was verdwenen. Desniettegenstaande kwam de phospherescentie bij eene herhaalde verwarming weder te voorschijn. Deze proeven bewijzen dus, dat het fluorcalcium het vermogen bezit om lichtend te worden na eene voorafgaande beschijning door de zon onder den invloed der warmte, en dat dit vermogen nog blijft voortbestaan, nadat de kleur verdwenen is.
Eindelijk heeft {{sc|F}}. ook den invloed der warmte op de phosphorescentie of fluorescentie van twee vochten, de aesculine en de quinine, onderzocht. Wanneer eene oplossing van aesculine allengs verwarmd wordt, wordt de blaauwe tint donkerder en nadert tot het violet; daarop wordt die tint bleeker en bij omstreeks 50° kan men moeijelijk een verschil van de gewone tint bespeuren. Gaat men met de verwarming voort, dan vermindert eerst de tint<noinclude></noinclude>
qrblu9xpro2uwmhsoffx8aq2zel87kl
Pagina:Album der Natuur 1862.djvu/435
104
51747
218964
165413
2026-03-27T09:05:03Z
DoekeHellema
16849
/* Gevalideerd */
218964
proofread-page
text/x-wiki
<noinclude><pagequality level="4" user="DoekeHellema" />{{rh||WETENSCHAPPELIJK BIJBLAD.|29}}</noinclude>naar de Oostzee en hooger op naar de IJszee, en daarbij eene zoet-watersoort, die ook in een binnenmeer in Siberië voorkomt.
Het is bekend, dat zeedieren van zoetwater-dieren zeer verschillend zijn. Zoetwater-dieren hebben in 't algemeen nog veel met landdieren gemeen; men vindt daaronder b.v. vele insekten; onder de zeedieren daarentegen komen vele voor (Echinodermen, Tunicaten, Koraaldieren en Akalephen), die alleen aan de zee eigen zijn, en in zoetwater nooit voorkomen. Sommige zeedieren, vooral weekdieren en zeewormen, sterven bijkans plotseling in zoetwater. Het ontbreekt echter niet aan voorbeelden, dat, als de overgang langzaam geschiedt, sommige soorten in het leven blijven en zich verder voortplanten. De Oostzee zelve is een weinig zout bevattend mengsel van zoet- en zeewater, en hierin leven dan ook zoetwater-visschen en eenige zoetwater-weekdieren met zeevisschen en met zee-weekdieren, ''Cardium edule, Mytilus edulis, Mya arenaria'', te zamen. Uit al deze bijzonderheden trekt {{sc|loven}} een besluit omtrent de vroegere gesteldheid van den Zweedschen bodem.
Dat vroeger de Botnische golf hooger noordwaarts zich uitstrekte, en dat in de rigting, waarin thans de meren ''Onega'' en ''Ladoga'' gelegen zijn, de Witte Zee zich met de Botnische golf verbond, dat ''Skandinavie'', gelijk {{sc|celsius}} reeds eene eeuw geleden vermoedde, eenmaal een eiland was, dit denkbeeld knoopt zich vast aan het aantreffen van eenige schaaldieren. {{sc|Nilsson}} heeft reeds in zijne ''Fauna Suecica'' voor vele jaren omtrent de zoogdieren opgemerkt, dat zij deels met Duitsche, deels met Noordsche en Russische overeenstemmen. De eersten zijn in Zweden gekomen, toen zuidelijk Zweden, dat eene verlaging of zinking schijnt te ondergaan, nog meer met Denemarken verbonden was, toen het Kattegat nog niet aanwezig was. De Noordsche vormen kwamen later, toen het Noorden van Zweden eene wijziging ondergaan had, waardoor het met het oostelijk gedeelte van Noord-Europa verbonden werd. (De opmerkingen van prof. {{sc|loven}} vindt men in het ''Overzigt der Verhandelingen van de Koninkl. Akad der Wetensch'', in Stockholm, 1861, no. 6).
{{r|[[Auteur:Jan van der Hoeven|{{sc|J, v, d. H.}}]]{{gap|4em}}}}
{{dhr}}
'''Mechanismus der menschelijke physionomie.''' — {{sc|Duchenne}}, bekend door zijne geschriften over therapeutische elektriciteit en door de naar hem genoemde methode van aanwending der elektriciteit op het menschelijk ligchaam, heeft aan de ''Académie des Sciences'' eene mededeeling gedaan van eene door hem uitgedachte toepassing der elektriciteit, die uit een anthropologisch oogpunt opmerking verdient. "In den toestand der ziel," zegt hij, "ligt de oorzaak van de uitdrukking der gelaatstrekken; de ziel brengt de spieren in beweging en doet deze, het afbeeldsel van onze hartstogten en aandoeningen in karakteris-<noinclude></noinclude>
m7vkgod3omkezg02rsrgrwq0gnlxecs
Pagina:Album der Natuur 1862.djvu/437
104
51752
218966
165415
2026-03-27T09:10:32Z
DoekeHellema
16849
/* Gevalideerd */
218966
proofread-page
text/x-wiki
<noinclude><pagequality level="4" user="DoekeHellema" />{{rh||WETENSCHAPPELIJK BIJBLAD.|31}}</noinclude>'''Het geluid dat zwavel geeft.''' — Het is bekend, dat, wanneer men een pijp zwavel in de volle hand houdt, die zwavel een geluid van zich geeft. "Wanneer men," zegt {{sc|guyard}}, "dit geluid verhoogen wil, zoodat het door een groot aantal menschen te gelijk vernomen wordt, dan is het genoegzaam de zwavel snel in water van 80° of 90° te dompelen." (''Compt. rend''.. Tom. LIII, pag. 1262).
{{r|[[Auteur:Douwe Lubach|{{sc|D.L.}}]]{{gap|4em}}}}
{{dhr}}
'''Zamenstelling van menschenbeenderen uit oude graven.''' — {{sc|Couerbe}} geeft de analyse op van een der beenderen, gevonden in zeer oude steenen tomben, onder de bolwerken van het kasteel van Vertheuil. Zij is deze:
{{block center|
Koolzure kalk {{gap|11em}} 15,50 </br>
Phosphorzure kalk {{gap|9em}} 67,17 </br>
Phosphorzure magnesia {{gap|7em}} 3,36 </br>
IJzer-, mangaan- en aluminium oxyde {{gap|1em}} 1,50</br>
Kiezelaarde {{gap|12em}} 2,00 </br>
Stikstofhoudende organische stof{{gap|3em}} 10,47 </br>
Chloorverbindingen {{gap|8em}} sporen.}}
Versche beenderen bevatten, volgens de analysen van {{sc|berzelius}}, 33 pCt, stikstofhoudende dierlijke stof; uit de beenderen van Vertheuil zouden dus 22,53 daarvan verdwenen zijn. Indien wij den juisten tijd kenden, die noodig is om de dierlijke stof uit beenderen te doen verdwijnen, zou men daaruit den tijd kunnen berekenen, gedurende welken die beenderen in het graf hadden gelegen. {{sc|Vogelsang}} heeft bevonden, dat beenderen, sedert elfhonderd jaren begraven, slechts sporen van dierlijke stof bevatten. Hieruit vermoedt C., dat 3 pCt, dier stof in elke 100 jaren verloren gaat. Zoo zouden de beenderen van Vertheuil 750 jaren lang begraven zijn geweest, en de lijken, waartoe zij behoorden, omstreeks 1100 zijn bijgezet. In een monsterachtigen schedel, gevonden te Reims, vonden {{sc|fourcoy}} en {{sc|vanquelin}} slechts 12 pCt, dierlijke stof. Die schedel zou dus ten naastebij even oud als de beenderen van Vertheuil zijn geweest. Wanneer men dus het verlies van organische stof van een been deelt door 3, zal het quotient den ouderdom van dat been in eeuwen aangeven. C. erkent, dat vele omstandigheden die wet kunnen wijzigen en dat zijne berekening alleen van eenige toepassing is op beenderen, die in steenen of dergelijke graven gevonden zijn. (''Compt. rend''., Tom. LIV, pag. 49).
{{r|[[Auteur:Douwe Lubach|{{sc|D.L.}}]]{{gap|4em}}}}
{{dhr}}
'''De spektraalanalyse op meteorieten toegepast.''' {{bar|1}} Geen element, dat aan onze aarde vreemd is, is tot nog toe in de meteorieten gevonden. Slechts komen sommige elementen in deze laatste voor in verbindingen, waarin zij op aarde<noinclude></noinclude>
k2m65qyud8bwjzu4eq02bxgj4lzdfw0
Pagina:Album der Natuur 1862.djvu/433
104
51755
218953
165411
2026-03-26T19:10:11Z
DoekeHellema
16849
/* Gevalideerd */
218953
proofread-page
text/x-wiki
<noinclude><pagequality level="4" user="DoekeHellema" />{{rh||WETENSCHAPPELIJK BIJBLAD.|27}}</noinclude>mandant van het stoomjagt ''Alecto'', de andere van den heer {{sc|sabin berthelot}}, Fransch consul op de Kanarische eilanden. Beide brieven bevatten het verhaal eener zoodanige onmoeting. Wij ontleenen daaraan het volgende:
Den 30 November j.l., op 40 mijlen ten N.O, van Teneriffe, 's namiddags ten twee uren, zag de bemanning der ''Alecto'' aan de oppervlakte der zee een reusachtig dier zwemmen. Het had een spoelvormig ligchaam met twee zijdelingsche vinnen aan het achtereinde; de kleur van het ligchaam was steenrood, zijne lengte van het achtereinde tot aan den snavel bedroeg 5 tot 6 meters; de mondopening alleen werd geschat op een halve meter, het geheele gewigt op 2000 Ned, ponden! Rondom den mond waren acht met zuignappen gewapende vangarmen geplaatst van omstreeks 2 meters lang. — (Deze laatste omstandigheid schijnt aan te duiden, dat het dier tot de afdeeling der Octopoden behoorde, hoewel anders de ligchaamsgedaante eer aan eene tienarmige Cephalopode uit de groep der Loliginen doet denken, zoodat men op het vermoeden komt, of de beide lange armen ook beneden de wateroppervlakte bleven en daardoor niet gezien zijn).
Het schip kwam zoo nabij aan het dier, dat een der officieren daarvan eene teekening kon maken, die aan de Akademie is voorgelegd. Wij hopen, dat deze zal gepubliceerd worden.
Zoodra het dier ontdekt was, werd er jagt op gemaakt. Deze jagt duurde drie uren. Verscheidene geweerschoten werden er op gelost, maar zonder het dier te dooden, in weêrwil dat het daardoor getroffen werd, gelijk bleek uit het groote verlies aan bloed, dat zich als een geelachtig vocht in de zee uitstortte, onder het verspreiden van een sterken moschus-reuk. Men beproefde toen het monsterachtig dier te harpoeneren, hetgeen gelukte, en wierp er vervolgens een touw met eenen strik om heen. Doch toen men zich gereed maakte om dit te herhalen, maakte het dier eene geweldige beweging, de harpoen schoot los en het touw bragt slechts een fragment van het achterste gedeelte, een gewigt van 20 Ned, ponden hebbende, aan boord.
De officieren en matrozen der ''Alecto'' zochten den commandant te bewegen eene sloep in zee te laten om het monster van nabij te bevechten, doch de heer {{sc|bouyer}} durfde de verantwoordelijkheid daarvan niet op zich nemen. Hij vreesde, en waarschijnlijk niet zonder rede, dat het dier zijne geweldige vangarmen om den rand der sloep zoude slaan en deze doen kantelen, of zelfs daarmede eenige matrozen zoude omvatten en verstikken.
{{r|[[Auteur:Pieter Harting (1812-1885)|{{sc|Hg.}}]]{{gap|4em}}}}
{{dhr}}
'''Azijnzure gisting.''' — Dat de alkoholische gisting alleen plaats heeft onder de tegenwoordigheid van gistcellen is eene lang bekende zaak. Maar wat de<noinclude></noinclude>
kymxlnn53nn0n87cb8acphdebm3evbz
Hoofdportaal:Geschiedenis/Rusland
100
55973
218945
218905
2026-03-26T17:41:50Z
Vincent Steenberg
280
+bron
218945
wikitext
text/x-wiki
{{Infobox thema
| naam = Geschiedenis van Rusland
| afbeelding = Repin 17October.jpg
| alt = Schilderij van de Revolutie van 1905 door Ilja Repin
| beschrijving = Bronnen bij de [[w:Geschiedenis van Rusland|geschiedenis van Rusland]].
}}
== Inleidingen - Hand- en leerboeken ==
=== Bijzondere onderwerpen ===
;Westgrens van Rusland
*Anoniem (13 september 1819) [[Leydse Courant/1819/Nummer 110/Hamburg den 7 September|‘Hamburg den 7 September’, alinea 3]], ''Leydse Courant'', [p. 1].
== Geschiedenis van tijdperken; afzonderlijk ==
=== 19e eeuw ===
*Anoniem (6 december 1831) [[Leeuwarder Courant/1831/Nummer 97/Berlijn, den 27 November|‘Berlijn, den 27 November’]], ''Leeuwarder Courant'', [p. 1].
*Anoniem (29 juni 1852) [[Groninger Courant/Jaargang 111/Nummer 52/Rusland|‘Rusland’]], ''Groninger Courant'', [p. 2].
=== Ca. 1900 - ca. 1918 ===
;Russisch-Japanse Oorlog
*Zie [[Hoofdportaal:Geschiedenis/Tijdperken]]
;Revolutie van 1905
*Anoniem (30 januari 1906) [[Het Nieuws van den Dag/1906/Nummer 11069/De grillige Fortuin|‘De grillige Fortuin […]’]], ''Het Nieuws van den Dag'', vierde blad, p. 13.
*Anoniem (30 januari 1906) [[Het Nieuws van den Dag/1906/Nummer 11069/Aan een aantal Middelbare Scholen in Rusland|‘Aan een aantal Middelbare Scholen in Rusland, waar het onderwijs sedert November stilstond, wordt het heden hervat, […]’]], ''Het Nieuws van den Dag'', vierde blad, p. 13.
;Bloedbad van de Lena, 17 april 1912
*Anoniem (24 april 1912) [[Nieuwe Rotterdamsche Courant/Jaargang 69/Nummer 113/Ochtendblad/In de Doema|‘In de Doema […]’]], ''Nieuwe Rotterdamsche Courant'', Ochtendblad, A, p. 1.
;Eerste Wereldoorlog
*Anoniem (11 mei 1916) [[De Avondpost/1916/Nummer 9512/Avond-editie/Gunstige berichten|‘Gunstige berichten’]], ''De Avondpost'', Avond-editie, p. A2.
=== Ca. 1918 - ca. 1939 ===
*Anoniem (15 maart 1922) [[Limburger Koerier/Jaargang 77/Nummer 63/Rusland's betalingen|‘Rusland's betalingen’]], ''Limburger Koerier'', [p. 3].
=== Ca. 1939-ca. 1945; Wereldoorlog II ===
;Informatievoorziening
*Anoniem (7 juli 1941) [[Leeuwarder Courant/Jaargang 190/Nummer 157/Moskou tegen de verspreiding van geruchten|‘Moskou tegen de verspreiding van geruchten’]], ''Leeuwarder Courant'', [eerste blad], [p. 3].
;Oostfront
*Anoniem (7 juli 1941) [[Leeuwarder Courant/Jaargang 190/Nummer 157/De operaties bij Moermansk|‘De operaties bij Moermansk’]], ''Leeuwarder Courant'', [eerste blad], [p. 3].
;Sovjet krijgsgevangenen
*Anoniem (7 juli 1941) [[Leeuwarder Courant/Jaargang 190/Nummer 157/Elitetroepen der sovjets gevangen genomen|‘Elitetroepen der sovjets gevangen genomen’]], ''Leeuwarder Courant'', [eerste blad], [p. 3].
*Anoniem (7 juli 1941) [[Leeuwarder Courant/Jaargang 190/Nummer 157/Onder Sovjet-krijgsgevangenen|‘Onder Sovjet-krijgsgevangenen. „Wij willen kalm leven en met rust gelaten worden”’]], ''Leeuwarder Courant'', [eerste blad], [p. 3].
== Vorsten en leden van vorstenhuizen ==
=== 16e-17e eeuw ===
;Alexis van Rusland (1629-1676)
*Anoniem (26 augustus 1656) [[Weeckelycke Courante van Europa/1656/Nummer 34/Riga den 2 Augusti|‘Riga den 2 Augusti’]], ''Weeckelycke Courante van Europa'', [p. 1].
;Peter I van Rusland (1672-1725)
*Anoniem (25 januari 1720) [[Opregte Haarlemsche Courant/1720/Donderdageditie, nummer 4/Hamburg den 19 January|‘Hamburg den 19 January’]], ''Oprechte Haerlemse Donderdaegse Courant'', [p. 2].
=== 18e eeuw ===
;Catharina II van Rusland (1729-1796)
*v.H. (1853) [[Album der Natuur/1853/Groote Abrikozenboom, van Hasselt|‘Groote Abrikozenboom’]], ''Album der Natuur'', p. 384.
;Peter II van Rusland (1715-1730)
*Anoniem (7 januari 1730) [[Amsterdamsche Courant/1730/Nummer 3/Hamburg den 3 January|‘Hamburg den 3 January’]], ''Amsterdamse Saturdaegse Courant'', [p. 2].
*Anoniem (7 januari 1730) [[Amsterdamsche Courant/1730/Nummer 3/Kleef den 4 January|‘Kleef den 4 January’]], ''Amsterdamse Saturdaegse Courant'', [p. 1].
=== 19e eeuw ===
;Alexander I van Rusland (1777-1825)
*Anoniem (13 september 1819) [[Leydse Courant/1819/Nummer 110/Hamburg den 7 September|‘Hamburg den 7 September’, alinea 2]], ''Leydse Courant'', [p. 1].
*Anoniem (12 september 1825) [[Leydse Courant/1825/Nummer 109/Augsburg den 4 September|‘Augsburg den 4 September’]], ''Leydsche Courant'', [p. 1].
;Alexander II van Rusland (1818-1881)
*Anoniem (16 september 1872) [[Utrechtsch Provinciaal en Stedelijk Dagblad/1872/Nummer 256/Duitschland|‘Duitschland’]], ''Utrechtsch Provinciaal en Stedelijk Dagblad'', [p. 3].
*Jonge Valentijn, De ([augustus] 1867) [[De Katholieke Illustratie/Jaargang 1/Nummer 1/De wapenschouwingen van Junij 1867|‘De wapenschouwingen van Junij 1867’]], ''De Katholieke Illustratie'', jrg. 1, nr. 1, p. 3.
;Alexander II van Rusland (1818-1881); moord
*Anoniem (26 april 1881) [[Dagblad van Zuidholland en 's Gravenhage/Jaargang 215/Nummer 97/Rusland|‘Rusland’]], ''Dagblad van Zuidholland en 's Gravenhage'', [p. 581].
;Charlotte van Pruisen (1798-1860)
*Anoniem (22 november 1831) [[Groninger Courant/1831/Nummer 93/Berlijn den 14 November|‘Berlijn den 14 November’, alinea 4]], ''Groninger Courant'', [p. 1].
;Michaël Pavlovitsj van Rusland (1798-1849)
*Anoniem (7 juli 1828) [[Nederlandsche Staatscourant/1828/Nummer 158/Turkije|‘Turkije’, alinea 6-7]], ''Nederlandsche Staats-Courant'', [p. 1-2].
*Anoniem (8 juli 1828) [[Rotterdamsche Courant/1828/Nummer 82/Berlijn den 2 julij|‘Berlijn den 2 julij’]], ''Rotterdamsche Courant'', [p. 1].
*Anoniem (14 april 1837) [[Leydse Courant/1837/Nummer 45/Italie|‘Italie’, alinea 2]], ''Leydsche Courant'', [p. 1].
;Nicolaas I van Rusland (1796-1855)
*Anoniem (30 juni 1828) [[Leydse Courant/Jaargang 1828/Nummer 78/Berlijn den 23 Junij|‘Berlijn den 23 Junij’]], ''Leydsche Courant'', [p. 1-2].
*Anoniem (7 juli 1828) [[Nederlandsche Staatscourant/1828/Nummer 158/Turkije|‘Turkije’, alinea 3]], ''Nederlandsche Staats-Courant'', [p. 1-2].
*Anoniem (22 november 1831) [[Groninger Courant/1831/Nummer 93/Frankfort den 15 November|‘Frankfort den 15 November’, alinea 3]], ''Groninger Courant'', [p. 1].
*Anoniem (20 december 1831) [[Leeuwarder Courant/1831/Nummer 101/Leeuwarden, den 19 December|‘Leeuwarden, den 19 December’, alinea 3]], ''Leeuwarder Courant'', [p. 2].
*Anoniem (27 december 1831) [[Leeuwarder Courant/1831/Nummer 103/Parijs, den 19 December|‘Parijs, den 19 December’, alinea 5]], ''Leeuwarder Courant'', [p. 1].
*Anoniem (14 april 1837) [[Leydse Courant/1837/Nummer 45/Duitschland|‘Duitschland’]], ''Leydsche Courant'', [p. 1].
;Nicolaas II van Rusland (1868-1918)
*Anoniem (8 september 1893) [[Arnhemsche Courant/Jaargang 80/Nummer 2201/Volgens particuliere berichten te Berlijn|‘Volgens particuliere berichten te Berlijn […]’]], ''Arnhemsche Courant'', Bijvoegsel, [p. 1].
=== 20e eeuw ===
;Alix van Hessen-Darmstadt (1872-1918)
*Anoniem (15 januari 1921) [[Het Centrum/Jaargang 37/Nummer 11103/Een halssnoer van de tsaritsa verdwenen|‘Een halssnoer van de tsaritsa verdwenen’]], ''Het Centrum'', eerste blad, [p. 3].
;Olga Konstantinovna van Rusland
*Anoniem (9 april 1912) [[Nieuwe Rotterdamsche Courant/Jaargang 69/Nummer 98/Avondblad/In het Parthenon te Athene|‘In het Parthenon te Athene is Zondag het 16de oriëntalisten-congres feestelijk geopend, […]’]], ''Nieuwe Rotterdamsche Courant'', Avondblad, B, p. 2.
== Historische figuren ==
=== 18e eeuw ===
;Bestuzhev-Ryumin, Pjotr (1664-1742)
*Anoniem (18 maart 1741) [[Amsterdamsche Courant/1741/Nummer 33/Petersburg den 21 Febr.|‘Petersburg den 21 Febr.’]], ''Amsterdamse Saturdaegse Courant'', [p. 1] (vermeld als ‘Bestuchef’).
;Dolgorukov, Vasili Vladimirovitsj (1667-1746)
*Anoniem (7 januari 1730) [[Amsterdamsche Courant/1730/Nummer 3/Kleef den 4 January|‘Kleef den 4 January’]], ''Amsterdamse Saturdaegse Courant'', [p. 1].
;Dolgorukova, Ekaterina Aleksejevna (1712-1747)
*Anoniem (7 januari 1730) [[Amsterdamsche Courant/1730/Nummer 3/Hamburg den 3 January|‘Hamburg den 3 January’]], ''Amsterdamse Saturdaegse Courant'', [p. 2].
*Anoniem (7 januari 1730) [[Amsterdamsche Courant/1730/Nummer 3/Kleef den 4 January|‘Kleef den 4 January’]], ''Amsterdamse Saturdaegse Courant'', [p. 1].
;Golitsyn, Alexander Mikhailovitsj (1718-1783)
*Anoniem (6 oktober 1769) [[Opregte Groninger Courant/1769/Nummer 80/Van de Poolsche grenzen den 22 September|‘Van de Poolsche grenzen den 22 September’]], ''Opregte Groninger Courant'', [p. 1] (Golitsyn vermeld als ‘Gallitzin’).
*Anoniem (6 oktober 1769) [[Opregte Groninger Courant/1769/Nummer 80/Neder-Elbe den 30 September|‘Neder-Elbe den 30 September’]], ''Opregte Groninger Courant'', [p. 1] (Golitsyn vermeld als ‘Gallitzin’).
;Orlov, Aleksej Grigorjevitsj (1737-1807)
*Anoniem (2 februari 1771) [[Opregte Haarlemsche Courant/1771/Zaterdageditie, nummer 5/Livorno den 16 January|‘Livorno den 16 January’, alinea 3]], ''Oprechte Saturdagse Haerlemse Courant'', [p. 1].
;Potjomkin, Grigori Aleksandrovitsj (1739-1791)
*Anoniem (23 april 1789) [[Opregte Haarlemsche Courant/1789/Nummer 49/Van de Neder-Elve den 17 April|‘Van de Neder-Elve den 17 April’]], ''Oprechte Donderdagse Haarlemse Courant'', [p. 1] (vermeld als ‘Prins Potemkin’).
;Rumjanzev, Pjotr Aleksandrovitsj (1725-1796)
*Anoniem (23 april 1789) [[Opregte Haarlemsche Courant/1789/Nummer 49/Van de Neder-Elve den 17 April|‘Van de Neder-Elve den 17 April’]], ''Oprechte Donderdagse Haarlemse Courant'', [p. 1] (vermeld als ‘Graaf Romanzow’).
;Tsjernysjov, Sachar Grigorevitsj (1722-1784)
*Anoniem (4 mei 1758) [[Amsterdamsche Courant/1758/Nummer 53/Warschau den 15 April|‘Warschau den 15 April’]], ''Amsterdamse Donderdagse Courant'', [p. 1] (vermeld als ‘den generaal Czernizew’).
;Volynsky, Artemy (1689-1740)
*Anoniem (18 maart 1741) [[Amsterdamsche Courant/1741/Nummer 33/Petersburg den 21 Febr.|‘Petersburg den 21 Febr.’]], ''Amsterdamse Saturdaegse Courant'', [p. 1] (vermeld als ‘Wolinsky’).
=== 19e eeuw ===
;Geismar, Friedrich Caspar von (1783-1848)
*Anoniem (15 september 1828) [[Nederlandsche Staatscourant/1828/Nummer 218/Turkije|‘Turkije’]], ''Nederlandsche Staats-Courant'', [p. 1].
;Gortsjakov, Aleksandr (1798-1883)
*Jonge Valentijn, De ([augustus] 1867) [[De Katholieke Illustratie/Jaargang 1/Nummer 1/De wapenschouwingen van Junij 1867|‘De wapenschouwingen van Junij 1867’]], ''De Katholieke Illustratie'', jrg. 1, nr. 1, p. 3.
;Grekov, Timofej (1770-1831)
*Anoniem (10 december 1811) [[Staatkundig Dagblad van het Departement der Zuiderzee/1811/Nummer 10/Walachye|‘Walachye. Bucharest, den 20 October. Officieel verslag der laatste krijgsbewegingen van het leger in Wallachije, onder dagteekening Giurgewo, den 18 (10sten) october 1811’, alinea 5]], ''Feuille politique du département du Zuiderzée = Staatkundig Dagblad van het Departement der Zuiderzee'', p. 3-5 (vermeld als ‘de kolonel Grekow’).
;Heiden, Lodewijk van
*Anoniem (30 juni 1828) [[Leydse Courant/Jaargang 1828/Nummer 78/Smyrna den 30 Mei|‘Smyrna den 30 Mei’]], ''Leydsche Courant'', [p. 1].
;Kibalchich, Nikolai (1853-1881)
*Anoniem (26 april 1881) [[Dagblad van Zuidholland en 's Gravenhage/Jaargang 215/Nummer 97/Rusland|‘Rusland’, alinea 2]], ''Dagblad van Zuidholland en 's Gravenhage'', [p. 581].
;Koetoezov, Michail Illarionovitsj (1745-1813)
*Anoniem (10 december 1811) [[Staatkundig Dagblad van het Departement der Zuiderzee/1811/Nummer 10/Walachye|‘Walachye. Bucharest, den 20 October. Officieel verslag der laatste krijgsbewegingen van het leger in Wallachije, onder dagteekening Giurgewo, den 18 (10sten) october 1811’, alinea 3-4]], ''Feuille politique du département du Zuiderzée = Staatkundig Dagblad van het Departement der Zuiderzee'', p. 3-5 (vermeld als ‘de heer Kutusow’).
;Markov, Jevgeni Ivanovitsj (1769-1828)
*Anoniem (10 december 1811) [[Staatkundig Dagblad van het Departement der Zuiderzee/1811/Nummer 10/Walachye|‘Walachye. Bucharest, den 20 October. Officieel verslag der laatste krijgsbewegingen van het leger in Wallachije, onder dagteekening Giurgewo, den 18 (10sten) october 1811’, alinea 3]], ''Feuille politique du département du Zuiderzée = Staatkundig Dagblad van het Departement der Zuiderzee'', p. 3-5 (vermeld als ‘de generaal Markow’).
;Minchaki, Matvey Jakolevitsj (1769-1852)
*Anoniem (12 september 1825) [[Leydse Courant/1825/Nummer 109/Augsburg den 4 September|‘Augsburg den 4 September’]], ''Leydsche Courant'', [p. 1] (vermeld als ‘den Heer von Minciaky’).
;Nesselrode, Karl Robert von (1780-1862)
*Anoniem (8 juli 1828) [[Rotterdamsche Courant/1828/Nummer 82/Frankfort den 4 julij|‘Frankfort den 4 julij’]], ''Rotterdamsche Courant'', [p. 1].
*Anoniem (25 april 1854) [[De Tijd/1854/Nummer 2129/Weenen, 22 April|‘Weenen, 22 April’, alinea 4]], ''De Tijd'', [p. 3].
;Pahlen, Friedrich von der (1780-1863)
*Anoniem (2 maart 1829) [[Nederlandsche Staatscourant/1829/Nummer 52/Het opperbewind over Moldavie|‘Het opperbewind over Moldavie, […]’]], ''Nederlandsche Staats-Courant'', bijvoegsel, [p. 1].
;Perovskaya, Sophia (1853-1881)
*Anoniem (26 april 1881) [[Dagblad van Zuidholland en 's Gravenhage/Jaargang 215/Nummer 97/Rusland|‘Rusland’, alinea 2]], ''Dagblad van Zuidholland en 's Gravenhage'', [p. 581].
;Razoemovski, Andreas (1752-1836)
*Anoniem (18 februari 1814) [[Nederlandsche Staatscourant/1814/Nummer 41/Uit de engelsche dagbladen|‘Uit de engelsche dagbladen, […]’]], ''Nederlandsche Staats-Courant'', [p. 3].
;Ribeaupierre, Aleksandr Ivanovitsj (1781-1865)
*Anoniem (12 september 1825) [[Leydse Courant/1825/Nummer 109/Augsburg den 4 September|‘Augsburg den 4 September’]], ''Leydsche Courant'', [p. 1].
*Anoniem (5 februari 1827) [[Leydse Courant/1827/Nummer 16/Jassy den 6 Januarij|‘Jassy den 6 Januarij’]], ''Leydsche Courant'', [p. 1].
*Anoniem (5 februari 1827) [[Leydse Courant/1827/Nummer 16/Odessa den 6 Januarij|‘Odessa den 6 Januarij’]], ''Leydsche Courant'', [p. 1].
*Anoniem (15 september 1828) [[Nederlandsche Staatscourant/1828/Nummer 218/Griekenland|‘Griekenland’, alinea 2]], ''Nederlandsche Staats-Courant'', [p. 1-2].
;Rüdiger, Theodor von (1783-1856)
*Anoniem (7 juli 1828) [[Nederlandsche Staatscourant/1828/Nummer 158/Turkije|‘Turkije’, alinea 3]], ''Nederlandsche Staats-Courant'', [p. 1-2].
;Rudzevich, Aleksandr Yakovlevitsj (1775-1829)
*Anoniem (7 juli 1828) [[Nederlandsche Staatscourant/1828/Nummer 158/Turkije|‘Turkije’, alinea 2-3]], ''Nederlandsche Staats-Courant'', [p. 1-2] (vermeld als ‘den Generaal Rudzewicz’).
*Anoniem (8 juli 1828) [[Rotterdamsche Courant/1828/Nummer 82/Berlijn den 2 julij|‘Berlijn den 2 julij’, alinea 3]], ''Rotterdamsche Courant'', [p. 1] (vermeld als ‘den generaal Rudzewicz’).
;Saß, Andreas von (1753-1816)
*Anoniem (10 december 1811) [[Staatkundig Dagblad van het Departement der Zuiderzee/1811/Nummer 10/Walachye|‘Walachye. Bucharest, den 20 October. Officieel verslag der laatste krijgsbewegingen van het leger in Wallachije, onder dagteekening Giurgewo, den 18 (10sten) october 1811’, alinea 7]], ''Feuille politique du département du Zuiderzée = Staatkundig Dagblad van het Departement der Zuiderzee'', p. 3-5 (vermeld als ‘de luitenant-generaal van Sass’).
;Stroganov, Grigori Aleksandrovitsj (1770-1857)
*Anoniem (11 maart 1809) [[Koninklijke Courant/1809/Nummer 59/Augsburg den 26 van Sprokkelmaand|‘Augsburg den 26 van Sprokkelmaand [= 26 februari 1809]’]], ''Koninklijke Courant'', [p. 2].
;Vorontsov, Michail Semjonovitsj (1782-1856)
*Anoniem (10 december 1811) [[Staatkundig Dagblad van het Departement der Zuiderzee/1811/Nummer 10/Walachye|‘Walachye. Bucharest, den 20 October. Officieel verslag der laatste krijgsbewegingen van het leger in Wallachije, onder dagteekening Giurgewo, den 18 (10sten) october 1811’, alinea 8]], ''Feuille politique du département du Zuiderzée = Staatkundig Dagblad van het Departement der Zuiderzee'', p. 3-5 (vermeld als ‘de generaal graaf Worontsow’).
;Zheltukhin, Peter (1777-1829)
*Anoniem (2 maart 1829) [[Nederlandsche Staatscourant/1829/Nummer 52/Het opperbewind over Moldavie|‘Het opperbewind over Moldavie, […]’]], ''Nederlandsche Staats-Courant'', bijvoegsel, [p. 1] (Zheltukhin vermeld als ‘Zoltuschin’).
;Zhelyabov, Andrei (1851-1881)
*Anoniem (26 april 1881) [[Dagblad van Zuidholland en 's Gravenhage/Jaargang 215/Nummer 97/Rusland|‘Rusland’, alinea 3]], ''Dagblad van Zuidholland en 's Gravenhage'', [p. 581].
=== Ca. 1900-ca. 1991 ===
:Kalinin, Michail (1875-1946)
*Anoniem (7 juli 1941) [[Leeuwarder Courant/Jaargang 190/Nummer 157/Moskou tegen de verspreiding van geruchten|‘Moskou tegen de verspreiding van geruchten’]], ''Leeuwarder Courant'', [eerste blad], [p. 3].
;Karpov, Lev (1879-1921)
*Anoniem (15 januari 1921) [[Het Centrum/Jaargang 37/Nummer 11103/Is Lenin dood|‘Is Lenin dood?’]], ''Het Centrum'', eerste blad, [p. 3].
;Kaulbars, Alexander von (1844-1925)
*Anoniem (2 april 1904) [[De Nieuwe Courant/Jaargang 4/Nummer 93/Avondblad/De overlevenden van het zeegevecht bij Tsjemoelpo|‘De overlevenden van het zeegevecht bij Tsjemoelpo’]], ''De Nieuwe Courant'', Avondblad, [p. 2].
;Lenin, Vladimir (1870-1924)
*Anoniem (15 januari 1921) [[Het Centrum/Jaargang 37/Nummer 11103/Is Lenin dood|‘Is Lenin dood?’]], ''Het Centrum'', eerste blad, [p. 3].
;Loenatsjarski, Anatoli (1875-1933)
*Anoniem (7 december 1931) [[De Maasbode/Jaargang 64/Nummer 24049/Avondblad/Poesjkin|‘Poesjkin’]], ''De Maasbode'', Avondblad, p. 5.
;Wannowski, Pjotr Semjonowitsj (1822-1904)
*Anoniem (3 maart 1904) [[Haagsche Courant/1904/Nummer 6442/Wannofski|‘Wannofski’]], ''Haagsche Courant'', Tweede blad, [p. 2].
== Delen van Rusland en deelgebieden; afzonderlijk ==
=== Hertogdom Pruisen ===
*Anoniem (10 april 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/10 april/Wt Poolen verstaetmen|‘Wt Poolen verstaetmen […]’, alinea 2]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 2].
=== Plaatsen; afzonderlijk ===
;Kaliningrad
*Anoniem ([20 september 1620]) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1620/20 september/Tot Conincxberghen|‘Tot Conincxberghen […]’]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 2].
*Anoniem (10 oktober 1620) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1620/10 oktober/Tot Conincx-berghen vermoetmen|‘Tot Conincx-berghen vermoetmen […]’]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 2].
[[Categorie:Hoofdportaal geschiedenis]]
5x2ju0ttitwv2pmqy1pr78qgvhrj8hf
Hoofdportaal:Geschiedenis/Oostenrijk/Historische figuren
100
72819
218958
199390
2026-03-26T20:28:37Z
Vincent Steenberg
280
+bronnen
218958
wikitext
text/x-wiki
{{Infobox thema
| naam = Geschiedenis van Oostenrijk; historische figuren
| afbeelding = Eight Famous Austrians.jpg
| alt = Acht beroemde Oostenrijkers
| beschrijving = Bronnen bij historische, Oostenrijkse figuren
}}
== 17e eeuw ==
;Althann, Michael von (1574-1638)
*Anoniem ([ca. 29 mei] 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/ca. 29 mei#art4al6|‘Wt Weenen 4. Mey 1620’, alinea 6]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 6-7 (Michael von Althann vermeld als ‘Den Graeff van Altheim’).
*Anoniem (5 december 1620) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1620/5 december/Wt Weenen den 12. November|‘Wt Weenen den 12. November’]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 2] (Michael von Althann vermeld als ‘den Grave van Altheim’).
;Breuner von Asparn, Johann Graf (1570-1633)
*Anoniem ([20 september 1620]) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1620/20 september/VVt VVeenen den 4. dito|‘VVt VVeenen den 4. dito. [= 4 september 1620]’, alinea 2]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1] (vermeld als ‘Hans Breyner’).
*Anoniem (18 september 1620) [[Courante uyt Italien, Duytslandt, &c./1620/18 september/VVt Weenen den 2. dito|‘VVt Weenen den 2. dito. [= 2 september 1620]’, alinea 2]], ''Courante uyt Italien, Duytslandt, &c.'', [p. 1] (vermeld als ‘Bremer’).
*Anoniem (2 oktober 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/2 oktober (2)#art3al4|‘VVt VVeenen’, alinea 4]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 6-7 (vermeld als ‘Hans Preuner’)
;Breyner, Hans
*Anoniem (8 januari 1621) [[Nieuwe Tijdinghen/1621/nummer 1#art1al5|‘Tydinghe vvt VVeenen van December, 1620’, alinea 5]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 2-4.
;Collonitsch (= Johann Georg von Kollonitsch (ca. 1580-1636)?)
*Anoniem (20 juni 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/20 juni#art2al5|‘Wt Praghe van Junij 1620’, alinea 5]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 6-7.
;Colloredo, Hieronymus von (1582-1638)
*Anoniem (29 maart 1636) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1636/Nummer 13/Wt Basel den 6. Maert|‘Wt Basel den 6. Maert’]], ''Tydingen uyt verscheyden Quartieren'', [p. 1] (vermeld als ‘Colloredo’).
;Dietrichstein, Franz von
*Anoniem (22 juni 1618) [[Courante uyt Italien, Duytslandt, &c./1618/22 juni/VVt Prage, den 9 dito|‘VVt Prage, den 9 dito’]], ''Courante uyt Italien, Duytslandt, &c.'' (vermeld als ‘Cardinael van Diderichsteen’).
*Anoniem (19 juni 1619) [[Courante uyt Italien, Duytslandt, &c./1619/19 juni/VVt Weenen den 1. Iunij|‘VVt Weenen den 1. Iunij’]], ''Courante uyt Italien, Duytslandt, &c''.
*Anoniem (19 mei 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/19 mei (1)#art1|‘Wt Weenen den xxij. April 1620’]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 3-6.
*Anoniem (4 augustus 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/4 augustus#art1al3|‘Wt weenen’, alinea 3]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 3-6.
*Anoniem ([ca. 11 augustus] 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/ca. 11 augustus#art1al4|‘Wt Weenen den xvj. Julij. 1620’, alinea 4]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 3-7.
*Anoniem (16 oktober 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/16 oktober (2)#art2|‘Wt Olmitz in Morauia 1. October’, alinea 2]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 4-5.
*Anoniem (8 januari 1621) [[Nieuwe Tijdinghen/1621/nummer 1#art1|‘Tydinghe vvt VVeenen van December, 1620’]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 2-4.
*Anoniem (8 maart 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/8 maart/Wt Weenen den 17. dito|‘Wt Weenen den 17. dito [= 17 februari 1621]’, alinea 2]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1] (vermeld als ‘Cardinael van Dieterichsteyn’).
*Anoniem (20 maart 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/20 maart/Wt Weenen den 3. dito|‘Wt Weenen den 3. dito. [= 3 maart 1621]’, alinea 6]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1] (vermeld als ‘Die Heer Cardinael van Dieterichsteyn’).
;Fürstenberg, Wratislaw I van (1594-1631)
*Anoniem (5 december 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/5 december (2)#art1al27|‘Cataloghe vande Coninghen, Princen, Graeven, ende andere Vorsten, met den Keyser Ferdinandvs II. opentlijck houdende tegen de Vnie der Caluinisten, ende alle Adherente Protestanten’, alinea 27]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 3-6.
;Heberstorff, Adam von (1585-1629)
*Anoniem (18 september 1620) [[Courante uyt Italien, Duytslandt, &c./1620/18 september/VVt Prage, den 4 dito|‘VVt Prage, den 4 dito. [= 4 september 1620]’, alinea 2]], ''Courante uyt Italien, Duytslandt, &c.'', [p. 1] (als ‘den Colonel Hebersdorf’).
;Hohenfeld, Ludwig von (1576-1644)
*Anoniem (21 augustus 1621) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/21 augustus (2)#art1|‘Wt Saltsburgh den tweeden Augusti’]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 3-4.
;Khlesl, Melchior
*Anoniem (15 mei 1619) [[Courante uyt Italien, Duytslandt, &c./1619/15 mei/VVt Weenen den 27. Dito|‘VVt Weenen den 27. Dito. [= 27 april 1619]’]], ''Courante uyt Italien, Duytslandt, &c''. (als ‘Clesel’).
;Kollonitsch, Ernst von (....-1639)
*Anoniem (26 februari 1621) [[Courante uyt Italien, Duytslandt, &c./1621/26 februari/VVt VVeenen, den 7. dito|‘VVt VVeenen, den 7. dito. [= 7 februari 1621]’, alinea 2]], ''Courante uyt Italien, Duytslandt, &c.'', [p. 1] (als ‘Heere Ernst van Collonits’).
;Kuffsteiner, Johann Jakob (1577-1633)
*Anoniem (23 september 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/23 september (1)#art1al3|‘VVt VVeenen den 26. Augusti 1620’, alinea 3]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 3-5.
;Kurtz von Senftenau, Johann Jakob (1583-1645)
*Anoniem (19 mei 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/19 mei (1)#art1al6|‘Wt Weenen den xxij. April 1620’, alinea 6]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 3-6.
;Lampl von Fronsburg, Jakob (1576-1624)
*Anoniem (23 september 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/23 september (1)#art1al3|‘VVt VVeenen den 26. Augusti 1620’, alinea 3]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 3-5 (vermeld als Lampel).
;Landau, Georg von (''fl''. 1611-1621)
*Anoniem (20 juni 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/20 juni#art1|‘Wt weenen in Oostenrijck. Met Tijdinghe van den lesten Mey 1620’]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 3-6.
*Anoniem (21 augustus 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/21 augustus (2)#art2al6|‘Wt Praghe den 7. Augusti’, alinea 6]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 4-7.
*Anoniem (26 februari 1621) [[Courante uyt Italien, Duytslandt, &c./1621/26 februari/VVt VVeenen, den 7. dito|‘VVt VVeenen, den 7. dito. [= 7 februari 1621]’, alinea 4]], ''Courante uyt Italien, Duytslandt, &c.'', [p. 1] (als ‘Heere Georg van Landaw’).
;Liechtenstein, Karel I van (1569-1627)
*Anoniem (20 juni 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/20 juni#art1al3|‘Wt weenen in Oostenrijck. Met Tijdinghe van den lesten Mey 1620’, alinea 3]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 3-6.
*Anoniem (17 juli 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/17 juli (2)#art4|‘Wt Weenen van xxiiij. Junij’]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 6-8.
*Anoniem (24 juli 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/24 juli#art2al3|‘Wt Weenen vanden tweeden Julij’, alinea 3]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 4-5.
*Anoniem (25 januari 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/25 januari/Wt Weenen den 3. Ianuarij|‘Wt Weenen den 3. Ianuarij’, alinea 4]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1].
*Anoniem (15 januari 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/25 januari/Wt Praghe den 8. dito|‘Wt Praghe den 8. dito. [= 8 januari 1621]’]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1].
*Anoniem (25 januari 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/25 januari/Wt Weenen den 3. Ianuarij|‘Wt Weenen den 3. Ianuarij’, alinea 4]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1].
*Anoniem (15 maart 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/15 maart/Wt Prage den 25. dito|‘Wt Prage den 25. dito. [= 25 februari 1621]’]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1] (als ‘de Vorst van Lichtensteyn’).
*Anoniem (20 maart 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/20 maart/Wt Praghe den 2. Martij|‘Wt Praghe den 2. Martij’, alinea 2]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1] (als ‘den Vorst van Lichtensteyn’).
;Liechtenstein, Maximiliaan van (1578-1645)
*Anoniem (28 april 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/28 april (2)#art1|‘Wt Weenen den eersten April 1620’, alinea 2]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 3-4.
*Anoniem (8 maart 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/8 maart/Wt Weenen den 17. dito|‘Wt Weenen den 17. dito [= 17 februari 1621]’, alinea 2]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1] (vermeld als ‘den Heere Maximiliaen van Lichtensteyn’).
;Meggau, Leonhard Helfried van (1577-1644)
*Anoniem (18 augustus 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/18 augustus (2)#art1al6|‘Wt weenen in Oostenrijck’, alinea 6]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 3-7 (vermeld als ‘den Heere Grave van Meccau’).
*Anoniem (25 januari 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/25 januari/Wt Weenen den 3. Ianuarij|‘Wt Weenen den 3. Ianuarij’, alinea 3]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1].
*Anoniem (23 februari 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/23 februari/Wt Weenen den 2. Februarij|‘Wt Weenen den 2. Februarij’]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1] (vermeld als ‘den Grave van Meggou’).
*Anoniem (1 maart 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/1 maart/Wt Weenen den 9. Februarij|‘Wt Weenen den 9. Februarij’]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1] (vermeld als ‘den Heere van Meggou’).
;Mollart, Jakob von
*Anoniem (28 april 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/28 april (2)#art2|‘Wt Weenen in April 1620’]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 5-8 (vermeld als ‘den Heere van Mollartz’).
*Anoniem (20 juni 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/20 juni#art2|‘Wt Praghe van Junij 1620’]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 6-7.
;Puchheim, Johann Christph II, graaf van
*Anoniem ([22 juni 1618]) [[Courante uyt Italien, Duytslandt, &c./1618/22 juni/VVt Prage, den 9 dito|‘VVt Prage, den 9 dito. [=9 juni 1618]’, alinea 2]], ''Courante uyt Italien, Duytslandt, &c''. (als ‘Bucheym’).
*Anoniem (30 november 1618) [[Courante uyt Italien, Duytslandt, &c./1618/30 november/VVt VVeenen, den 11. dito|‘VVt VVeenen, den 11. dito. [= 11 november 1618]’, alinea 2]], ''Courante uyt Italien, Duytslandt, &c.'' (als ‘Grave van Buchaimb’).
*Anoniem ([15 juni 1619]) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1619/15 juni/VVt VVeenen den 22. dito|‘VVt VVeenen den 22. dito [= 22 mei 1619]’, alinea 3]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''] (als ‘Grave van Bucheym’).
;Starhemberg, Gotthard von (1563-1622)
*Anoniem (23 september 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/23 september (1)#art2al2|‘Extract vvt sekeren Brieff tot Lintz, gheschreuen den 28. deſer. [= 28 augustus 1620]’, alinea 2]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 5-6 (vermeld als ‘Godaert van Starenberch’).
;Starhemberg, Konrad Balthasar von (1612-1687)
*Anoniem (21 februari 1654) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1654/Nummer 8/Van den Rhijnstroom, den 16 dito|‘Van den Rhijnstroom, den 16 dito. [= 16 februari 1654]’]], ''Tijdinge uyt verscheyden Quartieren'', [p. 2] (vermeld als ‘Den Graef van Starenbergh’).
;Teufel, Georg (...-1642)
*Anoniem (12 juni 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/12 juni#art3al2|‘Wt Weenen’, alinea 2]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 6-7.
*Anoniem (20 juni 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/20 juni#art1al3|‘wt weenen in Oostenrijck. Met Tijdinghe van den lesten Mey 1620’, alinea 3]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 3-6.
*Anoniem (17 juli 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/17 juli (2)#art4|‘Wt Weenen van xxiiij. Junij’]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 6-8.
*Anoniem (18 augustus 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/18 augustus (1)#art2|‘Tijdinghe wt Niewensol van 18. ditto. [= 18 juli 1620]’]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 5-6.
*Anoniem (7 oktober 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/7 oktober (2)#art2al2|‘Tijdinghe vt Weenen vanden 10. Sept. 1620’, alinea 2]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 3-4.
*Anoniem (16 oktober 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/16 oktober (1)#art1|‘Wt VVeenen. den 1. October’, alinea 3]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 3-5 (vermeld als ‘den Baron van Teufuel’).
;Teuffenbach, Friedrich von (1585-1621)
*Anoniem ([ca. 20 februari] 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/ca. 20 februari#art3al6|‘Wt Praghe’, alinea 6]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 5-7.
*Anoniem (21 augustus 1620) [[Courante uyt Italien, Duytslandt, &c./1620/21 augustus/VVt Ceulen, den 15. Augusti|‘VVt Ceulen, den 15. Augusti’, alinea 2]], ''Courante uyt Italien, Duytslandt, &c.'', [p. 2].
;Trauttmannsdorff (''fl''. 1620)
*Anoniem (8 mei 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/8 mei (3)#art1al2|‘Wt Praghe den 17. April 1620’, alinea 2]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 3-5.
;Tschernembl, Georg Erasmus von (1567-1626)
*Anoniem (21 augustus 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/21 augustus (1)#art1al18|‘Met Brieven wt weenen van v. Augusti’, alinea 18]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 3-8 (vermeld als ‘T’shernembel’).
*Anoniem (23 september 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/23 september (1)#art2al2|‘Extract vvt sekeren Brieff tot Lintz, gheschreuen den 28. deſer. [= 28 augustus 1620]’, alinea 2]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 5-6 (vermeld als ‘t’schernemel’).
== 18e eeuw ==
;Kaunitz, Dominik Andreas von (1655-1705)
*Anoniem (6 maart 1700) [[Opregte Haarlemsche Courant/1700/Zaterdageditie, nummer 10/Weenen den 20 February|‘Weenen den 20 February’]], ''Oprechte Haerlemse Saturdaegse Courant'', [p. 1] (vermeld als ‘den Grave van Caunits’).
;Rappach, Karl Ernst (1649-1719)
*Anoniem (6 maart 1700) [[Opregte Haarlemsche Courant/1700/Zaterdageditie, nummer 10/Weenen den 20 February|‘Weenen den 20 February’]], ''Oprechte Haerlemse Saturdaegse Courant'', [p. 1].
;Reisenach, Franz Johann von (1730-1807)
*Anoniem (17 januari 1784) [[Hollandsche Historische Courant/1784/Nummer 8/Nederlanden|‘Nederlanden’, alinea 10]], ''Hollandsche Historische Courant'', [p. 1].
*Anoniem (2 juli 1784) [[Nederlandsche Courant/1784/Nummer 79/'s Hage den 30 Juny|‘’s Hage den 30 Juny’, alinea 3]], ''Nederlandsche Courant'', [p. 1-2].
;Wallis, Franz Wenzel von (1696-1774)
*Anoniem (18 maart 1741) [[Amsterdamsche Courant/1741/Nummer 33/Neiss in Silesien den 16 February|‘Neiss in Silesien den 16 February’]], ''Amsterdamse Saturdaegse Courant'', [p. 1].
;Windisch-Graetz, Leopold Johann Victorin von (1686-1746)
*Anoniem (25 januari 1720) [[Opregte Haarlemsche Courant/1720/Donderdageditie, nummer 4/’s Gravenhage den 24 January|‘’s Gravenhage den 24 January’]], ''Oprechte Haerlemse Donderdaegse Courant'', [p. 2] (vermeld als ‘den Graef van Windisgratz’).
== 19e eeuw ==
;Beust, Ferdinand von (1809-1886)
*Anoniem (10 augustus 1867) [[Venloosch Weekblad/Jaargang 5/Nummer 32/Naar men verneemt|‘Naar men verneemt zal bij de ontmoeting, welke Keizer Napoleon met den Keizer van Oostenrijk te Salzburg zal hebben, geen fransch minister tegenwoordig zijn. […]’]], ''Venloosch Weekblad'', [p. 2].
;Buol, Karl Ferdinand von (1797-1865)
*Anoniem (25 april 1854) [[De Tijd/1854/Nummer 2129/Parijs, 21 April|‘Parijs, 21 April’, alinea 7]], ''De Tijd'', [p. 3].
;Cobenzl, Ludwig von (1753-1809)
*Anoniem (11 maart 1809) [[Koninklijke Courant/1809/Nummer 59/Sterfberigten|‘Sterfberigten’]], ''Koninklijke Courant'', [p. 3].
;Haymerle, Heinrich von (1828-1881)
*Anoniem (26 april 1881) [[Dagblad van Zuidholland en 's Gravenhage/Jaargang 215/Nummer 97/Weenen, 23 April|‘Weenen, 23 April’]], ''Dagblad van Zuidholland en 's Gravenhage'', [p. 581].
;Johan Salvator van Oostenrijk
*Anoniem (12 oktober 1913) [[Het Vaderland/Jaargang 45/Nummer 243/De verkoop van Johann Orth's bibliotheek|‘De verkoop van Johann Orth's bibliotheek’]], ''Het Vaderland'', Ochtendblad, B, [p. 2].
;Schwarzenberg, Karl Philipp zu (1771-1820)
*Anoniem (6 maart 1809) [[Koninklijke Courant/1809/Nummer 54/Petersburg den 8 van Sprokkelmaand|‘Petersburg den 8 van Sprokkelmaand [= 8 februari 1809]’]], ''Koninklijke Courant'', [p. 2].
;Stadion, Philipp von (1763-1824)
*Anoniem (18 februari 1814) [[Nederlandsche Staatscourant/1814/Nummer 41/Uit de engelsche dagbladen|‘Uit de engelsche dagbladen, […]’, alinea 3]], ''Nederlandsche Staats-Courant'', [p. 3].
;Stürgkh, Karl von (1859-1916)
*Anoniem (24 april 1912) [[Nieuwe Rotterdamsche Courant/Jaargang 69/Nummer 113/Ochtendblad/Verwarde toestanden|‘Verwarde toestanden’]], ''Nieuwe Rotterdamsche Courant'', Ochtendblad, A, p. 1.
;Stürmer, Ignaz von (1750/1752-1829)
*Anoniem (9 maart 1809) [[Koninklijke Courant/1809/Nummer 57/Konstantinopolen den 20 van Louwmaand|‘Konstantinopolen den 20 van Louwmaand [= 20 januari 1809]’, alinea 2]], ''Koninklijke Courant'', [p. 2].
== 20e eeuw ==
;Streeruwitz, Ernst (1874-1952)
*Anoniem (19 juli 1929) [[De Indische Courant/Jaargang 8/Nummer 252/Moordaanslag|‘Moordaanslag’]], ''De Indische Courant'', derde blad, [p. 1].
[[Categorie:Hoofdportaal geschiedenis]]
fcx02vd7tgm17lant43xhrhxjg2sxcj
Pagina:De Groote Schouburgh Der Nederlantsche Konstschilders En Schilderessen 1719 vol 2.djvu/190
104
83165
218959
215251
2026-03-26T20:56:28Z
Vincent Steenberg
280
/* Proefgelezen */
218959
proofread-page
text/x-wiki
<noinclude><pagequality level="3" user="Vincent Steenberg" />{{RH||''Schilders en Schilderessen''.|163}}</noinclude>letter van den Text, zonder aandoeninge, met de handen in de zak, of als stokbeelden uitspraken, was zyn zeggen: ''de zakken zyn gemaakt om dat het gelt in ’t dragen niet door de vingeren zoude druipen''; en stond met een van zyn plaats op en liet den Discipel daar zitten, zeggende: ''Nu zal ik het u voordoen, let op de'' <ref>{{fine|''Gebaarden''.] Om van deze gebaarden, en roeringen die een Konstige Redenvoeringe behoorden te verzellen, zyne Leerlingen een vaster indruk te geven, en zig daar aan meerder te doen gewennen; koos hy de bekwaamste van zyne Discipelen uit (als hy woonde in ’t voorste Huis, dat zedert aan de Brouwery van den Oranjeboom te Dordrecht getrokken is, daar hy op de ruime zolderingen gelegentheit had van een volkomen Toneel op te slaan) en gaf hun yder een Rol van zyne, of een’s anders Toneelstuk te spelen: tot het welke zy dan vermochten hunne Ouders en goede bekenden te noodigen, tot aanschouwers, van het Spel, waar ontrent S. v. Hoogstraten een tweede Francius verstrekte.<br>{{gap}}Ook liet hy zyne Discipelen by wylen tot verversinge hunner opgespannen gedachten, een schaduwdans vertoonen, of spelen: dienstig niet alleen tot vermaak, maar inzonderheit om hen door zulk een voorwerp, de menigvuldige veranderingen en verlengingen of verkortingen der licht verwisselende gedaanten der schaduwen, (spruitende uit de nabyheid of afstand van ’t licht) te doen kennen en begrypen. Gelyk hy ook den toestel daar van beduid, nevens een vertoonprint, in Melpomene of het VII Boek van de Schilderkonst op pag. 260.{{dhr}}{{gap}}Zulke uitspanningen zyn vry wat prysselyker dan die men by Bachus zoekt. En men mag de zelve te recht met de spreuk, ''Prodesse & Delectare'', benoemen.}}</ref> ''Gebaarden, wyze van staan, of buiging des lichaams, as ik spreek'', en beduide het (als het spreekwoord zeit) met vinger en duim. ’T gebeurde, dat ik een werkelyke schets, over een schriftuurlyk voorwerp gemaakt, aan hem vertoonde, waar by ik tot vul-<noinclude>{{RH||L 2|ling}}</noinclude>
n1krw8yjjxs6h2hlvv7aqvcikfja7jd
Hoofdportaal:Geschiedenis/Nieuwe geschiedenis/17e eeuw/Veldtocht van Maximiliaan van Beieren
100
83824
218961
216671
2026-03-27T08:56:49Z
Vincent Steenberg
280
+plaatje
218961
wikitext
text/x-wiki
{{Infobox thema
| naam = Veldtocht van Maximiliaan van Beieren
| afbeelding = Capture of Linz by Maximilian of Bavaria, 4 August 1620.jpg
| alt = Inname van Linz, 4 augustus 1620
| beschrijving = Bronnen bij de [[w:Veldtocht van Maximiliaan van Beieren|Veldtocht van Maximiliaan van Beieren]], ca. 10 juli-9 november 1620
}}
;Voorbereiding
*Anoniem (8 mei 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/8 mei (1)#art1|‘Gheschreuen wt weenen den viij. April’, alinea 3]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 3-5.
*Anoniem (5 juni 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/5 juni (2)#art4|‘Wt Augsburgh van den 20. Mey’]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 6.
*Anoniem (17 juli 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/17 juli (1)#art5al4|‘Wt Vlm van xxiij. Junij 1620’, alinea 4]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 7.
*Anoniem (30 juli 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/30 juli (1)#art1al3|‘Wt Weenen met brieven van 8. Julio 1620. van diuersche plaetsen’, alinea 3]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 3-4.
;Muiterij, 6 juli 1620
*Anoniem (30 juli 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/30 juli (2)#art1al3|‘Wt Dilinghen den 13. Julij’, alinea 3, 4 en 6]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 3-7.
;Bezetting van Opper-Oostenrijk
*Anoniem (30 juli 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/30 juli (2)#art1al5|‘Wt Dilinghen den 13. Julij’, alinea 5 en 7]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 3-7.
*Anoniem (8 augustus 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/8 augustus#art2|‘Wt Regenspurg den 11. Julij’]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 4-5.
*Anoniem (8 augustus 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/8 augustus#art3|‘Wt Augspurg van xxij. ditto. [= 22 juli 1620]’]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 5-6.
*Anoniem (18 augustus 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/18 augustus (1)#art1|‘Met Brieven wt weenen den xxix. Julij’]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 3-5.
*Anoniem (21 augustus 1621) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/21 augustus (2)#art1|‘Wt Saltsburgh den tweeden Augusti’]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 3-4.
*Anoniem (21 augustus 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/21 augustus (1)#art1|‘Met Brieven wt weenen van v. Augusti’, alinea 1]], [[Nieuwe Tijdinghen/1620/21 augustus (1)#art1al15|15]], [[Nieuwe Tijdinghen/1620/21 augustus (1)#art1al16|16]], [[Nieuwe Tijdinghen/1620/21 augustus (1)#art1al17|17]] en [[Nieuwe Tijdinghen/1620/21 augustus (1)#art1al18|18]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 3-8.
*Anoniem (21 augustus 1620) [[Courante uyt Italien, Duytslandt, &c./1620/21 augustus/Wt Prage, den 7. dito|‘Wt Prage, den 7. dito. [= 7 augustus 1620]’]], ''Courante uyt Italien, Duytslandt, &c.'', [p. 1].
*Anoniem (26 augustus 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/26 augustus#art1al2|‘Met Brieuen wt weenen van x. Augusti’, alinea 2]], [[Nieuwe Tijdinghen/1620/26 augustus#art1al11|11]] en [[Nieuwe Tijdinghen/1620/26 augustus#art1al12|12]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 3-7.
*Anoniem (28 augustus 1620) [[Courante uyt Italien, Duytslandt, &c./1620/28 augustus/VVt Weenen den 12 dito|‘VVt Weenen den 12 dito. [= 12 augustus 1620]’]], ''Courante uyt Italien, Duytslandt, &c.'', [p. 1].
*Anoniem (12 september 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/12 september#art1|‘Wt Weenen 20. Augusti’]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 3-8.
*Anoniem (18 september 1620) [[Courante uyt Italien, Duytslandt, &c./1620/18 september/VVt Weenen den 2. dito|‘VVt Weenen den 2. dito. [= 2 september 1620]’, alinea 2]], [p. 1].
*Anoniem (18 september 1620) [[Courante uyt Italien, Duytslandt, &c./1620/18 september/VVt Prage, den 4 dito|‘VVt Prage, den 4 dito. [= 4 september 1620]’]], ''Courante uyt Italien, Duytslandt, &c.'', [p. 1].
*Anoniem ([20 september 1620]) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1620/20 september/VVt Praghe den 8. September|‘VVt Praghe den 8. September’]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1-2].
*Anoniem (23 september 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/23 september (1)#art1al2|‘VVt VVeenen den 26. Augusti 1620’, alinea 2-4]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 3-5.
;Het Boheemse leger trekt zich terug uit Neder-Oostenrijk, juli 1620
*Anoniem (4 augustus 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/4 augustus#art1al6|‘Wt weenen’, alinea 6]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 3-6.
;Bezetting van Linz, juli 1620
*Anoniem (8 augustus 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/8 augustus#art4|‘Tijdinghe van 30. ditto. [= 30 juli 1620]’]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 6.
*Anoniem (14 augustus 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/14 augustus#art2|‘Tijdinghe wt Lintz van 26. ditto. [= 26 juli 1620]’]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 5-6.
*Anoniem (14 augustus 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/14 augustus#art4|‘Wt Weenen’]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 7.
*Anoniem (21 augustus 1620) [[Courante uyt Italien, Duytslandt, &c./1620/21 augustus/Wt Lints in Oostenryck, den 8. dito|‘Wt Lints in Oostenryck, den 8. dito. [= 8 augustus 1620]’]], ''Courante uyt Italien, Duytslandt, &c''., [p. 1].
*Anoniem (21 augustus 1621) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/21 augustus (2)#art3|‘Wt Weenen’]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 7.
*Anoniem (28 augustus 1620) [[Courante uyt Italien, Duytslandt, &c./1620/28 augustus/VVt Ceulen, den 22. Augusti|‘VVt Ceulen, den 22. Augusti’, alinea 2-7]], ''Courante uyt Italien, Duytslandt, &c.'', [p. 2].
;Maximiliaan en Bucquoy nemen laatste bolwerken van de protestanten in
*Anoniem (2 oktober 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/2 oktober (1)#art1|‘Wt Weenen den 9. September’]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 3-4.
;Inval in Bohemen
*Anoniem (18 september 1620) [[Courante uyt Italien, Duytslandt, &c./1620/18 september/VVt Praghe, den 7 dito|‘VVt Praghe, den 7 dito. [= 7 september 1620]’]], ''Courante uyt Italien, Duytslandt, &c.'', [p. 1].
*Anoniem ([20 september 1620]) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1620/20 september/VVt Etsdorp den 7. dito|‘VVt Etsdorp den 7. dito. [= 7 september 1620]’]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 2].
*Anoniem (23 september 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/23 september (1)#art2|‘Extract vvt sekeren Brieff tot Lintz, gheschreuen den 28. deſer. [= 28 augustus 1620]’]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 5-6.
*Anoniem (23 september 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/23 september (1)#art3|‘Wt Praghe den 31. deser. [= 31 augustus 1620]’]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 7.
*Anoniem (7 oktober 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/7 oktober (1)#art1al4|‘Tydinghe vvt VVeenen’, alinea 4]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 3-4.
*Anoniem (7 oktober 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/7 oktober (1)#art3|‘Wt Praghe’]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 5-7.
*Anoniem (7 oktober 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/7 oktober (2)#art3al6|‘Wt Praghe vanden 13. ditto. [= 13 september 1620]’, alinea 6]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 5-6.
*Anoniem (7 oktober 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/7 oktober (2)#art1|‘Wt den Beyerschen Velt-legher vanden xiiij. September Anno 1620’]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 2-3.
*Anoniem (7 oktober 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/7 oktober (2)#art6|‘Wt Franckfort vanden 28. ditto. [= 28 september 1620]’]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 8.
*Ferdinand (1620) ''[[Nieuwe Tijdinghen/1620/9 oktober (2)|Copya van diversche schriftelijcke Commissien ende Placcaten by de Roomsche Keyserlijcke Majesteyt aen zijne Vorstelijcke Doorlu. den Hertoge van Beyeren, etc. ouer gesonden, raeckende de gerebelleerde Bohemen, als ooc die vant Lant op der Ens]]'', T’hantwerpen: By Abraham Verhoeven.
*Maximiliaen (9 oktober 1620) ''[[Nieuwe Tijdinghen/1620/9 oktober (3)|De resolutie die haere Forstelijcke Doorluchtigheyt, Hertoch Maximilianus van Beyeren, etc. aende drije pollitique Standen in Oostenrijck, ende d’Landt op der Ens, op haere ontschuldinghe ghegeven heeft]]'', T’Hantwerpen: By Abraham Verhoeven.
*Maximiliaen van Beyeren (1620) ''[[Nieuwe Tijdinghen/1620/Schriftelijcke insinuatie|Schriftelijcke insinuatie ghedaen by haere Vorstelijcke Doorluchticheydt Hertoch Maximiliaen van Beyeren, aenden Ceurvorst Pfaltz-Grave, belanghende de Keyserlijcke Commissie, aende Staten van Bohemen. Ghedateert wt de Vryſtadt den 25. Auguſti 1620]]'', T’Hantwerpen: By Abraham Verhoeven.
;Brief van Maximiliaan van Beieren aan de Staten van Bohemen, 25 augustus 1620
*Maximiliaen (9 oktober 1620) ''[[Nieuwe Tijdinghen/1620/9 oktober (4)|Sekeren Brief geschreuen aende Staten, ende Ondersaten van Bohemen, by haere Vorstelijcke Doorluchticheydt hertoch Maximilianus van Beyeren, waer beneffens de selue oock ouer ghesonden hebben, de Keyserlijcke Patente, in Originael. Ghedateert, wt de Vreystadt den 25. Augusti 1620]]'', T’Hantwerpen: By Abraham Verhoeven.
;Beleg van Prachatice, 26-27 september 1620
:[[Afbeelding:1rightarrow.png|15px]] Zie [[Hoofdportaal:Geschiedenis/Tsjechië/Prachatice/Beleg van Prachatice]]
;Beleg van Třeboň door Maximiliaan en Bucquoy
*Anoniem (14 oktober 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/14 oktober (1)#art3al6|‘Wt Praghe’, alinea 6]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 5-7 (Třeboň vermeld als ‘Wittingauw’).
;Inname van Vimperk
*Anoniem (23 oktober 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/23 oktober (1)#art2|‘VVt VVeenen 7. October’]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 4-5 (Vimperk vermeld als ‘Winterberch’).
;Beleg van Písek, 29-30 september 1620
:[[Afbeelding:1rightarrow.png|15px]] Zie [[Hoofdportaal:Geschiedenis/Tsjechië/Písek/Beleg van Písek]]
;Slag op de Witte Berg, 8 november 1620
:[[Afbeelding:1rightarrow.png|15px]] Zie [[Hoofdportaal:Geschiedenis/Tsjechië/17e eeuw/Slag op de Witte Berg]]
;Vertrek van Maximiliaan van Beieren uit Bohemen, 16 of 17 november 1620
*Anoniem (5 december 1620) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1620/5 december/Wt Munchem in Beyeren den 24. dito|‘Wt Munchem in Beyeren den 24. dito. [= 24 november 1620]’]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 2].
*Anoniem (9 december 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/9 december (2)#art2|‘VVt Munchen daer t’hoff van den Hertoch van Beyeren is’]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 6-8.
*Anoniem (30 december 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/30 december (2)#art1|‘VVaerachtighe Tydinghe van Duytslant, ende hoe dat den Bethlehem Gabor de Croone van Hongarijen mede ghenomen heeft’]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 3-4.
;Vertrek van het Beierse leger uit Praag
*Anoniem (22 mei 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/22 mei/VVt Praghe den 4. Mey|‘VVt Praghe den 4. Mey’]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1].
*Anoniem (26 mei 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/26 mei/VVt Praghe den 7. dito|‘VVt Praghe den 7. dito. [= 7 mei 1621]’, alinea 2]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1].
;Gevolgen voor de boerenbevolking
*Anoniem (21 augustus 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/21 augustus (1)#art1al12|‘Met Brieven wt weenen van v. Augusti’, alinea 12]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 3-8.
*Anoniem (30 december 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/30 december (2)#art3|‘Tijdinghe wt Ausburg, 1620. in December. Met Brieuen van Praghe’]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 5-7.
[[Categorie:Wikisource:Hoofdportaal geschiedenis]]
k3sf8qazw090bgs7nt9zrfggfgnf35y
Pagina:Nieuwe Tijdinghen 1621 no 001.djvu/4
104
84163
218957
216858
2026-03-26T20:02:37Z
Vincent Steenberg
280
typo
218957
proofread-page
text/x-wiki
<noinclude><pagequality level="3" user="Vincent Steenberg" />{{c|4}}</noinclude>Slesien gheschreven hebben, als dat hunlieden ghenoechsaem bekent is in wat manieren ende vuegen hunnen Coninck ghelofte ghedaen heeft, met Lijff, Bloet, Have, ende Goet hunlieden te defenderen, ende by te blijven, het welck hy niet ghehouden en heeft, maer is trouloos ontloopen ende van hunlieden geweken, Al waeromme hebben zy lieden den Alderdoorluchtichsten Groot-machtichsten ende Onverwinlijcksten Vorste ende Heere, Ferdinando den anderen, Ghecoren Roomschen Keyser, tot allen tijden Vermeerder des Rijckx, in Germanien, Hungerijen ende Bohemen Koninck etc, Ghehuldight in voeghen ten eeuwighen daghen gheenen anderen voor hunnen Koninck te bekennen noch te behouden dan zijn Keys. Majesteyt, daerom soo willen zylieden de voornoemde Standen van Slesien ghetrouwelijck ghewaerschout hebben t’selvighe oock alsoo te volghen. Wat nv die van Slesien hier op sullen resolveren verwachtmen te vernemen.
{{c|{{anker|art2}}{{x-larger|{{tt|Andere Tydinghen vvt Weenen.}}}}}}
{{gap}}Die Hunghersche Standen hebben tot Tyrna teghens Betlehem Gabor, groote questie ghehadt, ouermits hy de Croone van Presbourch met ghewelt ontvuert heeft, ende begheeren dat de selue wederomme tot Presbourch ghebracht sal worden.<br>{{anker|art2al2}}{{gap}}Wt Polen hebben Tijdinghe dat de Polen vande<noinclude>{{rechts|Turcken}}</noinclude>
mm60bkwup73785ibtob3jyrmh4jaj72
Index:Amsterdamsche Courant 1741 no 033.pdf
106
85292
218938
2026-03-26T16:09:37Z
Vincent Steenberg
280
nieuw
218938
proofread-index
text/x-wiki
{{:MediaWiki:Proofreadpage_index_template
|Type=tijdschrift
|Taal=nl
|wikidata=
|Titel=Amsterdamse Saturdaegse Courant
|Ondertitel=
|Deel=
|Auteur=
|Vertaler=
|Redacteur=
|Illustrator=
|Stroming=
|Jaar=1741
|Uitgever=
|Plaats=
|Druk=
|OorspronkelijkeUitgave=
|Key=
|doe_wikidata=
|ISBN=
|OCLC=
|LCCN=
|BNF_ARK=
|DBNL=
|Bron=pdf
|Afbeelding=1
|Voortgang=V
|Delen=
|Pagina's=<pagelist 1=1 />
|Opmerkingen=Zie [[:Categorie:Amsterdamsche Courant, 1741, Nummer 033]]
|NestedInhoud=
|Breedte=
|Css=
|Header=
|Footer=
}}
e216mer85sdvl52ekyxb2sh7f6me5hd
Pagina:Amsterdamsche Courant 1741 no 033.pdf/1
104
85293
218939
2026-03-26T16:11:00Z
Vincent Steenberg
280
/* Proefgelezen */
218939
proofread-page
text/x-wiki
<noinclude><pagequality level="3" user="Vincent Steenberg" /></noinclude><section begin="s1"/>
{| style="width:100%;"
| style="width:34%;" | {{x-larger|A{{sup|o}}. 1741.}}
{{center|{{x-larger|AMSTERDAMSE}}
{{larger|Word uytgegeeven by<br>Bezyden de Beurs,<br>Post-Comptoir;}}}}
| style="width:33%;text-align:center;" | [[Bestand:Amsterdamsche Courant 1741 no 033 p 1 coat of arms.jpg|200px|center]]
| style="width:34%;" | {{Rechts|{{x-larger|N{{sup|o}}. 33}}}}
{{center|{{x-larger|Saturdaegse Courant.}}
{{larger|{{sp|JAN SPANJER}}T,<br>by het Anterpsche<br>den 18 Maert.}}}}
|}
<section end="s1"/>
<section begin="s2"/>{{center|{{larger|{{sp|INGERMERLAN|0.5em}}D.}}}}
<section end="s2"/>
<section begin="s3"/>{{initiaal|''P''}}''Etersburg den'' 21 ''Febr''. De dogters van den cabinet-minister Wolinsky die op ’t eynde der regeering van wylen de Keyzerin geëxecuteerd wierd, zyn op ordre van de Groot Vorstin Regentesse in vryheid gesteld, hebbende verlof gekreegen hunne dagen op een landgoed dat haer vader toebehoord heeft, te gaen eyndigen. De hertog van Courland houd op Schlusselburg wegens onpaslykheid het bedde, ’t welk men zegt de reeden te zyn dat het vonnis tegen hem nog niet is uytgesprooken: ondertusschen is alles in gereedheyd om hem na Siberien te brengen. De commissarissen aengesteld om het proces van de andere gevangenen op te maken continueeren stiptelyk hunne zittingen, en men acht dat de heer van Bestuchef die onder het getal der gearresteerde persoonen is, in vryheyd gesteld zal werden. Het werd beveiligd dat de ordres afgevaerdigd zyn tot het ligten van een gtoot getal recruten om de troupen voltallig te maken.
<section end="s3"/>
<section begin="s4"/>{{c|{{larger|Duytsland en aengrenzende Ryken.}}}}
<section end="s4"/>
<section begin="s5"/>{{gap}}''Neiss in Silesien den'' 16 ''February''. Toen de pruyssische troupen in Silesien trokken, had de generael graef van Braun dewelke die der Koningin van Ongaryen aldaer en chef commandeerde, niet meer dan 12 battaillons, 3 compagnien granadiers en 600 dragonders onder zyn ordres: de generael gtaef van Wallis commandant van Glogau bewaekte die plaets met 3 van de gemelde battaillons en 2 compagnien granadiers: de graef van Braun liet ’er 4 van in Brieg met eeven so veel compagnien granediers onder het bevel van den major generael graef Piccolomini, en leide ’er 4 van in deeze stad onder het commando van den colonel baron van Roth, insgelyks posteerde hy eenige detachementen in de kasteelen van Namslau en Freidenthal: na deeze schikkingen gemaekt te hebben is het ligtelyk te begrypen met hoe weynig manschap de graef van Braun genoodzaekt is geweest zig na Moravien te retireeren, alwaer die generael thans een sterk corps troupen verzameld, hebbende in ’t begin deezer maend 100 hussaen, 2 regimenten cuirassiers en 4 battaillons gekreegen, en terwyl het overige der troupen die op marsch zyn, te gemoet gezien werd, heeft hy een detachement hussaren herwaerds gezonden dewelke ’er ingetrokken zyn, niettegenstaende deeze plaets door de pruyssische troupen geblocqueerd is. Dewyl het garnizoen van tyd tot tyd uytvallen doed, gaet ’er byna geen dag voorby of men brengd pruyssische gevangenen in, zynde deezer dagen een major van de ingenieurs ingebragt. Onze commandant de baron van Roth en de borgery hebben beslooten de laetste droppel bloed te wagen voor en al eer zig over te geven.
<section end="s5"/>
<section begin="s6"/>{{gap}}''Regensburg den'' 9 ''Maert''. Maendag vertoonden de Oostenryksche gezanten in de raedsvergadering dat de Koningin van Ongaryen den keurvorst van Beyeren by missive om een zeker geley voor hare Boheemse gezanten ter keyserlyke verkiezing had verzogt, dog dat deze brief door den Beyersche staets minister graef Toring aen den Boheemschen opper-kancellier graef Kinsky te rug was gezonden by een biljet, waer in hy hem te verstaen geeft dat men de missive der hertogin van Lottharingen onder andere papieren onvoorziens geopent hebbende niet kan aennemen, en dat schoon in de goude bul een vrouw van de oefening der keurvorsel. rechten niet uytgesloten zy, het hem graef Kinsky egter wel heugen kan wat voor een protest de graef Perusa by zyn vertrek van Weenen gedaen heeft, kunnende dierhalven zyn K. V. D. na desselfs inhoud de Boheemsche gezanten die dezelve voor had tot de keyzerlyke verkiezing te Regensburg te zenden, in die qualiteyt niet erkennen: hier op heeft de graef Kinsky den graef Toring gerescribeert dat hem het protest zeer wel heugde, dog dat hy echter de te rug zending der koningins brief niet vermoed had, zig hier op vestigende dat het eerste kapittel van de goude bul wil, dat men schoon ’er zelfs verschil was, de gezanten geen vrygeley kan afstaen, en dat de gemelde goude bul het recht der vrouwlyke successie, in het koningryk Bohemen staeft, beneffens het ''jus electorale, vox, offcium, & dignitas'' &c. De aenweezende gezanten hebben de zaek ''ad referendum'' genomen, zonder dat iemant zig tot voordeel van de eene of andere party geuyt heeft. De Koning van Pruyssen heeft zyn gezant alhier bevolen te verklaeren dat het een valsch gerugt zy dat hy de cathblyke religie in Silesien verdrukte, begeerende zyn Majt. dezelve so wel als de protestantsche religie buyten verstooring te behouden.
<section end="s6"/>
<section begin="s7"/>{{gap}}''Berlyn den'' 11 ''Maert''. De Koning die wegens de vorst geen belegering heeft kunnen voorneemen, wil de veldtogt eerst na Paesschen openen, en de stille week in zyn residentie doorbrengen. De stad Maegdenburg word met allerhande levensmiddelen voorzien. Keur faxen schynt niet tegen de aenslagen van ons hof te zyn. De fransche minister heeft een expresse van Parys ontfangen. Zyn Majesteyt laet uyt alle de regimenten, een nieuw lyf-regiment opregten dat gestadig by hem zal zyn: dit is geresolveert op het ontdekte complot te Schweinitz, van waer de aldaer gevange genomene Prager studenten 2 en twee aen elkander gesloten, door deeze stad na Spandau gevoert zyn. P. S. So even arriveert een expresse met tyding dat Groot Glogau des nagts tusschen den 8 en 9, stormenderhand is ingenomen en het garnizoen krygsgevangenen gemaekt.
<section end="s7"/>
<section begin="s8"/>{{gap}}''Mentz den'' 10 ''Maert''. De keurvorst heeft eer hy nog antwoord van Beyeren, Brandenburg en Bronswyk ontfangen had of de verkiezings-dag zou voortgaen of niet, aen dezelve keurvorsten onder de dagteekening van den 4 february geschreeven, dat verscheyde keurvorsten op den wettige termyn staen bleeven, en dat zyn keurvorstelyke genade dierhalven zyn gezantschap op den bestemden tyd na Frankfort zou zenden, en hy zelve kort daer na volgen, niet twyffelende of men zou zyn besluyt amptshalven billiken en niet nalaten hem door diergelyke meedewerking te ondersteunen. De keurvorst heeft deeze dit schryven so vroegtydig laten afgaen, wyl hy bevreesd was dat men door meerderheid van stemmen een prolongatie der verkiezings-dag zou toestaen (gelyk geschied is) en dus de verkiezing van de eene tot de andere tyd uytstellen.
<section end="s8"/>
<section begin="s9"/>{{gap}}''Frankfort den'' 12 ''Maert''. De heir aenwezende keurvorstelyke gezanten komen dikwils by elkander: de keur-beyersche eerste verkiezings gezant graef van Schonfeld is van Mentz gearriveert. De keur-saxische gezant graef van Schonberg heeft voor 3 dagen een courier na zyn hof gezonden om het zelve te verwittigen dat de keur-boheemsche gezant zyn quartier op Frauenstein genoomen heeft. De spraek gaet dat het onlangs begonne convent der 5 geassocieerde kreytzen eerstdaegs zonder tot een besluyt te komen, zal scheyden. De vorstendag is op den 20 dezer te Offenbach vastgestelt. De keur-keulsche tweede verkiezings-gezant graef van Metternich is gearriveert, als meede de fransche minister de Blondel.
<section end="s9"/>
<section begin="s10"/>{{gap}}''Keulen den'' 14 ''Maert''. De keurvorst quam Sondag namiddag van Bon ''incognito''; en leyde by den Pauselyke gezant prins Doria de visite af: zyn K. V. D. keerde tegen den avond na zyn residentie. Deze gezant die zig door zyn vriendelyke omgang zeer bemind en geagt maakt, wierd gisteren door onze burgermeesteren heerlyk ter maeltyd onthaelt. Den 9, is Pater Spiex tot Abt van St. Martin, Benedictyner orde verkooren.
<section end="s10"/>
<section begin="s11"/>{{gap}}''Hanover den'' 10 ''Maert''. Men vleyd zig dat de baron van Schwiegelt die zig met een gewigtige commissie van onzen Souverain te Berlyn bevind, in zyn onderhandeling zal slagen, en dat de Koning van Pruyssen de hand zal willen bieden tot herstelling der goede harmonie tusschen zyn huys en dat van Oostenryk, buyten het welke men niet dan een der bloedigste oorlogen te gemoet ziet, aengezien de Ongaren en Sevenbergers gereed zyn hun goed en bloed voor den dienst Van hunne nieuwe Souveraine op te offeren uyt erkentenis van ’t redres der religie grieven en de herstelling in hunne oude privilegien. De pruyssise minister van Ploto maendag eenige exemplaeren vau eene nieuwe deductie, waer in de Koning zyn Meester zyn regt op Silesien met authentique stukken veel klaerder als ooit geschied is, aentoond, ontfangen hebbende, presenteerde den volgenden dag ’er eenige van aen ons ministerie. Het regiment van Borck heeft by deszelfs doortogt in dit land, zeer goede ordre gehouden, en alles contant betaeld; als meede het regiment dragonders van Sonsfeld; deeze beyde regimenten trekken na de kant van Maegdenburg. In deeze stad bevinden zig 4 extraordinaris envoyéz, als de heer Haring wegens Saxen, de heer Koller wegens Wurtemburg, de heer van Ploto wegens Pruyssen, en de heer Jaxtheim wegens de Koningin van Ongaryen: men verwagt ’er nog meer van verscheyde andere hoven, om middelen te beraemen tot ’s ryk veyligheid, en tot herstelling van der zelver innerlyke rust. Het vertrek van onze plegtige ambassade na Frankfort, is tegen den 15 dezer vastgestelt.
<section end="s11"/>
<section begin="s12"/>{{gap}}''Hamburg den'' 14 ''Maert'': Te Kiel zyn 80 man recruten geworven tot voltalligmaking van het hollandsche regiment van den Prins Fredrik August van Holsteyn Gottorf, ’t welk te Iperen in garnizoen legt, werwaerds men bezig is dezelve te transporteeren: gem. Prins was na Eutin vertrokken om van den hertog administrateur afscheyd te neemen, en zig vervolgens te post na den Haeg en van daer na Iperen te begeeven: alle de officieren van den regeerenden hertog van wie hy het caracter draegd van gen. major, zyn over zyn vertrek ten uyterste aengedaen. Op de Elve zyn gearriveert de scheepen van Frans Dolmer en Niels Christensen van Mallaga, en Cornelis Ariens van Bourdeaux, en nog 4 schepen van Breemen met rogge.
<section end="s12"/>
<section begin="s13"/>{{c|{{larger|{{sp|NEDERLANDE|0.5em}}N.}}}}
<section end="s13"/>
<section begin="s14"/>{{gap}}''’s Gravenhage den'' 16 ''Maert''. De Heeren Staeten van Holland en West Friesland zyn gisteren en heeden vergadert, en de Heeren Gecommitteerden van de collegien der admiraliteyten in besoignes geweest. De heer Preis extraordinaris envoyé van den Koning van Sweeden, was gisteren met haer Hoog Mog. president in gesprek, en heeden de heer Greis extraordinaris envoyé van den Koning van Deenmarken, als meede de heer van Raesfeld extraordinaris envoyé van den Koning van Pruyssen. Een courier uyt Duytsland is na Londen gepasseert, en een ander van daer na Duytsland. De baron van Reischach extraordinaris envoyé van de Koninginne van Ongaryen en Boheemen, is met heeren van de regeering in gesprek geweest. De baron van Lintelo van Stedum, sessie hebbende in de Raede van Staete wegens de provincie van Groningen, is geretourneert en in gem. Raed verscheenen. By de Raed van Staete zyn de heeren Snellenberg, Wishof, Biesenbroek en Brocade aengestelt tot ordinaris meester vuurwerkers, in het corps artillery van den heer collonel van Glabbeek, in plaets van de geavanceerde heeren luytenants du Pont, van der Spyk eh Heyneman. Men verstaet dat de Heeren Staeten van de provincie van Overyssel heden vergadert zynde, hunne ordinaris landdag hebben geopent, en dat van verscheyde militaire ampten zal werden gedisponeert. Men heeft tyding dat de heer en Mr. Herman van Breugel, raed en scheepen te ’s Hertogenbosch aldaer overleden is.
<section end="s14"/>
<section begin="s15"/>{{gap}}''Amsterdam den'' 17 ''Maert''. Den 15, zyn in Tessel binnen gekomen de scheepen van Jan Jansz. Kleyn van Barcelona, Jove Broers van Stromstad, Will. Coppelman van Hul, Francis Traham van Sunderland, en Hans Swen van Ostende; integendeel zyn uytgezeyld Sietje Klaesen, en Pieter Tjeerts na de Straets Davids, en Willem Smit na Noorwegen: den 26, James Klerk na Nieuwjork, Ryn Cool na Krooswyk, Pieter Gerritsz. na Bajoenen, Dirk Berg, en Jan Pietersz. Visser na Bourdeaux, en Wouter Etson na Biscayen. Den 2 dezer, was voorby het land gepasseert Jacob van der Linden van Cetten na Hamburg gaende, en in de Hoofden gepraeyt Siwert Bak van Cetten herwaeidss komende. Den 12 dezer, was van Hamburg na Cadix vertrokken Andries Tollenaer. Het schip van Niels Bouman van Lisbon ns Sweeden gaende was by Schagen gebleven. Omtrent Udewalk lag Lars Larfse Juthe van St. Ubes, in Gotland R. Nanning, Sjoert Thomas, Sietje Femmers en nog 4 vreemde scheepen. Op de Sweedsche kust by Ellenburg zaten aen de grond Tjebbe Hendriksz., P. Bakker en S. Sybrandsz. Tot Gallipoli was gearriveert Kl. Jansz. van Marseille, tot Breemen J. Cornelisz. de Oude van Koningsbergen, en F. Karsseboom van hier, tot Barcelona J. Hilkes van Marseille, en tot Duynkerken L. Lolles van deze stad.
<section end="s15"/>
<section begin="s16"/>{{gap}}Also den 17 February 1741, in de Graefl. Bentingse Heerschafs Varel, een vreemde Joodin in een afgeleegen veld vermooid gevonden is, en volgens zeekere narigt en sterke presumptie, dat een Jood, genaemt Levi Simon, die eenige jaren in Varel woonachtig geweest is, kleyn van statuur, heeft rood ongekruld haar en roode baerd, mager van persoon, omtrent 30 jaer oud, met een witachtig kleed, en dikwils een pels mutse dragend, en een vellys met pelswerk overtrokken by zig hebbende, deeze afgryslyke moord gedaen heeft; so werd zulks bekent gemaekt, en alle en een ieder hooge en geringe civil en militair Gerichtspersoonen verzogt, ingevalle de voorsz. Jood zoude gezien of aengetroffen werden, deszelfs persoon in arrest te willen neemen, en tot bevorderinge der Justitie aen het Graeflyke Bentingse Ambts-Gericht tot Varel daer van kennis te geeven, om na behoorlyke reversales en gerestitueerde kosten, de uytleeveringe te kunnen bezorgen: ook werd een douceur van f 60 belooft aen die geene die den beschrevenen moordenaer in handen van Justitie zal leeveren, of aentoonen op wat plaets hy zig ophoud.
<section end="s16"/>
<section begin="s17"/>{{gap}}Alle de geene die iets te pretendeeren mogte hebben, of ook iets schuldig zyn aen Hilbrand Backer, hebbende voor heen voor Stuurman gevaeren op Surinamen, en tot Schellingwou overleeden, gelieve zulks aldaer op te geeven aen Daniel Aux Brebis, en Gerrit Ottesze Bording, als aengestelde Curateurs van den Geregte, voor den 17 April naest volgende. Ook is op Schellingwou te huur of te koop, met of zonder Tuyn, een Huysje in ’t best van dorp, met 2 vertrekken, kleerzolder, kelder, turfhok en andere gemakken; den Tuyn beplant met beste vrugtdragende boomen: Te bevragen tot Amsterdam aen Klaes Persyn Mr. Lootgieter op de Zeedyk.
<section end="s17"/>
<section begin="s18"/>{{gap}}Andries van Aelst, Jan Crommenie, en Anth. Ch. Muller, Makelaers, zullen op Woensdag den 22 Maert, t’Amst. in de Nes in de Brakke Grond verkopen, een party Koopmanschappen, geborgen uyt het schip de Lampsloep Kapt. Jonathan Zeeman, bestaende in Yzer, Stael, Kopere Bekkens, Blik, Messen, Yzer en Koperdraet, Lakens, Linnens, Speceryen, Kruydeniers Waeren, Drogeryen, Verfwaeren, Kaes, Jugten en ander Leer, Neuremberger Kramery en andere Goederen meer.<section end="s18"/><noinclude></noinclude>
5xswglm4ga7jwpl6xmwpnjtdyn8p2rn
218955
218939
2026-03-26T19:28:07Z
Vincent Steenberg
280
typo
218955
proofread-page
text/x-wiki
<noinclude><pagequality level="3" user="Vincent Steenberg" /></noinclude><section begin="s1"/>
{| style="width:100%;"
| style="width:34%;" | {{x-larger|A{{sup|o}}. 1741.}}
{{center|{{x-larger|AMSTERDAMSE}}
{{larger|Word uytgegeeven by<br>Bezyden de Beurs,<br>Post-Comptoir;}}}}
| style="width:33%;text-align:center;" | [[Bestand:Amsterdamsche Courant 1741 no 033 p 1 coat of arms.jpg|200px|center]]
| style="width:34%;" | {{Rechts|{{x-larger|N{{sup|o}}. 33}}}}
{{center|{{x-larger|Saturdaegse Courant.}}
{{larger|{{sp|JAN SPANJER}}T,<br>by het Anterpsche<br>den 18 Maert.}}}}
|}
<section end="s1"/>
<section begin="s2"/>{{center|{{larger|{{sp|INGERMERLAN|0.5em}}D.}}}}
<section end="s2"/>
<section begin="s3"/>{{initiaal|''P''}}''Etersburg den'' 21 ''Febr''. De dogters van den cabinet-minister Wolinsky die op ’t eynde der regeering van wylen de Keyzerin geëxecuteerd wierd, zyn op ordre van de Groot Vorstin Regentesse in vryheid gesteld, hebbende verlof gekreegen hunne dagen op een landgoed dat haer vader toebehoord heeft, te gaen eyndigen. De hertog van Courland houd op Schlusselburg wegens onpaslykheid het bedde, ’t welk men zegt de reeden te zyn dat het vonnis tegen hem nog niet is uytgesprooken: ondertusschen is alles in gereedheyd om hem na Siberien te brengen. De commissarissen aengesteld om het proces van de andere gevangenen op te maken continueeren stiptelyk hunne zittingen, en men acht dat de heer van Bestuchef die onder het getal der gearresteerde persoonen is, in vryheyd gesteld zal werden. Het werd beveiligd dat de ordres afgevaerdigd zyn tot het ligten van een gtoot getal recruten om de troupen voltallig te maken.
<section end="s3"/>
<section begin="s4"/>{{c|{{larger|Duytsland en aengrenzende Ryken.}}}}
<section end="s4"/>
<section begin="s5"/>{{gap}}''Neiss in Silesien den'' 16 ''February''. Toen de pruyssische troupen in Silesien trokken, had de generael graef van Braun dewelke die der Koningin van Ongaryen aldaer en chef commandeerde, niet meer dan 12 battaillons, 3 compagnien granadiers en 600 dragonders onder zyn ordres: de generael graef van Wallis commandant van Glogau bewaekte die plaets met 3 van de gemelde battaillons en 2 compagnien granadiers: de graef van Braun liet ’er 4 van in Brieg met eeven so veel compagnien granediers onder het bevel van den major generael graef Piccolomini, en leide ’er 4 van in deeze stad onder het commando van den colonel baron van Roth, insgelyks posteerde hy eenige detachementen in de kasteelen van Namslau en Freidenthal: na deeze schikkingen gemaekt te hebben is het ligtelyk te begrypen met hoe weynig manschap de graef van Braun genoodzaekt is geweest zig na Moravien te retireeren, alwaer die generael thans een sterk corps troupen verzameld, hebbende in ’t begin deezer maend 100 hussaen, 2 regimenten cuirassiers en 4 battaillons gekreegen, en terwyl het overige der troupen die op marsch zyn, te gemoet gezien werd, heeft hy een detachement hussaren herwaerds gezonden dewelke ’er ingetrokken zyn, niettegenstaende deeze plaets door de pruyssische troupen geblocqueerd is. Dewyl het garnizoen van tyd tot tyd uytvallen doed, gaet ’er byna geen dag voorby of men brengd pruyssische gevangenen in, zynde deezer dagen een major van de ingenieurs ingebragt. Onze commandant de baron van Roth en de borgery hebben beslooten de laetste droppel bloed te wagen voor en al eer zig over te geven.
<section end="s5"/>
<section begin="s6"/>{{gap}}''Regensburg den'' 9 ''Maert''. Maendag vertoonden de Oostenryksche gezanten in de raedsvergadering dat de Koningin van Ongaryen den keurvorst van Beyeren by missive om een zeker geley voor hare Boheemse gezanten ter keyserlyke verkiezing had verzogt, dog dat deze brief door den Beyersche staets minister graef Toring aen den Boheemschen opper-kancellier graef Kinsky te rug was gezonden by een biljet, waer in hy hem te verstaen geeft dat men de missive der hertogin van Lottharingen onder andere papieren onvoorziens geopent hebbende niet kan aennemen, en dat schoon in de goude bul een vrouw van de oefening der keurvorsel. rechten niet uytgesloten zy, het hem graef Kinsky egter wel heugen kan wat voor een protest de graef Perusa by zyn vertrek van Weenen gedaen heeft, kunnende dierhalven zyn K. V. D. na desselfs inhoud de Boheemsche gezanten die dezelve voor had tot de keyzerlyke verkiezing te Regensburg te zenden, in die qualiteyt niet erkennen: hier op heeft de graef Kinsky den graef Toring gerescribeert dat hem het protest zeer wel heugde, dog dat hy echter de te rug zending der koningins brief niet vermoed had, zig hier op vestigende dat het eerste kapittel van de goude bul wil, dat men schoon ’er zelfs verschil was, de gezanten geen vrygeley kan afstaen, en dat de gemelde goude bul het recht der vrouwlyke successie, in het koningryk Bohemen staeft, beneffens het ''jus electorale, vox, offcium, & dignitas'' &c. De aenweezende gezanten hebben de zaek ''ad referendum'' genomen, zonder dat iemant zig tot voordeel van de eene of andere party geuyt heeft. De Koning van Pruyssen heeft zyn gezant alhier bevolen te verklaeren dat het een valsch gerugt zy dat hy de cathblyke religie in Silesien verdrukte, begeerende zyn Majt. dezelve so wel als de protestantsche religie buyten verstooring te behouden.
<section end="s6"/>
<section begin="s7"/>{{gap}}''Berlyn den'' 11 ''Maert''. De Koning die wegens de vorst geen belegering heeft kunnen voorneemen, wil de veldtogt eerst na Paesschen openen, en de stille week in zyn residentie doorbrengen. De stad Maegdenburg word met allerhande levensmiddelen voorzien. Keur faxen schynt niet tegen de aenslagen van ons hof te zyn. De fransche minister heeft een expresse van Parys ontfangen. Zyn Majesteyt laet uyt alle de regimenten, een nieuw lyf-regiment opregten dat gestadig by hem zal zyn: dit is geresolveert op het ontdekte complot te Schweinitz, van waer de aldaer gevange genomene Prager studenten 2 en twee aen elkander gesloten, door deeze stad na Spandau gevoert zyn. P. S. So even arriveert een expresse met tyding dat Groot Glogau des nagts tusschen den 8 en 9, stormenderhand is ingenomen en het garnizoen krygsgevangenen gemaekt.
<section end="s7"/>
<section begin="s8"/>{{gap}}''Mentz den'' 10 ''Maert''. De keurvorst heeft eer hy nog antwoord van Beyeren, Brandenburg en Bronswyk ontfangen had of de verkiezings-dag zou voortgaen of niet, aen dezelve keurvorsten onder de dagteekening van den 4 february geschreeven, dat verscheyde keurvorsten op den wettige termyn staen bleeven, en dat zyn keurvorstelyke genade dierhalven zyn gezantschap op den bestemden tyd na Frankfort zou zenden, en hy zelve kort daer na volgen, niet twyffelende of men zou zyn besluyt amptshalven billiken en niet nalaten hem door diergelyke meedewerking te ondersteunen. De keurvorst heeft deeze dit schryven so vroegtydig laten afgaen, wyl hy bevreesd was dat men door meerderheid van stemmen een prolongatie der verkiezings-dag zou toestaen (gelyk geschied is) en dus de verkiezing van de eene tot de andere tyd uytstellen.
<section end="s8"/>
<section begin="s9"/>{{gap}}''Frankfort den'' 12 ''Maert''. De heir aenwezende keurvorstelyke gezanten komen dikwils by elkander: de keur-beyersche eerste verkiezings gezant graef van Schonfeld is van Mentz gearriveert. De keur-saxische gezant graef van Schonberg heeft voor 3 dagen een courier na zyn hof gezonden om het zelve te verwittigen dat de keur-boheemsche gezant zyn quartier op Frauenstein genoomen heeft. De spraek gaet dat het onlangs begonne convent der 5 geassocieerde kreytzen eerstdaegs zonder tot een besluyt te komen, zal scheyden. De vorstendag is op den 20 dezer te Offenbach vastgestelt. De keur-keulsche tweede verkiezings-gezant graef van Metternich is gearriveert, als meede de fransche minister de Blondel.
<section end="s9"/>
<section begin="s10"/>{{gap}}''Keulen den'' 14 ''Maert''. De keurvorst quam Sondag namiddag van Bon ''incognito''; en leyde by den Pauselyke gezant prins Doria de visite af: zyn K. V. D. keerde tegen den avond na zyn residentie. Deze gezant die zig door zyn vriendelyke omgang zeer bemind en geagt maakt, wierd gisteren door onze burgermeesteren heerlyk ter maeltyd onthaelt. Den 9, is Pater Spiex tot Abt van St. Martin, Benedictyner orde verkooren.
<section end="s10"/>
<section begin="s11"/>{{gap}}''Hanover den'' 10 ''Maert''. Men vleyd zig dat de baron van Schwiegelt die zig met een gewigtige commissie van onzen Souverain te Berlyn bevind, in zyn onderhandeling zal slagen, en dat de Koning van Pruyssen de hand zal willen bieden tot herstelling der goede harmonie tusschen zyn huys en dat van Oostenryk, buyten het welke men niet dan een der bloedigste oorlogen te gemoet ziet, aengezien de Ongaren en Sevenbergers gereed zyn hun goed en bloed voor den dienst Van hunne nieuwe Souveraine op te offeren uyt erkentenis van ’t redres der religie grieven en de herstelling in hunne oude privilegien. De pruyssise minister van Ploto maendag eenige exemplaeren vau eene nieuwe deductie, waer in de Koning zyn Meester zyn regt op Silesien met authentique stukken veel klaerder als ooit geschied is, aentoond, ontfangen hebbende, presenteerde den volgenden dag ’er eenige van aen ons ministerie. Het regiment van Borck heeft by deszelfs doortogt in dit land, zeer goede ordre gehouden, en alles contant betaeld; als meede het regiment dragonders van Sonsfeld; deeze beyde regimenten trekken na de kant van Maegdenburg. In deeze stad bevinden zig 4 extraordinaris envoyéz, als de heer Haring wegens Saxen, de heer Koller wegens Wurtemburg, de heer van Ploto wegens Pruyssen, en de heer Jaxtheim wegens de Koningin van Ongaryen: men verwagt ’er nog meer van verscheyde andere hoven, om middelen te beraemen tot ’s ryk veyligheid, en tot herstelling van der zelver innerlyke rust. Het vertrek van onze plegtige ambassade na Frankfort, is tegen den 15 dezer vastgestelt.
<section end="s11"/>
<section begin="s12"/>{{gap}}''Hamburg den'' 14 ''Maert'': Te Kiel zyn 80 man recruten geworven tot voltalligmaking van het hollandsche regiment van den Prins Fredrik August van Holsteyn Gottorf, ’t welk te Iperen in garnizoen legt, werwaerds men bezig is dezelve te transporteeren: gem. Prins was na Eutin vertrokken om van den hertog administrateur afscheyd te neemen, en zig vervolgens te post na den Haeg en van daer na Iperen te begeeven: alle de officieren van den regeerenden hertog van wie hy het caracter draegd van gen. major, zyn over zyn vertrek ten uyterste aengedaen. Op de Elve zyn gearriveert de scheepen van Frans Dolmer en Niels Christensen van Mallaga, en Cornelis Ariens van Bourdeaux, en nog 4 schepen van Breemen met rogge.
<section end="s12"/>
<section begin="s13"/>{{c|{{larger|{{sp|NEDERLANDE|0.5em}}N.}}}}
<section end="s13"/>
<section begin="s14"/>{{gap}}''’s Gravenhage den'' 16 ''Maert''. De Heeren Staeten van Holland en West Friesland zyn gisteren en heeden vergadert, en de Heeren Gecommitteerden van de collegien der admiraliteyten in besoignes geweest. De heer Preis extraordinaris envoyé van den Koning van Sweeden, was gisteren met haer Hoog Mog. president in gesprek, en heeden de heer Greis extraordinaris envoyé van den Koning van Deenmarken, als meede de heer van Raesfeld extraordinaris envoyé van den Koning van Pruyssen. Een courier uyt Duytsland is na Londen gepasseert, en een ander van daer na Duytsland. De baron van Reischach extraordinaris envoyé van de Koninginne van Ongaryen en Boheemen, is met heeren van de regeering in gesprek geweest. De baron van Lintelo van Stedum, sessie hebbende in de Raede van Staete wegens de provincie van Groningen, is geretourneert en in gem. Raed verscheenen. By de Raed van Staete zyn de heeren Snellenberg, Wishof, Biesenbroek en Brocade aengestelt tot ordinaris meester vuurwerkers, in het corps artillery van den heer collonel van Glabbeek, in plaets van de geavanceerde heeren luytenants du Pont, van der Spyk eh Heyneman. Men verstaet dat de Heeren Staeten van de provincie van Overyssel heden vergadert zynde, hunne ordinaris landdag hebben geopent, en dat van verscheyde militaire ampten zal werden gedisponeert. Men heeft tyding dat de heer en Mr. Herman van Breugel, raed en scheepen te ’s Hertogenbosch aldaer overleden is.
<section end="s14"/>
<section begin="s15"/>{{gap}}''Amsterdam den'' 17 ''Maert''. Den 15, zyn in Tessel binnen gekomen de scheepen van Jan Jansz. Kleyn van Barcelona, Jove Broers van Stromstad, Will. Coppelman van Hul, Francis Traham van Sunderland, en Hans Swen van Ostende; integendeel zyn uytgezeyld Sietje Klaesen, en Pieter Tjeerts na de Straets Davids, en Willem Smit na Noorwegen: den 26, James Klerk na Nieuwjork, Ryn Cool na Krooswyk, Pieter Gerritsz. na Bajoenen, Dirk Berg, en Jan Pietersz. Visser na Bourdeaux, en Wouter Etson na Biscayen. Den 2 dezer, was voorby het land gepasseert Jacob van der Linden van Cetten na Hamburg gaende, en in de Hoofden gepraeyt Siwert Bak van Cetten herwaeidss komende. Den 12 dezer, was van Hamburg na Cadix vertrokken Andries Tollenaer. Het schip van Niels Bouman van Lisbon ns Sweeden gaende was by Schagen gebleven. Omtrent Udewalk lag Lars Larfse Juthe van St. Ubes, in Gotland R. Nanning, Sjoert Thomas, Sietje Femmers en nog 4 vreemde scheepen. Op de Sweedsche kust by Ellenburg zaten aen de grond Tjebbe Hendriksz., P. Bakker en S. Sybrandsz. Tot Gallipoli was gearriveert Kl. Jansz. van Marseille, tot Breemen J. Cornelisz. de Oude van Koningsbergen, en F. Karsseboom van hier, tot Barcelona J. Hilkes van Marseille, en tot Duynkerken L. Lolles van deze stad.
<section end="s15"/>
<section begin="s16"/>{{gap}}Also den 17 February 1741, in de Graefl. Bentingse Heerschafs Varel, een vreemde Joodin in een afgeleegen veld vermooid gevonden is, en volgens zeekere narigt en sterke presumptie, dat een Jood, genaemt Levi Simon, die eenige jaren in Varel woonachtig geweest is, kleyn van statuur, heeft rood ongekruld haar en roode baerd, mager van persoon, omtrent 30 jaer oud, met een witachtig kleed, en dikwils een pels mutse dragend, en een vellys met pelswerk overtrokken by zig hebbende, deeze afgryslyke moord gedaen heeft; so werd zulks bekent gemaekt, en alle en een ieder hooge en geringe civil en militair Gerichtspersoonen verzogt, ingevalle de voorsz. Jood zoude gezien of aengetroffen werden, deszelfs persoon in arrest te willen neemen, en tot bevorderinge der Justitie aen het Graeflyke Bentingse Ambts-Gericht tot Varel daer van kennis te geeven, om na behoorlyke reversales en gerestitueerde kosten, de uytleeveringe te kunnen bezorgen: ook werd een douceur van f 60 belooft aen die geene die den beschrevenen moordenaer in handen van Justitie zal leeveren, of aentoonen op wat plaets hy zig ophoud.
<section end="s16"/>
<section begin="s17"/>{{gap}}Alle de geene die iets te pretendeeren mogte hebben, of ook iets schuldig zyn aen Hilbrand Backer, hebbende voor heen voor Stuurman gevaeren op Surinamen, en tot Schellingwou overleeden, gelieve zulks aldaer op te geeven aen Daniel Aux Brebis, en Gerrit Ottesze Bording, als aengestelde Curateurs van den Geregte, voor den 17 April naest volgende. Ook is op Schellingwou te huur of te koop, met of zonder Tuyn, een Huysje in ’t best van dorp, met 2 vertrekken, kleerzolder, kelder, turfhok en andere gemakken; den Tuyn beplant met beste vrugtdragende boomen: Te bevragen tot Amsterdam aen Klaes Persyn Mr. Lootgieter op de Zeedyk.
<section end="s17"/>
<section begin="s18"/>{{gap}}Andries van Aelst, Jan Crommenie, en Anth. Ch. Muller, Makelaers, zullen op Woensdag den 22 Maert, t’Amst. in de Nes in de Brakke Grond verkopen, een party Koopmanschappen, geborgen uyt het schip de Lampsloep Kapt. Jonathan Zeeman, bestaende in Yzer, Stael, Kopere Bekkens, Blik, Messen, Yzer en Koperdraet, Lakens, Linnens, Speceryen, Kruydeniers Waeren, Drogeryen, Verfwaeren, Kaes, Jugten en ander Leer, Neuremberger Kramery en andere Goederen meer.<section end="s18"/><noinclude></noinclude>
eb7kbx60hb0y4xldzrtk9lfbv9awwcj
Pagina:Amsterdamsche Courant 1741 no 033.pdf/2
104
85294
218940
2026-03-26T16:11:53Z
Vincent Steenberg
280
/* Proefgelezen */
218940
proofread-page
text/x-wiki
<noinclude><pagequality level="3" user="Vincent Steenberg" /></noinclude><section begin="s1"/>{{gap}}''Brussel den'' 16 ''Maert''. Eergisteren vertrokken de Staeten van Henegouwen, na Mons, en gisteren de marquis de los Rios na Parys, om zig verder na Spanjen te begeeven.
<section end="s1"/>
<section begin="s2"/>{{gap}}''Parys den'' 13 ''Maert''. De graef van Montijo plenipotentiaris van van Spanjen by de verkiezing te Frankfort, vertrok gisteren na Straetsburg, alwaer hy de te rugkomst van 2 couriers die hy den 10, de eene na Madrid en de andere na Weenen zond, zal afwagten. Te Nantes zyn 3 huyzen ingestort waer dooe 40 menschen zyn omgekomen. Zedert gisteren loopt een fterk gerugt dat de admirael Ogle een groot voordeel in de Westindien behaeld heeft. De actien doen 2167 livres 10 fols.
<section end="s2"/>
<section begin="s3"/>{{gap}}Werd Hy dezen geadverteert, dat ten Comptoire van den Heer ''Johan Francois van Hogendorp'', Ontfanger Generael der Vereenigde Nederlanden, in ’s Hage, op den 11 April 1741 en volgende dagen, zullen werden afgelost de navolgende Generaliteyts Obligatien, geregistreert van Fol. 851 B, en vervolgens tot Fol. 856 verso H, beyde incluys, alle van dato 11 April 1702, met den lntrest daer op te goede tot den voorn. 11 April 1741; derhalven werden de Houders der voorsz. Obligatien verzogt, haer Capitaelen en Interest als dan op het spoedigste ten Comptoire Generael voornt. te laten ontfangen, dewyl geen verdere Interest op dezelve kan werden betaelt, maer voor afgelost werden gehouden, waer na een ieder zig gelieve te reguleeen.
<section end="s3"/>
<section begin="s4"/>{{gap}}De Heeren Gecommitteerdens van de Ed. Agtb. Heeren Burgermeesteren en Vroedschap dee stad Utregt, zullen op Saturdag den 25 Maert, ’s namiddags ten 2 uuren, op de vaert over Vianen besteden, het Verdiepen van de grootste of buytenste Kolk van de Sluyzen aldaer: Het Bestek is te zien in de Secretarye van de Policie der stad Utregt, tot Amersfoort in de Witte Swaen, tot Vianen in de Roos en op de Vaert by den Timmerman van de Wetering.
<section end="s4"/>
<section begin="s5"/>{{gap}}Dykgraef en Hoog Heemraden van den Zeedyk beoosten Muyden, zullen op den eersten May 1741, en vervolgens in de haven tot Muyden ontfangen Keysteen, en daer voor, des van de vereyschte swaerte zynde, betalen f 7 per Last.
<section end="s5"/>
<section begin="s6"/>{{gap}}Op Maendag den 20 Maert, ’s namiddags ten 2 uuren, zat men t’Amsterd. op het Princen Eyland, in het Pakhuys de Witte Pellicaen verkopen, een groote party extra Fyn Hage Bocken Hout, bequaem voor Moolenmakers, Blokmakers en Schavemakers &c.; heeden en op de Verkoopdag te zien.
<section end="s6"/>
<section begin="s7"/>{{gap}}Men zal by Executie op Maendag den 20 Maert, op de Oude Schans op de hoek van Boomsloot, ’s namiddags ten 3 uuren verkopen, een extra fraeye Trok-Tafel met blaeuw Laken bekleed, met zyn Stokken en verdere toebehooren; welke op de Verkoopdag van ’s middags ten 1 uur, tot ’s namiddags ten 3 uuren te zien zal zyn.
<section end="s7"/>
<section begin="s8"/>{{gap}}Op Maendag den 20 Maert, ’s morgens ten 11 uuren, zal t’Amsterd. voor de Moes-Zaeden Winkel van Ab. Hoogland, op de Blom markt, by veylinge werden verkogt een considerable party Pauwen en Pauwinnen in soorten, als extra bonte, witte, en eenige Poelepintaten en witte Kalkoenen, heeden te zien.
<section end="s8"/>
<section begin="s9"/>{{gap}}De Makelaers tot Sardam, zullen op Dingsdag den 21 Maert, ’s middags ten 1 uur, in ’t Moriaenshoofd verkopen, 200 a 250 Rynfe Eyken Balken, van 30 tot 60 voet, 2 a 300 Rynse Eyken Clossen en Crommers, en een party Eyders Knies en Crommers; leggende aen de Werven van Hermanus Thopas, Olphert Pet en de Wed. Jan Rogge.
<section end="s9"/>
<section begin="s10"/>{{gap}}Isaek Hosteyn, Makelaer, zal op Dingsdag den 21 Maert, t’Amst. in’t Oude Heeren Logement verkopen, een party Winkel-Waeren, bestaende in Triomphanen, Damasten, half Zyde Stoffen, Ras de Propris, dito Depolie, Calaminken, Sargie de Boy, Drogetten, Flenellen, Grynen, Trypen &c.; benevens diverse 8 en 9 quarts Lakenen en Gefigureerde Drogetten, Engelsche Sajetten Koussen, gebleekte Linnens &c., daegs te vooren te zien.
<section end="s10"/>
<section begin="s11"/>{{gap}}Aenstaende Maendag den 20 Maert, zal F. Boucquet Boekverkoper in ’s Hage, op de Groote Zael van ’t Hof verkopen, de nagelatene Bibliotheek van wylen den Wel Ed. Gestr. Heer Mr. Jan Scott, in zyn Wel Ed. Gestr. leven President en Stadhouder van de Leenen in den Souverainen Rade en Leenhove van Braband en Lande van Overmaze: De Catalogus is by de Boekverkopers in de steden te bekomen, en in ’s Hage by F. Boucquet in de Venestraet.
<section end="s11"/>
<section begin="s12"/>{{gap}}J. van de Werken, D. Brethouwer, en J. s’Jacob, Makelaers tot Rotterdam, zullen op Dingsdag den 21 Maert, in ’t Swynshoofd op de Groote Markt verkopen, een extra puyke party Hooge en Laege Anjou Wyn; als meede een keurlyke party Court en St. Floran Wynen; welke zyn leggende op de Wynhaven onder de huyzinge van den Heer Fançois Blondel, en een gedeelte in een pakhvys in de Korte Wynstraet.
<section end="s12"/>
<section begin="s13"/>{{gap}}Jan van Berkom, Makelaer, zal op Donderdag den 23 Maert, ’s avonds ten 5 uuren, t’Amst. in de Nes in de Brakke Grond verkopen, 19 Baelen Beschadigde Mastix Eletu, en andere Drogeryen meer; leggende als by Notitie zal aengewezen worden.
<section end="s13"/>
<section begin="s14"/>{{gap}}Jacob Paradys Makelaer, zal op Donderdag den 23 Maert, ’s avonds ten 4 uuren precys, t’Amst. in de Munt op de Cingel verkopen, een schoone party Rouwe Diamanten; en zullen dezelve ’s morgens van 8, tot ’s namiddags ten 2 uuren, te zien zyn.
<section end="s14"/>
<section begin="s15"/>{{gap}}Arent vander Meersch Makelaer, zal op Maendag den 27 Maert, t’Amst. in ’t Nieuwe Heeren Logement verkopen, omtrent 50 Vaten extra puyke Grof kluytige Moscovische Pot-As, 4 a 500 Vaten Karelskroonse, Christiaenstadse en Landskroonse Wood-As.
<section end="s15"/>
<section begin="s16"/>{{gap}}W. Otterbeek, G. Hegeman, en T. Sluyter, Makelaers, zullen op Maendag den 27 Maert, t’Amst. in de Kalverstraet in de Keyzers Kroon verkopen, een party extra puyke schone welbewaerde oude en nieuwe Bearn, Bergeracque, Hooglandse en St. Croix du Montze Wynen, gelogeerd in Stukvaten van 8 en 6 Oxhoofden; als mede een party extra lege Stukvaten van 8 en 6 Oxhoofden, met uytgesnede Booms, leeg Vaetwerk en Wynkopers Gereedschap: Nagelaten door Hatmanus Wynolds; leggende in de 3 Pakhuyzen op Boomsloot regt over Dwars Boomsloot.
<section end="s16"/>
<section begin="s17"/>{{gap}}P. Huysvoorn, Makelaer, zal op Maendag den 10 April, t’Amst. in ’t Oude Heeren Logement verkopen, een playzante, net beplante, best geleegen en min kostbaeren Buyten-Plaets, genaemt UYT DEN BOSCH, met zyne Heere Huyzinge, Stallinge voor 5 paerden en Thuynmans Wooninge, alle van Steen; gelegen onder de Heerlykheid van Heemsteede, even buyten de Haerlemer Hout, aen de groote Linde laen; breeder by Biljetten en dagelyks te zien, inmiddels uyt de hand te koop: Nader onderrigting by gem. Makelaer.
<section end="s17"/>
<section begin="s18"/>{{gap}}Dan. Ad. Beukelaer, Makelaer, presenteert te verhuuren, een Buyten Plaets, gelegen aen de Amstel omtrent de 400 roeden, genaemt AMSTELHOVEN, met zyn Heeren Huyzinge, voorzien met diverse fraeye Vertrekken, Stallingen, een fraeye Thuyn mer keurlyke Vrugtbomen, Moestuyn &c.; ten eynde van de Thuyn een fraey Speelhuys, gezigt hebbende over de Landeryen; Nader onderrigtinge by de gemelde Makelaer.
<section end="s18"/>
<section begin="s19"/>{{gap}}Op Maendag den 14 April en volgende dagen, zal te Dordregt door Joannes van Braam, ten huyze van wylen den Wel-Ed. Gestr. Hr. Mr. Adriaen Halling, in zyn Wel-Ed. leeven in den Oudraed en Burgermeester der stad Dordregt enz., verkoft werden zyn Wel-Ed. nagelatene fraye Bibliotheek, bestaende in een aenzienlyk getal welgeconditioneerde Boeken in alle Faculteyten en Taelen, dog meest Theologici, Juridici en Miscellanei; en zullen immediaet na het eyndigen van de Verkoping der Bibliotheek, ten zelven huyze verkoft werden zyn Wel-Ed. zeer schoone Prent en Teken Konst, bestaende in een heerlyke verzameling van extra schoone Prenten van de voomaemste Fransche, Italiaensche, Hoogduytsche, Nederlandsche en andere treffelyke Meesters, meest alle uytnemend schoon van Druk, mitsgaders veele uytmuntende Teekeningen, insgelyks van de beroemdste Meesters, alle met veel kosten en moeite door den Heer overleden, vergaderd: waer van de Catalogus in ’t kort alom zal te bekomen zyn.
<section end="s19"/>
<section begin="s20"/>{{gap}}Uyt de hand te koop een hegt, sterk Huys, staende in de Ryp op den Dam tegen over de Kerk, naest het Stadhuys van Amsterdam, bewoont by een Banketbakker, voorzien met alle vereyschte gemakken, en met een groote Plaets en Tuyn; kunnende het zelve dagelyks bezigtigt werden: Iemant geneegen zynde dat Perceel te koopen, spreeke met Gerrit de Haes Makelaer, woont op de Princegraft by ’t Deutzen Hofje, tot Amsterdam.
<section end="s20"/>
<section begin="s21"/>{{gap}}Uyt de hand te koop, een beneringde Koore Wind Wip Moolen, met tweepaer Steenen, met zyn Huys en Erve, staende op den dorpe van Swyndregt: Te bevragen by Jacob de Keizer aen de voorn. Moolen.
<section end="s21"/>
<section begin="s22"/>{{gap}}Tot Alkmaer te huur een Huys, Erve, Stal en Koetshuys, op de Oudegragt, voorzien met 5 beneden kamers, waei van 4 behangen, een gallery en keuken met alle gemakken, 2 kelders, 3 putten, 2 regenbakken, Speelhuys en Erf, breed 85 en lang 75 voeten, omringt met hooge Ype Hagen, hebbende een Mesnagerie aen d’eene, een Parterre in ’t midden, en Grasveld ter andere zyde, Prieël, Turkse Tent &c., ter zyde een Koetshuys, en over het Erf een Stal voor 4 paerden, beyde nieuw en met alle gemakken voorzien: Die genegen is het voorsz. Huys, het zy met of zonder Stal en Koetshuys te huuren, addresseeren zig aen Michiel Breda Mr. Timmerman, of aen Reynier Backer tot Alkmaer.
<section end="s22"/>
<section begin="s23"/>{{gap}}Te huur tegens primo May een Buyten Plaetsje, met zyn Heeren Huyzinge, Hof, Vyver &c., geleegen in de Heerlykheyd Isselt, een half uurtje van de stad Amersfoort; die ’er gading in heeft addresseere zig aen Jonkheer. J. J. Sasse, Heere van Isselt, t’Amersfoort, of t’Amsterdam aen Arent vander Meersch Makelaer.
<section end="s23"/>
<section begin="s24"/>{{gap}}Twee Tuynen te huur, of wel een der zelve te huur of te koop, de een gelegen op het best van het Rustenburger pad, de ander gelegen op het best van het Hoedemakers pad, met de daer op staende compleete Huyzinge, een royael uytzigt hebbende over de Landeryen, de Tuynen beplant met allerhande weldragende Vrugtboomen &c.; zynde alle Woensdagen en Saturdagen ’s namiddags van 2 tot 5 uuren te zien: Te bevragen op ’t Hoedemakers pad by Coenraed Smenck Mr. Hovenier.
<section end="s24"/>
<section begin="s25"/>{{gap}}Te huur een extraordinaire welgeleegen Suyker Raffinadery, lang 100 voet, breed 42 voet, voorsien met 5 Siedpannen &c. Item nog twee Pakhuysen en een Woonhuys daer anex, alle staende en geleegen op ’t Lucie Bolwerk binnen de stad Utregt, zynde d’eenigsten in die Provintie: Nader onderrigt is te bekomen aen de gem. Raffinadery, of t’Amst. aen de Makelaers P. Huysvoorn en D. Schroder.
<section end="s25"/>
<section begin="s26"/>{{gap}}Te huur uyt de hand, om aenstonds t’aenvaerden, het Hoog-Graefelyk Hof of Slot der Hoog en Vrye Heerlykheyd BORCULO, geleegen in de Graefschap Zutphen, in de Provintie van Gelderland, voorzien met extra veele schoone beneeden en boven-zaelen en kamers, keukens, kelders, vier Tnoorens, Uurwvzer &c., zeer logeabel en voor een groote familie en talryke domestiquen, mitsgaders Tuynmans en Jagers-Wooningen, Koetshuyzen, Stallingen, Brouwery en andere comoditeyten, groote en plaizante Tuynen, Parterren, Wildbaen, Vyvers, magnifique rydbaere Allées, Plantagies en Sterre-Bosch, geleegen aen het stedeken Borculo, voorts Vrye Jagt, in Borculo Buyten, Geesteren, Geffelaer, Neede, Eybergen, Bocken en andere dorpen, Konyne-Waranden, Vogelkoyen, een considerabel vis-ryke Visserye so in de schoone Riviere de Borkel, als in veel andere waters en stads gragten, een wagt aen het Hof, die de inwoonders der gem. Heerlykheyd schuldig zyn te houden dag en nagt, ook so veel wage en lyfdiensten als zoud mogen daer by begeert werden, en tot gem. Heerlykheyd gehoorende: Iemant daer toe geneegen zynde en nader onderrigting daer van begeerende, addresseere zig by den Heer Overste Luytenant Gottschall op het gem. Hof te Borculo, tot Amsterdam by den Heer de Bertri Koningl. Poolse Resident, en de heer Philippus van den Yver in de Kalverstraet, tot Zutphen by den Heer de Charon St. Germain en de Heer van Sandbergen, tot Arnhem by den Heer Advocate van Hasselt, en tot Nymegen by den Procureur Scheers.
<section end="s26"/>
<section begin="s27"/>{{gap}}Alle de geene dewelke eenige schulden mogten hebben ten lasten van den Boedel van Aris de Groot, Schipper, gewoont hebbende tot Coog, of eenige gelden aen dezelve schuldig moeten weezen, gelieve dezelve aen, en op te geven voor primo May 1741, aen Pieter Leur, of Michiel Beets, beyde Notarissen tot Saendam.
<section end="s27"/>
<section begin="s28"/>{{gap}}Op den 8 Maert is op de Keyzersgragt by de Hartestraet vermist een goud ovael glad Snuyf-Doosje, aen de Scharnier wat gebroken; die het gevonden heeft en brengt by Jacob van der Hoop, Kashouder in de Hartestraet, zal 25 gulden genieten, en die aenwyzing weet te doen wie het gevonden heeft, een goude ducaet.
<section end="s28"/>
<section begin="s29"/>{{gap}}t’Amsterdam by Moses Catlyn het eerste huys op de Leydsegragt by de Heeregragt, en by Jan van Marle in de Korsjessteeg by de Cingel, zyn te bekomen de langbeproefde opregte Engelse Elixir Stomachicum of Maeg-Elixir, a 12 stuyv.; en de Elixir Salutis of Purgeende Elixir, a 26 stuyv. het Flesje, benevens een berigt daer by hoe dezelve gebruykt moet werden.
<section end="s29"/>
<section begin="s30"/>{{gap}}Jan van Berkom, en Theodorus Sluyter, Makelaers, zullen op Donderdag den 30 Maert, ’s avonds ten 5 uuren, t’Amst. in de Nes in de Brakke Grond verkopen, circa 10 a 12000 pond diverse zoorten Bereydsel, of Huysenblas, en andere Drogeryen meer.
<section end="s30"/>
<section begin="s31"/>{{gap}}Dingsdag den 2 May en volgende dagen, zal men ten huyze van den Overleedenen, op de Keyzersgragt by het Moolenpad verkopen, een schoone verzameling van Boeken, in verscheyde Faculteyten en Talen; nevens diverse fraeye Atlassen, konstige Tekeningen en Prenten, Globens, Mathematische Instrumenten, Rariteyten en Antiquiteyten; een heerlyk Cabinet van zilvere Medailles, behoorende tot de Nederlandsche Historien; uytmuntende Portraitjes in Miniatuur &c., Hoorn, Schelpen, Zeegewassen en drooge infecten &c.: Nagelaten door den Wel Ed. Gestr. Heer Mr. Theodorus Huyghens, Heer van Honcoop &c., Scnepen en Raed der stad Amsterdam: Saturdag en Maendag voor de Verkoping te zien. De Catalogus is te bekomen by G. en J. de Broen, Boekverkopers, V. en J. Posthumus, Makelaers, en verders by de Boekverkopers in de buyten steeden.
<section end="s31"/>
<section begin="s32"/>{{gap}}Jan Mynssen Makelaer t’Amsterdam, zal op Saturdag den 15 April, ’s namiddags ten 4 uuren precys, ten huyze van Jan van Veeren, Castelyn te Loenen aen het Tolhek, verkopen een zeer welgeleegen Hofsteede, genaemt NOOYT GEDAGT, met deszelfs moderne Heeren Huyzinge, Stallinge en Koetshuys, met en benevens een extra welgeleegen Bruykweer Lands, met de hegte en sterke Boeren Wooninge, Hooyberg en Schuur by of agter de voorsz. Hofsteede, gelegen aen de Ryweg, tuffchen de rivier ’t Chyn en Loenen, circa 115 roeden van de Utregtse trekvaert, of de Herberg ’t Swaentje, zynde de Hofsteede met de Landeryen daer nevens en agter geleegen t’zamen groot 16 morgen, zynde extra goed Wey-Land, als 14 morgen onder Kroonenburgs Geregt, en 2 morgen onder Nigtevegt, en nog 4 morgen Hooy-Land onder de jurisdictie van Oucoop, werdende in ’t gemeen gebruykt met nog 4 andere morgen, toebehoorende den Heer Ysbrtand Balde; breeder by Biljetten, en so als al ’t zelve na den 25 {{SIC|Maer|Maert}} kan bezigtigt werden: Nader beright by gem. Makelaer, by welke de documenten van eygendom 8 dagen voor de Verkoping, ’s morgens van 8 tot 10 uuren, te zien zyn.<section end="s32"/><noinclude></noinclude>
9l897ubyq02bxx2g5z5b0ppxd0pkvx7
Pagina:Lagerlof, Niels Holgersson's Wonderbare Reis (1917).pdf/305
104
85295
218941
2026-03-26T16:49:15Z
Ben the Bear09
16243
/* Proefgelezen */
218941
proofread-page
text/x-wiki
<noinclude><pagequality level="3" user="Ben the Bear09" /></noinclude>{{x-larger|{{c|XXX.}}
{{c|GORGO, DE AREND;}}}}
{{lijn|5em}}
{{c|IN HET ROTSDAL.}}
Hoog op de rotsen in Lapland lag een oud arendsnest op een
terras, dat uitstak uit een steilen bergwand. 't Was van dennetakken
gemaakt, die in lagen over elkaar waren gelegd. Jarenlang
was het versterkt en bijgebouwd geworden, en nu lag het
op de rotsen, een paar meter breed en bijna even hoog als een
Lappenhut.
De rotswand, waar het arendsnest lag, verhief zich boven een
vrij groot da, dat 's zomers door een troep wilde ganzen werd
bewoond. Dat dal was voor hen een voortreffelijk toevluchtsoord.
't Lag zoo tusschen de bergen verborgen, dat er niet velen waren,
die 't kenden, niet eens onder de Laplanders. Midden in 't dal
lag een klein rond meertje, waarop volop voedsel was voor de
jonge gansjes, en op de met gras begroeide meeroevers, die met
wilgestruiken en kleine verschrompelde berkjes waren bedekt,
lagen de beste broedplaatsen, die een gans maar begeeren kon.
Ten allen tijde hadden er arenden boven op de rotsen, en wilde
ganzen in het dal gewoond. Ieder jaar roofden de arenden eenige
van hen, maar ze wachtten er zich wel voor zóóveel te rooven,
dat de wilde ganzen niet meer in het dal zouden durven wonen.
Op hun beurt hadden de wilde ganzen niet weinig dienst van
de arenden. Roovers waren ze, maar ze hielden andere roovers
op een afstand.
Een paar jaar voor dat Niels Holgersson met de wilde ganzen
rondtrok, stond de oude leidstergans Akka van Kebnekaise op
een morgen beneden in het rotsdal naar het arendsnest te kijken.
De arenden gingen gewoonlijk even voor zonsopgang op jacht, en
alle zomers, die Akka in 't dal had doorgebracht, had ze elken
morgen zoo staan wachten op hun uittocht, om te zien of ze in<noinclude></noinclude>
o9hn2m55jwfibtwb52vwpveq9gokyna
Pagina:Lagerlof, Niels Holgersson's Wonderbare Reis (1917).pdf/306
104
85296
218942
2026-03-26T16:55:18Z
Ben the Bear09
16243
/* Proefgelezen */
218942
proofread-page
text/x-wiki
<noinclude><pagequality level="3" user="Ben the Bear09" /></noinclude>'t dal zouden blijven om daar te jagen, of dat ze weg zouden
vliegen naar een ander jachtgebied. Ze behoefde niet lang te wachten,
voor de beide statige vogels het rotsterras verlieten. Schoon, maar
vreeselijk, zweefden ze voort door de lucht. Ze namen de richting
naar de vlakte, en Akka slaakte een zucht van verlichting.
De oude leidstergans had opgehouden met eieren te leggen,
en jongen groot te brengen, en placht in den zomer den tijd te
verdrijven met van het eene ganzennest naar het andere te gaan,
en raad te geven over 't broeden en over 't verzorgen van de
jongen. Bovendien keek zij uit, niet alleen naar de arenden, maar
ook naar rotsvossen, uilen en andere vijanden, die de wilde
ganzen en hun jongen konden bedreigen.
Tegen den middag begon Akka opnieuw naar de arenden uit
te zien. Zoo had ze iederen dag gedaan, alle zomers, dat zij in het
dal hag gewoond. Ze zag dadelijk aan hun vlucht of ze een goede
jacht hadden gehad, en ze voelde zich dan veilig voor haar troep.
Maar dien dag zag zij de arenden niet terugkomen.
"Ik word zeker oud en suf," dacht ze, toen ze een poos op
hen had gewacht. "De arenden moeten nu toch al lang thuis zijn."
Ze keek dien middag naar den bergwand op, en verwachtte
de arenden te zien op de scherpe vooruitspringende punt, waar
ze gewoonlijk zaten om hun middagslaapje te doen, en ze probeerde
hen 's avonds in 't oog te krijgen, als ze in het rotsmeer baadden,
maar ze miste ze weer. Ze was zoo gewoon, dat de arenden op
dien berg daar boven woonden, dat ze zich niet kon voorstellen,
dat ze niet teruggekomen zouden zijn.
Den volgenden morgen was Akka vroeg wakker om naar de
arenden te turen. Maar ook nu zag zij ze niet. Daarentegen
hoorde ze in de stilte van den morgen een kreet, die boos en
klagend tegelijk klonk, en die uit het arendsnest scheen te komen.
"Zou er werkelijk iets in de war zijn, daar boven in het arendsnest?"
dacht ze. Ze sloeg met de vleugels uit, en steeg ''zoo'' hoog,
dat ze in het arendsnest kon zien.
Daar zag ze geen van de beide oude arenden. In 't heele nest
lag alleen een half naakt jong, dat om voedsel schreeuwde.
Akka daalde langzaam en aarzelend neer naar het arendsnest.
Dat was een griezelig oord om te komen. 't Was te zien wat
voor roovervolk daar thuis hoorde. In 't nest en op het rotsterras
lagen verbleekte beenderen, bloedige veeren, lappen vel, hazekoppen,
vogelsnavels en gevederde hoenderpooten. Ook de jonge
arend, die daar midden in lag, was terugstootend om te zien
met zijn grooten gapenden bek, zijn lomp, donzig lichaam en
zijn halklare vleugels, waar de aangroeiende pennen als takken
van uitstaken.
Eindelijk overwon Akka haar tegenzin, en ging op den rand<noinclude></noinclude>
eh6dcbiismoxnga9c3wx2j65qhvy1r1
Pagina:Lagerlof, Niels Holgersson's Wonderbare Reis (1917).pdf/307
104
85297
218943
2026-03-26T17:01:13Z
Ben the Bear09
16243
/* Proefgelezen */
218943
proofread-page
text/x-wiki
<noinclude><pagequality level="3" user="Ben the Bear09" /></noinclude>van het nest zitten; maar ze keek onderwijl onrustig naar alle
kanten uit, want ze verwachtte ieder oogenblik, dat de oude arenden
zouden thuiskomen.
"Dat is goed, dat er ten minste eindelijk iemand komt," riep
het arendsjong. "Breng me dadelijk eten!"
"Nu, nu, maak niet zoo'n haast," zei Akka. "Vertel me eerst,
waar je vader en moeder zijn."
"Ja, als ik dat maar wist! Ze vlogen gisteren morgen weg,
en lieten me een rotsmuis achter, om van te leven, terwijl ze
weg waren. Je kunt wel begrijpen, dat die al lang op is. 't Is
schande, dat moeder me zoo'n honger laat lijden."
Akka begon nu te gelooven, dat de oude arenden wezenlijk
waren geschoten, en ze dacht er aan, dat ze, als ze dezen jongen
arend dood liet hongeren, misschien voor goed 't heele roovervolk
kwijt zou zijn. Maar toch ging het haar aan 't hart een
verlaten jong niet te helpen, zoo goed 't haar mogelijk was.
"Waar zit je zoo naar te turen?" zei de jonge arend. "Hoor
je niet, dat ik eten wil hebben?"
Akka sloeg de vleugels uit, en daalde neer op het meertje,
beneden in 't dal. Een poos later kwam ze weer naar boven in
't arendsnest, met een jonge zalm in den bek.
De jongen arend werd geweldig boos, toen zij den visch voor
hem neerlei.
"Meen je, dat ik zooiets eten kan!" zei hij, schoof den visch
op zij, en probeerde Akka te pikken. "Breng me een hoen of
een muis, hoor je!"
Nu stak Akka den kop vooruit, en gaf den jongen arend een
flinken pik in den nek.
"Ik zal je eens wat zeggen," zei de oude gans. "Als ik je eten
zal geven, moet jij tevreden zijn, met wat ik je geven kan. Je
vader en moeder zijn dood, zoodat zij je niet meer helpen kunnen,
maar wil je hier liggen doodhongeren, terwijl je op hoenders en
muizen wacht, dan zal ik je dat niet beletten."
Toen Akka dit gezegd had, vloog ze weg, en vertoonde zich
pas een heele poos later weer bij het nest. De jongen arend had
den visch opgegeten, en toen ze er weer een voor hem neerlegde,
slokte hij dien dadelijk op hoewel 't aan hem te zien was, dat
hij 't allerakeligst vond.
Akka had een zwaar werk op zich genomen. De oude arenden
vertoonden zich nooit weer, en zij moest alleen het arendsjong
al het eten bezorgen, wat hij noodig had. Ze gaf hem visch en
kikvorschen en die kost scheen hem goed te bekomen, want hij
werd groot en sterk. Hij vergat al gauw zijn ouders, en meende,
dat Akka zijn echte moeder was. Akka had hem lief, alsof hij
haar eigen kind was. Ze probeerde hem een goede opvoeding<noinclude></noinclude>
ske4krusuna6hfkcojzae0a0a5fum0i
Amsterdamsche Courant/1741/Nummer 33/Petersburg den 21 Febr.
0
85298
218944
2026-03-26T17:25:28Z
Vincent Steenberg
280
nieuw
218944
wikitext
text/x-wiki
{{Koptekst
| Titel = ‘Petersburg den 21 Febr.’
| Schrijver = |Override_schrijver = een anonieme schrijver
| Vertaler = |Override_vertaler =
| Sectie =
| Vorige =
| Volgende =
| Jaar =
| Opmerkingen = Afkomstig uit de ''Amsterdamse Saturdaegse Courant'', 18 maart 1741, [p. 1]. [[Wikisource:Publiek domein|Publiek domein]].
}}
<pages index="Amsterdamsche Courant 1741 no 033.pdf" from=1 to=1 fromsection=s3 tosection=s3/>
[[Categorie:Amsterdamsche Courant, 1741, Nummer 033]]
8nslrklknz9w2kvk7jbrr4vck1z5lqh
Hoofdportaal:Geschiedenis/Malta
100
85299
218946
2026-03-26T18:56:40Z
Vincent Steenberg
280
begin
218946
wikitext
text/x-wiki
{{Infobox thema
| naam = Geschiedenis van Malta
| afbeelding = Atlas Van der Hagen-KW1049B12 087-INSULARUM MELITAE Vulgo MALTAE et GOZAE.jpeg
| alt = Kaart van Malta omstreeks 1690 door Nicolaes Visscher (II)
| beschrijving = Bronnen bij de [[w:Geschiedenis van Malta|geschiedenis van Malta]]
}}
== Geschiedenis van tijdperken; afzonderlijk ==
=== 17e eeuw ===
*Anoniem (15 juni 1619) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1619/15 juni/VVt Venetien den 14. dito|‘VVt Venetien den 14. dito. [= 14 mei 1619]’, alinea 4]], ''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''.
*Anoniem (17 juli 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/17 juli (2)#art2al2|‘Wt Venetien den xxvj. Junij 1620’, alinea 2]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 3-5.
*Anoniem (28 augustus 1620) [[Courante uyt Italien, Duytslandt, &c./1620/28 augustus/VVt Venetien, den 14. August. 1620|‘VVt Venetien, den 14. August. 1620’, alinea 3]], ''Courante uyt Italien, Duytslandt, &c.'', [p. 1].
*Anoniem (19 september 1645) [[Ordinaris Dingsdaeghse Courante/1645/Nummer 38/Uyt Marseille den 24 dito|‘Uyt Marseille den 24 dito. [= 24 augustus 1645]’]], ''Ordinaris Dingsdaegsche Courante'', [p. 1].
=== 18e eeuw ===
*Anoniem (18 februari 1700) [[Amsterdamsche Courant/1700/Nummer 21/Parys den 12 February|‘Parys den 12 February’]], ''Amsterdamse Donderdaegse Courant'', [p. 1].
*Anoniem (25 januari 1720) [[Opregte Haarlemsche Courant/1720/Donderdageditie, nummer 4/Uyt het Schip de Barfleur in de Mouille van Messina den 1 December|‘Uyt het Schip de Barfleur in de Mouille van Messina den 1 December’]], ''Oprechte Haerlemse Donderdaegse Courant'', [p. 1].
[[Categorie:Wikisource:Hoofdportaal geschiedenis]]
9g01k4h8go1o59juxxm2pbb4qlxj94d
Amsterdamsche Courant/1741/Nummer 33/Neiss in Silesien den 16 February
0
85300
218956
2026-03-26T19:47:10Z
Vincent Steenberg
280
nieuw
218956
wikitext
text/x-wiki
{{Koptekst
| Titel = ‘Neiss in Silesien den 16 February’
| Schrijver = |Override_schrijver = een anonieme schrijver
| Vertaler = |Override_vertaler =
| Sectie =
| Vorige =
| Volgende =
| Jaar =
| Opmerkingen = Afkomstig uit de ''Amsterdamse Saturdaegse Courant'', 18 maart 1741, [p. 1]. [[Wikisource:Publiek domein|Publiek domein]].
}}
<pages index="Amsterdamsche Courant 1741 no 033.pdf" from=1 to=1 fromsection=s5 tosection=s5/>
[[Categorie:Amsterdamsche Courant, 1741, Nummer 033]]
m6i01cvwyqf20476incghijb27d0ncl
Amsterdamsche Courant/1741/Nummer 33/Regensburg den 9 Maert
0
85301
218960
2026-03-27T08:16:00Z
Vincent Steenberg
280
nieuw
218960
wikitext
text/x-wiki
{{Koptekst
| Titel = ‘Regensburg den 9 Maert’
| Schrijver = |Override_schrijver = een anonieme schrijver
| Vertaler = |Override_vertaler =
| Sectie =
| Vorige =
| Volgende =
| Jaar =
| Opmerkingen = Afkomstig uit de ''Amsterdamse Saturdaegse Courant'', 18 maart 1741, [p. 1]. [[Wikisource:Publiek domein|Publiek domein]].
}}
<pages index="Amsterdamsche Courant 1741 no 033.pdf" from=1 to=1 fromsection=s6 tosection=s6/>
[[Categorie:Amsterdamsche Courant, 1741, Nummer 033]]
360c60oko3xwl8bpwkgmifhrgyv3n0b
Amsterdamsche Courant/1741/Nummer 33/Berlyn den 11 Maert
0
85302
218963
2026-03-27T09:04:18Z
Vincent Steenberg
280
nieuw
218963
wikitext
text/x-wiki
{{Koptekst
| Titel = ‘Berlyn den 11 Maert’
| Schrijver = |Override_schrijver = een anonieme schrijver
| Vertaler = |Override_vertaler =
| Sectie =
| Vorige =
| Volgende =
| Jaar =
| Opmerkingen = Afkomstig uit de ''Amsterdamse Saturdaegse Courant'', 18 maart 1741, [p. 1]. [[Wikisource:Publiek domein|Publiek domein]].
}}
<pages index="Amsterdamsche Courant 1741 no 033.pdf" from=1 to=1 fromsection=s7 tosection=s7/>
[[Categorie:Amsterdamsche Courant, 1741, Nummer 033]]
910jmbw9lmiq1aml4f8rclh4drzszih
Pagina:Album der Natuur 1863.djvu/243
104
85303
218975
2026-03-27T11:36:53Z
WeeJeeVee
2844
/* Niet proefgelezen */
218975
proofread-page
text/x-wiki
<noinclude><pagequality level="1" user="WeeJeeVee" /></noinclude>{{dhr}}
{{c|{{larger|'''IETS OVER HET WATER.'''
WAT HET IS, WAAR HET IS, EN WAT HET DOET;}}
{{smaller|door}}
{{sc|M. van LISSA}}.}}
{{dhr}}{{lijn|5em}}{{dhr}}
{{r|{{smaller|''Aus manchen Samenkorn das ein Vogel hintrug, erwuhs mit</br>
der Zeit ein Wad von Böhmen, eine neue Schöpfung.</br>
{{sc|Herder}}{{gap|6em}}}}.}}
Alvorens tot de behandeling van zijn onderwerp over te gaan, gevoelt de schrijver dezer schets zich godrongen, de welwillende toegevendheid zijner lezers in te roepen voor de vele leemten, die zijnen arbeid gewis aankleven; maar al te zeer is hij overtuigd, hoe zwak zijne krachten zijn voor zulk eene veelomvattende taak, en gewis had hij zich daaraan niet gewaagd, wanneer hij niet, gedachtig aan het hierboven geplaatste motto, de hoop voedde, door zijn werk misschien aanleiding te geven, dat ook anderen en beteren hunne talenten aan dit waarlijk schoone en grootsche onderwerp wijden zullen.
{{dhr}}{{lijn|5em}}{{dhr}}
Tn het opschrift van deze verhandeling hebben wij reeds de hoofddeelen doen kennen, die wenschen te splitsen; daarvan zullen wij eehter de eerste en tweede kortheids- en duidelijkheidshalve vaak ineen moeten smelten, terwijl het derde nagenoeg geheel op zich zelf zal kunnen behandeld worden.
In scheikundigen zin sprekende, bestaat water uit één volume-deel zuurstof met twee volume-deelen waterstof verbonden; d.i. uit twee gasvormige enkelvoudige ligchamen, die als zoodanig elk afzonderlijk kunnen worden daargesteld, en dan, onder zekere omstandigheden en in de juiste verhouding te zamen komende, water vormen, terwijl omgekeerd water op verschillende wijze in deze beide zamenstellende gassen kan worden ontleed.
{{nop}}<noinclude>{{rh|{{gap|2em}}1863.||15{{gap|2em}}}}</noinclude>
ktawnicet3q18p6o5rs037s414fbbvq